Selecteer vers


Voer vers in


(b.v. johannes 8 32)

<< Psalmen 4         Psalmen 6 >>

Psalmen 5

5:1  Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Nechiloth. (:) O HEERE, neem mijn redenen ter ore; versta mijn overdenking.

5:2  (:) Merk op de stem mijns geroeps, o mijn Koning en mijn God! Want tot U zal ik bidden.

5:3  (:) Des morgens, HEERE, zult Gij mijn stem horen; des morgens zal ik mij tot U schikken, en wacht houden.

5:4  (:) Want Gij zijt geen God, Die lust heeft aan goddeloosheid; de boze zal bij U niet verkeren.

5:5  (:) De onzinnigen zullen voor Uw ogen niet bestaan; Gij haat alle werkers der ongerechtigheid. Literatuur:

5:6  (:) Gij zult de leugensprekers verdoen; van den man des bloeds en des bedrogs heeft de HEERE een gruwel. Literatuur:

5:7  (:) Maar ik zal door de grootheid Uwer goedertierenheid in Uw huis ingaan; ik zal mij buigen naar het paleis Uwer heiligheid, in Uw vreze. Literatuur:

5:8  (:) HEERE! Leid mij in Uw gerechtigheid, om mijner verspieders wil; richt Uw weg voor mijn aangezicht.

5:9  (:) Want in hun mond is niets rechts, hun binnenste is enkel verderving, hun keel is een open graf, met hun tong vleien zij.

5:10  (:) Verklaar hen schuldig, o God; laat hen vervallen van hun raadslagen; drijf hen henen om de veelheid hunner overtredingen, want zij zijn wederspannig tegen U.

5:11  (:) Maar laat verblijd zijn allen, die op U betrouwen, tot in eeuwigheid; laat hen juichen, omdat Gij hen overdekt; en laat in U van vreugde opspringen, die Uw Naam liefhebben. Literatuur:

5:12  (:) Want Gij, HEERE, zult den rechtvaardige zegenen; Gij zult hem met goedgunstigheid kronen, als met een rondas.

<< Psalmen 4         Psalmen 6 >>

Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)