Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Spreuken 12         Spreuken 14 >>

Spreuken 13

13:1  Een wijs zoon hoort de tucht des vaders; maar een spotter hoort de bestraffing niet.

13:2  Een ieder zal van de vrucht des monds het goede eten; maar de ziel der trouwelozen het geweld.

13:3  Die zijn mond bewaart, behoudt zijn ziel; maar voor hem is verstoring, die zijn lippen wijd opendoet.

13:4  De ziel des luiaards is begerig, doch er is niets; maar de ziel der vlijtigen zal vet gemaakt worden.

13:5  De rechtvaardige haat leugentaal; maar de goddeloze maakt zich stinkende, en doet zich schaamte aan.

13:6  De gerechtigheid bewaart den oprechte van weg; maar de goddeloosheid zal den zondaar omkeren.

13:7  Er is een, die zichzelven rijk maakt, en niet met al heeft, en een, die zichzelven arm maakt, en heeft veel goed.

13:8  Het rantsoen van ieders ziel is zijn rijkdom; maar de arme hoort het schelden niet.

13:9  Het licht der rechtvaardigen zal zich verblijden; maar de lamp der goddelozen zal uitgeblust worden.

13:10  Door hovaardigheid maakt men niet dan gekijf; maar bij de beradenen is wijsheid. Literatuur:

13:11  Goed, van ijdelheid gekomen, zal verminderd worden; maar die met de hand vergadert, zal het vermeerderen. Literatuur:


Preken
U bent wat u kiest  

13:12  De uitgestelde hoop krenkt het hart; maar de begeerte, die komt, is een boom des levens.

13:13  Die het woord veracht, die zal verdorven worden; maar wie het gebod vreest, dien zal vergolden worden.

13:14  Des wijzen leer is een springader des levens, om af te wijken van de strikken des doods.

13:15  Goed verstand geeft aangenaamheid; maar de weg der trouwelozen is streng.

13:16  Al wie kloekzinnig is, handelt met wetenschap; maar een zot breidt dwaasheid uit.

13:17  Een goddeloze bode zal in het kwaad vallen; maar een trouw gezant is medicijn.

13:18  Armoede en schande is desgenen, die de tucht verwerpt; maar die de bestraffing waarneemt; zal geeerd worden.

13:19  De begeerte, die geschiedt, is zoet voor de ziel; maar het is den zotten een gruwel van het kwade af te wijken.

13:20  Die met de wijzen omgaat, zal wijs worden; maar die der zotten metgezel is, zal verbroken worden.

13:21  Het kwaad zal de zondaars vervolgen; maar den rechtvaardige zal men goed vergelden.

13:22  De goede zal zijner kinders kinderen doen erven; maar het vermogen des zondaars is voor den rechtvaardige weggelegd.

13:23  Het ploegen der armen geeft veelheid der spijze; maar daar is een, die verteerd wordt door gebrek van oordeel.

13:24  Die zijn roede inhoudt, haat zijn zoon; maar die hem liefheeft, zoekt hem vroeg met tuchtiging. Literatuur:

13:25  De rechtvaardige eet tot verzadiging zijner ziel toe; maar de buik der goddelozen zal gebrek hebben.

<< Spreuken 12         Spreuken 14 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)