Pinksteren:
Roeping van de 'eerstelingen'!

Ambassador College Bijbelcursus Les 27
1986

Geloof het of geloof het niet — God probeert niet nu de wereld tot bekering te brengen! In deze tijd roept God slechts een miniem klein aantal mensen tot behoud — de eerstelingen. Waarom?

Er leven in deze tijd bijna 5.000.000.000 mensen op aarde. Uit dit ongelooflijk grote aantal heeft God in de laatste vijftig jaar slechts iets meer dan 100.000 mensen in Zijn kerk geroepen. Voor iedere persoon die God in Zijn kerk heeft geplaatst, zijn er 50.000 andere mensen waarvoor dit niet geldt!

Waarom?

Daar is een verbazingwekkende reden voor!

Deze overgrote meerderheid zal, zoals uw Bijbel openbaart, later geroepen worden — de meesten pas na Christus' wederkomst. Deze miljarden kunnen niet nu tot Christus komen en deel gaan uitmaken van Gods kerk — zelfs al proberen ze het! Jezus zei heel duidelijk: "Niemand kan tot Mij komen, tenzij de Vader, die Mij gezonden heeft, hem trekke" (Johannes 6:44). Relatief gesproken heeft God in dit tijdperk slechts weinigen getrokken, maar wel voor een groot doel.

Waarom heeft God slechts weinigen geroepen? Voor welk doel heeft God Zijn eerstelingen getrokken en in Zijn kerk geplaatst? Heeft God deze weinigen getrokken en, zoals sommigen denken, in Zijn kerk geplaatst gewoon opdat ze behoud kunnen krijgen en van de omgang met en het sociale leven binnen de plaatselijke gemeentes kunnen genieten?

Waar staan we nu in Gods plan?

God heeft een basisplan dat door zeven jaarlijkse feesttijden wordt uitgebeeld.

De eerste feesttijd is het Pascha. Hierdoor wordt de Messias — Christus — uitgebeeld die vóór de grondlegging der wereld Zich vrijwillig aanbood om als het Paschalam, de Verlosser der wereld, te worden geslacht (1 Petrus 1:19-20; Openbaring 13:8). Dat werd volbracht in de lente van 31 n.Chr.

De tweede feesttijd, het feest van Ongezuurde Broden, beeldt het overwinnen van zonde uit. De eerste mensen, Adam en Eva, waren God ongehoorzaam en daarmee deed zonde zijn intrede in de wereld. God veroordeelde de menselijke familie toen tot 6000 jaar van verbanning, in welke tijd de menselijke familie als geheel is afgesneden van de mogelijkheid tot behoud (met uitzondering van die enkelingen die Hij voor een speciaal doel zou roepen).

Wij zijn nu dichtbij het einde van de eerste 6000 jaar, waarin de mens heeft geëxperimenteerd met elke mogelijk denkbare vorm van bestuur, religie, sociale en economische ideeën. Spoedig zal de vierde stap in Gods plan aanbreken — de wederkomst van Jezus Christus om het bestuur van God op aarde te herstellen. Deze gebeurtenis wordt uitgebeeld door de vierde heilige dag, het Trompettenfeest. Pas na die gebeurtenis zal de overgrote meerderheid tot behoud geroepen worden in een wereld die door Gods Familie wordt bestuurd en geleid. Maar vóór de overgrote meerderheid in zo'n wereld kan leven en de ware weg tot behoud kan worden onderwezen, moeten de bestuurders en leraren worden getraind. Hier komen wij, de eerstelingen van het behoud in Gods plan, in beeld!

De kerk in Gods basisplan

We leven nu in het tijdperk van de kerk. God werkt niet door op zichzelf staande profeten en ook niet door onafhankelijke christenen. Hij werkt door een kleine groep van tienduizenden door de Geest verwekte mensen, die georganiseerd en verenigd zijn door Zijn wetten, Zijn bestuur en Zijn waarheid.

Gods kerk is het middel waardoor God nu deze wereld voorbereidt op Christus' wederkomst! Door Gods kerk bereidt Hij de toekomstige heersers en leraren van Zijn Koninkrijk voor. God heeft het fundament gelegd; Hij begint nu aan de wereld van morgen te bouwen door Zijn kerk in deze tijd! Zij die nu in Gods kerk zijn geroepen, maken deel uit van Gods geestelijke eerstelingen — de eerste groep die behoud krijgt aangeboden. Zij die nu in Gods kerk zijn, zijn als eersten geroepen — voor het speciale DOEL om op Gods Koninkrijk te worden voorbereid!

Als de kerk eenmaal voorbereid en gereed is, zullen Gods eerstelingen de heersende en onderwijzende assistenten van Christus worden. Zij zullen Hem helpen de ware weg naar behoud te onderwijzen aan iedereen in de wereld van morgen. Zij zijn speciaal geroepen om te worden voorbereid om uiteindelijk te helpen de kennis van behoud aan de overgrote meerderheid bekend te maken!

De eerstelingen van behoud worden uitgebeeld door Gods derde jaarlijkse feesttijd — het feest der Eerstelingen, dat in het Nieuwe Testament Pinksteren wordt genoemd. Laten we nu eens gaan kijken naar datgene waarvan het traditionele christendom geen weet heeft — wat de Bijbel openbaart over het feest der Eerstelingen, Gods kerk en de derde belangrijke stap in Gods basisplan voor het behoud van de gehele mensheid.

LES 27

De nieuwtestamentische kerk begon op de Pinksterdag

Jezus zei Zijn discipelen vlak voor Zijn veroordeling en kruisiging: "Ik zal u niet als wezen achterlaten. Ik kom tot u" (Johannes 14:18). Christus zou de apostelen blijven onderwijzen en ondersteunen, maar niet in persoon, want Hij steeg op ten hemel. Hoe zou Hij dus tot hen komen? Door middel van de Heilige Geest.

1. Beloofde Jezus Zijn discipelen dat zij kracht uit de hemel zouden ontvangen? Lucas 24:49. Waar moesten ze — in opdracht van Hem — op deze kracht wachten? Zelfde vers en Handelingen 1:4-5, 8.

2. Op welke wonderbaarlijke manier kwam Gods Geest tot Christus' discipelen? Handelingen 2:1-6. Wat was de naam van de dag waarop dit grote vertoon plaatsvond? Vers 1.

OPMERKING: De Pinksterdag is de derde jaarlijkse feesttijd die aan het oude Israël werd gegeven. De oudtestamentische naam ervan was feest der Eerstelingen, daar het op het noordelijk halfrond direct op de eerste of voorjaarsoogst volgde (Exodus 23:16; 34:22; Numeri 28:26). Het werd ook het Wekenfeest genoemd, daar het zeven weken na de eerste zondag na Pascha viel (Deuteronomium 16:9-10, 16). Daar het ook de vijftigste dag van het voorjaarsoogstseizoen was, noemden de Grieks-sprekende Joden en christenen het pentekoste, dat "vijftigste" betekent.

Pinksteren in 31 n.Chr. markeerde het begin van de door Gods Geest verwekte nieuwtestamentische kerk. Ekklesia, het Griekse woord voor "kerk", betekent een vergadering van "uitgeroepenen". De hele wereld is niet "uitgeroepen" — slechts een heel kleine minderheid is voorbestemd om voor een speciaal doel te worden geroepen. Dit wordt uitgebeeld en in gedachtenis gehouden door de jaarlijkse feesttijd van Pinksteren.

De wereld afgesneden van de Heilige Geest

Waarom roept God mensen tot behoud? Waarom roept God slechts enkelen voordat Hij de overgrote meerderheid roept? Als iemand eenmaal is geroepen en in Gods kerk geplaatst, wat DOET hij of zij dan?

1. Als eerste stap in het voortplanten van Zichzelf schiep God Adam en Eva en gaf hun fundamenteel onderwijs in de juiste manier van leven. Bood God Adam en Eva de gelegenheid Zijn Geest te ontvangen? Genesis 2:8-9, 16-17.

OPMERKING: Adam had sterfelijk leven. De boom des levens vertegenwoordigde eeuwig leven, wat alleen maar uit Gods Geest kan voortkomen. Als Adam van die boom zou hebben gegeten, dan zou hij Gods Geest hebben ontvangen en verwekt zijn als zoon van God. Adam zou voorwaardelijk het onderpand van eeuwig leven hebben ontvangen. Gods Geest zou Adam en Eva in staat hebben gesteld verleidingen te weerstaan, te groeien in rechtvaardig karakter en volmaakt te worden zodat ze uiteindelijk gereed zouden zijn om onvoorwaardelijk uit geest samengesteld eeuwig leven gegeven te worden. Zelfs Jezus moest groeien, leren, overwinnen en volmaakt worden (Lucas 2:40; Hebreeën 5:8; Openbaring 3:21; Hebreeën 2:10).

2. Adam en Eva aten echter niet van de boom des levens. Van welke boom kozen zij te eten? Genesis 3:1-6.

OPMERKING: Ofschoon God hen had gewaarschuwd voor de straf voor het eten van de boom van kennis van goed en kwaad, werd Eva door de sluwe argumenten van Satan overreed om te eten van de vrucht die leidde tot zelfgerichtheid en de dood! Adam at ook vrijwillig van de verboden vrucht.

Of Adam het volledig besefte of niet, op deze manier verloor hij zijn gelegenheid om Satan te overwinnen en hem als heerser van deze wereld te vervangen. In plaats daarvan gehoorzaamde Adam Satan, waardoor hij zich onder Satans bestuur plaatste.

3. Wat was Adams en Eva's straf voor het niet gehoorzamen van God? Genesis 3:16-19. Werd hun de verdere toegang tot de boom des levens ontzegd en werden ze daardoor afgesneden van Gods Geest? Verzen 22-24.

OPMERKING: Nadat Adam ongehoorzaam was, ontzegde God de gehele mensheid de toegang tot Zijn Geest en sneed hen aldus af van behoud! Totdat een zoon van Adam — de Zoon des mensen — Zich zou kwalificeren waar Adam niet slaagde, Satan zou overwinnen, de straf voor de menselijke zonde zou betalen en de wereld zou vrijkopen van haar kidnapper, zou niemand Gods bestuur op aarde kunnen herstellen, en zou niemand behoud gegeven kunnen worden.

Niemand anders dan de Messias kon dit allemaal doen. Het was dus noodzakelijk dat Gods plan zo in elkaar moest zitten dat de mensheid in het algemeen voor die tijd nog niet geoordeeld zou worden. God heeft hun daarom geen toegang gegeven tot Zijn Geest en evenmin tot behoud. Zij zullen hun gelegenheid tot behoud na een speciale opstanding ten oordeel ontvangen. Die zal plaatsvinden nadat Gods bestuur over de gehele aarde is hersteld.

God roept nu slechts enkelen

Het ene grote doel dat nu de boventoon in Gods denken voert, is het herstel van Zijn bestuur op aarde. God heeft een periode van 7000 jaar vastgesteld om Zijn doel te bereiken. De eerste 6000 jaar daarvan heeft Hij de mens ertoe veroordeeld van behoud afgesneden te zijn.

God heeft voor Zijn belangrijkste doel slechts weinigen uitgekozen. Hebreeën 11 noemt Abel, Henoch, Noach, Abraham en anderen. Blijkbaar werd elk van hen geroepen voor een speciale taak die zou bijdragen aan het voorbereiden van de mensheid op behoud. Om hun taak uit te voeren was het nodig dat er een uitzondering werd gemaakt en hun door Gods Geest kracht zou worden verleend.

Het werk dat door de aartsvaders en de profeten werd gedaan, werd het fundament waarop de kerk werd gebouwd (Efeziërs 2:20). En de kerk is op zijn beurt het instrument dat God gebruikt om uiteindelijk Zijn Koninkrijk tot stand te brengen en het herstel van Zijn bestuur over de gehele aarde.

Zelfs het oude Israël werd als geheel nooit Gods Geest aangeboden. Zij ontvingen Gods wetten, maar als natie werd hun doelbewust de toegang tot Gods Geest ontzegd. God gaf door Israël het bewijs dat de mensheid zonder Zijn Geest hulpeloos is. De oude natie Israël wist van het bestaan van God af en kon een beroep op Hem doen, maar zonder Zijn Geest in hen konden de Israëlieten niet de liefde van God in zich hebben en konden ze als gevolg daarvan niet geestelijk rechtvaardig zijn.

Desondanks werden, nadat de natie Israël in twee volken was uiteengevallen, de aparte naties Israël en Juda, door God gebruikt om Zijn plan verder uit te voeren. God zorgde ervoor dat de natie Juda de kennis van Zijn wet en Zijn woord bewaarde, zelfs al hadden ze er geen geestelijk begrip van. Jezus Christus werd in deze natie geboren.

Toen Jezus Christus bijna 2000 jaar geleden op aarde kwam, was dat niet om Gods Koninkrijk op te richten (Johannes 18:36). Christus kwam in die tijd niet om Satan ervan te weerhouden de wereld te misleiden. Laten we begrijpen waarom.

1. Sprak Jezus in gelijkenissen om Zijn bedoeling duidelijk te maken, of om Zijn bedoeling voor het algemene publiek te verbergen? Mattheüs 13:10-15, 34; Marcus 4:11-12. Deed Hij dit omdat voor de meesten de tijd nog niet was aangebroken om hun zonden te vergeven en tot bekering te worden gebracht? Marcus 4:12.

OPMERKING: Christus verkondigde het evangelie van de Vader aan het publiek als een getuigenis. Zij hoorden het, maar begrepen het niet. De enigen van wie Jezus werkelijk wilde dat ze de waarheid zouden begrijpen, waren enkele specifiek geroepen en uitverkozen studenten.

2. Kan iedereen die tot Christus wil komen, Gods Geest ontvangen en daardoor lid worden van Gods kerk? Johannes 6:44, 65.

OPMERKING: In deze periode voordat Christus over de gehele aarde gaat regeren, wordt elke persoon specifiek gekozen. Evenals de profeten voor hen worden deze eerstelingen voor een speciale taak geroepen — een doel dat bijdraagt aan de voorbereiding van de oprichting van Gods Koninkrijk op aarde en het behoud van de overgrote meerderheid! Daarnaast kunnen geen uitzonderingen worden gemaakt — de wereld als geheel moet afgesneden blijven van de toegang tot behoud totdat Christus weerkeert.

Daarom probeert Gods kerk niemand tot bekering te brengen. Slechts God kan dat doen. Gods dienaren zullen niemand smeken of erop aandringen zich te bekeren en zich te laten dopen of Gods kerk te ondersteunen. Maar zij maakt Gods weg eenvoudig te begrijpen voor hen die God roept.

Als God wilde dat iedereen begrip zou hebben, zou iedereen begrip hebben. In plaats daarvan heeft nauwelijks iemand werkelijk begrip. Gods "afstandelijke benadering" die begon in de hof van Eden, zal van kracht blijven tot vlak voor Christus' wederkomst.

3. Hoeveel discipelen waren er na Christus' opstanding? Handelingen 1:15. Werd hun Gods Geest gegeven, waardoor ze de eerste leden werden van Gods kerk? Handelingen 2:1-4; 1 Corinthiërs 12:13.

OPMERKING: Van de duizenden mensen die Christus hadden gehoord, geloofden er ongeveer 120 in Hem. Die 120 mensen waren door Jezus onderwezen. De 3000 die door God later op die dag werden verwekt (Handelingen 2:41) waren uit verschillende delen van de wereld afkomstig (verzen 5, 8-11); zij waren als groep niet door Christus onderwezen. Zij werden nu onderwezen door de apostelen, die waren opgeleid en de opdracht gekregen hadden om te onderwijzen (Mattheüs 28:19-20).

Het aantal christenen bleef groeien en bereikte misschien wel het aantal van ongeveer 100.000. Maar daarna begon — zoals Jezus had geprofeteerd (Johannes 15:20) — de vervolging. De vervolging kwam eerst van de Joden, later van de Romeinen en onechte gemeenteleden (Handelingen 20:29-30; 3 Johannes 9-10). Enkele tientallen jaren later waren er meer onechte gemeenteleden dan echte.

De meeste gemeentes werden uiteindelijk overgenomen door mannen die Christus' onderwijs probeerden te combineren met de traditionele gewoonten. Zij brachten de waarheid in opspraak door christelijk klinkende namen te koppelen aan heidense ideeën. Satan, de god van deze wereld, misleidde velen met een vervalsing die ten onrechte als christendom werd aangeduid.

Echte christenen bleven een kleine minderheid — waarschijnlijk nooit meer dan ongeveer 100.000 — die naar andere gebieden vluchtten als de vervolging te groot werd. Waarom heeft God deze kleine kudde? Wat is het doel ervan?

Kerk: Voorbereiding op Koninkrijk van God

God schiep de mens incompleet — er waren nog dingen nodig om hem te completeren. De mens werd een menselijke geest gegeven, die Gods Geest nodig had. Hij werd sterfelijk gemaakt en had nodig dat hem onsterfelijkheid werd gegeven. Hij werd met een vrije wil geschapen, waarvoor het nodig was karakter te ontwikkelen.

Evenals God niet alles in één keer schept, maar in opeenvolgende fasen, zo brengt Hij de mensheid ook behoud in opeenvolgende fasen. Elke fase is een stap voorwaarts naar het doel van het oprichten van Zijn Koninkrijk en het herstel van Zijn bestuur op aarde.

1. Profeteerde Maleachi dat God een boodschapper zou sturen om de weg voor de Heer voor te bereiden? Maleachi 3:1. Werd deze profetie gedeeltelijk vervuld door Johannes de Doper, die voor de eerste komst van de Heer op het toneel verscheen? Lucas 7:24, 27. Bereidde Johannes de weg door een volk gereed te maken voor Christus? Lucas 1:17.

OPMERKING: Johannes predikte berouw en bekering — gehoorzaamheid aan Gods wet — om de ongehoorzamen zich te doen wenden tot de wijsheid van de rechtvaardigen. Toen Jezus dus begon met Zijn prediking, waren er enkele mensen gereed om te luisteren. Velen van Johannes' discipelen werden later discipelen van Jezus.

2. Zei Christus Zijn discipelen dat Johannes' werk in de geest en kracht van Elia een voorloper was van een andere "Elia" die nog komen moest? Mattheüs 17:11-13. (Let erop dat Jezus zei "zal" — nog toekomst — komen.) Profeteerde Maleachi dat deze "Elia" — Gods boodschapper — zou komen voor de dag des Heren — waarop Christus in macht zal komen om de ongehoorzamen te straffen en in rechtvaardigheid te heersen? Maleachi 3:1-2, 5; 4:5-6.

OPMERKING: Johannes was een voorloper van een boodschapper die God voor Christus' tweede komst in de geest en kracht van Elia zou zenden. Er zou een volk op Christus worden voorbereid door een boodschap over de wederkomst van Christus, het oprichten van Gods Koninkrijk en de noodzaak voor de mensen om zich te bekeren.

3. Op welke manier maakt Gods kerk nu voorbereidingen voor het einde van Satans wereld en het aankondigen van Gods Koninkrijk? Mattheüs 24:3, 14; Marcus 13:10.

OPMERKING: Uit deze verzen blijkt duidelijk dat het ware evangelie zo'n 1900 jaar lang niet aan de wereld werd verkondigd, want het einde is er nog steeds niet. Het ware evangelie werd onderdrukt en, volgens deze profetie van Jezus Christus, was het "evangelie" dat aan de wereld verkondigd werd een ander evangelie, een vervalsing!

Gods kerk bereidt door de verkondiging van Christus' evangelie van het Koninkrijk van God miljoenen mensen voor op Christus' wederkomst. Al besteden de meeste mensen nu weinig aandacht aan de boodschap, ze zullen zich deze herinneren als Christus en de heiligen beginnen te regeren en Satan de misleider aan banden is gelegd. Velen die de boodschap nu niet geloven, zullen desondanks zijn voorbereid om deze te geloven als deze door Christus en Zijn assistenten zal worden onderwezen.

Ook op een andere manier bereidt Gods kerk voor op Gods Koninkrijk. Zij die Christus' evangelie nu geloven, worden voorbereid op een speciale rol als deel van Gods spoedig komende Koninkrijk. Maleachi 3:1 zegt dat de Heer tot Zijn tempel zal komen. Laten we eens bekijken wat dat betekent.

4. Wat is de geestelijke tempel waar Christus bij Zijn tweede komst naar zal terugkeren? 1 Corinthiërs 3:16-17; 6:19; 2 Corinthiërs 6:16; Efeziërs 2:19-21.

OPMERKING: Gods Koninkrijk, bestaande uit hen die Gods Geest in zich hebben, is de geestelijke tempel waar Christus naar toe zal komen. Paulus zei de Efeziërs dat de kerk "goed ineensluitend" moet zijn, moet opwassen en moet worden "medegebouwd". Deze harmonieuze groei kan slechts worden bereikt door Gods bestuur.

5. Heeft God ook dienaren binnen Zijn kerk gekozen en hun de verantwoordelijkheid gegeven de leden te onderwijzen, hun geestelijke voeding te verstrekken? 1 Corinthiërs 1:10; 1 Petrus 5:1-3; Efeziërs 4:11-13.

OPMERKING: De leden van Gods kerk stellen niet hun eigen leerstellingen vast. Als zij dat zouden doen, zou er verwarring ontstaan, want ieder lid bevindt zich op een ander niveau van groei in kennis en karakter. Gods kerk is georganiseerd, spreekt dezelfde dingen en is verenigd door de autoriteit die God Zijn dienaren heeft gegeven. De leerstellingen van Gods kerk komen van God via Jezus Christus door Zijn woord en Zijn inspiratie van de mannen die Hij heeft gekozen om aan Zijn kerk leiding te geven. De Pastor General en zijn staf onderwijzen de lokale pastors, en dezen onderwijzen in harmonie de leden van Gods kerk overal ter wereld.

Het zij benadrukt dat het doel van de kerk niet slechts bestaat uit het brengen van behoud tot de leden van de kerk — het doel is hen te onderwijzen en te trainen om instrumenten te worden die God zal gebruiken om de overgrote meerderheid te behouden.

Kerkleden voorbereiden op Gods Koninkrijk

1. Begreep Paulus dat het volk Israël geestelijk verblind was? Romeinen 10:16, 18, 21. (Al hoorden ze het ware evangelie, toch gaven ze er geen gehoor aan.) Stond God met een bepaald doel toe dat zij verblind waren? Romeinen 11:8, 25, 32.

2. Wist Paulus desondanks dat de Israëlieten in de toekomst een gelegenheid tot behoud zouden krijgen? Romeinen 11:26. Verblindde God de meerderheid van de Israëlieten met een bepaald doel, zodat ze later barmhartigheid zouden kunnen ontvangen — door de barmhartigheid van degenen die als eersten geroepen werden? Vers 31.

OPMERKING: Vers 26 haalt Jesaja 59:20 aan en legt uit wanneer de meeste Israëlieten hun gelegenheid tot behoud zullen hebben — nadat een Verlosser uit Sion zal komen om hen tot bekering van hun goddeloosheid te roepen. De Verlosser uit Sion is Jezus Christus, maar Paulus verwees niet naar Zijn eerste komst, want Israël was in de tijd dat Paulus dit schreef nog steeds verblind.

Geheel Israël zal behouden worden als de Verlosser weerkeert met macht en heerlijkheid om te heersen. En dan, zo schreef Paulus, zullen de Israëlieten hun gelegenheid tot behoud krijgen door de barmhartigheid van de christenen uit de eerste eeuw en hen die door de eeuwen heen in Gods kerk zouden worden geroepen. Als Christus weerkeert zullen alle ware christenen uit de doden opstaan en/of veranderd worden tot onsterfelijkheid om Hem te helpen heersen en de weg tot behoud aan zowel Israëlieten als heidenen te onderwijzen.

3. Zullen veel naties naar Jeruzalem — het hoofdkwartier van Christus' regering — optrekken en vragen in Zijn wegen onderwezen te worden? Micha 4:2. Zal de aarde vervuld worden van de kennis des Heren? Jesaja 11:9.

4. Zullen de uit de Geest geboren kinderen van God behalve heersers ook priesters zijn? Openbaring 1:6; 5:10; 20:6. Wat is de taak van een priester? Maleachi 2:7; Ezechiël 44:23.

OPMERKING: Evenals de priesters van het oude Israël werden aangesteld om Gods wetten te onderwijzen, zullen de uit de Geest geboren leden van Gods Familie leraren zijn van Gods manier van leven en helpen om de kennis van de weg tot behoud aan iedereen uit te dragen. Het behoud voor de gehele mensheid in de wereld van morgen zal komen door het leven en werk van Christus en de uit de Geest geboren heiligen. In zekere zin zullen zij dan, als priesters, medeverlossers zijn met Christus.

Is God oneerlijk om deze posities van leiderschap slechts te geven aan de weinigen die Hij specifiek heeft uitgekozen? Helemaal niet. God heeft niemand tot speciale gunsten geroepen — Hij heeft hen voor een speciaal doel geroepen — om een ontzagwekkende taak uit te voeren. God beloont ons naar onze werken (Mattheüs 16:27). Zij die nu geroepen worden, moeten Satan en zijn maatschappij overwinnen. Dat vereist inspanning, zelfverloochening en wilskracht, een prijs die de meeste mensen niet bereid zijn te betalen.

Voordat Jezus Zich kon kwalificeren om te regeren, moest Hij Satan overwinnen terwijl Satan aan de macht was. Aangezien de kerk met en onder Christus zal regeren, zullen kerkleden ook moeten kwalificeren door weerstand te bieden aan Satan en hem te overwinnen terwijl hij nog steeds aan de macht is (Openbaring 3:21).

Dat zal niet van de overgrote meerderheid worden verlangd. God zal hen tot behoud roepen als de wereld door Christus en de heiligen wordt geregeerd — een tijd waarin het ongetwijfeld gemakkelijker zal zijn om op Gods manier te leven. Het zal gemakkelijker zijn vanwege het voorbereidende werk dat nu door Gods eerstelingen wordt gedaan.

God heeft hun die Hij in Zijn kerk heeft geroepen, Gods Geest en de gelegenheid tot behoud gegeven, zodat ze zich voor hun toekomstige functies zouden kunnen kwalificeren. De heersers en leraren van Gods Koninkrijk wordt noodzakelijkerwijs de gelegenheid tot behoud gegeven voordat dat mogelijk is voor hun toekomstige studenten. De kerk is een noodzakelijk instrument zodat het brengen van behoud aan de gehele mensheid kan worden voorbereid!

De enige reden dat iemand in dit tijdperk tot behoud wordt geroepen, is om zich te kwalificeren om in de wereld van morgen te helpen regeren en onderwijzen — om hen die dan leven te helpen roepen en behouden.

Gods Geest geeft kracht aan Zijn kerk

God heeft Zijn volk een taak gegeven om uit te voeren en Hij geeft hun de kracht om dat te kunnen doen. Gods kerk zou zonder Gods Geest het evangelie niet aan de wereld kunnen verkondigen zoals het in deze tijd wordt gedaan! Evenmin kan Gods volk zich zonder deze goddelijke kracht voorbereiden op zijn toekomstige leiderschapsfuncties.

1. Kon Jezus enig geestelijk werk, inclusief gehoorzaamheid aan God, uitvoeren op basis van niet meer dan Zijn menselijke kracht? Johannes 5:30; 8:28. Waar haalde Hij de nodige kracht vandaan? Laatste deel van Johannes 14:10.

OPMERKING: De Vader "woonde" in Jezus door de Heilige Geest!

2. Beloofde Christus Zijn discipelen dezelfde geestelijke hulp? Johannes 14:16. Wat is de "Trooster"? Vers 26. Leeft Christus, door de Heilige Geest, in deze tijd in Zijn volgelingen? Romeinen 8:9-10; Colossenzen 1:27; 1 Johannes 3:24.

OPMERKING: Jezus Christus ging naar de troon van de Vader in de hemel om Gods Geest naar Zijn discipelen te sturen (Johannes 16:7). Door Gods Geest leefde Christus in hen — niet in persoon, maar in de geest. De hoop op heerlijkheid van echte christenen — onze hoop om deel te gaan uitmaken van Gods luisterrijke Familie — ligt in Christus, onze Verlosser, die door de Heilige Geest in ons leeft.

3. Is het nodig om God te gehoorzamen om de gave van de Heilige Geest te ontvangen? Handelingen 5:32. Gehoorzaamde Jezus God en verwacht Hij dat christenen Hem in deze tijd gehoorzamen? Johannes 15:10. Zijn Christus' geboden precies dezelfde als die van Zijn Vader? Johannes 14:24.

4. Moeten christenen niet alleen Gods Geest hebben, maar zich er ook aan onderwerpen, toelaten dat die Geest hen verandert zodat ze meer op Christus en de Vader gaan lijken? Romeinen 6:13; 8:14; Filippenzen 2:5; 2 Corinthiërs 10:5.

OPMERKING: Gods Heilige Geest geeft Zijn door de Geest verwekte kinderen bovennatuurlijke kracht om hen te helpen op de manier te leven waarop Jezus meer dan 1900 jaar geleden leefde. Door die Geest stelt Christus hen in staat God te gehoorzamen, zonde te overwinnen en tot het einde van dit tijdperk te volharden. Gods Geest is de kracht waardoor Gods eerstelingen nu worden voorbereid op hun taken in Gods Koninkrijk.

Gods Geest is ook de kracht waardoor Gods kerk haar opdracht om Christus' evangelie aan de wereld te verkondigen uitvoert.

5. Door welke kracht werd het werk van God gedaan in de dagen van Gods dienaar Zerubbabel, die de fysieke tempel bouwde (die later werd verfraaid) waar Jezus naar toe kwam? Zacharia 4:6. Welke kracht werd aan Jezus' discipelen gegeven om hen in staat te stellen hun opdracht uit te voeren? Handelingen 1:8. Was dit ook de kracht waardoor Paulus in staat was Christus' evangelie te verkondigen? Romeinen 15:19.

OPMERKING: Het werk van Gods kerk wordt uiteindelijk gedaan door de kracht van de Geest van God! Het Koninkrijk van God wordt in deze tijd in de gehele wereld verkondigd en bekendgemaakt door de inspiratie van de Heilige Geest. De "vruchten" die God in deze tijd door Zijn menselijke instrumenten voortbrengt, zijn dezelfde vruchten die Zijn Geest door de menselijke Jezus en het gemeenschappelijk "Lichaam van Christus" in de tijd der apostelen voortbracht!

6. Zei Christus dat Zijn dienaren zelfs grotere werken zouden doen dan die Hij deed terwijl Hij op aarde was? Johannes 14:12. Welk werk zou de kerk doen ter voorbereiding op het einde van dit tijdperk en de wederkomst van Christus? Mattheüs 24:14; Marcus 13:10.

OPMERKING: Op dit moment wordt de goddelijke opdracht om het evangelie van het Koninkrijk van God als een getuigenis aan alle naties te verkondigen op indrukwekkende wijze uitgevoerd. Gods kerk bereikt in deze tijd veel meer mensen dan Jezus ooit in staat was te voet te bereiken.

Met de moderne technologie uit deze tijd kan Gods kerk miljoenen mensen bereiken via televisie, radio, satelliet, de drukpers en andere massacommunicatiemiddelen.

Deze voorzieningen stellen de kerk in staat een enorm veel groter werk te doen dan de apostelen in de eerste eeuw. Deze voorzieningen kosten echter ook meer geld. Zonder de tienden en offeranden van de leden zou de opdracht van de kerk niet kunnen worden uitgevoerd!

God had engelen kunnen zenden om Zijn evangelie te verkondigen. In plaats daarvan gebruikt Hij mensen, omdat zij door het werk te ondersteunen worden getraind! En zij kunnen niet worden getraind zonder deel te nemen en te ondersteunen!

Het zou voor God heel gemakkelijk zijn om op wonderbaarlijke wijze in geld te voorzien. In plaats daarvan gebruikt Hij mensen om in die ondersteuning te voorzien. Tienden en offeranden maken God op geen enkele manier rijker. Hij heeft Zijn volk bevolen Zijn kerk voor eigen bestwil te ondersteunen. Zij groeien in geestelijk karakter, ze worden beter voorbereid om te heersen, deels door hun ondersteuning — financiële bijdrage, arbeid, bemoediging of gebed — van het werk dat wordt gedaan!

Iedere christen die geestelijk groeit, heeft zijn hart volledig in het werk dat God Zijn kerk ter uitvoering gegeven heeft. Onze "werken" omvatten ons aandeel in het ondersteunen van het werk dat God Zijn kerk inspireert te doen — het als een getuigenis aan de gehele wereld verkondigen van het evangelie van het Koninkrijk van God. Gods door de Geest verwekte kinderen zijn Zijn instrumenten om Zijn grote opdracht aan Zijn kerk in de eindtijd uit te voeren!

De groei van het geestelijke karakter van de leden en het werk van de kerk zijn niet van elkaar te scheiden. Als een lid het werk niet langer ondersteunt, zal dat lid niet langer groeien. Maar als de leden de kerk ondersteunen, zullen ze ook geestelijk groeien! En naarmate ze God behagen, zal Hij de effectiviteit van het werk zegenen en vergroten!

Waarom de naam feest der Eerstelingen?

Tot hiertoe hebben we in deze les slechts kort verwezen naar het feest der Eerstelingen — toch houdt wat we hebben bestudeerd rechtstreeks verband met de betekenis van deze feesttijd! Begrip van Gods plan van behoud en in het bijzonder de rol van de kerk in Gods basisplan is van essentieel belang om de betekenis van Gods derde jaarlijkse heilige dag te begrijpen. Waarom? Omdat de Pinksterdag de eerstelingen uitbeeldt die behoud krijgen, en de taak die ze nu uitvoeren, waartoe ze door Gods Geest in staat worden gesteld!

God stelde Zijn jaarlijkse feesttijden en heilige dagen in in samenhang met de twee jaarlijkse landbouwoogsten in het land Palestina. Het Pascha en het feest van Ongezuurde Broden komen aan het begin van de voorjaarsgraanoogst, het feest der Eerstelingen of Pinksteren komt aan het einde van die oogst. De najaarsfeesttijden worden geassocieerd met de grote fruitoogst van de zomer en het vroege najaar.

Maar God is het meest bezig met de geestelijke oogst! De geestelijke oogsten zijn gemodelleerd naar de fysieke oogsten — eerst een kleine oogst, daarna een grote oogst.

De voorjaarsfeesten illustreren jaarlijks aan Gods kerk dat degenen die Hij in deze tijd in Zijn kerk roept, de "eerstelingen" zijn — de eerste groep aan wie Gods Geest gegeven wordt en wie behoud wordt aangeboden — het relatief kleine begin van Zijn geestelijke oogst.

1. Wat waren Gods instructies betreffende het feest der Eerstelingen? Leviticus 23:15-17, 20. Was dit feest een jaarlijkse sabbat waarop het volk moest bijeenkomen? Vers 21.

2. Hoe lang moet het feest der Eerstelingen — Pinksteren — door Gods volk jaarlijks worden gehouden? Leviticus 23:14, 21. Wisten Christus' discipelen dat zij de Pinksterdag moesten houden? Handelingen 2:1; 20:16; 1 Corinthiërs 16:8.

OPMERKING: Jezus schafte Pinksteren of enige andere jaarlijkse heilige dag niet af. In tegendeel, Christus zei Zijn discipelen in Jeruzalem te blijven zodat zij op die heilige dag Gods Geest zouden ontvangen. Als de discipelen Gods heilige dagen niet zouden hebben gehouden, zouden ze daar niet zijn geweest om Gods Geest te ontvangen! En lang na Christus' dood hield Paulus, de apostel der heidenen, het Pinksterfeest met heidense bekeerlingen.

De Encyclopedia Britannica heeft het volgende te zeggen over het houden van Pinksteren door de nieuwtestamentische kerk: "Het joodse feest was voornamelijk een dankzegging voor de eerstelingen van de tarweoogst, maar de rabbi's brachten het in verband met de herdenking dat God Mozes de wet voor de Hebreeën op de berg Sinaï gegeven had. De omzetting van het joodse feest door de kerk naar een christelijk feest hing dus samen met het geloof dat de gave van de Heilige Geest aan de volgelingen van Jezus, de eerste gave was van een nieuwe dispensatie die volgde op de oude dispensatie en deze verving ..." (artikel "Pinksteren", 15e editie).

3. Welke bijzondere offerande brachten de oudtestamentische priesters op de Pinksterdag? Leviticus 23:17. Typeert de zuurdesem in deze broden zonde? 1 Corinthiërs 5:7.

OPMERKING: Daar het feest der Eerstelingen een oogstfeest was, werd er een eindproduct, gebakken broden, in plaats van niet gebakken meel, bewogen om door God te worden geaccepteerd. De zuurdesem in de broden vertegenwoordigde het feit dat het leven van Gods geestelijke eerstelingen doortrokken was van zonde. (Natuurlijk moesten ze zich van zonde bekeren en door Christus worden gereinigd om voor God aanvaardbaar te zijn.) Er waren twee broden — het ene vertegenwoordigde de aartsvaders, de richters, profeten en koningen die God in de oudtestamentische periode had geroepen en het andere vertegenwoordigde de echte christenen van de nieuwtestamentische kerk.

Pinksteren of Eerstelingen beeldt Gods eerste geestelijke oogst uit — sterfelijke mensen die worden veranderd in uit geest samengestelde goddelijke Wezens! Gods kerk zal die eerstgeboren oogst zijn (Hebreeën 12:23) en bij Christus wederkomst in Gods Familie geboren worden.

4. Zijn door de Geest verwekte christenen de eerstelingen van Gods basisplan van behoud? Jacobus 1:18. Hebben christenen in deze tijd de eerste gave van Gods Geest? Romeinen 8:23. Worden christenen in de Bijbel ook specifiek eerstelingen genoemd? Romeinen 16:5; 1 Corinthiërs 16:15; Openbaring 14:4.

OPMERKING: De 144.000 van Openbaring 14:1-5 zijn niet de enige eerstelingen (in de Griekse tekst staat "eerstelingen", niet "de eerstelingen"). Allen die deel zullen uitmaken van Gods eerste geestelijke oogst, de eerste opstanding, zijn eerstelingen. Dit omvat de profeten van het Oude Testament en alle ware christenen.

5. Waardoor wordt gedefinieerd of iemand lid is van Gods kerk en deel uitmaakt van de geestelijke eerstelingen? Romeinen 8:9, 11, 16; 1 Corinthiërs 12:12-14. Hadden de aartsvaders en de profeten in het Oude Testament Gods Geest? 1 Petrus 1:10-11. Maar wanneer gaf God Zijn Geest voor de eerste keer aan een grote groep? Handelingen 2:1-4. Markeerde de Pinksterdag dus het begin van de nieuwtestamentische kerk? Verzen 1, 41, 47.

OPMERKING: Op de Pinksterdag, 31 n.Chr., zond God Zijn Geest om met Zijn kerk van start te gaan — om de eerstelingen die Hij in Zijn kerk zou gaan roepen te verwekken en kracht te geven; dezen werden symbolisch vertegenwoordigd door één van de "beweegbroden". Het nieuwtestamentische feest Pinksteren is nu een herdenkingsplechtigheid waarbij de oprichting van de nieuwtestamentische kerk van God door het ontvangen van de Heilige Geest wordt herdacht.

Gods kerk houdt het feest der Eerstelingen als een jaarlijkse herdenking van deze stap in Gods basisplan. Gods volk van deze tijd zijn slechts de eerstelingen — de kleine eerste groep die door Christus behoud krijgt aangeboden. De wereld is, met uitzondering van de enkele geroepenen, afgesneden van God — nog niet tot behoud geroepen — niet behouden, maar ook niet verloren — nog niet geoordeeld. Maar de leden van Gods kerk WORDEN geoordeeld (1 Petrus 4:17) — geoordeeld op hoe goed zij zich op Gods Koninkrijk voorbereiden.

De Pinksterdag beeldt uit dat de kerk wordt geroepen en getraind voor de speciale missie van voorbereiding op de tijd dat God behoud voor de wereld zal openstellen, de tijd waarin zij koningen en leraren zullen zijn, medeheersers en medeverlossers met en onder Christus, hun Echtgenoot!

Christus — de eerste van de eerstelingen

Het feest der Eerstelingen beeldt Gods eerstelingen uit — allen die bij de eerste opstanding in Gods Familie geboren zullen worden — de eerste groep mensen die door God geoogst zal worden en schitterend, machtig, onsterfelijk leven gegeven zal worden.

Maar één mens is reeds uit God geboren — meer dan 1950 jaar voor de eerste opstanding is Hij de eerste van de eerstelingen, en Hij werd in oudtestamentische rituelen uitgebeeld in een symbolische ceremonie tijdens het feest van Ongezuurde Broden, 50 dagen voor het feest der Eerstelingen. De betekenis van deze ceremonie is belangrijk, zelfs al wordt hij niet langer uitgevoerd daar het oudtestamentische priesterschap niet langer nodig is.

1. Moest het eerste deel van de voorjaarsoogst voor God bewogen worden om door Hem te worden aanvaard? Leviticus 23:10-11.

OPMERKING: Daar de meeste moderne vertalingen het woord "garf" gebruiken, is de traditionele naam voor dit beweegoffer "garfoffer" geweest. Echter de priester bewoog geen garf.

Het woord "garf" is de vertaling van het Hebreeuwse woord omer, wat duidt op een maat van ongeveer twee liter. De Joden oogstten traditioneel een garf, sloegen er het graan uit en maalden dan het eerste van de eerstelingen tot meel en boden een omer van dat meel aan. (Zie de Jewish Encyclopedia, artikel "Omer".)

Sommige moderne vertalingen van de Bijbel hebben de passage waarin dit beweegoffer wordt beschreven, ten onrechte voorzien van een kopje "het feest der Eerstelingen". Kopjes maken geen deel uit van de oorspronkelijke tekst; zij zijn niet geïnspireerd. Het beweegoffer was geen "feest", het was niet meer dan een ceremonie waarbij voornamelijk de priesters betrokken waren. Het verschil is duidelijk als we naar de oorspronkelijke Hebreeuwse woorden kijken.

Zoals we eerder in deze les leerden, is het feest der Eerstelingen een andere naam voor het Wekenfeest of Pinksteren. In de verzen die naar het feest der Eerstelingen verwijzen (Exodus 23:16; 34:22; Leviticus 23:17, 20; Numeri 28:26), is "eerstelingen" de vertaling van het woord bikkuwr. Dat woord verwijst naar de opbrengst van de gehele voorjaarsoogst.

De eerstelingen waarnaar in Leviticus 23:10-11 wordt verwezen zijn reshiyth, misschien beter te vertalen met "eerste der eerstelingen". Dit was de allereerste voorjaarsoogst tijdens het feest van Ongezuurde Broden.

2. Op welke dag werd het beweegoffer van de eerste der eerstelingen gebracht? Leviticus 23:11.

OPMERKING: De Farizeeën interpreteerden "daags na de sabbat" als de dag volgend op de eerste jaarlijkse sabbat van het feest van Ongezuurde Broden. De Sadduceeën, die voornamelijk uit priesters bestonden, zeiden dat het beweegoffer gebracht moest worden op de dag na een wekelijkse sabbat, dus altijd op zondag. De juiste dag wordt duidelijk als we de context nader bekijken.

3. Moeten we voor de datum van het Wekenfeest gaan tellen vanaf de dag waarop de eerste van de eerstelingen werd geofferd? Leviticus 23:14-16; Deuteronomium 16:9-10.

OPMERKING: Volgens de manier van redeneren van het rabbijnse Judaïsme valt Pinksteren op de 6e dag van de derde maand.

4. De offerande van de eerste der eerstelingen markeerde het begin van de eerste oogst van elk jaar. Laten we nu eens kijken naar de manier waarop Jezus Christus, de eerste van Gods geestelijke oogst, de geestelijke vervulling van die offerande werd. Wie was de eerste die vanuit de doden werd opgewekt in Gods Familie? Handelingen 26:23. Was Hij daarom de eerste van de eerstelingen van Gods geestelijke oogst? 1 Corinthiërs 15:20, 23; Colossenzen 1:13-15, 18.

OPMERKING: Allen die bij de eerste opstanding in Gods Familie geboren zullen worden, zullen eerstelingen zijn, de opbrengst van Gods eerste geestelijke oogst. Zij worden uitgebeeld door het feest der Eerstelingen. Christus, die bij Zijn opstanding meer dan 1900 jaar geleden een geboren Zoon van God werd (Romeinen 1:4), was de eerste van de eerstelingen, uitgebeeld door de ceremonie van de eerste der eerstelingen — 50 dagen voor Pinksteren.

5. Moest Christus, nadat Hij uit de doden was opgewekt, opvaren naar Zijn Vader in de hemel? Johannes 20:17. Konden Zijn discipelen Hem op dezelfde dag, nadat Hij naar de aarde was teruggekeerd, aanraken? Lees Mattheüs 28:1-10, in het bijzonder vers 9, en Johannes 20:19, 27. Op welke dag van de week was dat? Eerste deel van Johannes 20:19.

OPMERKING: Vroeg op zondagmorgen tijdens het feest van Ongezuurde Broden wilde Christus niet dat iemand Hem aanraakte, omdat Hij nog niet naar Zijn Vader was opgevaren. Maar later op diezelfde dag stond Christus toe dat Zijn discipelen Hem aanraakten. Dit laat duidelijk zien dat Christus ten hemel opvoer en door Zijn Vader werd aanvaard als de geestelijke "eerste der eerstelingen", op dezelfde dag dat de levitische priesters geboden werd de eerste van de eerstelingen te offeren om door God te worden aanvaard!

Christus vervulde daarom de symboliek van de eerste der eerstelingen op de morgen na de wekelijkse sabbat — niet op een jaarlijkse sabbat. Als door de woorden "de sabbat" in Leviticus 23:11 de eerste jaarlijkse sabbat zou zijn bedoeld, dan zou de garf of de omer in 31 n.Chr. op vrijdag zijn bewogen. Maar op vrijdag was de Messias dood en begraven in een verzegeld graf. De uitleg van het rabbijnse Judaïsme van Leviticus 23:11 is dus niet juist.

Christus' opstanding of oogst was nodig voordat er ook maar iets meer van de overblijvende geestelijke oogst geoogst kon worden (zie Leviticus 23:14 voor deze waarheid in de symboliek).

Let nu ook op hoe Pinksteren werd afgeteld.

6. Hoe moeten de autoriteiten in de kerk de dagen voor Pinksteren tellen? Leviticus 23:15-16.

OPMERKING: De Hebreeuwse bewoording in Leviticus 23:15-16 betekent "te beginnen met" het startpunt. Het Engelse woord "from" is misleidend en zou ons doen tellen te beginnen met de eerste dag na het startpunt. De New American Bible (1970) maakt de juiste methode van tellen heel duidelijk: "Te beginnen met de dag na de sabbat, de dag waarop u de garf van het beweegoffer brengt, zult u zeven volle weken tellen en dan op de dag na de zevende week, de vijftigste dag ..." zult u het feest der Eerstelingen vieren (Leviticus 23:15-16).

De dag van het beweegoffer, de zondag na de sabbat tijdens het feest van Ongezuurde Broden, was dag nummer één. Dag nummer zeven is dan de volgende wekelijkse sabbat. Dag nummer 49 is dan de zevende sabbat en de 50e dag valt op zondag, "de dag na de zevende week" of "sabbat", zoals er in het oorspronkelijke Hebreeuws staat en de Authorized Version het heeft vertaald. Een meer gedetailleerd bewijs hoe de Pinksterdag te tellen is te vinden in onze gratis overdruk van het artikel "Hoe de Pinksterdag uit te rekenen".

De juiste data voor Pinksteren voor de eerstkomende jaren worden vermeld in het artikel "Gods heilige kalender". Op verzoek wordt dit u gratis toegestuurd.

Het Nieuwe Verbond — de voltooiing van de eerste oogst!

Het Sinaïtische verbond, dat door christenen gewoonlijk het "Oude Verbond" wordt genoemd, was een huwelijksverbond tussen Israël en de Logos, de Woordvoerder van de Godfamilie. De tien geboden vormden de basis van dat verbond. Israël had er in toegestemd deze te gehoorzamen zoals een vrouw haar man gehoorzaamt. Volgens de Joodse traditie werden de tien geboden op de Pinksterdag gegeven. Maar de Heilige Geest werd toen niet aan de natie gegeven. De Heilige Geest kwam pas na een ander Pinksteren (Handelingen 2) voor de nieuwtestamentische kerk. Het Sinaïtische verbond was niet langer van kracht toen de Logos, Christus, werd gedood. We kijken nu uit naar een nieuw verbond.

1. Heeft de Heer beloofd een nieuw huwelijksverbond te sluiten met Zijn volk? Jeremia 31:31-34.

OPMERKING: De zwakte van het Sinaïtische verbond lag niet in zijn wetten, maar in het volk (Hebreeën 8:8). Zij waren niet in staat de wet te houden omdat zij de Heilige Geest niet hadden.

2. Wat zal de Heer doen onder de voorwaarden van het voorgestelde Nieuwe Verbond? Ezechiël 11:19-20; 36:26-27; 2 Corinthiërs 3:3.

OPMERKING: Het Nieuwe Verbond zal niet met sterfelijke wezens die hun belofte niet kunnen nakomen, worden gesloten — het zal slechts worden gesloten met onsterfelijke, geestelijke wezens die door hun leven bewezen hebben dat ze bereid zijn hun toekomstige Man te gehoorzamen, de "Heer" van de Hebreeuwse Bijbel die door menselijke geboorte de Jezus van het Griekse Nieuwe Testament werd.

Al is het Nieuwe Verbond reeds voorgelegd en overwinnen christenen in deze tijd door de kracht van de Heilige Geest de zonde en leven zij door die kracht in overeenstemming met de wetten van dat verbond, toch zal het pas na de eerste opstanding worden gesloten. Pas dan zullen Gods kinderen Gods Geest volledig ontvangen om hen in staat te stellen alle zonde volkomen te weerstaan.

3. Zijn door de Geest verwekte christenen nu verloofd of in ondertrouw met Christus? Romeinen 7:4; 2 Corinthiërs 11:2. Wanneer zal het huwelijk — de ratificatie van het Nieuwe Verbond — worden voltrokken? Openbaring 19:6-9.

OPMERKING: God kerk zal de bruid van Christus zijn. Christus, de boodschapper van het verbond (Maleachi 3:1), zal tot Zijn geestelijke tempel komen en het Nieuwe Verbond sluiten — een huwelijksovereenkomst. Gods wet zal zo volledig in hun harten worden geschreven dat ze volmaakt en rechtvaardig zullen zijn en in staat om Christus volmaakt bij te staan in het heersen, onderwijzen en toepassen van Gods wet.

De uit de Geest geboren kerk zal Christus' vrouw van het Nieuwe Verbond worden en dat goddelijke huwelijk zal kinderen voortbrengen. Christus en zijn uit de Geest geboren bruid zullen een heersend en onderwijzend team vormen. Door hen zal God behoud openstellen voor iedereen, waardoor er uiteindelijk nog vele miljarden uit de Geest geboren kinderen van God zullen worden voortgebracht. Meer daarover in toekomstige lessen.

Let op dat in Openbaring 19:7 staat dat de kerk "zich zal hebben gereed gemaakt". Elk lid van Gods kerk moet groeien in rechtvaardig karakter en voorbereid worden — gereed gemaakt worden — om Christus te helpen regeren en onderwijzen. Jezus' gelijkenis over de wijze en dwaze maagden (Mattheüs 25:1-13) laat zien dat sommigen die denken dat ze voor het huwelijk van het Nieuwe Verbond zijn voorbereid, buitengesloten zullen worden.

Als de kerk gereed is, zowel in aantallen als in karakter, en de wereld voldoende is gewaarschuwd, zal Christus terugkeren. Onze volgende les openbaart de opwindende details van de gebeurtenissen die uitmonden in Christus' wederkomst!

Deze "historische" lessen worden u in deze vorm als dienstverlening gratis ter beschikking gesteld door de Kerk van de Grote God.

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)