Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Psalmen 72         Psalmen 74 >>

Psalmen 73

73:1  Een psalm van Asaf. Immers is God Israel goed, dengenen, die rein van harte zijn.

73:2  Maar mij aangaande, mijn voeten waren bijna uitgeweken; mijn treden waren bijkans uitgeschoten.

73:3  Want ik was nijdig op de dwazen, ziende der goddelozen vrede.

73:4  Want er zijn geen banden tot hun dood toe, en hun kracht is fris.

73:5  Zij zijn niet in de moeite als andere mensen, en worden met andere mensen niet geplaagd.

73:6  Daarom omringt hen de hovaardij als een keten; het geweld bedekt hen als een gewaad. Literatuur:

73:7  Hun ogen puilen uit van vet; zij gaan de inbeeldingen des harten te boven.

73:8  Zij mergelen de lieden uit, en spreken boselijk van verdrukking; zij spreken uit de hoogte.

73:9  Zij zetten hun mond tegen den hemel, en hun tong wandelt op de aarde.

73:10  Daarom keert zich Zijn volk hiertoe, als hun wateren eens vollen bekers worden uitgedrukt,

73:11  Dat zij zeggen: Hoe zou het God weten, en zou er wetenschap zijn bij den Allerhoogste?

73:12  Ziet, dezen zijn goddeloos; nochtans hebben zij rust in de wereld; zij vermenigvuldigen het vermogen.

73:13  Immers heb ik te vergeefs mijn hart gezuiverd, en mijn handen in onschuld gewassen.

73:14  Dewijl ik den gansen dag geplaagd ben, en mijn straffing is er alle morgens.

73:15  Indien ik zou zeggen: Ik zal ook alzo spreken; ziet, zo zou ik trouweloos zijn aan het geslacht Uwer kinderen.

73:16  Nochtans heb ik gedacht om dit te mogen verstaan; maar het was moeite in mijn ogen;

73:17  Totdat ik in Gods heiligdommen inging, en op hun einde merkte.

73:18  Immers zet Gij hen op gladde plaatsen; Gij doet hen vallen in verwoestingen.

73:19  Hoe worden zij als in een ogenblik tot verwoesting, nemen een einde, worden te niet van verschrikkingen!

73:20  Als een droom na het ontwaken! Als Gij opwaakt, o Heere, dan zult Gij hun beeld verachten.

73:21  Als mijn hart opgezwollen was, en ik in mijn nieren geprikkeld werd,

73:22  Toen was ik onvernuftig, en wist niets; ik was een groot beest bij U.

73:23  Ik zal dan geduriglijk bij U zijn; Gij hebt mijn rechterhand gevat;

73:24  Gij zult mij leiden door Uw raad; en daarna zult Gij mij in heerlijkheid opnemen.

73:25  Wien heb ik nevens U in den hemel? Nevens U lust mij ook niets op de aarde!

73:26  Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn Deel in eeuwigheid.

73:27  Want ziet, die verre van U zijn, zullen vergaan; Gij roeit uit, al wie van U afhoereert;

73:28  Maar mij aangaande, het is mij goed nabij God te wezen; ik zet mijn betrouwen op den Heere HEERE, om al Uw werken te vertellen.

<< Psalmen 72         Psalmen 74 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)