Christen zijn is een levenswijze

Ambassador College Bijbelcursus Les 12
1980

Inderdaad is christen zijn een levenswijze. Dit feit wordt in heel de bijbel duidelijk bevestigd. Maar wat is het precies voor een levenswijze en hoe kan men er een succes van maken?

Het boek Handelingen boekstaaft de geschiedenis van de jonge nieuwtestamentische Kerk van God. Het stipt in de kortste bewoordingen de hoogtepunten aan van de grootste gebeurtenissen. Lukas, de schrijver ervan, bevestigt het feit dat leven als christen leven op een bepaalde manier is — het doen van bepaalde dingen — leven volgens bepaalde normen.

Apollos was een christen in de jonge Kerk die bijzonder goed kon spreken en uitstekend onderlegd was in de oudtestamentische geschriften. Hij preekte vrijuit, maar hem ontbrak nog een volledige kennis — hij was niet helemaal op de hoogte. Het was de taak van een toegewijd echtpaar in Gods Kerk het ontbrekende aan te vullen.

U vindt het verhaal in Handelingen 18:26: "En toen Priscilla en Aquila hem hoorden, namen zij hem tot zich en legden hem de weg Gods nauwkeuriger uit" (N. Vert.). Een echte christen zijn is volgens de bijbel dus een "weg" — Gods weg.

Geworteld in het Oude Testament

Vorsten, staatshoofden en regeringsfunctionarissen in de dagen van Paulus zagen het christen zijn als een bepaald levenspatroon. Toen Paulus onder huisarrest was, verdedigde hij zijn levenswijze — de christelijke weg — voor de stadhouder van Judea. De reactie van Felix op het relaas van Paulus was: "Maar Felix, die zeer goed van de weg op de hoogte was, verdaagde hun zaak ..." (Handelingen 24:22, N. Vert.).

Eerder had Paulus al tegenover Felix verklaard: "Maar dit erken ik voor u, dat ik naar die weg, die zij een sekte noemen, inderdaad de God der vaderen vereer, gelovende al hetgeen in de wet en in de profeten geschreven staat" (vers 14, id.).

Een essentieel punt is dat de christelijke levenswijze geworteld is in het Oude Testament. Zij is gegrondvest op zowel de tien geboden als op andere wetten van God die gebaseerd zijn op principes van de "fundamentele tien". Hoewel verre van ontbloot van genoegens, is Gods weg bepaald niet een nihilistische, libertijnse levensbeschouwing wat betreft de conventionele jacht naar vermaak.

Gods levenswijze is een praktische en zinvolle manier van leven op gebieden als het succesvol beheren van uw financiën, het opbouwen en verdiepen van uw huwelijk en zelfs het bewaren van uw gezondheid. Eenvoudig uitgedrukt: Gods wet is de weg tot alle goede dingen in het leven — tot vrede, geluk en uiteindelijk tot een eeuwig leven van bevrediging.

Gods geboden het richtsnoer

De apostel Jakobus noemt de tien geboden "de koninklijke wet" en "de wet der vrijheid" (Jakobus 2:8-12). Dit omdat zij degenen die zich eraan houden, bevrijden uit de slavernij van de schadelijke wegen der wereld.

De tien geboden laten ook duidelijk de grote liefde van God voor Zijn mensenkinderen zien. Ze zijn een weerspiegeling van het volmaakte karakter dat God heeft en dat kan worden samengevat in het woord liefde, want "God is liefde" (1 Johannes 4:16).

Johannes die vaak de "apostel der liefde" wordt genoemd, schreef: "Want dit is de liefde Gods, dat wij Zijn geboden bewaren; en Zijn geboden zijn niet zwaar" (1 Johannes 5:3).

Voor Zijn kruisiging zei Jezus Christus tot Zijn discipelen: "Indien gij Mijn geboden bewaart, zo zult gij in Mijn liefde blijven; gelijk Ik de geboden Mijns Vaders bewaard heb, en blijf in Zijn liefde (Johannes 15:10). Gods liefde en Zijn wet gaan hand aan hand. Ze staan niet tegenover elkaar zoals sommigen ten onrechte geloven. Jezus verklaarde duidelijk: "Indien gij Mij liefhebt, zo bewaart Mijn geboden" (Johannes 14:15).

Het toetsgebod

De meeste mensen die belijden christen te zijn, houden zich tot op zekere hoogte wel aan de tien geboden, maar het vierde gebod is nooit populair geweest bij de kerken van deze wereld.

Slechts weinig mensen beseffen dat het vieren van de sabbatdag een van de allerbelangrijkste kenmerken is waaraan men een echte christen — iemand die het voorbeeld van Christus volgt — herkent. De bijbel laat zien dat het vierde gebod het toetsgebod is. De christen die de sabbat houdt, betekent voor God iemand die het leven volgens Zijn Woord ernstig neemt.

In voorgaande lessen zagen we dat God een christen omschrijft als iemand die Hij heeft verwekt door Zijn heilige Geest (Romeinen 8:9-11). In een geladen toespraak niet lang na die gedenkwaardige Pinksterdag (Handelingen 2) wees Petrus op iets van het hoogste belang omtrent het ontvangen van Gods Geest. Zie Handelingen 5:32: "En van deze dingen [dat Christus de Verlosser is] zijn wij getuigen, alsmede de heilige Geest, die God gegeven heeft aan hen die Hem gehoorzaam zijn" (Leidse vert.).

God let op een gewillige en gehoorzame houding in zijn toekomstige kinderen. Hij inspireerde Jesaja te schrijven: "... maar op deze zal Ik zien, op de arme en verslagene van geest, en die voor Mijn woord beeft" (Jesaja 66:2). Een christen zal daarom aan het vierde gebod willen gehoorzamen.

Het houden van de sabbat vereist soms veel geloof van iemand die God wil gehoorzamen. Het is niet altijd gemakkelijk tegen de stroom van 's werelds waarden en gezichtspunten op te zwemmen. Maar zij die de moed en het geloof hebben de zevende dag, de sabbat te houden, zullen veel zegeningen ervaren.

Bijzondere feesttijden

Evenals het zevende gebod tegen echtbreuk in principe ook een verbod van alle vormen van onwettig seksueel gedrag inhoudt, zo omvat het vierde gebod in bredere zin ook andere bijzondere, door God ingestelde dagen die aan Israël gegeven werden toen in de woestijn de oudtestamentische Kerk begon. Precies zoals de wekelijkse sabbat voor God heilige tijd is, zo zijn de zeven jaarlijkse sabbatdagen ook heilig voor God — en wel om een zeer goede reden.

De sabbat op de zevende dag ziet als gedenkdag terug op het feit dat God Schepper, Heerser en Instandhouder is en tegelijkertijd ziet deze dag uit naar de komende heerschappij van Christus in het duizendjarig rijk wanneer de mensheid zal "rusten" van oorlogen en alle gevolgen vandien. Die dag openbaart ook dat God een geweldige bedoeling met heel de mensheid heeft.

De zeven jaarlijkse sabbatten of feesttijden geven stap voor stap een overzicht van de uitvoering van dat plan voor de mens. De reden waarom de volle en geweldige mogelijkheden van de mens niet worden begrepen door de christelijke wereld is dat de meeste kerken juist die dagen hebben veronachtzaamd die God heilig heeft verklaard.

Een weinig bekende financiële wet

De wekelijkse sabbat en elk van de jaarlijkse sabbatten zijn bijzondere tijden bestemd voor lichamelijke rust en geestelijke verering van God. In zekere zin geven we die perioden van tijd aan God terug. Naarmate we dit in praktijk brengen zullen we, behalve dat we op deze dagen fysiek en geestelijk verfrist en vernieuwd worden, ook beloond worden met meer begrip van Gods levenswijze.

In dezelfde zin verlangt God dat Zijn kinderen een deel van hun inkomen teruggeven om te worden gebruikt voor Zijn doel op aarde. Hoewel het God de Schepper niet ontbreekt aan stoffelijke hulpbronnen, heeft Hij Zijn Werk onder mensen altijd door mensen laten uitvoeren. Ook in onze tijd verlangt God dat christenen samen met Hem een actieve rol spelen bij de verspreiding van de kennis over Zijn levenswijze door te helpen in de financiering van Zijn Werk op aarde.

Lang geleden, al tijdens Abrahams leven, gebruikte God het tiendsysteem voor ondersteuning van Zijn Werk in die tijd. Zijn Kerk in de 20e eeuw maakt gebruik van precies dezelfde methode om het Werk van Zijn evangelieprediking aan de wereld uit te voeren.

De handeling van tiendbetalen geeft ons de gelegenheid onze erkenning uit te drukken van Gods soevereiniteit en heerschappij over heel de aarde en over een ieder van ons als individu. Het is een teken van onze bereidwilligheid en instemming met het eerste en grote gebod — de ware God en Hem alleen te eren. En evenals met het houden van de wekelijkse en jaarlijkse sabbatdagen, oogst de man of vrouw die Gods financiële wet van tiendbetaling vervult, onvermijdelijk de stoffelijke en geestelijke zegeningen beloofd in Zijn Woord.

Gehoorzaamheid en overwinning

Hoewel de echte christen ernaar streeft al Gods geboden te gehoorzamen, weet hij dat hij er niet tot in alle volmaaktheid aan kan gehoorzamen. Hij ontdekt al gauw dat hij nog behept is met steeds terugkerende zonden en slechte gewoonten die niet zo makkelijk zijn af te schudden.

Het christelijke leven zoals in de bijbel geopenbaard, is een leven van overwinnen en geestelijk naar het doel van de geestelijke volwassenheid die Christus had, toegroeien. Door onze studie hebben we gezien dat die uiteindelijke verandering in onsterfelijke geestelijke volmaaktheid zal plaatsvinden bij de opstanding der doden in Christus. Intussen verwacht God van christenen die door Zijn Geest zijn verwekt dat ze steeds meer het karakter van Christus in zich ontwikkelen, terwijl ze leren Zijn levenswijze te volgen.

Het is echter onmogelijk uit louter menselijke kracht zonde te overwinnen. Dat moet samen met God volbracht worden, door het geloof van Christus zelf, door een gave van God, Zijn heilige Geest, die Hij ons belooft te geven na bekering en doop.

Als christenen zullen we door verzoekingen soms weer geestelijk struikelen en zondigen, maar onze liefhebbende en barmhartige Vader in de hemel is steeds bereid te vergeven en ons weer op het goede pad van overwinnen en groeien te helpen als wij onze zonden belijden en Hem om vergeving vragen.

Wat is Gods weg heerlijk, bemoedigend en lonend als we er begrip voor krijgen.

Laten we nu de belangrijke details over waar het bij de christelijke levenswijze om gaat eens nader bekijken.

LES 12

Wat is een echte christen?

Ja, wat is een echte christen eigenlijk? Zou u er een bijbelse omschrijving van kunnen geven? Niet velen hebben de bijbel erop nageslagen om te weten te komen wat God van hen verlangt. Nog minder mensen weten waar de christelijke levenswijze om draait.

Jezus gaf ons de eigenlijke grondslag van echte christelijkheid in wat algemeen de "bergrede" wordt genoemd (Mattheüs 5-7). Deze bergrede begon eigenlijk als een privé-les aan Zijn discipelen (leerlingen). Jezus wees daarbij op de kenmerken, vaak zaligsprekingen genoemd, waardoor Zijn ware volgelingen duidelijk te identificeren zouden zijn.

Voordat we aan Mattheüs 5 beginnen en onze aandacht op een paar specifieke aspecten van bijbelse christelijkheid vestigen, raden wij u aan eerst alle drie de hoofdstukken, 5, 6 en 7, door te lezen.

1. Wat komt volgens Jezus de armen van geest toe? Mattheüs 5:3. Bedoelde Hij met "armen van geest" mensen die het aan de Geest van God zou ontbreken? Romeinen 8:9; Lukas 11:13.

OPMERKING: Nee, Jezus geeft hier niet te kennen dat het hen aan Gods Geest moet ontbreken, zoals dat in de gelijkenis van Mattheüs 25 het geval was met de vijf dwaze maagden. Integendeel, Hij wilde ermee zeggen dat zij die waarlijk nederig van hart zijn zalig gesproken worden en zeker in Gods Koninkrijk zullen komen.

2. Wat zullen de zachtmoedigen beërven? Mattheüs 5:5. Was Jezus zachtmoedig? Mattheüs 11:29. Zal een christen in zijn dagelijks leven het kenmerk van zachtmoedigheid aan de dag leggen? Efeziërs 4:12.

OPMERKING: Er is verschil tussen zachtmoedig en zwak zijn. Jezus was zachtmoedig, maar niet zwak. Hij verdroeg smaad en verwonding met geduld en zonder haatgevoelens. Hij probeerde niet met opzet discussies en moeilijkheden te veroorzaken.

Een zachtmoedig persoon zal zichzelf niet trachten te rechtvaardigen; vooral niet als hij fout zit. Ook voelt hij zich niet boven anderen verheven. Hij wil anderen niet met gelijke munt betalen of wraak op hen nemen.

3. Waarnaar dorst een ware volgeling van Christus? Mattheüs 5:6. Hoe luidt de bijbelse definitie van gerechtigheid? Psalm 119:172. Kwam Jezus om Gods geboden op te heffen of om ze te bevestigen? Mattheüs 5:17-19.

OPMERKING: Te hongeren en dorsten naar gerechtigheid is ernaar verlangen en sterk gemotiveerd zijn God te gehoorzamen en Zijn wetten die ons in liefderijke zorg zijn gegeven voor ons bestwil, te onderhouden.

Zij die oprecht hongeren en dorsten naar gerechtigheid, zullen hun best doen een goed inzicht te verkrijgen en zullen bereid zijn te veranderen wanneer ze zien dat ze verkeerd geleefd hebben. Ze zullen toegeven verkeerde dingen te hebben geloofd, fouten te hebben gemaakt en zonden te hebben begaan. "Beproeft alle dingen ..." (1 Thessalonicenzen 5:21) schreef Paulus aan de Thessalonicenzen.

4. Wie zullen er volgens Paulus gerechtvaardigd zijn voor God — de hoorders of de daders van Gods wet? Romeinen 2:13. Gaf Paulus duidelijk te verstaan dat christenen, ondanks de onverdiende genade van God in de vergeving van zonden door het geloof in het offer van Christus, het toch aan God verplicht zijn dat zij Zijn wetten onderhouden? Lees Romeinen 3:31 en heel hoofdstuk 6.

5. Wie zal naar Jezus' zeggen het Koninkrijk Gods binnengaan? Mattheüs 7:21. Wat is volgens de apostel Paulus duidelijk het belangrijkste dat een christen moet doen? 1 Corinthiërs 7:19.

OPMERKING: Ziet u dat er voor het binnengaan in Gods Koninkrijk iets is vereist, n.l. doen — niet slechts belijden dat Christus onze Heiland is. God is ook zeer geïnteresseerd in onze geestelijke "werken" nadat we christen zijn geworden. Hij geeft duidelijk te kennen dat we niet in Zijn Koninkrijk komen door ons gemak ervan te nemen en te denken dat Christus alles voor ons heeft gedaan.

6. Kunnen we wel een christen zijn zonder de liefde van God in ons? Lees heel 1 Corinthiërs 13 eens. Wat zijn wij als het ons aan de liefde van God ontbreekt? Vers 2.

7. Brengt Gods liefde, die Hij door Zijn Geest schenkt, iemand ertoe Zijn tien geboden te houden — alle tien? Romeinen 13:8-10. Op welke manier inspireerde God Johannes deze uitspraak van Paulus te bevestigen — wat is de bijbelse definitie van Gods liefde? 1 Johannes 5:2-3. Hoe wordt Gods liefde volmaakt in een mens? 1 Johannes 2:5.

Een christen wandelt met God

1. Is een christen iemand die probeert Christus — Zijn voorbeeld — te volgen en met Hem te wandelen? 1 Petrus 2:21; 1 Johannes 2:6.

2. Wie was een van de eerste mensen in de bijbel die met God wandelde? Genesis 5:22-24. Wat wordt er nog meer over Henoch gezegd? Hebreeën 11:5, laatste gedeelte. Zal hij in de opstanding zijn? Hebreeën 11:13, 39-40.

3. Welke andere bekende patriarch voor de zondvloed wandelde met God? Genesis 6:9. Vond Noach dan ook genade in Gods ogen? Vers 8. Bleek Noach een getrouw en rechtschapen man die God behaagde? Hebreeën 11:7.

4. Hoe luidde Gods bevel aan Abraham? Genesis 17:1. Waarom kon van hem gezegd worden dat hij waarlijk met God wandelde? Genesis 26:5; Hebreeën 11:8-10.

5. Was God bovendien Abrahams vriend en metgezel? 2 Kronieken 20:7; Jesaja 41:8; Jakobus 2:23. Sprak God met Abraham als met een goede vriend? Genesis 18:17-19, 23-33. (U herinnert zich uit vorige lessen misschien nog wel dat de "Here" van het Oude Testament in werkelijkheid de persoon van Gods familie was die later Jezus Christus werd.)

6. Sprak God ook met Mozes als met een goede vriend? Exodus 33:11; Numeri 12:7-8; Deuteronomium 34:10.

7. Hoe kunnen wij een van Jezus' vrienden worden? Johannes 15:14-15.

OPMERKING: Echte vrienden gaan samen en spreken openlijk met elkaar, zonder vrees of schaamte. Zij hebben dezelfde opvattingen en zijn het met elkaar eens, anders zouden ze geen echte vrienden zijn (Amos 3:3).

8. Gaf God Zijn Gemeente in de woestijn — de natie Israël — uitdrukkelijk de opdracht Zijn wegen te bewandelen, m.a.w. Zijn wetten te gehoorzamen? Deuteronomium 5:32-33; 8:6; 10:12-13; 11:22; 13:4; 26:17; 28:9.

9. Beloofde God met hen te wandelen als zij met Hem zouden wandelen? Leviticus 26:3, 12. Zou Hij hen rijk zegenen als ze met Hem zouden wandelen? Vers 4-11.

10. Maar als het volk Israël zich tegen God zou keren en weigeren in zijn wegen te wandelen, wat zou er dan met hen gebeuren? Leviticus 26:14-39.

OPMERKING: Wandelen met God betekent dus duidelijk Zijn geboden en wetten gehoorzamen en doen wat welgevallig is in Zijn ogen (Leviticus 26:1-3; 1 Johannes 3:22). Het is de enige manier om waarlijk een christen te zijn!

11. Welke houding zal een christen tegenover de zondigende maatschappij om hem heen hebben? 1 Johannes 2:15-17; 1 Petrus 4:1-4; Openbaring 18:4. Waarbij zal hij liever trachten te leven? Mattheüs 4:4.

OPMERKING: Een christen zal niet langer met een goed geweten alle gewoonten en gebruiken van de samenleving om zich heen kunnen volgen. Waar hij vroeger "met de massa meeliep", zal hij nu zijn levensstijl eens onder de loep gaan nemen. Hij zal zich afvragen: "Wat is Gods wil? Hoe zegt God dat ik moet leven?" Hij zal met Christus gaan zeggen: "Niet Mijn wil, maar de Uwe geschiede", en hij zal met ijver de bijbel gaan onderzoeken om te weten te komen wat de wil van God is en die gaan volgen.

Vanzelfsprekend moeten Gods kinderen in deze wereld leven (Johannes 17:15). Zelfs bij dat streven naar volledige gehoorzaamheid aan God, nl. niet conform zijn aan de wegen van deze wereld (Romeinen 12:1-2), moeten zij ernaar streven zoveel mogelijk vrede te houden met alle mensen (vers 18). En als een christen niet mee kan gaan vanwege bijbelse leer, dan doet hij dat zonder er onaangenaam en eigengerechtig over te zijn.

Hoewel niet "van de wereld" in de zin die Christus bedoelde, hebben die mannen en vrouwen van God met de heilige Geest en kennis van Zijn waarheid toch de verantwoordelijkheid een helder licht te zijn in de wereld (Mattheüs 5:14-16). Verre van alleen maar passief te schijnen als een lamp van 25 watt of hun licht te verbergen "onder een korenmaat", moeten Gods kinderen juist de "vruchten" of kenmerken van Gods inwonende heilige Geest ten toon spreiden. Zij kunnen actief bijdragen door vriendelijkheid en door hun naaste en degenen, waarmee zij dagelijks in contact komen, de helpende hand te bieden. Mensen die nog niet door God zijn geroepen, zullen bemoedigd worden als zij iets van de geest en het karakter van God in actie zien door het levende voorbeeld van individuele christenen.

12. Welke stappen heeft een christen reeds gedaan om door God als een van Zijn kinderen te worden erkend? Handelingen 2:38. Wat heeft God hem voor zijn gehoorzaamheid als een vrije en onverdiende gave geschonken? Zelfde vers en Handelingen 5:32.

OPMERKING: Een christen is een door God overwonnene. Zijn natuurlijk gezinde en vijandige houding tegenover God (Romeinen 8:7-8) is nu gebroken. Hij is gaan beseffen dat hij tegen God had gezondigd door Zijn heilige, rechtvaardige wet te overtreden (1 Johannes 3:4). Daarom heeft hij God aangeroepen en Hem gevraagd om vergeving van die zonden en ontheffing van de doodstraf die op elke zonde staat (Romeinen 6:23) door het zoenoffer van Christus. Daarna onderwierp hij zich aan het voorschrift van de doop die voor God een teken is van zijn diepe ernst.

En zoals hij van God verwachtte dat Hij Zijn belofte om hem geestelijk te verwekken door de heilige Geest gestand zou doen na zijn berouw, doop en het opleggen der handen, werd hij inderdaad vervuld met de Geest van de Vader en werd hij een geestelijk verwekt kind van God. Dat was het moment waarop hij een echte christen werd (Romeinen 8:9-10).

13. Hoe noemt God de persoon die beweert Christus te kennen, maar die weigert Zijn weg te bewandelen — Zijn geboden niet wil houden? 1 Johannes 2:4. Wat zal degene die zegt een christen te zijn eigenlijk doen? Vers 3, 5-6. Komt dit overeen met Salomo's oproep tot wat de verantwoordelijkheid van ieder mens voor God is? Prediker 12:13.

OPMERKING: Een christen heeft oprecht berouw van zijn zonden en streeft er met behulp van de heilige Geest naar te leven volgens de leer van zijn Heiland. Hij zoekt Gods wil zoals die in de bijbel wordt geopenbaard in ieder aspect van zijn leven te vervullen, en hij ontvangt het geluk en de zegeningen die verbonden zijn aan gehoorzaamheid aan God.

De tien geboden

De Jezus Christus van uw bijbel verkondigde altijd het evangelie van de regering (of het koninkrijk) van God. Hij predikte: "... bekeert u, en gelooft het Evangelie" (Markus 1:15). Steeds weer leert de bijbel bekering van zonde, hetgeen overtreding van Gods grote geestelijke wet is (1 Johannes 3:4) die wordt opgesomd in tien universele principes — de tien geboden.

Zoals we reeds hebben gezien in onze studie van de bijbel, is berouw en bekering de eerste stap tot behoud. Alvorens God ons onze zonden vergeeft, moeten wij berouw hebben over en ons bekeren (afkeren) van het overtreden van Zijn wet.

Salomo kwam tot de slotsom: "... Vrees God, en houd Zijn geboden, want dit betaamt alle mensen" (Prediker 12:13). De moderne mens is gefrustreerd en onvervuld omdat hij het levende, vitale contact met God mist dat alleen mogelijk is door gehoorzaamheid aan Zijn geboden.

Laten we eens een aantal essentiële punten m.b.t. de tien geboden bekijken en zien hoe ze van toepassing zijn op de christelijke levenswijze.

1. Staan alle tien geboden van God netjes voor ons op een rij in de bijbel? Exodus 20:1-17; Deuteronomium 5:6-21.

2. Aangezien geen van deze twee opsommingen van de decaloog genummerd is in de tekst, hoe kunnen we dan weten dat er tien zijn? Exodus 34:28; Deuteronomium 4:13; 10:4.

OPMERKING: Het is interessant te vermelden dat het tweede gebod uit enige vroege niet-bijbelse optekeningen wordt weggelaten en het tiende gebod eigenmachtig in tweeën wordt gedeeld om weer tot tien te komen.

Het is echter niet logisch het gebod tegen begeerte in tweeën te delen, nl. het niet begeren van 1) het huis van uw naaste en 2) de vrouw van uw naaste. Het laatste gedeelte van het 10e gebod is heel duidelijk een samenvatting van beide aspecten, want er staat: "... noch iets, dat van uw naaste is" (Exodus 20:17). Het blijkt wel dat Paulus dit gebod goed begreep uit zijn simpele verklaring: "Gij zult niet begeren" (Romeinen 7:7). (Als u nog niet in het bezit bent van ons boekje De tien geboden, vraagt u dit dan alsnog aan om alle tien de punten grondig te bestuderen.)

3. Vond de aartsvader Abraham — de vader der gelovigen (Romeinen 4:16) — het belangrijk Gods geboden te onderhouden? Genesis 26:5. Welke houding had de profeet David tegenover gehoorzaamheid aan Gods wet? Lees heel Psalm 119 maar eens door.

OPMERKING: Zowel Abraham als David hielden de geboden. Zij hadden ontzag voor Gods wet. Dat is een van de redenen waarom zij beiden zeer verantwoordelijke posities zullen innemen in de komende regering van God op aarde.

David schreef: "Hoe lief heb ik uw wet! Zij is mijn betrachting de ganse dag" (Psalm 119:97). Het was Davids dagelijkse gewoonte Gods wet te overdenken en te bestuderen. Zij was een lamp voor zijn voet en een licht op zijn pad (vers 105). Zijn gehoorzaamheid aan Gods geboden maakte hem wijzer dan zijn vijanden (vers 98). Door heel deze Psalm heen drukte David uit hoe lief hij Gods wet had en dat hij ze in zijn leven als leidraad gebruikte.

4. Hield Jezus Christus zelf zich aan de tien geboden? Johannes 15:10. Onderwees Hij anderen ze te gehoorzamen? Mattheüs 19:17-19.

OPMERKING: Deze verzen in Mattheüs 19 laten duidelijk zien dat Jezus specifiek de tien geboden bedoelde. Hij wist dat Gods wet van tien punten vrede, vervulling en vreugde zou brengen aan ieder individu of volk dat zou verkiezen eraan te gehoorzamen.

5. Toont de bijbel aan dat de Kerk die Jezus zelf oprichtte ook nu nog gehoorzaamheid aan en letterlijke naleving van de tien geboden en andere inzettingen van Christus zou leren? Openbaring 12:7; 14:12. (In hoofdstuk 12 van Openbaring wordt Gods Kerk verpersoonlijkt door een vrouw.)

OPMERKING: De Worldwide Church of God (Wereldwijde Kerk van God) houdt Gods wet hoog. Zij erkent dat God een wet in werking stelde die, naarmate men eraan gehoorzaamt, de mens enkel goeds brengt — overvloedig welzijn en een vervuld leven. Gods Kerk zegt met David: "Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht op mijn pad" (Psalm 119:105). Zij ziet in dat Gods wet een van Zijn grootste gaven aan de mensheid is.

6. Is de wet van God heilig, rechtvaardig en goed? Romeinen 7:12. Geeft het houden van de tien geboden gemoedsrust? Psalm 119:165.

OPMERKING: Geen mens die steeds Gods wet overtreedt, kan ooit echte vrede van binnen hebben. Hij is beangst en gefrustreerd, en heeft vaak een schuldig geweten. Maar de persoon die zich aan Gods wetten houdt, heeft een rein geweten. Hij leeft in vrede met God, met zichzelf en met zijn medemens. Hij heeft "de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat" (Filippenzen 4:7).

Gods wet is de weg tot vrede, geluk en vreugde. Zij is Gods grootste gift aan de mensheid — gegeven om de mens gelukkig te maken, hem een vervuld en overvloedig leven te geven, zijn geluk te beschermen en hem naar eeuwig leven te leiden. Al het slechte in de wereld van vandaag is het gevolg van ongehoorzaamheid aan de wetten van de Schepper.

7. Op welke manier gaf Jezus nog meer inhoud aan het naleven van de tien geboden? Mattheüs 5:21-22, 27-28. Begreep Johannes dit principe? 1 Johannes 3:15. Begreep Paulus de geestelijke aspecten van Gods wet? Romeinen 7:14.

OPMERKING: In tegenstelling tot wat sommigen geloven, kwam Jezus niet om de tien geboden af te schaffen, maar om door voorbeeld te onderwijzen en te laten zien hoe men naar de geestelijk bedoeling van de wet moet leven.

In het Oude Testament vereiste God slechts een fysieke, mechanische en zichtbare gehoorzaamheid van Zijn gemeente. M.a.w. gehoorzaamheid alleen naar de letter. Dit was, zoals we weten, omdat de oudtestamentische Kerk van God — het volk Israël — niet de gelegenheid had de heilige Geest te ontvangen als hulp bij het gehoorzamen aan zowel de geestelijke bedoeling van de tien geboden als aan de letterlijke. Maar in nieuwtestamentische tijden heeft God wel Zijn heilige Geest beschikbaar gesteld. Hij verlangt dat Zijn door de Geest verwekte kinderen Hem volgen naar de geest, de volheid, van Zijn wet.

Om er zeker van te zijn dat Zijn volgelingen in alle eeuwen deze nieuwe, "groot" gemaakte (Jesaja 42:21 zonder de cursief gedrukte woorden) stijl van wetsnaleving zouden begrijpen, lichtte Jezus de geboden tegen moord en overspel eruit als levendige voorbeelden. Hij leerde dat we nu niet slechts de fysieke daden van moord en overspel moeten nalaten, maar ook haat en overspel in onze gedachten moeten schuwen.

Haat tegen een ander mens is de geest van moord. Seksuele begeerte is de geest van overspel. Christus breidde de invloed van Gods geboden uit tot onze binnenste gedachten en gezindheid. Laten we eens zien hoe de bijbel aantoont dat deze schijnbaar onmogelijke taak toch uitgevoerd kan worden, zij het dan niet op volmaakte wijze vanwege ons mens zijn.

8. Hoe vatte Jezus Gods grote wet van tien geboden samen? Mattheüs 22:36-40. Wat is het fundamentele kenmerk van Gods eigen aard en karakter? 1 Johannes 4:16.

OPMERKING: De tien geboden geven uitdrukking aan de liefde van God omdat ze Gods eigen karakter dat samengevat wordt door het woord liefde, weerspiegelen. Deze liefde is niet, zoals we in vorige lessen gezien hebben, weer een andere vorm van menselijke liefde, het is de goddelijke liefde die rechtstreeks van God komt door de heilige Geest (Galaten 5:22).

Aangezien God liefde is, liet Jezus zien dat de hele geestelijke bedoeling van Gods wet liefde is. De eerste vier geboden laten ons zien hoe we God moeten liefhebben en de laatste zes tonen ons hoe we onze naaste, alle medemensen, moeten liefhebben.

9. Als wij Gods Geest bezitten en er gebruik van maken, zal de liefde van God die Zijn Geest ons schenkt, ons dan in staat stellen Gods wetten te vervullen? Romeinen 5:5; 13:10.

OPMERKING: De goddelijke liefde die de mens door de heilige Geest geschonken wordt, komt tot uitdrukking binnen het kader van Gods wet — de tien geboden. Het manifesteert zich in de eerste plaats in verering en aanbidding van God, en in letterlijke gehoorzaamheid aan Hem; en ten tweede in onbaatzuchtige bezorgdheid, medeleven, vriendelijkheid en gedienstigheid voor andere mensen.

De liefde van God stelt ons in staat de geest van de wet te vervullen. Zij was ook het ingrediënt dat Jezus Christus gebruikte om zelf de wet intensiever, uitgebreider te vervullen. De apostel Paulus schreef: "... wie de ander liefheeft, heeft de wet vervuld. Want de geboden: gij zult niet echtbreken, gij zult niet doodslaan, gij zult niet stelen, gij zult niet begeren en welk ander gebod er ook zij, worden samengevat in dit woord: gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. De liefde doet de naaste geen kwaad; daarom is de liefde de vervulling der wet" (Romeinen 13:8-10, N. Vert.). (Meer over hoe God ons helpt Zijn wetten te houden, zal later in deze les behandeld worden.)

10. Zou er ook enige waarheid schuilen in het alom verbreide geloof dat liefde op zulk een wijze de wet vervult dat het onderhouden ervan niet meer nodig is? 1 Johannes 5:2-3; Johannes 14:15; 15:9-10; 2 Johannes 5-6.

OPMERKING: De apostel Johannes legde heel veel nadruk op liefde, maar nooit heeft hij of enige andere geïnspireerde schrijver van de bijbel gezegd dat liefde de wet afschaft, vervangt of buiten werking stelt. Johannes, een goede vriend en discipel van Jezus, maakte het duidelijk dat iemand die waarlijk de liefde Gods heeft, de geboden van God gehoorzaamt.

11. Is het mogelijk eigen behoud te verdienen door gehoorzaamheid aan God? Romeinen 6:23. Kan iemand echter als wetsovertreder Gods Koninkrijk binnenkomen? Mattheüs 7:21; 19:17-19.

OPMERKING: Een woord van nadere aanduiding is hier noodzakelijk. Wij zeggen niet dat men eigen behoud kan verdienen door de tien geboden of enige andere wet van God te houden. Eeuwig leven is zonder meer een gift van God! Geen enkele man of vrouw zou het ooit in tienduizend levens van geboden-houden kúnnen verdienen.

Maar het is ook niet mogelijk het eeuwige leven in te gaan als wetsovertreder (Romeinen 6:23)! Jezus Christus verklaarde duidelijk en met klem dat wij als christenen met al onze inzet en Zijn geestelijke hulp moeten trachten de tien geboden te houden, terwijl we op Zijn genade vertrouwen, nl. dat Hij Zijn zoenoffer voor ons laat gelden wanneer wij te kort schieten en daar berouw over hebben (1 Johannes 1:7-9).

"Gedenkt de sabbatdag"

De meerderheid der kerken meent dat de zondag de sabbat op de zevende dag heeft vervangen. Op de een of andere wijze hebben ze aangenomen dat het vierde gebod niet meer van kracht is in wat zij de nieuwtestamentische bedeling noemen. Dan zijn er nog de mensen die denken dat het helemaal niet noodzakelijk is een specifieke dag als sabbat te houden. Voor hen is iedere dag een geestelijke sabbat.

Laten we regelrecht in het Woord van God kijken voor de waarheid over dit sleutelgebod.

1. Wanneer, hoe en door wie werd de sabbat in gesteld? Genesis 2:1-3; Markus 2:28.

OPMERKING: Christus is "Heer" van de sabbat omdat Hij hem heeft gemaakt! (U herinnert zich nog wel uit uw vorige lessen dat Christus de Heer van het Oude Testament en de Schepper aller dingen is.)

Christus schiep de sabbat door te rusten op de zevende dag van de scheppingsweek. Hij legde Zijn goddelijke gunst op elke zeven dagen na die eerste sabbat terugkerende tijdsperiode van 24 uur en zette die apart voor een bepaald gebruik en doel.

2. Voor wie, zei Jezus, werd de sabbat vooral gemaakt? Markus 2:27.

OPMERKING: "De sabbat is gemaakt om de mens", verklaarde Jezus. Hij werd veel minder dan een dag na de mens zelf geschapen. De sabbat werd bij de schepping voor het welzijn van heel de mensheid apart gezet. (Aangezien Adam de eerste mens was, vertegenwoordigde hij het gehele mensdom dat uit hem is voortgekomen.

3. Hoe wilde Christus dat de sabbat de behoeften van de mens zou vervullen? Exodus 20:8-11; Deuteronomium 5:12-15.

OPMERKING: Let erop dat God de 7e dag van de week heilig maakte — en Hij gebiedt ons dat zo te houden. De sabbat is dus heilige tijd, én hij werd gemaakt om een zegen te zijn voor heel de mensheid.

Het woord "sabbat" betekent rust in het oorspronkelijke Hebreeuws. Gewoon lichamelijke en mentale rust alsmede verfrissing na een zware werkweek is een voor de hand liggende reden voor de sabbat. Een mens heeft behoefte aan periodieke rust en afstand van de problemen die schijnen samen te gaan met het dagelijkse leven. De mens moet zich kunnen terugtrekken uit de normale routine, vrije tijd hebben om uit te rusten en na te denken, zodat hij fysiek weer nieuwe krachten opdoet.

Maar de eigenlijke bedoeling van de sabbat stijgt ver uit boven de fysieke, mentale en wellicht ook emotionele verademing. De sabbat op de 7e dag is namelijk in eerste instantie onlosmakelijk verbonden met Gods transcendente plan bij het scheppen van de mens.

De mens van nu heeft deze tijdsperiode dringend nodig voor geestelijke gemeenschap met God. Tijd om meer over God na te denken, tot Hem te bidden (zowel privé als samen met anderen), te peinzen over onze plaats in het heelal ten einde een beter inzicht te krijgen in het doel van ons bestaan.

4. Werd het houden van de sabbatdag een speciaal teken van identificatie tussen God en Zijn volk Israël? Exodus 31:13-17.

OPMERKING: Een kort overzicht van een deel van Israëls geschiedenis is hier op zijn plaats. U weet dat de Israëlieten enige honderden jaren als slaven in Egypte hadden doorgebracht. In Egypte was het hun verboden de ware God te dienen. Zij werden gedwongen zeven dagen in de week te werken. Als gevolg daarvan vergaten zij Gods wetten en de kennis van de ware sabbatdag die zij van hun voorouders Jakob (Israël), Izak en Abraham hadden overgedragen gekregen.

Nadat God hen op wonderbaarlijke wijze uit de handen van hun wrede opzichters had bevrijd, openbaarde Hij hun de juiste zevende dag door op de 6e dag van de week (vrijdag) een dubbele portie manna te geven en het op de 7e dag (zaterdag) in te houden. God gebood hen op die dag te rusten (Exodus 16:22-26). (U weet ook dat het mannawonder bleef doorgaan gedurende al de 40 jaren van hun zwerven door de woestijn — vers 35.) Na de bekendmaking van de ware sabbatdag, legde God op de berg Sinaï het sabbatgebod vast door het op te nemen als een van de tien geboden die Hij op twee tafels van steen schreef.

Met de bedoeling dat de Israëlieten vooral de eeuwige God als de Schepper, Onderhouder en Opperheerser over heel Zijn schepping zouden gedenken, koos Hij de sabbatviering als het ene speciale teken waardoor zij zich steeds zouden herinneren wie Hij is en wie zij waren.

Vele andere volken hadden ook wetten die vergelijkbaar waren met sommige wetten van God. Sommige hadden tamelijk strenge morele wetten, meestal tegen misdaad (o.a. moord en diefstal), maar geen enkel volk had een wet die eiste dat men de sabbatdag van de Schepper moest houden. Om die reden was het de ene wet van God waardoor Israël zich onderscheidde.

God maakte het sabbatgebod dus dubbel van kracht door een apart verbond met Zijn volk Israël te sluiten. (De sabbat was reeds een van de tien geboden die iets eerder aan Mozes werden gegeven.) Het werd een eeuwig verbond (Exodus 31:16) en het moest het volk van God identificeren.

Zo is ook nu het onderhouden van de sabbat op de 7e dag een van de tekenen die bijdragen tot identificatie van degenen die de ware Kerk van God op aarde vormen.

5. Laat de bijbel duidelijk zien dat een echte christen iemand is die een geestelijke Israëliet is geworden — door Jezus Christus iemand van Abrahams zaad? Galaten 3:28-29; Romeinen 4:16; 9:4.

OPMERKING: God sloot het speciale sabbatverbond met Abrahams fysieke zaad. Zij moesten door al hun generaties heen daaraan gehoorzamen. Nu zijn alle door Gods Geest verwekte christenen Abrahams geestelijke zaad geworden door het geloof in Christus en staan daarom onder dezelfde verplichting de sabbatdag te houden.

6. Hield Jezus de sabbat? Lukas 4:16, 31.

OPMERKING: Jezus bezocht regelmatig op de sabbat "naar Zijn gewoonte" de diensten in de synagoge van Zijn woonplaats. Hij kwam daar met anderen bijeen ter vervulling van Zijn eigen gebod om elke sabbatdag een heilige samenkomst te houden (Leviticus 23:3). Dit is de dag die Hij vanzelfsprekend zou vieren aangezien Hij degene is die oorspronkelijk de sabbat instelde en gebood deze heilig te houden.

7. Bestaat er bijbels bewijs dat de jonge nieuwtestamentische Kerk ook de sabbat hield? Handelingen 13:13-15, 42-44; 14:1; 17:1-2; 18:1-11.

8. Was het de gewoonte van Paulus (Handelingen 17:2) net als van Christus (Lukas 4:16) de sabbat te houden omdat hij daar zin in had of omdat Christus in hem woonde? Galaten 2:20. Blijft de wil van Christus voor eeuwig dezelfde? Hebreeën 13:8.

OPMERKING: Het is zonneklaar dat Paulus de sabbat hield. En als Christus Zijn leven in ons leeft door de heilige Geest zoals in Paulus, dan zullen ook wij dezelfde dag houden als Jezus en Paulus.

9. Waarvoor worden alle christenen in Hebreeën 3:8-13 gewaarschuwd? Was opstandigheid en vooral sabbatschennis de reden dat God de Israëlieten niet toestond in Zijn "rust" in te gaan? Ezechiël 20:12-13, 15-16.

OPMERKING: Omdat Israël opstandig was geworden en Gods sabbatten had geschonden, stond Hij die generatie niet toe het Beloofde Land — symbolisch voor het Koninkrijk Gods — binnen te gaan. Die Israëlieten onder Mozes waren op weg naar het Beloofde Land, precies als Gods verwekte kinderen nu streven naar het doel van Gods Koninkrijk. Daar heeft de schrijver het over in Hebreeën 3 en 4. Laten we dit verder vervolgen.

Het woord "rust" in Hebreeën 3:11 komt van het Griekse katapausis en wordt omschreven als rust of rustplaats. Zoals het in dit vers wordt gebruikt, duidde het voor de Israëlieten op de rust in het Beloofde Land na het harde leven in de woestijn. Dit is een zinnebeeld van de geestelijke rust voor de christen die door geboorte in het Koninkrijk Gods onsterfelijk wordt gemaakt.

10. Was het voornamelijk door hun ongeloof dat de Israëlieten ongehoorzaam waren en daardoor Gods rust voor hen — het land Palestina — niet konden binnengaan? Hebreeën 3:19; 4:1-2.

OPMERKING: Omdat het volk Israël God niet geloofde en dus geen vertrouwen in Hem had, heeft het zijn hart verhard. Het bleef Gods sabbatten schenden, ook al had Hij die juist de toetssteen gemaakt ("opdat Ik het op de proef stelle, of het al dan niet wandelt naar mijn wet" — Exodus 16:4, N. Vert.); daarom zei God van die generatie: "... dat zij in Zijn rust niet zouden ingaan".

Niemand van die generatie, behalve Jozua en Kaleb, is het Beloofde Land binnengekomen. Maar de kinderen die gedurende de 40 jaar van omzwerven werden geboren, gingen met Jozua mee. God had dit land oorspronkelijk aan Abraham beloofd voor zijn nakomelingen en niettegenstaande Israëls zonden, was God gebonden aan Zijn belofte.

Voordat de tweede generatie Israëlieten de Jordaan overstak naar Palestina, zei Jozua tot de mannen van drie stammen: "... De Here, uw God, geeft u rust, en Hij geeft u dit land" (Jozua 1:13).

11. Als nieuwtestamentische christenen geloof hebben en God gehoorzamen, mogen zij dan hun rust — eeuwige rust in Gods Koninkrijk — ingaan? Hebreeën 4:3, eerste negen woorden.

OPMERKING: De vergelijking is erg duidelijk: echt geloof in God staat gelijk met actieve gehoorzaamheid. Als iemand echt Gods Woord gelooft, zal hij het ook opvolgen.

12. Zullen echte gelovigen Gods wekelijkse sabbatdag houden als een symbool van hun toekomstige rust in Gods Koninkrijk? Hebreeën 4:9.

OPMERKING: De weergave van het woord "rust" in de Statenvertaling verdoezelt de hoogst belangrijke betekenis van dit vers. Overal elders in de hoofdstukken 3 en 4 van Hebreeën komt het Nederlandse woord "rust" van het Griekse katapausis, maar in vers 9 van hoofdstuk 4 komt "rust" van het Griekse sabbatismos, hetgeen het houden van de sabbat betekent.

Vanwege de toekomstige "rust" (katapausis) ? het Koninkrijk Gods — waarin geestelijk Israël zal binnengaan, blijft er voor hen dus een sabbatismos — een houden van de sabbatdag. Dit houdt in dat christenen de toekomstige "rust" van Gods Koninkrijk zullen ingaan zoals ze nu de wekelijkse sabbat houden die daarnaar uitziet.

De Nieuwe Vertaling geeft Hebreeën 4:9 juist weer in het Nederlands: "Er blijft dus een sabbatsrust voor het volk van God".

13. Welke aansporing wordt een christen verder nog gegeven i.v.m. het ingaan van Gods eeuwige rust? Hebreeën 4:10-11. Tot wie kunnen wij gaan om de noodzakelijke hulp — het geloof — om God te kunnen gehoorzamen? Vers 14-16.

OPMERKING: Zie hoe de Nieuwe Vertaling vers 10-11 weergeeft: "Want wie tot zijn rust [het Koninkrijk Gods] is ingegaan, is ook zelf tot rust gekomen van zijn werken, evenals God van de zijne [op de zevende dag na de zes werkdagen van de schepping]. Laten wij er dus ernst mede maken om tot die rust in te gaan, opdat niemand ten val kome door dit voorbeeld van ongehoorzaamheid [van de Israëlieten] te volgen."

Gods sabbat op de zevende dag mag men niet licht opnemen, want de sabbat is zowel een gedenkdag als een voorafschaduwing. Het is een gedenkdag van de schepping en een voorafschaduwing van de komende eeuwige rust die de door de Geest verwekte christenen zullen ingaan bij hun geboorte in Gods eeuwige familie.

14. Gebood God heel het volk Israël op de sabbat samen te komen? Leviticus 23:3; Numeri 28:25. Waartoe worden nieuwtestamentische christenen opgeroepen wat het bijeenkomen betreft? Hebreeën 10:25-26.

OPMERKING: Het zal u misschien interesseren te weten dat Gods Kerk, precies zoals de eerste nieuwtestamentische christenen op de sabbatdag bijeenkwamen, ook in dit tijdperk over heel de wereld sabbatdiensten heeft. Ook in Nederland en België bestaan Gemeenten. Elke sabbat komen Gods kinderen samen om geestelijk onderwijs en inspiratie uit het Woord van God te ontvangen, gegeven door de voorgangers van Zijn Kerk (Efeziërs 4:11-13). Als u graag meer informatie over deze sabbatdiensten zou willen hebben, zie dan pagina 30.

(De Wereldwijde Kerk van God geeft een boekje uit dat uitgebreid ingaat op de sabbat. De titel is: Welke dag is de christelijke sabbat? Als u het nog niet bezit, vraag het dan gerust aan.)

De zeven jaarlijkse sabbatten

God heeft een groot basisplan door middel waarvan Hij Zijn ontzagwekkende bedoeling met de mensheid wil verwezenlijken. In dit weinig bekende plan voor de mens speelt Zijn Zoon, Jezus Christus, de centrale rol. Het plan wordt in hoofdlijnen aangegeven door de zeven jaarlijkse sabbatten of hoogtijdagen die christenen geacht worden te vieren, en wel voor een heel belangrijk doel.

Precies zoals de wekelijkse sabbat voor de christen het doel van eeuwige rust als een verheerlijkt, geestelijk familielid van God uitbeeldt, geven deze jaarlijkse feestdagen stap voor stap een overzicht van de uitwerking van Gods plan voor de mens. Elk feest schildert niet alleen in alle levendigheid een grote gebeurtenis in Gods plan af, maar de jaarlijkse viering van die dagen geeft Gods kinderen een steeds dieper inzicht in dat plan en herinnert hen telkens aan hun rol daarin.

Pas tijdens het leven van Mozes begon God de details van Zijn plan voor de mensheid te onthullen. God maakte deze feesttijden op formele wijze door Mozes aan Zijn volk Israël — Zijn Gemeente in de woestijn — bekend (Handelingen 7:38).

Aangezien de mens sinds zijn bestaan het dichtst staat bij de grond waarop hij zijn voedsel verbouwt, heeft God gebruik gemaakt van de jaarlijkse landbouwoogsten in

Deze "historische" lessen worden u in deze vorm als dienstverlening gratis ter beschikking gesteld door de Kerk van de Grote God.

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)