Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Psalmen 61         Psalmen 63 >>

Psalmen 62

62:1  Een psalm van David, voor den opperzangmeester, over Jeduthun. (:) Immers is mijn ziel stil tot God; van Hem is mijn heil.

62:2  (:) Immers is Hij mijn Rotssteen en mijn Heil, mijn Hoog Vertrek, ik zal niet grotelijks wankelen.

62:3  (:) Hoe lang zult gijlieden kwaad aanstichten tegen een man? Gij allen zult gedood worden; gij zult zijn als een ingebogen wand, een aangestoten muur.

62:4  (:) Zij raadslagen slechts, om hem van zijn hoogheid te verstoten; zij hebben behagen in leugen; met hun mond zegenen zij; maar met hun binnenste vloeken zij. Sela.

62:5  (:) Doch gij, o mijn ziel! zwijg Gode; want van Hem is mijn verwachting.

62:6  (:) Hij is immers mijn Rotssteen en mijn Heil, mijn Hoog Vertrek; ik zal niet wankelen.

62:7  (:) In God is mijn Heil en mijn Eer; de Rotssteen mijner sterkte, mijn Toevlucht is in God.

62:8  (:) Vertrouw op Hem te aller tijd, o gij volk! Stort ulieder hart uit voor Zijn aangezicht; God is ons een Toevlucht. Sela.

62:9  (:) Immers zijn de gemene lieden ijdelheid, de grote lieden zijn leugen; in de weegschaal opgewogen, zouden zij samen lichter zijn dan de ijdelheid.

62:10  (:) Vertrouwt niet op onderdrukking, noch op roverij; wordt niet ijdel, als het vermogen overvloedig aanwast, en zet er het hart niet op. Literatuur:

62:11  (:) God heeft een ding gesproken, ik heb dit tweemaal gehoord: dat de sterkte Godes is. Literatuur:

62:12  (:) En de goedertierenheid, o Heere! is Uwe; want Gij zult een iegelijk vergelden naar zijn werk. Literatuur:

<< Psalmen 61         Psalmen 63 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)