De Bijbel bewezen

Door Herbert W. Armstrong (1892-1986)
1969

De BIJBEL — bijgeloof of gezag?
Heeft u zelf al eens BEWEZEN of de Bijbel het geïnspireerde Woord van God is?

HEEFT u voor uzelf wel eens onderzocht en echt bewezen of de Bijbel door een Schepper goddelijk geïnspireerd is?

Ik zal u dat bewijs leveren. En ik zal de sceptici aantonen hoe ze de Bijbel kunnen weerleggen als de inhoud ervan niet door een God ingegeven is, en hoe ze zelfs het bestaan van God weerleggen kunnen, INDIEN ER GEEN GOD BESTAAT.

De Bijbel waagt het de toekomst te voorspellen!

Hier is een boek — de Heilige Schrift — dat het aandurft van te voren de geschiedenis van deze wereld te beschrijven — dat het waagt te voorspellen wat er binnen 5-10 jaar met bepaalde landen zoals Rusland, het Britse Gemenebest, China, de Verenigde Staten, Italië, Turkije, Ethiopië en vele andere landen — de meeste hiervan grootmachten van deze wereld — gaat gebeuren.

Zoudt u echter geloven wat dit Boek voorspelt, als ik het u vertelde? Wanneer ik u aantoonde, wat het over uw eigen land te zeggen heeft, zou u het dan geloven?

We geloven niet meer dat de Bijbel meent wat hij zegt. We zijn misschien nog geen ATHEÏSTEN. We maken de Heilige Schrift wel niet bespottelijk. Maar we leven in een tijdperk van twijfel, een tijd van onzekerheid.

De meeste intellectuelen en mannen der wetenschap veronderstellen dat de Bijbel niet de onfeilbare Openbaring van een Bovennatuurlijke God is, en ze nemen dit aan zonder het wetenschappelijke bewijs dat ze wel voor materiële vraagstukken verlangen.

De meeste rechtzinnigen veronderstellen, op grond van louter geloof, zonder ooit enig bewijs ervoor gezien te hebben, dat de Heilige Schrift werkelijk het Woord van God is.

Maar heel weinig mensen hebben er de tijd voor genomen om te onderzoeken en te bewijzen of de Bijbel al of niet het ingegeven Woord van God is. Heel weinig mensen beven voor wat het zegt, of beschouwen het als werkelijk gezaghebbend.

Hoe zou u dat kunnen bewijzen?

Sommigen schijnen te denken dat de wonderen van Jezus opgetekend werden om te bewijzen dat Hij de door God gezonden Messias was. Maar de sceptici geloven zelfs niet dat deze wonderen ooit gebeurd zijn.

Sommigen zeggen: "verhoord gebed is het bewijs van goddelijke inspiratie". Maar de scepticus kan niet bogen op een verhoord gebed. Hij gelooft ook niet dat iemand ANDERS dat kan.

Er is evenwel één bron van onomstotelijk BEWIJS!

De Bijbel zelf wil onfeilbaar zijn, een Openbaring van goddelijke waarheid, door de Schepper en goddelijke Heerser van het ganse heelal geopenbaard. In uw Bijbel wordt iemand geciteerd, die beweert dat HIJ God is, die in de eerste persoon spreekt en zegt dat Hij volkeren kan samenstellen en weer verstrooien, dat Hij zijn oordelen duizenden jaren lang kan uitvoeren, die beweert de toekomst van grote steden en koninkrijken onfeilbaar te kunnen voorzeggen, maar dat geen MENS dat kan.

UITDAGING aan de sceptici

Sceptici zeggen dat de Bijbel slechts de religieuze literatuur is van een onbeduidend joods ras uit de oudheid, dat rondtastte in de duisternis van onwetendheid en bijgeloof, en probeerde een begrip van God te formuleren.

Maar is dat zo?

WIE IS het, die als volgt geciteerd wordt: "... Ik immers ben God, en er is geen ander, God, en niemand is Mij gelijk; Ik, die van den beginne de afloop verkondig en vanouds wat nog niet geschied is; die zeg: Mijn raadsbesluit zal volbracht worden"? In Jesaja 46:9 en 10 wordt iemand geciteerd, die precies deze woorden zegt.

Wie is die Iemand die beweert de toekomst te kunnen voorspellen? Is dat zomaar een onwetend mens uit de oudheid — zonder macht zijn grote woorden waar te kunnen maken — die deze, in Jesaja 41:21-24 staande, vernietigende uitdaging aan de sceptici richt: "Brengt uw rechtsgeding voor, zegt de Heer; voert uw bewijsgronden aan, zegt de Koning van Jakob."

Ja, laat uw BEWIJZEN horen! "Laten zij aanvoeren en ons bekendmaken, wat er geschieden zal. Geeft te kennen, hoe het vroeger was, opdat wij het overdenken en kennis nemen van de afloop. Of doet ons het toekomstige horen; geeft te kennen wat in de toekomst komen zal, opdat wij weten, dat gij goden zijt. Doet althans iets, goed of kwaad, opdat wij elkander verbijsterd aanstaren en bevreesd zijn bovendien. Zie gij zijt niets en uw werk is nietig ..."

Hier is de uitdaging van Degene, die als God en in de eerste persoon enkelvoud geciteerd wordt en die de sceptici hoont met: "Zie je wel, jullie zijn niets. Kom, laat jullie bewijzen horen, zodat we kunnen zien of wat jullie zeggen in vervulling gaat. Voorspel de toekomst dan en wij zullen wel eens nagaan en zien of jullie kunnen profeteren. Bezitten jullie de macht het ook tot stand te brengen? Zijn jullie goden? Besturen jullie het heelal? Kunnen jullie volkeren samenstellen en weer verstrooien? Kunnen jullie een oordeel over een land uitspreken en het ook voltrekken?" Dat is de uitdaging van de GOD van de BIJBEL aan de twijfelaar.

Profetie is het BEWIJS dat God bestaat

Profetie is het bewijs van goddelijke openbaring! Als Iemand, die in de Bijbel spreekt en beweert God te zijn, voorspellingen kan maken en zeggen wat er in de toekomst met volken, steden en rijken gaat gebeuren, en wanneer die Iemand die voorspellingen dan zonder mankeren één voor één waarlijk doet uitkomen, dan kunt u weten dat dat een ware God was die sprak.

Maar als het zómaar een persoon was die dit geschreven had, een menselijke sterveling, die in het duister van onwetendheid en bijgeloof rondtastend, grote woorden spreekt en opschept dat hij zou kunnen voorspellen wat er met trotse steden, hele volkeren en grote koninkrijken gaat gebeuren en het komt dan helemaal niet uit, dan weet u meteen dat die man zo maar uit eigen fantasie waanbeelden schreef.

Ja, profetie is het bewijs van God, het bewijs ook van de goddelijke Openbaring van de Bijbel. Profetie is een honende uitdaging, die de scepticus niet durft aan te nemen.

Hier is dan de uitdaging aan de scepticus. Hoe lang bestaat de stad New York? Ongeveer 300 jaar. Ongeveer 300 jaar geleden was de stad New York een klein dorp. Nu is ze uitgegroeid tot een grote stad met meer dan 8 miljoen inwoners.

Laten we eens aannemen dat een menselijke waarzegger in een profetie zou verkondigen dat New York heel spoedig, binnen 10 jaar, totaal verwoest zou worden en nooit weer opgebouwd zou worden. Zou een mens in staat zijn zoiets te voltrekken? Zou men het geloven als iemand zo'n profetie zou uitspreken? Is er IEMAND op deze aarde, die met autoriteit zou kunnen spreken en zo'n voorspelling over een grote stad als New York kan uitspreken — EN HET OOK KAN UITVOEREN?

De stad die de scepticus voor schut zet

Let nu op! Meer dan 2500 jaar geleden bestond er een grote stad, die toen reeds meer dan 1500 jaar oud was. Die stad was de heerseres over de zeeën van de hele wereld; zij was het commerciële centrum van de wereld. Het was een schitterende stad, rijk en stabiel. Die stad was het antieke Tyrus aan de Middellandse Zee, aan de kust van Fenicië.

In het jaar 604 v. Chr. was Nebukadnezar, Koning van het Rijk der Chaldeeën, de toenmalige staat Juda binnengevallen. Hij had in een reeks belegeringen van 604 tot 585 v. Chr. het land veroverd en de Joden als gevangenen weggevoerd. De inwoners van Tyrus wierpen begerige blikken op Juda; ze smeedden plannen er heen te trekken om een deel van de buit te gaan halen nu hun mededinger naar de macht, Koning Nebukadnezar, het land binnengevallen was en het veroverd had.

Kan dit vonnis ongedaan gemaakt worden?

In Ezechiël 26:1-3 staat over Tyrus: "In het elfde jaar nu, op de eerste der maand" — dit was in 585 v. Chr. — "kwam het woord des Heren tot mij." Dit schrijft Ezechiël. Hij was slechts een sterfelijk mens, één van de profeten.

Maar deze mens zegt dat het Woord van God-zèlf tot hem kwam. Hij heeft dat toen opgeschreven. God — een Wezen, dat in de eerste persoon enkelvoud van zichzelf spreekt als zijnde GOD, de Schepper en Heerser van het oneindige heelal — wordt nu als volgt geciteerd:

"Mensenkind, omdat Tyrus van Jeruzalem gezegd heeft: HA! verbroken is zij, die deur der volken; naar mijn kant staat zij open; nu zij vernield is, krijg ik volop; daarom, zo zegt de Here Here: zie, Ik zál u, Tyrus! Vele volken stuw Ik tegen u op, zoals de zee haar golven opstuwt."

Wie spreekt daar? Was het een onwetend mens, of was het de Almachtige God, die dit noodlot over deze handelswereldstad, dit Rotterdam of Antwerpen van de oudheid, deze grote, trotse, machtige stad Tyrus uitsprak, omdat ze zoveel kwaad gedaan had en omdat ze dreigde het koninkrijk Juda te zullen plunderen?

Wat God voorspelt

Laten we verder lezen tot en met vers 5: "Die zullen de muren van Tyrus vernielen en zijn torens omverhalen; ook het puin zal Ik eruit wegvegen en het maken tot een kale rots. Een droogplaats voor netten zal het worden midden in de zee, want Ik heb het gesproken, luidt het woord van de Here Here. Het zal de volken ten buit worden."

Nu wil ik u op een paar punten wijzen, die Degene, die beweert God te zijn, hier heeft genoemd. Hij zegt dat vele volken tegen Tyrus zouden opstaan en haar aanvallen. En hoe zouden ze komen? Hij zegt: zoals de golven van de zee. Nu komen de golven van de zee altijd de één na de ander, niet allemaal tegelijk. Deze aanvallende volken zouden de één na de ander opkomen. Hij zegt dat ze de muren zouden vernielen, de torens afbreken en de gebouwen van die stad slopen. Dan zegt Hij dat zij de stenen en het hout van de afgebroken gebouwen en zelfs de laag aarde die de rotsen bedekt, in de Middellandse Zee zouden vegen. Hij zegt dat de stad als een kale rots zou worden, een plaats om netten op uit te spreiden en dat het tot buit van de volken zou worden — meer dan één volk — vele volken, die de één na de ander, als de golven van de zee, komen aanrollen.

Meer dan 1500 jaar lang werd deze trotse stad Tyrus door strijdkrachten van andere steden en volken aangevallen, maar nooit gelukte het één leger haar muren neer te halen en werkelijk de stad binnen te dringen. Zou het mogelijk kunnen zijn geweest dat een gewoon sterfelijk wezen dat alleen maar in de religieuze werken van een Joods ras in het grijs verleden schrijft, een dergelijk verbazingwekkend lot over zo'n grote stad uitspreekt EN HET DAN OOK WAAR MAAKT?

Maar laten we verder lezen, te beginnen met Ezechiël 26, vers 7 tot en met 11: "Want zo zegt de Here Here [hier wordt Gód geciteerd die op een directe manier, in de eerste persoon enkelvoud, spreekt]: 'Zie, tegen Tyrus breng Ik van uit het noorden NEBUKADNEZAR, de koning van Babel.' "

Deze profetie wordt nu heel specifiek. De naam van de koning en van het land, dat God tegen de stad Tyrus gaat brengen, wordt onmiskenbaar genoemd "de koning der koningen [want hij was heerser over een aantal volkeren], met paarden, wagens, ruiters en met een geweldige menigte voetvolk. Uw dochters op het vasteland zal hij met het zwaard doden ... Het gebeuk van zijn stormrammen zal hij tegen uw muren richten en uw torens met zijn breekijzers afbreken ..." HIJ trekt "uw poorten binnen ... Met de hoeven zijner paarden zal hij al uw straten stuk stampen; uw inwoners zal hij met het zwaard doden, uw sterke zuilen zullen ter aarde vallen."

Hier gaat het bepaald over Nebukadnezar en wat HIJ zal doen. Herinnert u zich nog dat God had gezegd dat vele volken, niet slechts één, maar vele volken, de één na de ander, als de golven van de zee zouden komen.

Let op! Nebukadnezar zou niet al het puin, de stenen, het hout en de aarde weghalen en in de Middellandse Zee storten. Vele volken zouden komen, had God gezegd.

Het LOT van Tyrus bezegeld

Laten we weer verder lezen. Zie hoe deze profetie zelfs nog concreter wordt. Vers 12 tot en met 14: "Uw bezit zullen ZIJ" — God zegt nu niet meer "HIJ". Er is sprake van "zij". Hiermee worden andere landen bedoeld, die op Nebukadnezar zouden volgen.

"Uw bezit zullen zij roven en uw handelswaren buit maken, uw muren omverhalen, uw kostbare huizen afbreken, uw stenen, balken en puin IN HET WATER WERPEN." Ziet u dat? Daar staat het!

God zegt: "Ik zal een einde maken aan het geklank van uw liederen, het geluid van uw citers zal niet langer worden gehoord. Ik zal u maken tot een kale rots; een droogplaats voor netten zult gij worden, GIJ ZULT NIET MEER WORDEN HERBOUWD. Want Ik, de Heer, heb het gesproken, luidt het woord van de Here Here!"

DIT zijn geweldige woorden! De woorden van Iemand, die met grote autoriteit en in de eerste persoon een verschrikkelijk oordeel over een grote stad in de toenmalige wereld uitspreekt. Bestond er wel een God die dit ook zou doen?

Merkt u dat deze profetie zegt dat zij de stenen, het hout en het puin in de Middellandse Zee zouden werpen en daarna Tyrus totaal vernietigd zou worden en NIET MEER — NOOIT MEER — ZOU WORDEN OPGEBOUWD!

Was dit de Schepper, God zelf, die oordeelde? Was de Heerser van het heelal in staat dit tot stand te brengen of was het slechts een MENSELIJKE gissing?

Hier is de uitdaging, die ons zegt of de Bijbel geïnspireerd is of niet. Er bestaat geen ander boek, waarin u iemand aantreft, die zegt: "IK BEN GOD", en die op die manier over naties en steden oordelen uitspreekt en ze dan eeuwen later ook voltrekt.

Ja, diezelfde God zegt ook wat er met onze moderne landen van tegenwoordig gaat gebeuren — Rusland, Duitsland, Oostenrijk, Italië, Groot Britannië, de Verenigde Staten, Australië en China — al de grote landen en vele van de kleinere naties in de wereld. Wij zullen ook geoordeeld worden en we worden gewaarschuwd dat er in de komende 15 jaar heel wat gaat gebeuren. Kan Hij dat ook doen? Kon Hij vervullen wat Hij over het Tyrus uit de oudheid had gezegd?

Is de Bijbel geïnspireerd en kan hij bewezen worden? Bedoelen de bijbelprofetieën letterlijk wat ze zeggen?

Het gebeurde zoals geprofeteerd!

Heel spoedig nadat deze profetie was uitgesproken kwam het, juist zoals voorspeld, tot een 13-jarige belegering door Koning Nebukadnezar. Precies zoals Diegene voorspeld had, die spreekt: "Ik ben God"! Tenslotte nam Nebukadnezar de stad in. Dat was nog nooit eerder gebeurd! Hij brak het versterkte gedeelte van de stad, dat aan de kust van het vasteland lag, af.

De bevolking vluchtte echter van het vasteland en versterkte het andere gedeelte van de stad, dat toen op een eiland "midden in zee" (Ezechiël 27:4; 28:2), slechts een kilometer uit de kust lag. De oorspronkelijke stad Tyrus op het vasteland werd daarna OUD TYRUS genoemd, en de stad op het eiland NIEUW TYRUS.

Veel sceptici zouden kunnen zeggen, dat deze profetie niet in 585 v. Chr. werd geschreven, voordat dit gebeurde, maar dat het geschreven werd na deze gebeurtenissen. Hoe kunt u bewijzen dat Ezechiël dit schreef op het tijdstip, dat hij aangeeft?

Er is overvloedig bewijs aanwezig en Nebukadnezar is pas de eerste schakel in de reeks van deze profetie. Volgens deze profetie zouden vele volken worden opgestuwd zoals de zee haar golven opstuwt. En nog vele andere dingen zouden daarna gebeuren. Slechts een gedeelte daarvan zou Nebukadnezar verwezenlijken.

Wat historici TOEGEVEN

Ik zal nu iets van de historische kant van deze gebeurtenissen uit de Encyclopaedia Britannica, onder het artikel "Tyrus" aanhalen.

Daar staat: "Tyrus, heerseres der zeeën, onderging in de 6de eeuw v. Chr. een 13-jarige belegering door Nebukadnezar". Bij deze belegering werd Tyrus, zoals al eerder vermeld, verwoest.

Zoals we in verzen 7-11 van Ezechiël 26 lazen, deed Nebukadnezar alles wat er over hem was geprofeteerd. Maar hij wierp geen stenen, hout of aarde in de Middellandse Zee. Gedurende de ongeveer 250 jaar nadat Nebukadnezar Tyrus was binnengedrongen, leek het onwaarschijnlijk dat dit deel van de profetie ooit ten volle in vervulling zou gaan.

Maar toen, twee en een halve eeuw later, kwam Alexander de Grote met zijn snelle, alles veroverende opmars.

Voordat ik het historisch relaas van wat Alexander de Grote deed ga citeren, laten we ons eerst eens een duidelijk beeld vormen van de ligging van deze eens zo grote stad.

Het voornaamste gedeelte van de stad lag oorspronkelijk op het vaste land van Fenicië, aan de kust van de Middellandse Zee. In Ezechiël 27:3 spreekt God over Tyrus: "... Tyrus, dat gelegen is aan de toegangen tot de zee". Gelegen op het vasteland, maar aan de zee. Het was de voornaamste zeehaven van de toenmalige wereld.

Zoals echter ook in onze tijd veel steden aan rivieren liggen, met het centrum van de stad aan de ene kant, en het andere gedeelte van de stad aan de andere kant van de rivier, zo was ook een gedeelte van Tyrus op een eiland, 600 meter uit de kust, gebouwd. Blijkbaar deden handelsschepen zowel de havens op het vasteland als die op het eiland aan.

Langs de zuid- en westkust van het eiland was de zee erg ondiep. De inwoners van Tyrus hadden om dit deel van het eiland een enorme muur gebouwd, die de zee buitensloot waardoor vele hectaren land in een smalle strook rondom het zuidelijke en westelijke gedeelte van het eiland toegevoegd werden. Het op het eiland gelegene gedeelte van Tyrus werd op dit nieuwgewonnen gebied gebouwd. Het hoger gelegen deel van het eiland, vooral in het midden, werd voor hun heidense afgodendienst op de "hoogten" de "Tempel van Melkart", gebruikt. Het resterende deel van het oorspronkelijke eiland vormde een groot openbaar park, dat de tempel omgaf.

Omdat het nieuw gewonnen laagland achter de zeedijken zo klein was, stonden op dit eilanddeel van de stad wolkenkrabbers, die hoger waren dan die in de binnenstad van het hedendaagse Rome; met andere woorden hoger dan 8-10 verdiepingen — waarschijnlijk hadden ze wel 15 tot 20 verdiepingen. Dat is bijna niet te geloven vandaag, maar zo vermeldt de geschiedenis het! Ezechiël maakt van deze strook laagland der stad als volgt melding: "Midden in zee lag uw gebied" (Ezechiël 27:4).

Nadat het op het vasteland gelegen gedeelte van de oorspronkelijke stad Tyrus in de 6de eeuw v. Chr. door Nebukadnezar werd verwoest, werd deze strook laagland van het eiland tot hoofdstad uitgebouwd. Nu eindelijk een vreemde macht het klaargespeeld had de muren van de stad op het vasteland omver te halen, bouwden de inwoners van Tyrus liever op het eiland, waar de zee hun bescherming bood voor landstrijdkrachten.

Sinds die tijd, na de 6de eeuw v. Chr., heette het vasteland-gedeelte "OUD-Tyrus" en het eiland-gedeelte "NIEUW-Tyrus".

Uit hetzelfde artikel van de Encyclopaedia Britannica citeer ik nu verder: "De belegering van Tyrus door Alexander de Grote, 332 v. Chr." (Alexander had in het jaar daarvoor, 333 v. Chr., zijn eerste grote overwinning om het Perzische Rijk te veroveren bij Issus behaald.) "Nieuw-Tyrus was op een klein eiland, ongeveer een kilometer van het vasteland, waar de oude stad lag, gebouwd ... Alexander sloopte [de overblijfselen van] Oud-Tyrus en legde van het puin een 70 meter brede dam door de zee-engte aan, zodat het eiland in een schiereiland veranderde en zodoende een deel van het vasteland werd. De ondergang van Tyrus was nu nog slechts een kwestie van tijd ... Alexander ... bestormde de stadsmuren. Op deze manier werd de stad na een belegering van zeven maanden ingenomen; 8000 inwoners werden afgeslacht, 2000 later ter dood gebracht en 30 000 in slavernij verkocht."

Wat de sceptici niet LOOCHENEN kunnen

Hier volgt nog een aanhaling uit het boek "De Bijbel heeft toch gelijk" van Werner Keller, blz. 310: "De Fenicische stad waakt, beschermd door hoge sterke muren en gelegen op een klein eiland, over de kust.

"Alexander volbrengt hier niet minder dan een wonder van oorlogstechniek, door een 600 meter lange dam te laten bouwen van de kust naar het eiland. Ter bescherming van de werkzaamheden moeten mobiele schilden, zogenaamde "schildpadden", gebruikt worden. Desalniettemin wordt de aanleg van de dam door ononderbroken beschietingen zeer belemmerd. Intussen timmeren pioniers aan de kust grote verplaatsbare torens met vele etages. Daarin krijgen de afdelingen boogschutters en lichte artillerie een plaats. Een valbrug aan de voorkant van deze torens maakt een onverwachte stormaanval op de vijandelijke muren mogelijk. Het zijn de hoogste belegeringstorens die ooit in de militaire geschiedenis ingezet zijn. Ze hebben 20 etages en met hun hoogte van 50 meter steekt de bovenste verdieping ver boven de hoogste stadsmuur uit.

"Als deze reusachtige bouwsels na een voorbereiding van 7 maanden moeizaam en traag op Tyrus afrollen, is het lot van de als onneembaar geldende zeevesting bezegeld."

Ja, de mensen op aarde hielden Nieuw-Tyrus voor onneembaar. Veronderstel eens dat, zoals critici en sceptici proberen te redeneren, het boek van Ezechiël na Nebukadnezars belegering van Oud-Tyrus geschreven was. Welke menselijke schrijver zou met een puur menselijke voorspelling en gissing, en met de grootste fantasie, ook maar hebben kunnen voorzeggen, wat er in feite met Nieuw-Tyrus zou gebeuren? GOD wist echter wél wat er zou gaan gebeuren!

Nog een profetie

En hier is nòg een andere profetie over Nieuw Tyrus: "Want zo zegt de Here Here: Wanneer Ik u maken zal tot een verwoeste stad, als de steden die ontvolkt zijn; wanneer Ik de vloed over u zal doen opkomen en de grote wateren u zullen bedekken, ... en gij zult niet meer zijn" (Ezechiël 26:19, 21).

DAT IS GEBEURD!

Verschillende faculteitsleden en medewerkers verbonden aan het Ambassador College zijn nog vrij recentelijk in de gelegenheid geweest dit gebied uitgebreid te onderzoeken, iets waarvoor mij tijdens het korte bezoek dat ik met mijn vrouw en zoon Richard D. Armstrong in 1956 aan de ruïnes van Tyrus bracht, de tijd ontbrak. Onze fotografen en docenten waren in de gelegenheid, de gehele west- en zuidkust van het huidige schiereiland, dat vóór Alexanders invasie een eiland was geweest, langs te lopen en in ogenschouw te nemen. In het enigszins ondiepe water konden zij op ongeveer anderhalve meter diepte duidelijk de fundamenten van oude gebouwen zien én fotograferen — overblijfselen van wat eens de stad NIEUW-Tyrus was geweest!

Na het afbreken van de gebouwen in Nieuw-Tyrus, vernielde Alexander de Grote de reusachtige zeedijk, waarmee het nieuwgewonnen laagland, waarop de stad Nieuw-Tyrus gebouwd was geweest, ingepolderd was. Zo werd de stad, in volkomen vervulling van de profetieën in Ezechiël 26:4, 12-14, 19 en 21, betreffende Nieuw-Tyrus, verwoest; God liet de zee over de stad komen en de wateren bedekken het tot op de dag van vandaag. NIEUW-Tyrus is van die dag tot op heden EEN KALE ROTS gebleven!

De STAD Tyrus was volkomen vernield — zowel het oude als het nieuwe gedeelte. Ze is nooit meer een belangrijke haven geweest. Ze werd een plaats voor vissers en is dat tot op heden nog. U kunt er vandaag nog gaan wandelen en de netten uitgespreid zien liggen! Gods profetieën zijn GEWIS! ZE GAAN IN VERVULLING!

Na Alexanders voortijdige dood echter, toen zijn rijk in vieren gedeeld werd, bouwden de Ptolemaeën, de Egyptische lijn (de "koning van het zuiden" uit Daniël 11), blijkbaar een stad op het schiereiland. Dit dorp droeg weer de naam Tyrus — hoewel het in feite een nieuw en ander plaatsje was, dat wel dichtbij, maar op een andere plek ontstond. Het artikel in de Britannica gaat verder met te zeggen dat deze nieuwe stad zich "met de verbazingwekkende vitaliteit van die dagen in een naar verhouding korte tijd herstelde. De stad kwam onder de invloed van de Seleucieden (198 v. Chr.), de 'koning van het noorden' uit Daniël 11, en onder de Romeinen (68 v. Chr.). Herodus de Grote schonk haar een tempel. Paulus bracht er een week door op zijn reis van Efeze naar Jeruzalem, terwijl het schip "zijn lading loste". In de 2de eeuw was zij zelfs de zetel van een bisschop geworden. Met de rest van Syrië ging zij in de 7de eeuw in handen van de Moslems over. De kruisvaarders veroverden haar (1124) en maakten haar tot één van de belangrijkste steden van hun koninkrijk van Jeruzalem. Na de val van Acre, verwoestten de Moslems de stad."

{Tegenwoordig ligt er op de plaats van het oude Tyrus een stadje met de naam Soer (wat "rots" betekent, de Arabische naam voor Tyrus). Dit is een kleine en onbelangrijke havenstad. Zoals God voorspelde hebben de naties haar middels de ene invasie na de andere haar rijkdom ontnomen.

De laatste Veroveraar van Tyrus!

Maar Ezechiël 26:4, 13-14 openbaart iets wat nog moet plaatsvinden: "... ook het puin zal Ik [niet langer zij, maar Ik, God!] eruit wegvegen en het maken tot een kale rots. ... Ik zal een einde maken aan het geklank van uw liederen, het geluid van uw citers zal niet langer worden gehoord. Ik zal u maken tot een kale rots; een droogplaats voor netten zult gij worden, gij zult niet meer worden herbouwd. Want Ik, de HERE, heb het gesproken, luidt het woord van de Here HERE."

Dit is God in actie! Hij zal ervoor zorgen dat de wateren van de Middellandse Zee over de locatie van Tyrus zullen spoelen tot het puin dat zich eeuwenlang heeft opeengehoopt weggespoeld zal zijn en het geschikt zal zijn voor het uitspreiden van netten tussen de getijden in. Dit heeft nog nooit volledig plaatsgevonden! Ja, er ligt een klein deel van Nieuw-Tyrus aan zijn westelijke kant onder water. Dat was in 1957 duidelijk het geval. Maar het belangrijkste deel van de Fenicische stad wordt bedekt door zand en opeengehoopt puin van latere gebouwen, wegen en begraafplaatsen. Een groot deel ligt onder de huidige moderne Arabische stad.

Dit is een profetie die nog door Jezus Christus — haar laatste Veroveraar — vervuld moet worden als Hij deze wereld bij Zijn wederkomst vrede brengt!}

De uitdaging van de Almachtige God

Ezechiël heeft ook nog over een andere stad, namelijk Sidon, geschreven. Sidon (of Saïda) is een stad op ongeveer 50 kilometer afstand van Tyrus, aan de kust van de Middellandse Zee en is nog ouder — Tyrus was oorspronkelijk nl. één van Sidons kolonies.

Met Sidon was het al eeuwenlang bergafwaarts gegaan, terwijl Tyrus zich als dé grote stad van de wereld ontwikkelde. In het jaar 590 v. Chr., toen Ezechiël de profetie schreef, bevond Sidon zich in een staat van verval.

Haar tegenwoordige toestand ziet er volgens de Encyclopaedia Britannica onder het artikel "Sidon" zo uit: "Sidon, eens de belangrijkste stad van Fenicië, nu de belangrijkste stad in het zuidelijke district van Libanon ... is vandaag een stad met 23 000 inwoners, waarvan de meerderheid Moslem is."

"Geschiedenis: Ouder dan, en erkend als de moeder van Tyrus ... de Filistijnen vernietigden haar vloot en legden de stad in as. Assyrië en Babylonië ... voerden oorlogen tegen haar om haar rust te verstoren en haar schatten te roven ... Het Perzische juk ... volgde het Babylonische op en een onverstandige opstand tegen Artaxerxes III Ochus bracht een verdiende straf met zich mee."

In 351 v. Chr. werd Sidon als gevolg van haar opstand totaal verwoest. Maar Sidon herstelde zich weer. De Britannica gaat verder: "In tegenstelling tot Tyrus, gaf Sidon zich zonder slag of stoot aan Alexander de Grote over."

Sommige sceptici proberen Ezechiëls profetie over TYRUS weg te redeneren door te zeggen, dat deze niet in plm. 590 v. Chr., vóór Nebukadnezars invasie en verwoesting van Oud-Tyrus, maar in plm. 350 v. Chr., of zelfs in 330 v. Chr., geschreven werd. Zij verzuimen echter rekening te houden met het feit, dat dezelfde profeet terzelfder tijd profetieën over SIDON schreef. Laten we nu eens aannemen dat Ezechiëls profetieën inderdaad in plm. 350 v. Chr. geschreven werden. Als zij zuiver menselijke speculaties waren, denkt u dan dat het in 350 v. Chr. logisch was te veronderstellen, dat Tyrus nooit meer herbouwd zou worden en Sidon zou blijven bestaan?

Want dat is toch precies wat er geprofeteerd werd!

Laten we nu de profetie in Ezechiël 28 opslaan, te beginnen bij vers 20: "Het woord des Heren kwam tot mij: Mensenkind, keer uw gelaat naar Sidon, profeteer daartegen en zeg: zo zegt de Here Here: zie, Ik zál u, Sidon! ... Ik zal daarin de pest zenden, bloed op haar straten; doden zullen daar vallen door het zwaard dat aan alle kanten tegen haar gericht is. En zij zullen weten, dat Ik de Heer ben."

Nu zal het u opvallen dat er met geen woord over gerept wordt dat Sidon vernietigd en nooit meer herbouwd zou worden. Gods oordeel over Sidon was niet een van volledige ondergang zoals bij Tyrus, maar een van het vergieten van bloed in haar straten; doden en gewonden, die door het zwaard, dat aan alle kanten tegen haar gericht is, zouden vallen ? een steeds bestaande stad met een ononderbroken bestaan, — maar verzwakt en voortdurend in moeilijkheden!

Zou niet totaal verwoest worden

Geen stad ter wereld — uitgezonderd Jeruzalem — heeft ooit zoveel lijden ondergaan. Sidon werd vaak vernield en opgebouwd, vernield en weer opgebouwd, vernield en wéér herbouwd. Het bestaat nog steeds met een bevolking van 23 000 zielen.

Hoe zou de profeet Ezechiël — hoe zou welk mens dan ook — hebben kunnen weten, tenzij dit goddelijk geïnspireerd was geworden, dat Sidon het voortdurend zwaar te verduren, zou hebben maar zou blijven bestaan, terwijl Tyrus, de grote stad, nooit herbouwd zou worden? Er zijn meer dan genoeg redenen om Tyrus weer op te bouwen ? overal prachtige grond in de omgeving, water, een schitterende haven, redenen genoeg waarom zij herbouwd had kunnen worden. GOD ZEI ECHTER DAT HET NIET ZOU GEBEUREN!

Sidon daarentegen is vandaag een stad met 23 000 inwoners. Alles is precies uitgekomen zoals voorspeld was. Er heeft bloed in de straten gevloeid, doden en gewonden zijn er in de stad geweest en rondom was het zwaard. Het uit de Encyclopaedia Britannica geciteerde artikel geeft u de geschiedenis tot nu toe. Sidon bestaat nog steeds — precies zoals voorspeld. Ik ben er in 1956 geweest.

Maar over Tyrus is een volslagen verlatenheid gevallen. Zoals de profetie zei, is er nu geen stad te vinden. Was dit goddelijke Openbaring of was het een menselijke gissing? Hoe komt het dat de schrijver van deze profetieën BEIDE KEREN precies dát voorspelde, wat zou gaan gebeuren?

NOG NOOIT HEEFT ENIG ONGEÏNSPIREERD MENS OVER EEN 2000 JAAR IN DE TOEKOMST LIGGENDE GEBEURTENIS ZO'N PROFETIE UITGESPROKEN EN DIE TOT STAND GEBRACHT. Niets in deze twee steden duidde, ten tijde dat de profetie geschreven werd, op hun lot. Noch in 590 v. Chr., noch, zo de sceptici willen, in plm. 330 v. Chr.

Nog een profetie tart de sceptici

Er is nog een andere frappante profetie die overweldigend van bijbelse inspiratie getuigt. Het gaat om een andere beroemde stad in de oudheid, namelijk Askelon.

De profeet Zefanja leefde en schreef in ongeveer 630 v. Chr. Dat was vóór de ballingschap van Juda. Hij waarschuwt de Joden in het eerste hoofdstuk van zijn profetie voor de komende ballingschap. Zoals de meeste profetieën, houdt dit boek een dubbele betekenis in: de eerste vervulling is een voorafschaduwing van de tweede en hoofdvervulling. De profetie slaat letterlijk op de Joden van die tijd, zeshonderd jaar voor Christus, maar zij heeft ook betrekking op onze tijd, nu, in de twintigste eeuw AD op de jaren die vlak vóór ons liggen. Bijna niemand begrijpt deze eerste en hoofdvervulling, deze tweeledigheid in de profetieën. U kunt de profetieën niet begrijpen, tenzij u dit begrijpt. Het is één van de essentiële sleutels tot bijbelkennis.

Hoofdstuk 2 in dit boek van Zefanja voorspelt het lot van Juda's naburige en haar vijandige volken, en speciaal de kuststeden van de Filistijnen: Gaza, Askelon, Asdod en Ekron.

Zie Zefanja 2:4-7: "Want Gaza zal verlaten zijn, en Askelon tot een woestenij worden, Asdod zal men op de middag verdrijven, en Ekron zal ontworteld worden."

En nu vers 7: "De kust zal ten deel vallen aan het overblijfsel van het huis van Juda; daarop zullen zij weiden."

Dat is uitgekomen! Datzelfde gebied behoort tegenwoordig aan het land dat "Israël" wordt genoemd.

Laten we nog eens naar vers 7 kijken. "De kust [van de Middellandse Zee, in Palestina] zal ten deel vallen aan het overblijfsel van het huis van Juda; daarop zullen zij weiden." Het overblijfsel is deze laatste generatie. Met andere woorden, de twintigste eeuw, nu, in onze tijd!

Profetie volledig vervuld

Sla nu Zacharia 9:3-6 op: "En al heeft Tyrus zich een wal gebouwd en zilver opgehoopt als stof en goud als slijk der straten; zie, de Heer zal het veroveren, en zijn voormuur neerslaan in de zee, en zelf zal het met vuur worden verteerd." Hier is nog een profetie, die laat zien wat er met Tyrus gebeurde. Verder: "Askelon zal het zien en vrezen, ook Gaza, en het zal hevig beven, en Ekron, omdat zijn verwachting zal beschaamd worden; dan zal de koning uit Gaza verdwijnen en Askelon zal onbewoond zijn. Dan zal een bastaardvolk in Asdod wonen, en Ik zal de trots der Filistijnen uitroeien."

Dit alles is waar geworden. In het jaar 520 v. Chr. profeteerde Zacharia door goddelijke inspiratie dat God Tyrus in de zee zou werpen en laten verzinken, zoals in 332 v. Chr. ook gebeurde. Gaza "zal hevig beven", maar niet worden verwoest. Gaza sprong op tot nieuw leven — het is er vandaag nog en telt 118 000 inwoners. Er is sindsdien geen koning geweest. In Asdod woonde tot 1948 een bastaardbevolking, tot ze door "het overblijfsel van het huis van Juda" verdreven werden (Zefanja 2:7).

Uit de Encyclopaedia Britannica ontlenen we de bijzonderheden hoe deze profetie in vervulling is gegaan. "Met de verovering door de Moslems na de zesde eeuw AD zonk Asdod over het geheel genomen in het niet." Een bastaardvolk van Arabieren en Filistijnen woonde er. De stad verzonk tot onbeduidendheid.

Herinnert u zich nog: "Askelon zal onbewoond zijn" — "een woestenij" (Zacharia 9:5 en Zefanja 2:4).

Dit is wat de Encyclopaedia Britannica erover zegt: "Askelon, nu een woeste plaats" ? dezelfde uitdrukking als God in de Bijbel gebruikt — en verder, "uit het zand dat dit terrein bedekt steken verbrijzelde zuilen en de overblijfselen van verwoeste gebouwen en gebroken muren omhoog als een overvloedig bewijs van een roemrijk verleden."

U kunt deze woestenij van Askelon vandaag bezoeken en met eigen ogen de absolute verlatenheid zien. Er is niets te zien. Bestaat er een almachtig God? Zou iemand anders dan een bovennatuurlijk God, een Schepper, deze dingen kunnen voorspellen en dit alles tot stand brengen, zoals Hij gedaan heeft?

Dit is het bewijs, waaraan geen enkele scepticus kan twijfelen. En God nodigt alle sceptici uit te proberen deze profetieën te weerleggen. Als men ze weerleggen kan, dan kan men ook het gezag van de Bijbel weerleggen!

Het lot van Egypte

Wie heeft er niet gehoord van de "play-boy" ex-koning Faroek van Egypte? Wist u dat hij eigenlijk een vreemdeling en helemaal geen Egyptenaar was? Faroek was een Albanees. En wist u ook dat de huidige leiders in Egypte Arabieren zijn, en geen echte Egyptenaren? Wist u dat dit duizenden jaren geleden al in uw Bijbel was voorspeld?

De vervulling van profetieën is het BEWIJS van het bestaan van de Almachtige God. Het is het BEWIJS van de goddelijke ingeving van de Bijbel, en ook dat de Almachtige God door de profetieën in de Bijbel dingen bekend maakt, die we op geen andere wijze te weten zouden kunnen komen.

Wie deze profetieën in de Bijbel ook geïnspireerd heeft, hij kende 2500 jaar geleden al de toestanden waarin het huidige Egypte zich nu bevindt; en ook de omstandigheden van landen als de Verenigde Staten, Rusland, China, Duitsland, Engeland en andere toonaangevende landen van de wereld. Hij wist toen al, wat er zich in de komende 10-15 jaar zal gaan afspelen.

En nu de verbazingwekkende feiten.

De profeten Jesaja, Jeremia en Ezechiël leefden ongeveer 600 jaar voor Christus. Egypte was toen al erg oud. Het was de leider der wereld, en van de toenmalige beschaving. Het was ver gevorderd in kunsten en wetenschappen, en bevond zich op een hoog niveau van luxe en praal. Met haar vruchtbaar Nijldal was het de graanschuur van de wereld. De geweldigste bouwwerken op aarde — de piramiden — stonden daar.

Dit waren de trotse monumenten van Egypte's grootheid. Het bezat in die dagen de oudste regerende dynastie ter wereld. Wie zou ooit een einde aan zo'n welstand en bloei hebben kunnen voorspellen? Haar welstand was in vergelijking veel groter dan die van Amerika in de wereld van nu.

Toen Ezechiël schreef, zat farao Hofra op de troon. Zijn militaire en commerciële successen gedurende 25 jaar hadden hem buitengewoon zelfverzekerd gemaakt. Hij had Egypte tot een machtige positie in de oude wereld opgewerkt. De geschiedschrijver Herodotus zegt in zijn Historiën, Euterpe, § 169, dat Hofra zich er op beroemde dat geen enkele god hem zijn koninkrijk kon ontnemen.

Toen hij zo blufte, antwoordde de Eeuwige God hem. Geen mens had toentertijd de ineenstorting van Egypte kunnen voorspellen, evenmin als nu iemand de ondergang van de Verenigde Staten of enige andere grootmacht kan voorzien. God wist wat Egypte zou overkomen. God weet wat ons in onze tijd zal overkomen. Het is in uw Bijbel vastgelegd.

Het antwoord van God

In die dagen was Juda door Nebukadnezar veroverd. Het Chaldeeuwse rijk was in opkomst. In Palestina was een Joodse kolonie achtergelaten. De overige Joden waren gevangen genomen en als slaven naar het land van de Chaldeeën, Babel, weggevoerd. Deze kleine Joodse gemeenschap, die was achtergebleven, wilde naar Egypte vluchten.

Ze vroegen de profeet Jeremia of hij God hierover voor hen wilde raadplegen.

"Het geschiedde nu na verloop van tien dagen, dat het woord des Heren tot Jeremia kwam ... Zo zegt de Heer ... Indien gij rustig in dit land [Palestina] blijft, dan zal Ik u bouwen en niet afbreken ... Weest niet bevreesd voor de koning van Babel ... Maar als gij zegt: Wij willen in dit land niet blijven, zodat gij niet luistert naar de stem van de Heer, uw God, denkende: Neen, maar wij willen naar het land Egypte gaan, waar wij geen strijd zullen aanschouwen ... noch naar brood hongeren ... nu dan, hoort daarom het woord des Heren, ... dan zal het zwaard waarvoor gij bevreesd zijt, u daar in het land Egypte achterhalen ... en daar zult gij sterven" (Jeremia 42:7-16).

En lees nu Jeremia 44:29 en 30:

"En dit zal u het teken zijn, luidt het woord des Heren, dat Ik aan u bezoeking doe in deze plaats, opdat gij weet, dat mijn woorden zeker zullen stand houden tegen u ten verderve: ... zie, Ik geef farao Hofra, de koning van Egypte in de macht van zijn vijanden en van wie hem naar het leven staan, zoals Ik Zedekia, de koning van Juda, gegeven heb in de macht van ..., die hem ook naar het leven stond."

We zien dat hier in de Bijbel iemand geciteerd wordt, die beweert de Almachtige God te zijn. Hij maakt bekend, wat Hij met de koningen der aarde gaat doen. Hij beweert dat Hij de koninkrijken van deze wereld kan maken en breken.

En het gebeurde!

Kort nadat dit werd geschreven, werd farao Hofra door Nebukadnezar onttroond. In zijn plaats stelde Nebukadnezar Amasis als een ondergeschikt vorst aan.

Heeft een mens of de Almachtige God deze profetie geschreven? Wie dit ook geschreven heeft, hij had de macht volken en wereldrijken samen te stellen en weer te ontbinden. Tegenwoordig schijnen de meer geleerde critici van mening te zijn, dat de Bijbel alleen maar de literaire prestaties zijn van een klein in de oudheid levend Joods ras, dat zich rondtastend in het duister een voorstelling van God probeerde te maken. Zij geloven niet werkelijk in een God, noch in goddelijke ingeving.

Waarom Egypte een onbeduidende natie is

Kijkt u eens naar Ezechiëls profetie. Ezechiël 29:1-2: "In het tiende jaar ... kwam het woord des Heren tot mij: Mensenkind, keer uw gelaat naar farao, de koning van Egypte, en profeteer tegen hem en tegen geheel Egypte." Nu vers 8:

"Daarom, zo zegt de Here Here, zie, Ik breng een zwaard over u, Ik ga mens en dier uit u uitroeien, zodat het land Egypte wordt tot een woestenij en een puinhoop, en zij zullen weten, dat Ik de Heer ben. Omdat gij gezegd hebt" — d. w. z., farao had gezegd — "van mij is de Nijl, zelf heb ik hem gemaakt, zie, daarom keer Ik Mij tegen u en tegen uw Nijlarmen." Dat waren de irrigatiekanalen die men toen in Egypte al had.

En God vervolgt: "Ik zal het land Egypte tot een volkomen puinhoop maken, een wildernis ... het zal onbewoond blijven, veertig jaar." Deze 40 jaar kwamen in de dagen van het toppunt van Babels grootheid, want Nebukadnezar voerde de Egyptenaren gevankelijk weg, verwoestte hun land en stond tal van Grieken toe naar Egypte te emigreren. De geschiedschrijvers weten heel weinig van wat er in die tijd werkelijk gebeurde.

Laten we nu in hetzelfde hoofdstuk vers 15 en 16 lezen: "Het zal" — let er op dat God zegt dat Egypte zal voortbestaan — "HET ZAL HET ONBEDUIDENDSTE ONDER DE KONINKRIJKEN ZIJN."

Egypte zou dus blijven bestaan, maar het onaanzienlijkste onder de andere koninkrijken zijn. Voordat God zijn oordeel uitsprak, was Egypte de trotse leeuw onder de andere volkeren geweest. "Het zal zich niet meer boven de volken verheffen kunnen," zegt God, "Ik zal hen klein maken."

Wie spreekt hier? — bewerend dat Hij volken kan samenstellen en verstrooien? Wie kan zeggen: "Ik zal u klein maken," en het grootste rijk op aarde in die dagen vernederen? Was dat zomaar een onkundige, sterfelijke Jood die dit schreef?

Wie het ook was, hij zette het in daden om. Het werd werkelijkheid. Wat denkt u hiermee te doen?

We dienen te weten wat er volgens de geschiedenis feitelijk gebeurd is. Hier is een uittreksel uit de Imperial Bible Dictionary onder het artikel "Egypte": "De bevolking van Egypte moet in die vroegste tijden aanzienlijk geweest zijn. Het wordt geschat op 7 000 000 inwoners onder de farao's — 7 500 000 (met uitzondering van Alexandrië) in de tijd van Nero ..." Tegenwoordig telt het ruim 30 000 000 inwoners. De bevolking van Egypte is in 2000 jaar tijds slechts verviervoudigd — denkt u zich dat eens in. Bovendien wordt het grootste deel van de huidige bevolking vertegenwoordigd door AFSTAMMELINgen VAN VREEMDE VOLKEREN. Egypte is niet gegroeid zoals andere volken. Het is in verhouding betrekkelijk klein gebleven.

Een door armoede geplaagd land

In Ezechiël 30:10-13 staat:

"Zo zegt de Here Here: Ja, Ik zal een einde maken aan de drommen van Egypte" — het woord "drommen" kan ook weergegeven worden als "menigte" of "rijkdommen". Wat werkelijk bedoeld wordt, is "rijkdommen" — "Ik zal een einde maken aan de rijkdom van Egypte door de hand van Nebukadnezar, de koning van Babel. Hij en zijn volk, de gewelddadigste der volken, worden aangevoerd om het land te verwoesten; zij zullen hun zwaarden tegen Egypte trekken en het land met doden vullen." God zegt: "Ik zal de Nijlarmen [irrigatiekanalen] droogleggen en het land aan booswichten overgeven." Dat betekent van buitenaf komende, vreemde volken.

God zegt: "Ik zal het land, met al wat er op is, verwoesten door de hand van vreemden" — buitenlanders — "Ik, de Heer, heb het gesproken. Zo zegt de Here Here: Ja, Ik zal de afgoden vernietigen en de schijngoden uit Nof doen verdwijnen;" — Nof is Memphis — "ER ZAL GEEN EGYPTISCHE VORST MEER ZIJN. En Ik zal vrees brengen over het land Egypte."

Egypte zou nooit meer door een zoon van het land, een inheemse vorst, geregeerd worden.

Zou degene die dit in het oude boek Ezechiël geschreven heeft, het ook wáár maken? Dit is een "Zo zegt de Heer" uitspraak. Staat er ook een reële God achter? Of was het slechts door een mens geschreven?

Precies zoals de profetie voorzegde, werd Egypte door Nebukadnezar veroverd. God stelde hem aan over het koninkrijk (Daniël 2:37). God is de Allerhoogste Heerser van het heelal. Dat is de les, die de aardse naties vergeten zijn. Dat is de les die de bewoners van de wereld VERGETEN zijn.

Uit de annalen der geschiedenis

Het volgende citaat is afkomstig uit de History of Ancient Egypt van Rawlinson. Hier is de vervulling van deze profetie in de geschiedenis. Het gebeurde wèrkelijk!

"En zo", zegt Rawlinson in zijn geschiedschrijving, sprekend over Psammetichus II, die in 525 v. Chr. door de Pers Cambyses verslagen en gedood werd, "zo kwam deze onfortuinlijke vorst om, de laatste uit een lange rij farao's, die, beginnend met Menes, Egypte als een onafhankelijke monarchie ... eeuwenlang geregeerd hadden." De Algemene Winkler Prins onder het artikel "Egypte" zegt: "Onder de 27ste dynastie (525-404 v. Chr.) werd Egypte een Perzische provincie. Meermalen trachtte het land zich van het juk der Perzen te ontdoen ..." Tevergeefs. Telkens weer bewezen de Perzen hun superioriteit te velde en dwongen de Egyptenaren zich aan hen te onderwerpen.

Na de Perzische verovering heersten de Grieken over Egypte. De nakomelingen van één van Alexanders Griekse generaals begonnen een reeks van buitenlandse farao's, die tot 152 v. Chr. over Egypte regeerden. Sindsdien is er nooit meer een geboren Egyptenaar farao geweest. Vanaf die tijd heeft er nooit meer een inheemse koning over Egypte geregeerd.

Denk eens in wat dit geschiedkundig feit inhoudt: Egypte werd door Alexander de Grote veroverd en geregeerd. Daarna heerste één van Alexanders vier generaals, degene die in Daniël 11 "de koning van het zuiden" genoemd wordt. Later werd Egypte door Rome overheerst. Toen door de arabische Moslems. Daarna door de Turken. Het is ook nog geregeerd geworden door de Fransen en de Engelsen. En tenslotte, op de 18de juni 1953, werd het een republiek.

Ex-koning Faroek was koning totdat Egypte een republiek werd. Maar KONING FAROEK STAMDE NIET VAN EGYPTISCHE VOORVADEREN AF. Hij was een Albanees, een afstammeling van Mohammed Ali.

De Egyptische leiders van vandaag zijn geen vorsten en de meesten van hen zijn GEEN Egyptenaren. Ze zijn Arabisch van afkomst. God zei dat het zo zou uitkomen, en zo gebeurde het ook. IN GEEN 2500 JAAR HEEFT EEN EGYPTISCH VORST HET LAND GEREGEERD. U kunt alle bijzonderheden lezen in de History of Ancient Egypt van Rawlinson.

Het gaat ALTIJD in vervulling

Toen deze profetieën geschreven werden, duidde niets op zo'n toekomst — een toekomst, die Egypte tenslotte deelviel — zoals de bijbelse profetie het voorspelde. Denkt u het zich eens in! God sprak over de oude stadstaat Tyrus het oordeel uit dat het nooit weer zou worden opgebouwd. Dat gebeurde.

Over Askelon voorspelde Hij vernietiging, zonder ooit herbouwd te worden. Dat kwam uit.

Sidon zou aan belangrijkheid inboeten, maar blijven bestaan en ook dat is gebeurd. Sidon is nu een stad met 23 000 inwoners.

Egypte zou wel blijven bestaan, maar onaanzienlijk worden en nooit meer door een volbloed Egyptenaar geregeerd worden. Dit is ook uitgekomen. Het oordeel over Babel was algehele vernietiging en ook dát is in vervulling gegaan.

Maar hoe kon Ezechiël dit weten, als de profetieën slechts door mensenhand geschreven werden? HOE KON DAT, vraag ik u?

Dit is een uitdaging aan de sceptici. De sceptici willen met profetie niets te maken hebben. Zij gaan ervoor op de loop omdat ze er niet van terug hebben. En de enige vorm van repliek is er op te schelden en er mee te spotten. De sceptici geven zelf toe dat Egypte volgens de profetie een onaanzienlijk land zou blijven, niet langer welvarend, geen machtig wereldrijk meer en niet meer door een inheemse vorst geregeerd. Ze kúnnen het niet ontkennen. Ze kunnen er alleen maar voor op de loop gaan!

Wie is nu de wáre Heerser? Natuurlijk alleen de Almachtige God.

Sceptici kunnen de vervulling van de profetieën niet weerleggen

Iedere bijzonderheid van de profetieën betreffende Egypte is uitgekomen. Deze profetie werd niet ná de vervulling ervan geschreven, want de verwerkelijking ervan heeft zich in de loop der geschiedenis voltrokken en tot zelfs deze laatste jaren toe! Het is, zoals in de profetie staat, een langzame, geleidelijke vervulling geweest.

Zelfs in de tijd van Christus was er NIETS, absoluut niets, wat er op wees dat de glorie van Egypte voor altijd zou vergaan. Egypte was toen nog zeer machtig. Het telde meer dan 7 000 000 inwoners en was in die tijd de graanschuur van het Romeinse rijk. In de 3de eeuw na Christus, zo zegt de Encyclopaedia Britannica, gold Alexandrië in Egypte als de eerste stad van de wereld na Rome.

Laten we eens aannemen dat God gezegd zou hebben dat Egypte totaal vernietigd zou worden, maar dat Babel, hoewel in verval geraakt, zou blijven voortbestaan. Dat deed Hij echter niet. Hij heeft dat niet gezegd en daarom is het ook niet gebeurd. Hij zei dat Babel verwoest zou worden en het werd verwoest! Hij zei dat Egypte als een tweederangs, klein land zou blijven voortbestaan, en zo is het gebeurd. Egypte werd in de 2500 jaar sindsdien niet éénmaal door een inheems Egyptisch vorst geregeerd.

Nog nooit in de hele wereldgeschiedenis heeft een land zolang onder vreemde overheersing en onder buitenlandse regeringen gezucht als Egypte.

Vergelijkt u nú eens datgene, wat Egypte overkwam, met wat geprofeteerd was voor Babel en Rome.

Rome werd al in de profetieën genoemd nog vóór het op het wereldtoneel verscheen. Alle profetieën over Rome werden geschreven, vóórdat er zelfs een Romeins Rijk bestond. Rome werd vergeleken met ijzer (Daniël 2:40) — het machtigste en tevens het sterkste van alle rijken uit de oudheid — sterker dan Egypte, Griekenland, het Chaldeeuwse of het Perzische Rijk. Die profetie werd vervuld! Maar haar val was eveneens voorspeld.

In bijbelse termen heette het dat Rome een "dodelijke wond" zou krijgen, maar dat die wond genezen zou (Openbaring 13:3). Rome zou na zijn val zeven achtereenvolgende malen herrijzen. Het is zes keer herrezen: onder Justinianus, Karel de Grote, Otto de Grote, Karel de Vijfde, Napoleon, Mussolini, en de 7de herrijzenis vindt momenteel plaats. U zult het waarschijnlijk in de komende paar jaren beleven.

Steeds is alles, wat uw Bijbel over de afgelopen eeuwen voorzegd had, in vervulling gegaan. Maar er zijn nog vele, vele profetieën, die van dit moment af nog in vervulling moeten gaan! We naderen nu de grote verpletterende finale van deze hele eeuw. Er zullen veel meer profetieën, veel meer wereldschokkende gebeurtenissen in de nu volgende 5-10 jaar plaatsgrijpen, dan ooit tevoren in de geschiedenis het geval is geweest! Waarom worden al deze profetieën vervuld? — omdat God bestaat en Hij duizenden jaren geleden in de Bijbel bekend heeft gemaakt, wat Hij vandaag op het punt staat uit te voeren!

Ook Babel en Rome!

Denk eens aan! De in UW BIJBEL geciteerde God beperkte zich niet tot het voorspellen van het lot van slechts één of twee grote steden of staten in de wereld. Indien deze geschriften louter menselijke veronderstellingen waren geweest, dan had dat het geval kunnen zijn geweest, en zouden, door een bijzondere samenloop van omstandigheden, die voorspellingen mogelijkerwijze werkelijkheid zijn geworden.

Maar God nam iedere belangrijke stad en elk land in de toen bekende wereld, waarmee zijn volk Israël contact had en liet het lot van elk van deze steden en staten door geïnspireerde mensen opschrijven!

In de meeste gevallen was de voorspelde toekomst in lijnrechte tegenstelling met wat men op dat tijdstip logischerwijze verwacht zou hebben! En toch, deze schijnbaar tegenstrijdige gebeurtenissen werden een feit!

Kijk maar eens naar de profetie betreffende Babel, de politieke en religieuze hoofdstad van de wereld! In de tijd dat het geschreven werd zou men ieder mens, die zo'n schijnbaar onzinnige voorspelling voor zijn toekomst gemaakt zou hebben, voor stapelgek verklaard hebben.

"En Babel, het sieraad der koninkrijken, de trotse luister der Chaldeeën, zal worden als Sodom en Gomorra, toen God ze ondersteboven keerde; het zal in eeuwigheid niet meer bewoond worden, noch bevolkt zijn van geslacht tot geslacht; geen Arabier zal daar zijn tent opslaan, geen herders zullen daar legeren; maar hyena's zullen er legeren en hun huizen zullen vol uilen zijn; struisvogels zullen daar wonen en veldgeesten daar rondhuppelen, wilde honden zullen huilen in de burchten en jakhalzen in de paleizen van wellust. Weldra zal zijn tijd komen [toen Jesaja schreef] en zijn dagen zullen niet verlengd worden" (Jesaja 13:19-22).

Dit besluit van de Almachtige werd niet uitgesteld. Het werd uitgevoerd! Dit oordeel is 2500 jaar blijven doorgaan! De in UW BIJBEL beschreven toestanden, die opgetekend werden in de tijd dat Babel nog de hoofdstad van de wereld was en op het toppunt van haar macht, kracht en roem stond, duren nog steeds tot op de dag van vandaag voort!

Ik ben er geweest. Ik zag en fotografeerde de verlaten woestenij en een ooievaarsnest. Maar er woont geen mens.

Ik vroeg aan de conciërge van het museum, dat daar nu door de Iraakse regering onderhouden wordt, of hij daar woonde.

"O NEE!" riep hij uit, "Niemand woont hier. Ik rij hier iedere morgen heen op mijn ezel."

"Slaan Arabieren hier wel eens hun tenten op?" vroeg ik.

"Nooit!" was het nadrukkelijke antwoord. "Ze zijn bijgelovig, wat dat betreft."

Hoe wist Jesaja, 600 jaar voor Christus, dat de toenmalige wereldhoofdstad volledig VERWOEST zou worden en dat ook in deze tot nu toe 2500 jaar-lange toekomst zou blijven?

Hoe kon enig sterfelijk mens zoiets weten? HIJ KON HET NIET WETEN — TENZIJ DOOR GODDELIJKE INSPIRATIE, WAARVAN DEZE VERVULDE PROFETIEËN HET BEWIJS ZIJN!

Ja, de GOD van uw Bijbel heeft de toekomst van IEDERE belangrijke stad en ELKE natie STUK VOOR STUK voorzegd. Sommige steden zouden verwoest en nooit weer opgebouwd worden — permanente verlatenheid. Andere zouden verwoest worden, maar weer herbouwd. Weer andere zouden onverwoest voortbestaan. De grootste natie ter wereld zou tot een onaanzienlijke staat vernederd worden, en nooit meer door een inheemse vorst geregeerd worden. Het eerste wereldrijk zou door een ander gevolgd worden, tot aan het vierde wereldrijk toe, en dit zou vallen en zeven opéénvolgende keren herrijzen!

NIET ÉÉN KEER hebben de profetieën gefaald!

Er is geen ander boek zoals dit! Geen mens kan zo schrijven. Niet ÉÉN profetie is ooit onvervuld gebleven! GEEN PROFETIE ZAL OOIT ONVERVULD BLIJVEN!

Deze profetieën bewijzen de goddelijke oorsprong van de Bijbel!

Ze BEWIJZEN HET BESTAAN VAN GOD!

Maar wat is nu eigenlijk de ware betekenis van dit alles? Heel eenvoudig dit: Ongeveer één derde van de Bijbel bestaat uit profetie. Slechts één tiende gedeelte van die profetieën heeft betrekking op steden en volken uit de oudheid — profetieën die reeds in vervulling gegaan zijn! NEGEN-TIENDE van de profetieën slaat op de wereldgebeurtenissen, die NU, IN ONZE TIJD, zullen plaatsvinden!

Denk eens aan! Bijna één derde van UW Bijbel is gebruikt om ons, in :deze tijd, van tevoren, te openbaren, wat WIJ in de komende vijf tot tien jaar zullen beleven!

WIJ LEVEN IN DE SPANNENDE TIJD VAN HET EINDE! Het "EINDE VAN DE WERELD" — van dit tijdperk ? is nabij en staat voor de deur. Men kan deze profetieën nu begrijpen! De kennis van deze dingen groeit en neemt steeds toe! Schrijf ons om ons gratis, rijk-geïllustreerde boekje De ideale Wereld van morgen ? een blik in de toekomst, en blijf geregeld De Echte Waarheid lezen voor een beter begrip van de hedendaagse gebeurtenissen, die eeuwen geleden al in uw Bijbel werden voorspeld!

Dit boekje werd aangepast om een fout betreffende Tyrus te corrigeren. De toevoeging staat tussen accolades {}.

Deze "historische" boekjes worden u in deze vorm als dienstverlening gratis ter beschikking gesteld door
de Kerk van de Grote God

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)