Verlies uw doel niet uit het oog

Door John W. Ritenbaugh
4 oktober 2005

Samenvatting: (toon)

Bedenkend dat de meeste profetische interpretaties niet juist zijn geweest, waarschuwt John Ritenbaugh dat we voorzichtig moeten zijn als we proberen profetie te interpreteren. Zoals wij fouten hebben gemaakt betreffende de identiteit van Israël, hebben de protestanten fouten gemaakt door te veronderstellen dat de piepkleine natie Israël het Israël van de eindtijd is. Het grotere geheel van de kerk van God beschikt niet over alle feiten over de identiteit van Israël, de kenmerken van de kerken van Laodicea en Filadelfia, of het Beest zal voortkomen uit een verzwakt en vervallen Europa, wie de koning van het zuiden is, enzovoort. De apostel Paulus spoorde ons aan dat onze aandacht meer gebalanceerd moest worden door meer nadruk te leggen op liefde dan op profetische juistheid, niet onverschillig te blijven voor wat Christus belangrijk achtte, en te leren hoe gebruik te maken van onze beproevingen om te volharden en te groeien. Christus waarschuwde Zijn discipelen toen Hij ten hemel voer, zich niet helemaal op profetie te storten. In plaats daarvan moeten we volharden, ons niet laten afleiden en ons ijverig onderwerpen aan het woord van God.


Deuteronomium 29:29 De verborgen dingen zijn voor de HERE, onze God, maar de geopenbaarde zijn voor ons en onze kinderen voor altijd, opdat wij al de woorden dezer wet volbrengen.

Ik geloof dat u er zich bewust van bent dat er heel wat opvattingen de ronde doen binnen het grotere geheel van de kerk van God over hoe de profetieën over de eindtijd specifiek in vervulling zullen gaan. Ik hoop dat u begrijpt dat niemand van ons die zich aan voorspellingen heeft gewaagd het tot nu toe bij het juiste eind heeft gehad — dat is met in begrip van mijzelf. Dit vers zegt dat geestelijke dingen geopenbaard moeten worden, en bijbelprofetieën voortkomend uit een geestelijke God en vandoen hebbend met Zijn geestelijk doel en plan, zijn geestelijk van aard.

Ik ben op basis van het overstelpende bewijs dat niemand het nog bij het juiste eind heeft gehad, tot de conclusie gekomen dat God Zich er niet zo druk over maakt of we begrip hebben van de specifieke stappen die de gebeurtenissen zullen gaan volgen, tenminste tot nu toe doet Hij dat niet. Iedereen heeft het bij het verkeerde eind gehad, in het bijzonder betreffende de timing van het zich ontvouwen van de gebeurtenissen. Dit punt, waar we het nu over hebben, is een algemeen probleem geweest voor Gods volk en al direct aan het begin van de nieuwtestamentische kerk kunnen we dit zien.

Handelingen 1:6-8 Zij dan, die daar bijeengekomen waren, vroegen Hem en zeiden: Here, herstelt Gij in deze tijd het koningschap voor Israël? 7 Hij zeide tot hen: Het is niet uw zaak de tijden of gelegenheden te weten, waarover de Vader de beschikking aan Zich gehouden heeft, 8 maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u komt, en gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde.

Waar we hier in dit algemene probleem mee te maken hebben, is dat we kunnen zien dat de laatste vraag die de discipelen Hem stelden voordat Hij opsteeg en uit het oog verdween, was: "Wanneer zult U terugkeren?" In feite werd die vraag niet zo direct gesteld. Ze zeiden: "Gaat U het Koninkrijk nu direct herstellen?"

Is dit niet hetzelfde waar wij ons verlangend mee bezig houden? We zouden graag zien dat de dingen tot een eind kwamen. We zouden graag goed, sterk bewijs zien dat de dingen zich gereed maken, waardoor we onszelf moed zouden kunnen inspreken met allerlei soort geloof, met sterk geloof, [en zeggen]: "Nu ik al deze dingen zie gebeuren, kan ik in deze moeilijke tijden geloof hebben." Maar merkte u op dat Hij hen snel de mond snoerde? Hij deed dat door vrij sterk te impliceren: "Ik wil dat jullie over iets anders denken dan dat Ik het Koninkrijk van God hier op aarde zal gaan oprichten."

De gretigheid om de uitwerking van Gods doel te zien uitlopen op een hoogtepunt bleef door alle tijden heen in de kerk bestaan. We zien in 1 Corinthiërs 7 en Romeinen 13, beide geschreven door Paulus, dat hij Christus' wederkomst ieder moment verwachtte. Gemeente, er is in de bijbel nauwelijks een man die meer wordt gerespecteerd dan de apostel Paulus, maar bijna tweeduizend jaar zijn voorbijgegaan en Christus is nog niet teruggekomen. Paulus' verwachting van de wederkomst van Christus werd ook niet in zijn leven vervuld, maar hij had het gevoel in zich, evenals wij dat hebben, van een gretigheid om het tot een eind te zien komen. In onze tijd had ook de heer Armstrong het voortdurend bij het verkeerde eind met betrekking tot zijn timing van gebeurtenissen.

Betekent dit dat we niet langer met deze dingen moeten bezig zijn? Het antwoord is nee. Het is een op ons rustende verplichting om naar begrip te zoeken en daarnaast heeft niemand, inclusief de heer Armstrong en allen die ons zijn voorgegaan, die hoeveelheid informatie ter beschikking voor begrip van wat er op een wereldomvattende schaal plaatsvindt dan wij in deze tijd. Wij zouden in staat moeten zijn dit wat beter te onderscheiden dan zij. Moderne electronische en satelietcommunicatie voorziet ons bijna onmiddellijk van kennis over in andere landen plaatsvindende gebeurtenissen waarover misschien wel in Gods woord gesproken wordt. Dus juist tegenovergesteld, wij moeten proberen te begrijpen, omdat profetie deel uitmaakt van Gods woord en we worden bevolen bij ieder woord van God te leven. Maar er zijn vele moeilijkheden betrokken bij het op de juiste manier interpreteren van profetie, waarvan degene die Jezus in Mattheüs 24 noemde niet de minste is. Laten we dat opslaan.

Mattheüs 24:4-5 En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Ziet toe, dat niemand u verleide! [Het onderwerp hier is misleiding. Dit onderwerp staat ook met Zijn wederkomst in verband.] 5 Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen verleiden.

Wat ik u hier wil laten zien is dat de religieuze wereld, specifiek in de Verenigde Staten van Amerika, waarschijnlijk met een grotere mate van intensiteit hiernaar uitkijkt dan in andere delen van de wereld het geval is. Hier in de Verenigde Staten wordt zoveel aandacht aan religie geschonken. De overheersende religie in de Verenigde Staten noemt zichzelf christelijk en de meeste mensen kijken uit naar de wederkomst van Jezus Christus.

Wat ik wil zeggen is dat al deze mensen die in Zijn naam komen, zeggen dat Hij de Christus is, dat elk van hen wel een profetie heeft aan te bieden. Weest gewaarschuwd, omdat Hij daaraan gekoppeld zegt: "Laat niemand u verleiden." En het onderwerp van dit hoofdstuk wordt uiteindelijk in heel sterke mate Zijn wederkomst. Zoals we in Martins preek op de sabbat hoorden, begint het hoofdstuk met de verwoesting van de tempel, maar tegen de tijd dat we zo'n acht of tien verzen verder zijn, zien we dat Hij Zich concentreert op de tekenen van Zijn wederkomst.

Profetie is in het bijzonder moeilijk, omdat er bepaalde sleutels voor nodig zijn om de geheimenissen ervan te ontsluiten. Sommige daarvan zijn zo vaag dat ze schijnbaar in bijna elke periode van de geschiedenis van toepassing zijn. Ik ga u een kort overzicht geven van enkele van de moeilijkheden die we het hoofd moeten bieden bij het interpreteren van profetie, omdat deze dingen aantrekkelijke maar slinkse valkuilen kunnen zijn die tijd en energie consumeren die beter op een andere manier gebruikt hadden kunnen worden.

Ik weet niet hoeveel namen van mensen naar voren zijn gebracht, soms heel dogmatisch en goed gedocumenteerd, dat die en die persoon zeker het Beest zou zijn. Iedereen kijkt uit naar een man wiens naam in sommige talen (meestal het Grieks of Hebreeuws, maar soms ook wel andere talen, zoals het Aramees) bij elkaar opgeteld 666 is. Er is een heel goede reden om dat te doen, omdat God daar zeer zeker naar verwijst, maar nogmaals ik wil u duidelijk maken dat ondanks al deze voorspellingen, niemand het nog bij het juiste eind heeft gehad, en deze mensen komen en gaan. Zij verschijnen op het wereldtoneel. Het kan zijn dat ze voor korte tijd heel machtig zijn, maar dan vermindert hun macht en uiteindelijk sterven ze.

Hetzelfde speelt zich ongeveer af met betrekking tot de valse Profeet. Dit komt deels door een vage profetie vanuit de Katholieke kerk waarvan de interpretatie is dat er een bepaald aantal opeenvolgende pausen (zo'n 264) zullen zijn en dan zal hij de laatste paus zijn en tevens de valse Profeet, of de daarop volgende zal de valse Profeet zijn. We zijn dat aantal pausen reeds gepasseerd en ...? Demonen liegen. Ik hoop dat we dat weten. Maar ziet u dit is iets dat in omloop is, het kan onze aandacht voor enige tijd trekken en we anticiperen vol hoop dat we heel wat dichterbij zijn gekomen en dat alles nu echt heel snel zal gaan, maar dat gebeurt niet.

Hier volgt een belangrijk punt. Bent u zich ervan bewust dat wij — het grotere geheel van de kerk van God — niet eens weten waar iedere natie die in de lijst van naties in Genesis 10 wordt genoemd, zich in deze tijd bevindt? We hebben een vrij goede indicatie waar sommige van hen zich bevinden, maar er zijn sommige die in de profetieën worden genoemd waarvan we niet zeker weten waar ze zich bevinden.

Neem dit in overweging: Gelooft niet het grootste deel van de protestants-evangelische wereld, die werkelijk de meest belangrijke groep is naast de kerk van God die werkelijk intens geïnteresseerd schijnt te zijn in profetieën over de eindtijd, dat de joodse natie Israël het Israël van de bijbel is? Bijna elk van hun interpretaties van profetie waarin Israël wordt genoemd, verwijst naar die kleine natie van zo'n acht tot tien miljoen mensen. Dat verdraait werkelijk het begrip van wat er in de wereld gaande is, omdat zij niet weten dat het Israël van de bijbel de machtigste natie op aarde is. Hun interpretatie richt zich op die kleine natie en hoe onjuist wordt hun interpretatie daardoor niet.

Maar gemeente, de kerk van God weet niet eens waar alle naties van Israël zich bevinden! Er is verschil van mening. De enige twee waarvan ze echt zeker zijn (en zelfs daar zijn enkele vragen over), zijn de Verenigde Staten en Brittannië. Dit zijn de stammen van Jozef — Efraïm en Manasse. Maar er zijn somige mensen in de kerk van God die geloven dat we ze hebben omgewisseld, dat Brittannië Manasse is en dat de Verenigde Staten Efraïm is. Die interpretatie heeft gewoonlijk zijn basis in het feit dat de Schrift in Genesis zegt, daar waar Jakob zijn handen oplegde, dat Efraïm de grootste van de twee zou zijn. In de eindtijd is er geen enkele twijfel dat de Verenigde Staten de grootste is vergeleken met Brittannië in termen van economische macht, militaire macht en invloed in de wereld. Dat verdraait dus hun interpretatie van profetie.

Binnen de opvattingen van de kerk van God schijnt het ook alsof er in de Schrift staat geschreven dat het Beest in Europa zal opkomen. Bent u zich ervan bewust dat deze interpretatie op wankele bodem staat, omdat die heel erg afhankelijk is van hoe men de wereldse geschiedenis interpreteert, niet de Schrift. Wereldse geschiedenissen zijn altijd enigszins vervormd. Die opvattingen binnen de kerk zijn niet geheel afhankelijk van die interpretatie van wereldse geschiedenis, maar wereldse geschiedenis maakt zeer zeker deel van uit van die interpretatie.

Als we in deze tijd naar Europa kijken zien we dat de politieke eenheid van Europa een bespotting is. Als we uitkijken naar een beestmacht, als we uitkijken naar iemand die werkelijk de naties doet sidderen en ze bang maakt, zodat de Schrift zegt: "Wie kan oorlog voeren tegen het Beest?", dan lijkt het bijna op "Wie kan oorlog voeren tegen de Verenigde Staten?" Zijn wij het Beest?

Laten we hierover nadenken, omdat we altijd te horen hebben gekregen dat het Beest in Europa zou opkomen, maar als we nu in deze tijd naar Europa kijken, dan is hun politieke eenheid een bespotting. Hun economische eenheid is zwak. Een aantal naties geeft signalen af dat ze zich uit de monetaire groep van de Euro willen terugtrekken en weer teruggaan naar hun oude nationale valuta. Ze hebben niet eens een leger en ze hebben bijna geen wapens. Ze zijn middels de NAVO volledig afhankelijk van de Verenigde Staten van Amerika. We gaan dus zien dat hier nogal wat problemen liggen.

De Verenigde Staten van Amerika is de sterkste vriend die Europa heeft. Daar Europa de plaats zou kunnen zijn van het Beest en daar veel Israëlitische naties zich in Europa bevinden, betekent dit dan dat veel Israëlitische naties deel zullen uitmaken van het Beest? Dit is eerder in overweging genomen en ons algemene onderwijs toen we in de Worldwide Church of God waren, was dat als de tijd aanbrak, Brittannië zich eruit zou terugtrekken. Het werd bijna algemeen aangenomen dat de Verenigde Staten, Brittannië's broeder, er geen deel van zou uitmaken, maar Brittannië wel, en op het laatste moment zou iemand het eruit zetten, of het zou zich eruit terugtrekken, zodat het samen met Jozef kon zijn.

Laat me u nog enkele problemen geven. Neem andere naties in overweging die in de profetieën worden genoemd. Is Turkije werkelijk Edom — Jakobs broer? Wie is de koning van het zuiden en in welke natie verblijft hij? Is hij een Arabier afstammend van Ismaël? Is hij een Egyptenaar, of een Pers uit Iran? Is hij een Irakees? Een Syriër? Een Jordaniër? Een Pakistaan? Een Afghaan of een moderne Amalekiet? Ziet u hoeveel vragen er zijn en hoe weinig specifieke antwoorden we hebben?

Zijn de historische gebeurtenissen opgetekend in de bijbel werkelijk patronen waarvan we moeten veronderstellen dat ze zich in de eindtijd zullen herhalen? Bijvoorbeeld in Daniël 11, in de profetieën betreffende de koning van het zuiden, wordt hij geografisch in wat heden ten dage Egypte is, geplaatst. Hoewel hij echter geografisch in Egypte werd geplaatst, was de koning van het zuiden een Griek. Hoe moeten we daarmee verder?

Antiochus Epiphanes, die geacht wordt een type van het Beest te zijn, was de overwinnende koning van het Noorden die Jeruzalem plunderde en verbrandde, omdat hij boos was op iemand anders. (We zien dat in Daniël 11.) Hij offerde een varken op het koperen altaar, richtte een beeld op in het heilige der heiligen ter ere van Jupiter Olympus en begon daarna de tempel te vernietigen. De thuisbasis van deze heel corrupte leider was in wat we heden ten dage Syrië noemen. Hij was ook een Griek. Hoe nauwkeurig zullen de gebeurtenissen in de eindtijd dat scenario volgen? Dit punt is hierbij voldoende uitgediept.

Ik wil u verzekeren dat ik niet zeg dat het Beest niet in Europa zal opkomen, maar ik zeg dat de heersende interpretaties van de profetieën niet zo vast staan als we wel zouden willen hopen. Deze omstandigheid waarmee we moeten leven vraagt van ons dat we een nederige balans in ons denken zullen hebben door onszelf niet toe te staan ons zo vast te pinnen op een bepaalde versie dat er geen ruimte meer is voor andere mogelijkheden. Profetie is gewoon één manier waardoor we onbewust zover kunnen komen dat we datgene uit het oog verliezen waarop we ons oog gericht zouden moeten houden. Ik weet niet of er ooit een tijd is geweest in de geschiedenis van de kerk van God dat de mensen die deel uitmaken van de kerk, zo intensief met profetie bezig waren.

Laten we nog eens kijken naar wat we zojuist in Handelingen 1 lazen, toen de apostelen wilden weten of Jezus het Koninkrijk onmiddellijk zou oprichten. Hij snoerde hen snel de mond door hun in principe te zeggen dat er belangrijker dingen voor hen waren te doen om onmiddellijk mee te beginnen. Ze moesten niet gaan zitten wachten op Zijn wederkomst. Er waren andere dingen te doen en Hij gaf een aftrap voor drie dingen waarvan Hij wilde dat ze die snel zouden aanpakken. Hij zei hun ronduit dat ze de tijden en gelegenheden niet eens behoefden te kennen. U kunt dat zelf lezen.

Wij hebben in sterke mate met hetzelfde probleem te maken. We moeten het juiste doel voor ogen houden, waarbij we de belangrijkste dingen als eerste in aanmerking nemen. Let eens op hoe Paulus datgene waarover ik in het begin van deze preek reeds een en ander zei, aanpakte. We gaan nu 1 Corinthiërs 12 opslaan. De apostel Paulus legt hier zijn vinger op datgene dat altijd het belangrijkste voor u en mij zou moeten zijn.

1 Corinthiërs 12:31 Streeft dan naar de hoogste gaven. En ik wijs u een weg, die nog veel verder omhoog voert.

1 Corinthiërs 13:1-2 Al ware het, dat ik met de tongen der mensen en der engelen sprak, maar had de liefde niet, ik ware schallend koper of een rinkelende cimbaal. 2 Al ware het, dat ik profetische gaven had, en alle geheimenissen en alles, wat te weten is, wist, en al het geloof had, zodat ik bergen verzette, maar ik had de liefde niet, ik ware niets.

Op een andere plaats zegt de apostel Paulus dat hij meer gaven had dan zij allen. Ik weet niet precies wie die "zij allen" waren waarover hij het had, maar ik weet door het lezen van de brief aan de Corinthiërs dat ze te zeer bezig waren met de gaven van de Geest. Zij hadden hun oog niet op het juiste doel gericht. Als u iets weet over die gemeente (en u weet wat ik u zojuist zei), dan weet u dat ze zich allemaal zorgen maakten over wie de beste gaven had, zij hadden hun oog niet op liefde gericht. Zij hadden God niet lief, noch hun naaste. Zij hadden datgene lief dat hun ijdelheid hun gaf, omdat ze meer gaven hadden dan een ander.

Jammer genoeg zijn er mensen binnen de kerk van God — ik zeg niet dat ze deel uitmaken van de Church of the Great God — maar er zijn mensen in de kerk van God die heel geïnteresseerd zijn in profetie en zij besteden, naar het op mij overkomt, bijna al hun tijd om profetisch begrip te verwerven, en zoals ik reeds zei, niemand heeft het tot nu toe bij het juiste eind gehad. Het blijkt uiteindelijk (en ik hoop niet onredelijk te zijn door hen te beoordelen) grotendeels een verspilling van tijd te zijn. Ik hoop dat zij hun aandacht richten op wat Paulus hier zei en wat Jezus daar in Handelingen 1 zei. Er zijn belangrijkere dingen voor ons te doen dan te zeer bezig te zijn met profetie. Hun oog is op het verkeerde doel gericht.

Paulus zegt ons hier in het laatste vers van 1 Corinthiërs 12 en in geheel 1 Corinthiërs 13 wat van het allergrootste belang moet zijn. Daarop zou het oog van de kerk van God, op ieder willekeurig moment van haar geschiedenis, gericht moeten zijn, en dat is God liefhebben en de naaste liefhebben. Dat zijn de twee grote geboden waaraan de gehele wet hangt. Zij zijn de belangrijkste dingen in ons leven. Het onderhouden van dat eerste gebod — God liefhebben — zal ons ervan weerhouden de overige te overtreden. Kort gezegd, door het juiste gebruik van de wet van God in ons dagelijks leven wordt God verheerlijkt en ontwikkelen we tegelijkertijd het karakter van God in voorbereiding op het Koninkrijk van God. Dat is het eerste punt waarop ons oog gericht moet zijn.

We gaan naar mijn mening een interessante vergelijking maken in het boek Openbaring. We gaan op één klein punt de Laodiceeër vergelijken met de Filadelfiër.

Openbaring 3:15-20 Ik weet uw werken, dat gij noch koud zijt, noch heet. Waart gij maar koud of heet! 16 Zo dan, omdat gij lauw zijt en noch heet, noch koud, zal Ik u uit mijn mond spuwen. 17 Omdat gij zegt: Ik ben rijk en ik heb mij verrijkt en heb aan niets gebrek, en gij weet niet, dat gij zijt de ellendige en jammerlijke en arme en blinde en naakte, 18 raad Ik u aan van Mij te kopen goud, dat in het vuur gelouterd is, opdat gij rijk moogt worden, en witte klederen, opdat gij die aandoet en de schande uwer naaktheid niet zichtbaar worde; en ogenzalf om uw oogleden te bestrijken, opdat gij zien moogt. 19 Allen, die Ik liefheb, bestraf Ik en tuchtig Ik; wees dan ijverig en bekeer u. 20 Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop. Indien iemand naar mijn stem hoort en de deur opent, Ik zal bij hem binnenkomen en maaltijd met hem houden en hij met Mij.

Als we zorgvuldig naar deze vijf verzen kijken, zullen we zien dat Christus nergens zei dat de Laodiceeërs lui waren. Zijn beschuldiging richt zich veeleer op hun onverschilligheid jegens Hem en dus op hun gebrek aan aandacht voor de dingen die belangrijk voor Hem zijn. Naast Zijn persoonlijke bezorgdheid voor hen, heeft Hij het volste recht om hen hierover verwijten te maken, omdat zij Hem toebehoren. Eén van de dingen die we hier zien, is dat de wortel van het Laodiceeïsche probleem is dat zijn tijd en energie zijn gericht op de verkeerde dingen, omdat hij een onterecht vertrouwen heeft in zijn eigen gerechtigheid.

Iedereen van ons in deze tijd die op soortgelijke wijze zijn aandacht verkeerd heeft gericht, is schuldig aan dezelfde zonde, en die zonde is onverschilligheid jegens datgene wat Christus belangrijk acht. De Laodiceeër kan het heel druk hebben. Hij kan heel energiek zijn.

Als we veronderstellen dat elk van deze gemeenten die hier in Openbaring 2 en 3 worden genoemd en beschreven, tijdperken uitbeelden, dan ligt één van de belangrijkste verschillen tussen de Filadelfiër en de Laodiceeër precies in dit gebied van het oog op het verkeerde doel gericht te hebben.

Laten we kijken wat er in de verzen 9 tot 11 over de Filadelfiërs wordt gezegd.

Openbaring 3:9, Ik geef sommigen uit de synagoge des satans, van hen, die zeggen, dat zij Joden zijn en het niet zijn, maar liegen; zie, Ik zal maken, dat zij zullen komen en zich nederwerpen voor uw voeten, en erkennen, dat Ik u heb liefgehad.

Dat is een reusachtig iets, waarop ik uw aandacht in een toekomstige preek zal vestigen. Waarom zullen deze mensen worden aanbeden [men zal zich voor hen nederwerpen, dat is aanbidding]? Ziet u in dat dat in principe wordt gezegd? In het volgende vers zegt Hij hun waarom ze door anderen aanbeden zullen worden.

Openbaring 3:10-11 Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen. 11 Ik kom spoedig; houd vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme.

Die woorden "omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten" duiden op volharding. Volharding is een belangrijk geestelijk werk en een belangrijk deel van onze beproeving in de eindtijd is onze verlangens te beheersen om eenvoudigweg aan de druk van de eindtijd te ontkomen en een goed gebruik te maken van de tijd die ons wordt gegund om te groeien.

Eén van de dingen die Jozef werkelijk deden opvallen, is dat hij ondanks dat hij in de gevangenis zat, ondanks het feit dat hij geketend was, ondanks het feit dat hij onschuldig was aan datgene waarvan hij was beschuldigd, hij altijd zijn gedachten op de zaken van het grootste belang hield gericht, en dat was God behagen. Ongeacht waar hij was, wat de omstandigheden waren, hoe hij was gekwetst, of hoe onrechtvaardig de behandeling was, hij hield het oog niet op zichzelf gericht, maar hij richtte zijn aandacht op datgene wat voor God belangrijk was.

Is er enige aanduiding in Jozefs leven te vinden dat hij zich druk bezig hield met profetie? Hij richtte zijn oog op het probleem dat voor hem lag en hoe hij daar door zijn gedrag het best op kon reageren. Hij deed dat heel goed en liet ons een mooi voorbeeld na.

Hij maakte het beste van een slechte, slechte, afschuwelijke situatie die hem zo depressief had kunnen maken dat hij alleen nog maar zou denken: "Wee mij!" "Hoe kom ik hier ooit uit?" "God is onrechtvaardig. Hij laat me niet toe dit te doen, maar ook dat niet." "Iedereen is tegen me. Ik geef het op en gooi het bijltje erbij neer!" Hij hield zijn denken op orde. Wij kunnen daar nu op terugkijken en zien dat hij in plaats daarvan zei: "Hoe kan ik dit gebruiken om God te verheerlijken?" "Hoe kan ik dit gebruiken om deze mensen die me dit aandeden lief te hebben?" "Hoe kan ik dit gebruiken om de mensen die met mij in de gevangenis zitten te helpen?"

Ik zeg niet dat hij zijn aandacht daar onmiddellijk op richtte, maar we weten vanuit de geschiedenis die daar staat beschreven, dat hij zich al vrij snel die houding aanmat en hij begon op te vallen. Hij verheerlijkte God ondanks de omstandigheden.

Ik wil beweren dat aangezien de Filadelfiër door dezelfde soort omstandigheden gaat als de Laodiceeër, omdat beiden leven binnen ongeveer dezelfde tijdsperiode, de Filadelfiër volhardt. Weet u wat dat betekent? Dat betekent dat hij trouw blijft aan wat hem voordien is onderwezen en dat hij het beste maakt van de slechte situatie waarin hij zich bevindt. Hij heeft het doel niet uit het oog verloren. Dat is het verschil tussen die twee. Zelfs de naam "Filadelfia" betekent "iemand met broederliefde". Dat zegt ons dat zijn denken niet op zichzelf is gericht.

Kijk eens naar wat er over de Laodiceeër wordt gezegd. Het kan zijn dat hij het heel druk heeft. Hij kan zelfs heel welvarend zijn en heel wat geld verdienen in de barre tijden, maar zijn denken is op zichzelf gericht. "Ik ben rijk!" Hij kijkt naar zichzelf en zegt: "Het gaat me goed." Hij is geestelijk zo zwak dat hij niet kan zien dat hij zichzelf de gevangene heeft gemaakt van zijn eigen gevoelens die over hemzelf gaan. Is hij druk? Waarschijnlijk kijkt hij daarnaar. "Ik ben rijk en heb aan niets gebrek."

Voor wat betreft de Filadelfiër gaat het zelfs nog verder. De implicatie van wat er wordt gezegd is dat de volhardende Filadelfiër niet alleen maar vasthoudt aan de waarden die hem in het verleden zijn gegeven, maar de Filadelfiër houdt zich bezig met dezelfde geestelijke dingen als Christus en die dingen krijgen zijn tijd en aandacht. Christus' vermaning wordt gegeven met de implicatie dat als de Filadelfiër daarmee doorgaat, hij zal groeien. Er is een fysieke parallel hiermee die we allemaal moeten kunnen begrijpen.

Toen ik nog jong was, was de cursus spierontwikkeling van Charles Atlas erg populair. Ik heb hem (zoals u kunt zien) nooit gevolgd, maar hij was erg populair. Bijna in elk stripboek dat je kocht, stond wel een advertentie van deze cursus. Die specifieke cursus werkte op basis van een heel eenvoudig principe waarbij weinig of geen fysieke apparaten nodig waren. Het uitgangspunt was dat zolang een spier onder spanning wordt gehouden, het levengevende bloed in grotere hoeveelheden naar die spier onder spanning zal vloeien, en de spier zal groeien. Zo eenvoudig is dat. Dat is het gehele uitgangspunt achter spierontwikkeling.

De gewichten die bij spierontwikkeling worden gebruikt behoefden niet bijzonder zwaar te zijn, tenzij men een uitzonderlijk omvangrijke spier wilde ontwikkelen, maar de spier moest gebruikt worden, of de gewichten nu licht of zwaar waren, en als hij werd gebruikt, zou de spier groeien. Dat is precies wat hier in geestelijke zin wordt gezegd. "Filadelfiërs, als jullie doorgaan, zullen jullie groeien." Het is bijna alsof het een automatische reactie is op het feit dat ze de dingen, de waarheden, de concepten, de principes die hun voorheen werden onderwezen, niet opgeven. Zelfs als zijn ze verstrooid, ze zullen toch verder blijven groeien.

Daartegenover is de Laodiceeër vergeleken met de Filadelfiër, zoals we in deze tijd zouden zeggen, "overal te vinden". Druk! Druk! Druk! Maar zoals Christus zegt, ze zijn niet geïnteresseerd in datgene waarin Hij geïnteresseerd is. Zij verspillen hun tijd.

Nogmaals, als we veronderstellen dat de Laodiceeër de laatste periode voorstelt, de periode waarin Christus zal wederkeren, dan laat de vermaning die hun gegeven wordt, zien waarin Christus het meest geïnteresseerd is tijdens deze periode. Hij is erin geïnteresseerd dat Zijn broers en zusters geestelijk rijk worden. Hier wordt de tegenstelling gegeven. De Laodiceeër zegt: "Ik ben rijk." Zo beoordeelt hij de situatie. Christus kijkt naar hem en zegt: "U bent ellendig, jammerlijk, arm, blind en naakt." Tussen twee haakjes, Laodicea betekent "het oordeel van de mensen", dit kunnen we dus op beide manieren uitleggen. Christus is de Rechter en zegt: "Jullie verkeren in bedroevende omstandigheden." De Laodiceeër oordeelt en zegt: "Het gaat geweldig goed met me!" Dit is het oordelen van de mensen, of het oordeel van de mensen. We hebben hier een belangrijk verschil.

Laten we onze aandacht een iets andere kant uit richten, een richting waarbij ik betrokken ben en mijn relatie met u. We slaan daartoe Ezechiël 33 op. We zien hier, zoals we het in deze tijd interpreteren, een situatie uit de eindtijd.

Ezechiël 33:1-6 Het woord des HEREN kwam tot mij: 2 Mensenkind, spreek tot uw volksgenoten en zeg tot hen: wanneer Ik over een land het zwaard breng, en de inwoners van dat land hebben uit hun midden iemand gekozen en tot wachter aangesteld, 3 en deze ziet het zwaard over dat land komen, en blaast op de bazuin en waarschuwt het volk — 4 als dan iemand wel het geluid van de bazuin hoort, maar zich niet laat waarschuwen, en het zwaard komt en rukt hem weg, dan komt diens bloed over zijn eigen hoofd. 5 Hij heeft het geluid van de bazuin gehoord, maar zich niet laten waarschuwen; zijn bloed komt over hemzelf; als hij zich had laten waarschuwen, zou hij zijn leven hebben gered. 6 Maar wanneer de wachter het zwaard ziet komen, doch niet op de bazuin blaast, zodat het volk niet gewaarschuwd wordt — en het zwaard komt en rukt iemand van hen weg, dan wordt hij wel weggerukt in zijn eigen ongerechtigheid, maar van zijn bloed zal Ik de wachter rekenschap vragen.

In de tijd dat Evelyn en ik werden gedoopt, haalde de heer Armstrong deze verzen vaak aan. Hij paste deze verzen op zichzelf toe en zei dat het zijn verantwoordelijkheid was om de profetieën te bestuderen, ze te interpreteren in het licht van de gebeurtenissen die zich in de wereld afspeelden en dan de naties van Israël te waarschuwen over hun aanstaande vernietiging en de wederkomst van Jezus Christus. Ik wil dat in het geheel niet bestrijden, maar ik wil een directere geestelijke toepassing maken van dit vers in samenhang met mijzelf en u — degenen van u die hier zijn en die naar het geluid van mijn stem luisteren — omdat ik uw wachter ben.

Er staat hier dat als u iemand kiest uw wachter te zijn, dat hij dan uw wachter is. U hebt ervoor gekozen deel uit te maken van de Church of the Great God en dus ben ik nu verantwoordelijk om u een waarschuwing te geven en specifiek is dit een waarschuwing over oorlog. Maar ik ben een ander soort wachter dan Herbert Armstrong.

Ezechiël 33:7-9 Gij nu, mensenkind, u heb Ik tot wachter over het huis Israëls aangesteld. Wanneer gij een woord uit mijn mond hoort, zult gij hen uit mijn naam waarschuwen. 8 Als Ik tot de goddeloze zeg: Goddeloze, gij zult zeker sterven, — maar gij spreekt niet om de goddeloze te waarschuwen voor zijn weg, dan zal die goddeloze in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar van zijn bloed zal Ik u rekenschap vragen. 9 Maar als gij een goddeloze waarschuwt om zich van zijn weg te bekeren, doch hij bekeert zich daarvan niet, dan zal hij in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar gij hebt uw leven gered.

Deze verzen zeggen mij dat ieder van ons een verantwoordelijkheid heeft jegens God. Als ik Gods woord niet tot u spreek, zodat u in staat bent de juiste keuzes in uw leven te maken, dan is uw bloed op mijn hoofd. Maar als ik dit wel doe en u doet niets, dan is uw bloed op uw eigen hoofd en ga ik vrijuit en heb ik voor God geen schuld. Ik zeg u nu dat ik alles wat in mijn vermogen ligt zal doen, opdat uw bloed niet op mijn hoofd komt.

Ik waarschuw u nu voor de nabije nadering van de vijand en ik heb dat al jaren gedaan. In feite zijn we reeds betrokken bij een heel serieuze oorlog die alle signalen afgeeft dat hij steeds heviger wordt.

Ik wil dat u ziet hoe Paulus dit benaderde, zelfs in zijn tijd. We slaan daartoe 2 Corinthiërs 10 op.

2 Corinthiërs 10:3 Want al leven wij in het vlees, wij trekken niet ten strijde naar het vlees,

Paulus zegt dat alsof we reeds in oorlog zijn en dat zijn we ook!

2 Corinthiërs 10:4-5 want de wapenen van onze veldtocht zijn niet vleselijk, maar krachtig voor God tot het slechten van bolwerken, 5 zodat wij de redeneringen [of bedoelingen] en elke schans, die opgeworpen wordt tegen de kennis van God, slechten, elk bedenksel als krijgsgevangene brengen onder de gehoorzaamheid aan Christus,

Onze oorlog is grotendeels mentaal en hoe we daar intern mee omgaan geeft uitwendig bewijs of we in die oorlog wel of niet aan de winnende hand zijn, of we ons eigenlijk wel bewust zijn dat we bij een oorlog betrokken zijn.

Laten we een andere heel bekende oorlogsmetafoor lezen in de brief aan de Efeziërs. Hier wordt de vijand benoemd — de generaal van de vijand.

Efeziërs 6:10-18 Voorts, weest krachtig in de Here en in de sterkte zijner macht. 11 Doet de wapenrusting Gods aan, om te kunnen standhouden tegen de verleidingen des duivels; 12 want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten. 13 Neemt daarom de wapenrusting Gods, om weerstand te kunnen bieden in de boze dag en om, uw taak geheel vervuld hebbende, stand te houden. 14 Stelt u dan op, uw lendenen omgord met de waarheid, bekleed met het pantser der gerechtigheid, 15 de voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes; 16 neemt bij dit alles het schild des geloofs ter hand, waarmede gij al de brandende pijlen van de boze zult kunnen doven; 17 en neemt de helm des heils aan en het zwaard des Geestes, dat is het woord van God. 18 En bidt daarbij met aanhoudend bidden en smeken bij elke gelegenheid in de Geest, daartoe wakende met alle volharding [denk aan de Filadelfiër] en smeking voor alle heiligen;

Ik wil dat u erover nadenkt hoeveel oorlogssymbolen Paulus in deze ene metafoor gebruikte, zodat wij een geestelijk feit niet over het hoofd zouden kunnen zien, een waarheid die essentieel is voor ons welzijn. Dit zegt ons hoe we deze strijd moeten voeren en waarop daarbij ons oog moet zijn gericht, omdat de strijd er nu is. Hij komt niet over een maand of twee, of een maand of vijf. Hij komt niet aan de orde in de vervulling van profetie. De strijd die op u en mij afkomt is niet profetisch tijdens het verstrijken van de tijd. Die strijd is hier en nu.

In dit ene voorbeeld gebruikte Paulus de volgende symbolen:

  1. worstelen
  2. listen (duidend op een duivelse strategie)
  3. wapenrusting (wordt tweemaal genoemd)
  4. staan (zoals na een gewonnen strijd)
  5. borstschild
  6. schoenen
  7. wapenschild
  8. vurige pijlen
  9. helm
  10. zwaard
  11. waakzaam zijn

In één voorbeeld vinden we elf symbolen, zodat hopelijk als iemand dit doorleest hem iets op zal vallen dat zijn aandacht trekt.

We komen nu weer terug bij het punt waar we mee begonnen: profetie. Zelfs zoiets als profetie, dat deel uitmaakt van Gods woord, kan ons de indruk geven dat het, aangezien het geestelijk is en door God geopenbaard moet worden, werkelijk belangrijk moet zijn. Laat me dit duidelijk maken. Ja, er is inderdaad een belang aan gekoppeld, maar het is niet waar onze hoofdaandacht op moet zijn gericht. Onze hoofdaandacht moet veel dichter bij huis blijven.

In 2 Timotheüs 2 benutte Paulus vrij vaak militaire metafoors.

2 Timotheüs 2:3 Lijd met de anderen als een goed soldaat van Christus Jezus.

Lijden duidt op moeilijke situaties. Wees iemand als Jozef. Jozef verdroeg en volhardde. Hij maakte het beste gebruik van een slechte situatie.

2 Timotheüs 2:4 Tijdens de veldtocht wordt geen soldaat gemoeid in de zorg voor zijn onderhoud; hij heeft (slechts) hem te voldoen, door wie hij aangeworven is.

Dat is vrij duidelijk. Wij zijn verantwoordelijk ten opzichte van onze Generaal en Hij is degene die we moeten behagen. Hij heeft ons reeds in Openbaring 3 gezegd waaraan Hij wil dat wij aandacht schenken, dat is aan de dingen die we reeds hebben ontvangen. Als we er hard aan werken die dingen vast te houden, zullen we groeien zelfs ondanks de onzekerheid van de tijden waarin we leven.

De geestelijke druk neemt toe. Velen van ons krijgen daardoor een gevoel van vermoeidheid, een lusteloosheid door de snelheid van de tijden en de snelheid waarmee de ontwikkelingen plaatsvinden. En toch al kunnen we hier en daar kleine beetjes zien gebeuren, gebeurt er in één opzicht niets snel genoeg. Dat is een interessant dilemma. Het is mijn zorg dat dat onze aandacht zo opeist, dat we datgene dat er pal voor ons gebeurt uit het oog verliezen en dat we te ver wegkijken van datgene waar Christus Zich zorgen over maakt.

1 Timotheüs 1:18 Deze opdracht vertrouw ik u toe, mijn kind Timotheüs, overeenkomstig de profetieën, die vroeger aangaande u zijn uitgesproken, opdat gij, u daarnaar richtend, de goede strijd strijdt.

Gemeente, we horen niet het geluid van ontploffende bommen, of het blaffen van bevelen die temidden van de verwarring van het bestrijden van een grote brand gegeven worden, of de kreten van ondraaglijke pijn van mannen worstelend met de dood door een afschuwelijke wond waardoor hun bloed op de grond vloeit. Maar onze vijand en het gevecht is evenzeer echt, alhoewel dit stilzwijgend gebeurt. Als we niet waakzaam zijn of als we hebben toegelaten dat we werden afgeleid zodat we datgene wat belangrijk is uit het oog verloren, kunnen we in grote moeilijkheden komen.

Een aantal jaren geleden (ik geloof dat het in de 70-er jaren was) woonde ik een conferentie van dienaren bij en volgde ik een lezing over bezetenheid die door Raymond McNair gegeven werd. Hij noemde iets in die lezing dat hij aan Herbert Armstrong toeschreef. Sinds die tijd heb ik die neiging in de menselijke natuur gezien, ook terwijl er mogelijk geen demon bij betrokken was; dat is dat de menselijke natuur geneigd is zich zo sterk met iets bezig te gaan houden dat het leven ongebalanceerd wordt. Als iemands leven ongebalanceerd wordt, zal hij gaan wankelen en vallen.

Onlangs hoorde ik een interessant voorbeeld van bezetenheid [geobsedeerdheid] in het middagnieuwsprogramma van Paul Harvey hier in Charlotte. Paul Harvey zei dit op de dag dat Mickey Rooney 85 werd. Harvey gaf iets door dat hij naar zijn zeggen uit Mickey Rooney's eigen mond had gehoord. Hij zei dat Rooney had gezegd: "Toen ik vijftien was, verloor ik bij het gokken een dollar en sinds die tijd heb ik zes miljoen dollar besteed om te proberen die ene dollar terug te winnen."

Ziet u wat ik hier wil zeggen? Mickey Rooney was bezeten van [geobsedeerd door] gokken en hij erkende in het openbaar dat het niet werkte. Maar hij werd er door geobsedeerd. Hij bleef maar verliezen en verliezen. Hij scheen er geen afstand van te kunnen nemen, omdat zijn denken ongebalanceerd was door een obsessie die hem zei: "De volgende keer zal ik winnen." Hij won waarschijnlijk net genoeg om die obsessie in stand te houden.

Mensen kunnen geobsedeerd zijn door sport, film, kaartspelen, de beurs en mode. We hadden hier zo'n tien jaar geleden een voorbeeld van in Imelda Marcos. Zij staat bekend als iemand die zo'n duizend paar schoenen in de kast had staan. Die vrouw was daarvan bezeten! Dat bedoel ik met hoe gemakkelijk het voor het denken van een mens is door iets geobsedeerd te worden.

We moeten uitkijken. Er zijn mensen in de kerk die geobsedeerd zijn door profetie; iets dat we normaal als goed beschouwen, maar als je er door geobsedeerd bent, is het niet goed. Het kan zijn dat juist dat onderwerp je verloren doet gaan. Het is een geestelijk iets, maar het is niet datgene waarin we volgens Christus geïnteresseerd moeten zijn. We volgen de bevelen van onze Bevelhebber niet op. Hem werd gevraagd: "Wat is het grote gebod van de wet?" Hij reageerde direct met: "Heb de Here, uw God, lief met geheel uw hart en met geheel uw ziel. Het tweede is daaraan gelijk. U zult uw naaste liefhebben als uzelf." Daarin is Hij geïnteresseerd, omdat dat Zijn doel in uw leven tot stand zal brengen, maar Hij heeft onze medewerking nodig.

We kunnen onszelf niet toestaan door iets geobsedeerd te raken. Ziet u, de volgende stap zal dan iets zijn waar Mickey Rooney in verstrikt raakte, en dat is dat de menselijke natuur van nature niet alleen geobsedeerd is, maar ook een geboren gokker is. Niet iedereen heeft het geld om te gokken, maar iedereen, rijk of arm, mannelijk of vrouwelijk, jong of oud is een gokker. Adam en Eva begonnen ermee. God zei Adam en Eva: "Ten dage dat jullie daarvan eten, zullen jullie zeker sterven." Zij slikten Satans verhaal. Ze gokten erop dat ze niet zouden sterven en zij stierven niet (direct).

Ziet u waar ik op uit ben? We doen allemaal hetzelfde als Mickey Rooney. We zijn allemaal in staat om geobsedeerd te worden door geestelijk gokken. Zij die niet gericht zijn op de dingen waarin God geïnteresseerd is, zoals de Laodiceeërs, lopen de grootste kans hierin te vallen. Ik kan nu inzien dat de Laodiceeërs hun leven vergokken door onverschillig te zijn ten opzichte van datgene dat Christus het meest belangrijk acht. Het is zo eenvoudig. Ze kunnen heel energiek zijn in het najagen van iets dat hen echt interesseert, maar is onze Generaal daarin geïnteresseerd? Zij voeren de verkeerde strijd en het is zo triest dat het zo gemakkelijk is hierin verzeild te raken door toe te laten dat onze visie in de verkeerde richting afdwaalt.

Ik wil nog een voorbeeld van geobsedeerd zijn geven. Dit voorbeeld vind ik heel bijzonder. Het gaat over het mannelijk geslacht van onze soort. Volgens de mensen die deze dingen bestuderen, zit het mannelijk verstand zo in elkaar dat het gemakkelijk geobsedeerd kan raken, veel gemakkelijker dan dat van vrouwen. Vrouwen zijn van nature in staat om diverse dingen naast elkaar te doen. Zij kunnen een aantal taken tegelijkertijd uitvoeren. Mannen daarentegen vinden het gemakkelijk om zich op één ding te concentreren, veel gemakkelijker dan een vrouw.

Een vrouw is echt bedreven in de omgang met kinderen. Zij kan drie of vier kinderen om zich heen hebben die allemaal roepen: "Mamma! Mamma! Mamma!" Zij is er bedreven in om voor hen te zorgen. U weet wat het huishouden is. Een man zou in verwarring raken omdat hij zich wil concentreren op dat wat hij op dat moment aan het doen is.

Ik ga u iets vertellen dat echt is gebeurd. Herinnert u zich de naam John Dewey? Hij was een beetje vreemd. Hij was de leider van een groep pedagogen die grotendeels verantwoordelijk is voor de huidige vorm van onderwijs in de staatsscholen. Hij slaagde er in de 30-er en 40-er jaren in de aandacht van de regering te richten op scholen waarin in sociaal opzicht werd geëxperimenteerd. Daardoor werd de hoofdaandacht van de school op sociale dingen gericht in plaats van op lezen, schrijven en rekenen. Blijkbaar was zijn concentratievermogen geweldig.

Op zekere dag liep hij met een andere leraar, een vriend van hem, over de campus van een universiteit toen een klein jongetje op hem kwam toerennen en zei: "Hé, wilt u me een stuiver geven?" John Dewey bleef gewoon doorlopen, haalde wat kleingeld uit zijn zak en gaf het aan de jongen, waarna deze weer wegholde. John Dewey mopperde tegen zijn vriend: "Dat is het probleem met deze stadskinderen. Ze komen op je toerennen en vragen om geld." De vriend zei: "Mijnheer Dewey, was dat niet uw zoon?" Hij herkende niet eens zijn eigen kind. Hij was zo geconcentreerd op het gesprek dat hij voerde, dat hij niet eens zijn eigen kind herkende. Dit voorbeeld is een beetje grappig, maar nogmaals het laat de manier zien waarop het denken van een man geobsedeerd raakt en waardoor hij geheel in zichzelf wordt opgesloten.

Nog een voorbeeld dat echt gebeurde. Er was een man die Metaxas heette. Hij was de dictator van Griekenland omstreeks het begin van de tweede wereldoorlog. Deze man was piloot evenals generaal in het leger. Hij vloog zijn eigen vliegtuig.

Op zekere dag vroeg iemand hem of hij mee zou willen in één van de laatst-ontwikkelde watervliegtuigen. Een watervliegtuig is een vliegtuig dat vanaf het water start en ook weer op het water landt. Hij zei: "Ja, dat zou ik graag willen." Die persoon nam hem dus mee naar het vliegtuig. Ze stegen op en in de lucht vroeg die persoon de generaal of hij het vliegtuig zou willen vliegen. "Ja," zei de generaal, "ik zal dat graag doen." En zo vlogen ze een poosje rond, waarna die persoon zei: "Zou u het vliegtuig willen landen?" De generaal zei: "Ja, dat wil ik graag."

De eerste fout die Metaxas maakte was dat hij koers zette naar de luchthaven van de stad. Die persoon dacht ondertussen: "Hoe zeg je tegen de dictator, zonder dat je voor het vuurpeloton terechtkomt, dat hij een fout maakt?" Maar hij schraapte al zijn moed bij elkaar en zei: "Ik denk dat het goed zal zijn als u het vliegtuig naar de baai stuurt en daar landt, want we moeten op het water landen." "O ja, natuurlijk," antwoordde de dictator. Hij stuurde dus naar de baai en maakte een schitterende landing. Hij taxiede naar het dok, stond op uit zijn stoel en die persoon zei: "Generaal, u maakte werkelijk een heel goede landing." Metaxa zei: "Dank u wel," draaide zich om en stapte naar buiten, in het water van de baai. Dat gebeurde werkelijk. Hij vergat waar hij was. Zo geobsedeerd was hij door de dingen die hij aan zijn hoofd had.

Toen Evelyn en ik de laatste keer in Anaheim waren, maakte ik me op de rit naar het huis van de Reids in Anaheim wel enige zorgen. Het is ongeveer 65 kilometer van Los Angeles airport naar het huis van de Reids. Ik weet niet of u wel of niet weet hoe het er op de snelwegen rondom Los Angeles aan toegaat, maar op zijn zachtst gezegd, is dat nogal interessant.

Tegen de tijd dat we bij het punt kwamen waar we de snelweg af moesten, begon het vrijdagmiddag verkeer op gang te komen. We reden met een gangetje van zo'n 100 kilometer per uur en de auto's reden voldoende ver uit elkaar om me in algemene zin veilig te voelen. Maar toen we de 91 Freeway bij de afslag naar Fullerton verlieten, het laatste stuk naar het huis van de Reids, begon het vrijdagmiddagverkeer echt op gang te komen. Zelfs al reden we zo'n 100 kilometer per uur, toch werden we door andere chauffeurs met groot verschil van snelheid ingehaald. In sommige gevallen passeerden ze ons alsof we stil stonden.

Ik had er niets op tegen dat ze me passeerden, maar deze auto's zwenkten van de ene rijbaan naar de andere. Als slechts één persoon dat zou doen, dan zou je denken dat er slechts één gek in zuidelijk Californië was, die dat deed, en ik had gewoon de pech dat hij langs me heenging. Maar dat was niet het geval. Ze gingen echt snel, maar het zwenken van de ene rijbaan naar de andere baarde me zorgen. De snelheid waar dat allemaal mee gebeurde, was krankzinnig.

U moet bedenken dat het vrijdagmiddag was. Ik ben er zeker van dat de mensen naar het weekend uitkeken. Dit was voor mij een voorbeeld van de druk van de tijden waarin we leven. Waarop was het denken van de mensen die van de ene rijbaan naar de andere rijbaan zwenkten, gericht? Ze dachten ongetwijfeld aan het moment van heden en wat daar onmiddellijk op zou volgen. Ze verlangden ernaar ergens te komen en in staat te zijn het volgende punt dat op hun agenda stond, uit te voeren. Misschien was dat niet meer dan gewoon wat zitten en een biertje drinken. Ik weet het niet. Maar zij wilden ergens komen en gewoon enkele seconden tijd winnen.

Voorzover ik het zag, waren zij bereid met het leven van al die andere mensen te gokken, die naar zij aannamen op hun rijbaan zouden blijven en zich naar hun verwachting zouden gedragen. Het ging op dat moment zoals ze verwachtten. Maar mijn vraag is: "Waarom zouden we zelfs de gok nemen?"

De manier waarop ik daar naar kijk, is dat die mensen geobsedeerd waren door het winnen van een klein beetje tijd en die obsessie bracht hun ertoe risico's te nemen met hun leven en met dat van anderen om maar dat kleine voordeel te verwerven dat ze hoopten uit die kleine tijdwinst te kunnen halen. Zo zit de menselijke natuur in elkaar. Het zal gokken met het eigen leven en dat van anderen om te bereiken wat ze voor ogen hebben. Ziet u, daar ligt het probleem. Waar kijken ze naar? Wat is het doel in hun leven?

Ik denk dat we in de meeste gevallen tot de ontdekking zullen komen dat de overweldigende meerderheid van de mensen niet verder kijkt dan hun neus lang is. Wij kunnen ons dat niet veroorloven. Wij moeten in elke situatie naar God kijken en het Koninkrijk van God, en toelaten dat dat ons voorschrijft hoe we in die situaties moeten handelen. Onze Generaal heeft ons reeds gezegd waarin Hij geïnteresseerd is. Wij kunnen daar niet onverschillig voor zijn zoals de Laodiceeër. We moeten vasthouden aan wat Hij zegt, opdat we het spoor niet bijster raken en gokken met het eeuwige leven.

Laten we nu Sefanja 2:1-3 opslaan. Dat zijn werkelijk interessante verzen.

Sefanja 2:1-2 Komt tot uzelf, ja, komt tot inkeer, gij schaamteloos volk, 2 voordat het besluit tot uitvoering komt — als kaf gaat een dag voorbij — voordat over u komt de brandende toorn des HEREN, voordat over u komt de dag van de toorn des HEREN.

Dit gaat over de dag des Heren. Als dit tot ons is gericht, gaat het over de wederkomst van Christus — de dag des Heren.

Sefanja 2:3 Zoekt de HERE, alle ootmoedigen des lands, gij die zijn verordening volbrengt; zoekt gerechtigheid, zoekt ootmoed; misschien zult gij geborgen worden op de dag van de toorn des HEREN.

Dit zijn veelzeggende verzen. Het "schaamteloze volk" is Israël. [Noot van de vertaler: Het Hebreeuwse woord dat in de NBG met schaamteloos is vertaald kan ook duiden op "niet verlangen", zoals het in de KJV is vertaald. Een extreme vorm van niet verlangen is haten.] Bent u zich ervan bewust dat in het bijzonder de Verenigde Staten overal ter wereld wordt gehaat? Wij zijn de natie naar wie niet wordt verlangd. Dat is alleen maar omdat iedereen jaloers is op onze rijkdom, op onze macht, op de schijnbare vrijheid die we hebben om zoveel dingen te doen die anderen graag zouden willen doen. Maar wij hebben al deze dingen op een zilveren schaal aangereikt gekregen vanwege wat Abraham deed! Wij hebben ze niet verdiend. God gaf ze aan ons en nu verkwisten we ze overal ter wereld en gedragen ons op een afschuwelijke manier. Maar wij zijn de natie waarnaar niet wordt verlangd en wij leven in die natie waarnaar niet wordt verlangd.

Vers 2 begint met duidelijk de tijd voor Gods raadszitting vast te stellen. Hij zegt: "Ik wil dat jullie het volgende doen nu er nog tijd is voordat de vernietiging op jullie neerkomt, voordat Gods wraak over de wereld wordt losgelaten."

Wij willen allemaal heel graag ontkomen aan de druk van deze steeds sneller gaande wereld waarin zoveel schijnt te zijn dat niet langer onder controle van de mens staat. Dit is echter niet de van tevoren vaststaande zaak die het op het eerste gezicht — als we dit niet grondig onderzoeken — schijnt te zijn. We kunnen reeds in vers 3 zien dat een plaats van veiligheid niet een vaststaand iets is. "Misschien zult gij geborgen worden."

Als we naar Hebreeën 11 kijken, naar de lijst van beroemdheden die daar staat, zien we een mengeling van wel en niet beschermd worden. Henoch werd van het gevaar weggevoerd. Noach volhardde, maar werd in een boot beschermd. Sommigen stierven in vrede, zoals Abraham, Isaak, Jakob, Mozes, Samuël en David. Maar veel van de profeten en alle apostelen behalve Johannes, maar inclusief Paulus, stierven een gewelddadige dood. Natuurlijk moeten we Gods eigen Zoon niet vergeten. We moeten onszelf binnen het geheel van dit plaatje zien.

God zal met ons doen wat het beste is voor Zijn doel met ons. Hij zal altijd het beste doen, maar wij moeten ons erop voorbereiden dat wij niet weten wat Hij zal kiezen te doen. Maar Hij geeft ons hier in vers 3 de aanduiding dat als wij de Here zoeken, we een veel grotere kans hebben met barmhartigheid te worden behandeld als de tijd aanbreekt. Hij geeft ons hier een aanwijzing. Er is een weg en er is een betere weg. We moeten de Here zoeken.

Vers 1 is in één opzicht de sleutel tot dit gehele punt. Hij zegt: "Komt tot uzelf." [Noot van de vertaler: In de KJV staat "Gather yourselves together." Dit zou kunnen betekenen: "Komt bij elkaar."] Dit vers kan heel misleidend zijn als we het niet goed onderzoeken, omdat het aan de oppervlakte schijnt te zeggen dat we ons op een bepaalde gekozen plaats moeten verzamelen. Sommige commentaren volgen deze lijn van redeneren, maar dat is niet juist. Ik zal twee verschillende commentaren aanhalen die voor wat betreft dit punt de spijker op de kop slaan. De eerste is het Keil-Delitzsch commentaar en de tweede is Barnes' Notes.

Aanhaling uit het Keil-Delitzsch commentaar.

Het betekent oorspronkelijk stoppels verzamelen, daarna in het algemeen oogsten of verzamelen, bijvoorbeeld takken hout; in de Hebreeuwse grammaticale vorm die hier wordt gebruikt, betekent het tot jezelf komen, toegepast op die vorm van geestelijk tot jezelf komen die tot zelfonderzoek leidt en de eerste voorwaarde is voor bekering.

Barnes' Notes maakt het duidelijker.

Het juiste beeld is ontleend aan stoppels of droog hout verzamelen, die één voor één al zoekend en met zorg worden opgeraapt. Zo moet de mens omgaan met de droge en verdorde bladeren van een voorgaand slecht leven. De Engelse weergave heeft echter dezelfde betekenis. Wij gebruiken "tot jezelf komen" voor alle gedachten eens goed op een rijtje zetten en zichzelf zodoende volledig onder controle hebben.

Om tot bekering te komen, moet de mens zichzelf grondig kennen en dit kan alleen worden bereikt door — voorzover hij kan — handeling na handeling, woord voor woord, gedachte na gedachte door te nemen, niet als een grote verwarde massa zoals die in het geweten van iemand aanwezig is, maar één voor één, elk apart opgeraapt en onderzocht en toegevoegd aan de dorre onvruchtbare hoop, als het ware ze uit zichzelf te plukken en te verzamelen, zodat ze op die manier door de geest van vuur, het vuur van Gods geest, bekering tot stand kunnen brengen, verbrand worden en niet de zondaar zelf, met al deze dingen, als brandstof voor het vuur wordt gebruikt.

Dit is geweldig onderwijs over wat we in de eindtijd moeten doen. Hier hebben we onze marsorders van onze Generaal: "Het is tijd om je gedachten op een rijtje te zetten, jezelf te onderzoeken en tot bekering te komen terwijl daar nog tijd voor is." Dat komt in vers 1 tot uitdrukking. Hij zegt: "Verander je leven. Sta niet toe dat je door de geest van de tijd wordt meegesleept, omdat de tijd niet alleen intens is, ook is ze aantrekkelijk voor de menselijke natuur, maar vernietigend voor Gods doel."

In Romeinen 13 maant Paulus ons aan de tijd goed te benutten, want de dagen zijn boos en als we deze tijd van genade die ons door God gegeven is, niet gebruiken met onze aandacht op het juiste gericht, zouden we net als kaf kunnen worden weggeblazen. Daarom spoort Sefanja's advies in vers 3 ons aan om na berouw op nederige wijze gerechtigheid te zoeken door op ijverige wijze eropuit te zijn ons aan het woord van God te onderwerpen.

Laten we afsluiten met Mattheüs 24:42.

Mattheüs 24:42 Waakt dan, want gij weet niet, op welke dag uw Here komt.

Het woord "waakt" hier betekent waakzaam te zijn zoals een bewaker of een schildwacht onder oorlogsomstandigheden zou zijn. Hij is attent op wat er rondom hem heen gebeurt, en al let hij mogelijk niet op het wereldnieuws, hij is toch waakzaam, niet alleen voor dat wat nieuws is, maar waakzaam voor zijn geestelijke conditie, waakzaam voor wat er in de wereld gaande is, waakzaam of hij niet door de verkeerde dingen geobsedeerd raakt, waakzaam of hij zijn leven vergokt door zonde.

Mattheüs 24:43-44 Maar weet dit: Als de heer des huizes geweten had, in welke nachtwaak de dief zou komen, hij zou gewaakt hebben en in zijn huis niet hebben laten inbreken. 44 Daarom, weest ook gij bereid, want op een uur, dat gij het niet verwacht, komt de Zoon des mensen.

Dat is daar een vrij goede aanduiding dat we niet zullen weten wanneer Christus zal wederkeren totdat het moment erg nabij zal zijn gekomen.

Mattheüs 24:45-51 Wie is dan de trouwe en verstandige slaaf, die de heer over zijn dienstvolk gesteld heeft om hun op tijd hun voedsel te geven? 46 Zalig die slaaf, die zijn heer bij zijn komst zó bezig zal vinden. 47 Voorwaar, Ik zeg u, dat hij hem over al zijn bezit zal stellen. 48 Maar als die slaaf slecht was, en in zijn hart zou zeggen: Mijn heer blijft uit, 49 en hij zou beginnen zijn medeslaven te slaan en met de dronkaards zou eten en drinken, 50 dan zal de heer van die slaaf komen op een dag, dat hij het niet verwacht, en op een uur, dat hij het niet weet, 51 en hij zal hem folteren en hem in het lot der huichelaars doen delen. Daar zal het geween zijn en het tandengeknars.

Om kort te gaan we kunnen het ons niet veroorloven geobsedeerd te raken door en te gokken op iets dat van minder belang is voor Gods programma. Onthoud de les van de Laodiceeërs. Ze kunnen in andere opzichten heel bekwame mensen zijn, maar ze staan onverschillig ten opzichte van de dingen die Christus in deze tijd belangrijk vindt. Ze leggen zich eenvoudigweg niet toe op de beginselen van Gods weg die voortgaande groei voortbrengen. Andere dingen hebben hun aandacht getrokken en daar besteden ze hun tijd en energie aan, en ze hebben zich aan ernstig gevaar blootgesteld door toe te laten dat ze worden afgeleid. We moeten waken. We moeten waakzaam zijn voor wat er werkelijk toe doet.


Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)