Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Genesis 7         Genesis 9 >>

Psalmen 8

8:1  Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Gitthith. (:) O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen.

8:2  (:) Uit den mond der kinderkens en der zuigelingen hebt Gij sterkte gegrondvest, om Uwer tegenpartijen wil, om den vijand en wraakgierige te doen ophouden. Literatuur:

8:3  (:) Als ik Uw hemel aanzie, het werk Uwer vingeren, de maan en de sterren, die Gij bereid hebt; Literatuur:


Artikelen
Het derde gebod  

8:4  (:) Wat is de mens, dat Gij zijner gedenkt, en de zoon des mensen, dat Gij hem bezoekt? Literatuur:

8:5  (:) En hebt hem een weinig minder gemaakt dan de engelen, en hebt hem met eer en heerlijkheid gekroond? Literatuur:

8:6  (:) Gij doet hem heersen over de werken Uwer handen; Gij hebt alles onder zijn voeten gezet; Literatuur:

8:7  (:) Schapen en ossen, alle die; ook mede de dieren des velds. Literatuur:

8:8  (:) Het gevogelte des hemels, en de vissen der zee; hetgeen de paden der zeeen doorwandelt.

8:9  (:) O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde!

<< Genesis 7         Genesis 9 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)