Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Genesis 14         Genesis 16 >>

Genesis 15

15:1  Na deze dingen geschiedde het woord des HEEREN tot Abram in een gezicht, zeggende: Vrees niet, Abram! Ik ben u een Schild, uw Loon zeer groot. Literatuur:

15:2  Toen zeide Abram: Heere, HEERE! wat zult Gij mij geven, daar ik zonder kinderen heenga en de bezorger van mijn huis is deze Damaskener Eliezer? Literatuur:

15:3  Voorts zeide Abram: Zie, mij hebt Gij geen zaad gegeven, en zie, de zoon van mijn huis zal mijn erfgenaam zijn! Literatuur:

15:4  En ziet, het woord des HEEREN was tot hem, zeggende: Deze zal uw erfgenaam niet zijn; maar die uit uw lijf voortkomen zal, die zal uw erfgenaam zijn. Literatuur:

15:5  Toen leidde Hij hem uit naar buiten, en zeide: Zie nu op naar den hemel, en tel de sterren, indien gij ze tellen kunt; en Hij zeide tot hem: Zo zal uw zaad zijn! Literatuur:

15:6  En hij geloofde in den HEERE; en Hij rekende het hem tot gerechtigheid. Literatuur:

15:7  Voorts zeide Hij tot hem: Ik ben de HEERE, Die u uitgeleid heb uit Ur der Chaldeen, om u dit land te geven, om dat erfelijk te bezitten. Literatuur:

15:8  En hij zeide: Heere, HEERE! waarbij zal ik weten, dat ik het erfelijk bezitten zal? Literatuur:

15:9  En Hij zeide tot hem: Neem Mij een driejarige vaars, en een driejarige geit, en een driejarigen ram, en een tortelduif, en een jonge duif. Literatuur:

15:10  En hij bracht Hem deze alle, en hij deelde ze middendoor, en hij leide elks deel tegen het andere over; maar het gevogelte deelde hij niet. Literatuur:

15:11  En het wild gevogelte kwam neder op het aas; maar Abram joeg het weg. Literatuur:

15:12  En het geschiedde, als de zon was aan het ondergaan, zo viel een diepe slaap op Abram; en ziet, een schrik, en grote duisternis viel op hem. Literatuur:

15:13  Toen zeide Hij tot Abram: Weet voorzeker, dat uw zaad vreemd zal zijn in een land, dat het hunne niet is, en zij zullen hen dienen, en zij zullen hen verdrukken vierhonderd jaren. Literatuur:

15:14  Doch Ik zal het volk ook rechten, hetwelk zij zullen dienen; en daarna zullen zij uittrekken met grote have. Literatuur:

15:15  En gij zult tot uw vaderen gaan met vrede; gij zult in goeden ouderdom begraven worden. Literatuur:

15:16  En het vierde geslacht zal herwaarts wederkeren; want de ongerechtigheid der Amorieten is tot nog toe niet volkomen. Literatuur:

15:17  En het geschiedde, dat de zon onderging en het duister werd, en ziet, daar was een rokende oven en vurige fakkel, die tussen die stukken doorging. Literatuur:

15:18  Ten zelfden dage maakte de HEERE een verbond met Abram, zeggende: Aan uw zaad heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af, tot aan die grote rivier, de rivier Frath: Literatuur:

15:19  Den Keniet, en den Keniziet, en den Kadmoniet, Literatuur:

15:20  En den Hethiet, en den Fereziet, en de Refaieten, Literatuur:

15:21  En den Amoriet, en den Kanaaniet, en den Girgaziet, en den Jebusiet. Literatuur:

<< Genesis 14         Genesis 16 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)