Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Exodus 1         Exodus 3 >>

Exodus 2

2:1  En een man van het huis van Levi ging, en nam een dochter van Levi.

2:2  En de vrouw werd zwanger, en baarde een zoon. Toen zij hem zag, dat hij schoon was, zo verborg zij hem drie maanden.

2:3  Doch als zij hem niet langer verbergen kon, zo nam zij voor hem een kistje van biezen, en belijmde het met lijm en met pek; en zij leide het knechtje daarin, en leide het in de biezen, aan den oever der rivier.

2:4  En zijn zuster stelde zich van verre, om te weten, wat hem gedaan zou worden.

2:5  En de dochter van Farao ging af, om zich te wassen in de rivier; en haar jonkvrouwen wandelden aan den kant der rivier; toen zij het kistje in het midden van de biezen zag, zo zond zij haar dienstmaagd heen, en liet het halen.

2:6  Toen zij het open deed, zo zag zij dat knechtje; en ziet, het jongsken weende; en zij werd met barmhartigheid bewogen over hetzelve, en zij zeide: Dit is een van de knechtjes der Hebreen!

2:7  Toen zeide zijn zuster tot Farao''s dochter: Zal ik heengaan, en u een voedstervrouw uit de Hebreinnen roepen, die dat knechtje voor u zoge?

2:8  En de dochter van Farao zeide tot haar: Ga heen. En de jonge maagd ging, en riep des knechtjes moeder.

2:9  Toen zeide Farao''s dochter tot haar: Neem dit knechtje heen, en zoog het mij; ik zal u uw loon geven. En de vrouw nam het knechtje en zoogde het.

2:10  En toen het knechtje groot geworden was, zo bracht zij het tot Farao''s dochter, en het werd haar ten zoon; en zij noemde zijn naam Mozes, en zeide: Want ik heb hem uit het water getogen. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:11  En het geschiedde in die dagen, toen Mozes groot geworden was, dat hij uitging tot zijn broederen, en bezag hun lasten; en hij zag, dat een Egyptisch man een Hebreeuwsen man uit zijn broederen sloeg. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:12  En hij zag herwaarts en gindswaarts; en toen hij zag, dat er niemand was, zo versloeg hij den Egyptenaar, en verborg hem in het zand. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:13  Des anderen daags ging hij wederom uit, en ziet, twee Hebreeuwse mannen twistten; en hij zeide tot den ongerechte: Waarom slaat gij uw naaste? Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:14  Hij dan zeide: Wie heeft u tot een overste en rechter over ons gezet? Zegt gij dit, om mij te doden, gelijk gij den Egyptenaar gedood hebt? Toen vreesde Mozes, en zeide: Voorwaar, deze zaak is bekend geworden! Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:15  Als nu Farao deze zaak hoorde, zo zocht hij Mozes te doden; doch Mozes vlood voor Farao''s aangezicht, en woonde in het land Midian, en hij zat bij een waterput. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:16  En de priester in Midian had zeven dochters, die kwamen om te putten, en vulden de drinkbakken, om de kudde haars vaders te drenken. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:17  Toen kwamen de herders, en zij dreven haar van daar; doch Mozes stond op, en verloste ze, en drenkte haar kudden. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:18  En toen zij tot haar vader Rehuel kwamen, zo sprak hij: Waarom zijt gij heden zo haast wedergekomen? Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:19  Toen zeiden zij: Een Egyptisch man heeft ons verlost uit de hand der herderen; en hij heeft ook overvloedig voor ons geput, en de kudde gedrenkt. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:20  En hij zeide tot zijn dochters: Waar is hij toch, waarom liet gij den man nu gaan? roept hem, dat hij brood ete. Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:21  En Mozes bewilligde bij den man te wonen; en hij gaf Mozes zijn dochter Zippora; Literatuur:


Bijbelstudies
Wat is ware bekering?  

2:22  Die baarde een zoon; en hij noemde zijn naam Gersom; want hij zeide: Ik ben een vreemdeling geworden in een vreemd land.

2:23  En het geschiedde na vele dezer dagen, als de koning van Egypte gestorven was, dat de kinderen Israels zuchtten en schreeuwden over den dienst; en hun gekrijt over hun dienst kwam op tot God. Literatuur:

2:24  En God hoorde hun gekerm, en God gedacht aan Zijn verbond met Abraham, met Izak, en met Jakob. Literatuur:

2:25  En God zag de kinderen Israels aan, en God kende hen. Literatuur:

<< Exodus 1         Exodus 3 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)