Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Genesis 10         Genesis 12 >>

Mattheüs 11

11:1  En het is geschied, toen Jezus geeindigd had Zijn twaalf discipelen bevelen te geven, dat Hij van daar voortging, om te leren en te prediken in hun steden.

11:2  En Johannes, in de gevangenis gehoord hebbende de werken van Christus, zond twee van zijn discipelen;

11:3  En zeide tot hem: Zijt Gij Degene, Die komen zou, of verwachten wij een anderen?

11:4  En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Gaat heen en boodschapt Johannes weder, hetgeen gij hoort en ziet:

11:5  De blinden worden ziende, en de kreupelen wandelen; de melaatsen worden gereinigd, en de doven horen; de doden worden opgewekt, en den armen wordt het Evangelie verkondigd.

11:6  En zalig is hij, die aan Mij niet zal geergerd worden.

11:7  Als nu dezen heengingen, heeft Jezus tot de scharen begonnen te zeggen van Johannes: Wat zijt gij uitgegaan in de woestijn te aanschouwen? Een riet, dat van den wind ginds en weder bewogen wordt?

11:8  Maar wat zijt gij uitgegaan te zien? Een mens, met zachte klederen bekleed? Ziet, die zachte klederen dragen, zijn in der koningen huizen.

11:9  Maar wat zijt gij uitgegaan te zien? Een profeet? Ja, Ik zeg u, ook veel meer dan een profeet. Literatuur:


Bijbelstudies
Behoort u te worden gedoopt?  

11:10  Want deze is het, van dewelken geschreven staat: Ziet, Ik zende Mijn engel voor Uw aangezicht, die Uw weg bereiden zal voor U heen. Literatuur:


Bijbelstudies
Behoort u te worden gedoopt?  

11:11  Voorwaar zeg Ik u: onder degenen, die van vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan meerder dan Johannes de Doper; doch die de minste is in het Koninkrijk der hemelen, is meerder dan hij. Literatuur:

11:12  En van de dagen van Johannes den Doper tot nu toe, wordt het Koninkrijk der hemelen geweld aangedaan, en de geweldigers nemen hetzelve met geweld.

11:13  Want al de profeten en de wet hebben tot Johannes toe geprofeteerd.

11:14  En zo gij het wilt aannemen, hij is Elias, die komen zou.

11:15  Wie oren heeft om te horen, die hore.

11:16  Doch waarbij zal Ik dit geslacht vergelijken? Het is gelijk aan de kinderkens, die op de markten zitten, en hun gezellen toeroepen.

11:17  En zeggen: Wij hebben u op de fluit gespeeld, en gij hebt niet gedanst; wij hebben u klaagliederen gezongen, en gij hebt niet geweend.

11:18  Want Johannes is gekomen, noch etende, noch drinkende, en zij zeggen: Hij heeft den duivel.

11:19  De Zoon des mensen is gekomen, etende en drinkende, en zij zeggen: Ziet daar, een Mens, Die een vraat en wijnzuiper is, een Vriend van tollenaren en zondaren. Doch de Wijsheid is gerechtvaardigd geworden van Haar kinderen. Literatuur:

11:20  Toen begon Hij de steden, in dewelke Zijn krachten meest geschied waren, te verwijten, omdat zij zich niet bekeerd hadden. Literatuur:

11:21  Wee u, Chorazin! wee u Bethsaida! want zo in Tyrus en Sidon de krachten waren geschied, die in u geschied zijn, zij zouden zich eertijds in zak en as bekeerd hebben. Literatuur:

11:22  Doch Ik zeg u: Het zal Tyrus en Sidon verdragelijker zijn in den dag des oordeels, dan ulieden. Literatuur:

11:23  En gij, Kapernaum! die tot den hemel toe zijt verhoogd, gij zult tot de hel toe nedergestoten worden. Want zo in Sodom die krachten waren geschied, die in u geschied zijn, zij zouden tot op den huidigen dag gebleven zijn. Literatuur:

11:24  Doch Ik zeg u, dat het den lande van Sodom verdragelijker zal zijn in den dag des oordeels, dan u. Literatuur:

11:25  In dienzelfden tijd antwoordde Jezus en zeide: Ik dank U, Vader! Heere des hemels en der aarde! dat Gij deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen hebt, en hebt dezelve den kinderkens geopenbaard. Literatuur:

11:26  Ja, Vader! Want alzo is geweest het welbehagen voor U. Literatuur:

11:27  Alle dingen zijn Mij overgegeven van Mijn Vader; en niemand kent den Zoon dan de Vader, noch iemand kent den Vader dan de Zoon, en dien het de Zoon wil openbaren. Literatuur:

11:28  Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven. Literatuur:

11:29  Neemt Mijn juk op u, en leert van Mij, dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en gij zult rust vinden voor uw zielen. Literatuur:

11:30  Want Mijn juk is zacht, en Mijn last is licht. Literatuur:

<< Genesis 10         Genesis 12 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)