Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Spreuken 10         Spreuken 12 >>

Spreuken 11

11:1  Een bedriegelijke weegschaal is den HEERE een gruwel; maar een volkomen weegsteen is Zijn welgevallen.

11:2  Als de hovaardigheid komt, zal de schande ook komen; maar met de ootmoedigen is wijsheid.

11:3  De oprechtheid der oprechten leidt hen; maar de verkeerdheden der trouwelozen verstoort hen.

11:4  Goed doet geen nut ten dage der verbolgenheid; maar de gerechtigheid redt van den dood.

11:5  De gerechtigheid des oprechten maakt zijn weg recht; maar de goddeloze valt door zijn goddeloosheid.

11:6  De gerechtigheid der vromen zal hen redden; maar de trouwelozen worden gevangen in hun verkeerdheid.

11:7  Als de goddeloze mens sterft, vergaat zijn verwachting; zelfs is de allersterkste hoop vergaan.

11:8  De rechtvaardige wordt uit benauwdheid bevrijd; en de goddeloze komt in zijn plaats.

11:9  De huichelaar verderft zijn naaste door den mond; maar door wetenschap worden de rechtvaardigen bevrijd. Literatuur:


Artikelen
Het negende gebod  (2)

11:10  Een stad springt op van vreugde over het welvaren der rechtvaardigen; en als de goddelozen vergaan, is er gejuich.

11:11  Door den zegen der oprechten wordt een stad verheven; maar door den mond der goddelozen wordt zij verbroken.

11:12  Die verstandeloos is, veracht zijn naaste; maar een man van groot verstand zwijgt stil.

11:13  Die als een achterklapper wandelt, openbaart het heimelijke; maar die getrouw is van geest, bedekt de zaak.

11:14  Als er geen wijze raadslagen zijn, vervalt het volk; maar de behoudenis is in de veelheid der raadslieden. Literatuur:

11:15  Als iemand voor een vreemde borg geworden is, hij zal zekerlijk verbroken worden; maar wie degenen haat, die in de hand klappen, is zeker.

11:16  Een aangename huisvrouw houdt de eer vast, gelijk de geweldigen den rijkdom vasthouden.

11:17  Een goedertieren mens doet zijn ziel wel; maar die wreed is, beroert zijn vlees.

11:18  De goddeloze doet een vals werk; maar voor dengene, die gerechtigheid zaait, is trouwe loon.

11:19  Alzo is de gerechtigheid ten leven, gelijk die het kwade najaagt, naar zijn dood jaagt.

11:20  De verkeerden van hart zijn den HEERE een gruwel; maar de oprechten van weg zijn Zijn welgevallen.

11:21  Hand aan hand zal de boze niet onschuldig zijn; maar het zaad der rechtvaardigen zal ontkomen.

11:22  Een schone vrouw, die van rede afwijkt, is een gouden bagge in een varkenssnuit.

11:23  De begeerte der rechtvaardigen is alleenlijk het goede; maar de verwachting der goddelozen is verbolgenheid.

11:24  Er is een, die uitstrooit, denwelken nog meer toegedaan wordt; en een, die meer inhoudt dan recht is, maar het is tot gebrek. Literatuur:

11:25  De zegenende ziel zal vet gemaakt worden; en die bevochtigt, zal ook zelf een vroege regen worden. Literatuur:

11:26  Wie koren inhoudt, dien vloekt het volk; maar zegening zal zijn over het hoofd des verkopers.

11:27  Wie het goede vroeg nazoekt, zoekt welgevalligheid; maar wie het kwade natracht, dien zal het overkomen.

11:28  Wie op zijn rijkdom vertrouwt, die zal vallen; maar de rechtvaardigen zullen groenen als loof.

11:29  Wie zijn huis beroert, zal wind erven; en de dwaas zal een knecht zijn desgenen, die wijs van hart is.

11:30  De vrucht des rechtvaardigen is een boom des levens; en wie zielen vangt, is wijs.

11:31  Ziet, den rechtvaardige wordt vergolden op de aarde, hoeveel te meer den goddeloze en zondaar!

<< Spreuken 10         Spreuken 12 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)