Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Numeri 11         Numeri 13 >>

Numeri 12

12:1  Mirjam nu sprak, en Aaron, tegen Mozes, ter oorzake der vrouw, der Cuschietische, die hij genomen had; want hij had een Cuschietische ter vrouw genomen. Literatuur:


Preken
Bestuur (Deel 1)  

12:2  En zij zeiden: Heeft dan de HEERE maar alleen door Mozes gesproken? Heeft Hij ook niet door ons gesproken? En de HEERE hoorde het!

12:3  Doch de man Mozes was zeer zachtmoedig, meer dan alle mensen, die op den aardbodem waren. Literatuur:

12:4  Toen sprak de HEERE haastelijk tot Mozes, en tot Aaron, en tot Mirjam: Gij drie, komt uit tot de tent der samenkomst! En zij drie kwamen uit.

12:5  Toen kwam de HEERE af in de wolkkolom, en stond aan de deur der tent; daarna riep Hij Aaron en Mirjam; en zij beiden kwamen uit.

12:6  En Hij zeide: Hoort nu Mijn woorden! Zo er een profeet onder u is, Ik, de HEERE, zal door een gezicht Mij aan hem bekend maken, door een droom zal Ik met hem spreken.

12:7  Alzo is Mijn knecht Mozes niet, die in Mijn ganse huis getrouw is. Literatuur:

12:8  Van mond tot mond spreek Ik met hem, en door aanzien, en niet door duistere woorden; en de gelijkenis des HEEREN aanschouwt hij; waarom dan hebt gijlieden niet gevreesd tegen Mijn knecht, tegen Mozes, te spreken? Literatuur:


Preken
Bestuur (Deel 1)  

Bijbelstudies
Christen zijn is een levenswijze  

12:9  Zo ontstak des HEEREN toorn tegen hen, en Hij ging weg.

12:10  En de wolk week van boven de tent; en ziet, Mirjam was melaats, wit als de sneeuw. En Aaron zag Mirjam aan, en ziet, zij was melaats.

12:11  Daarom zeide Aaron tot Mozes: Och, mijn heer! leg toch niet op ons de zonde, waarmede wij zottelijk gedaan, en waarmede wij gezondigd hebben!

12:12  Laat zij toch niet zijn als een dode, van wiens vlees, als hij uit zijns moeders lijf uitgaat, de helft wel verteerd is!

12:13  Mozes dan riep tot den HEERE, zeggende: O God! heel haar toch! Literatuur:

12:14  En de HEERE zeide tot Mozes: Zo haar vader smadelijk in haar aangezicht gespogen had, zou zij niet zeven dagen beschaamd zijn? Laat haar zeven dagen buiten het leger gesloten, en daarna aangenomen worden!

12:15  Zo werd Mirjam buiten het leger zeven dagen gesloten; en het volk verreisde niet, totdat Mirjam aangenomen werd.

12:16  Maar daarna verreisde het volk van Hazeroth, en zij legerden zich in de woestijn van Paran.

<< Numeri 11         Numeri 13 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)