De eerste dag Ongezuurde Broden (Deel 1)

Door John W. Ritenbaugh
24 april 2005

Samenvatting: (toon)

John Ritenbaugh merkt op dat iemand recent heeft onderwezen dat het Pascha en niet "de nacht die op het vlijtigst moet worden gehouden" moet worden aangeduid als de eerste dag Ongezuurde Broden. Leviticus 23:5-6 onderscheidt twee aparte feesten: het Pascha (op 14 Abib/Nisan) en het feest der Ongezuurde Broden (op 15 Abib/Nisan; zie ook Numeri 28:16-18). Deuteronomium 16:6 geeft aan dat het Pascha plaatsvond op de avond van 14 Nisan tijdens ben ha arbayim (de schemering). Numeri 33:3 laat duidelijk zien dat het vertrek uit Egypte plaatsvond op 15 Nisan, de dag na het Pascha. Exodus 12:18 beschrijft dat het eten van ongezuurd brood duurt van het einde van 14 Nisan (van ba erev – het einde van de dag) tot het einde van 21 Nisan (tot ba erev). Johannes 13:29, Mattheüs 26:5 en Johannes 19:31, 40-42 bewijzen duidelijk dat Christus, de discipelen, de overpriesters, de joden en Nicodemus het Pascha niet als een Heilige Dag beschouwden, maar als een voorbereidingsdag.


Ik geloof dat [in de Engelse taal] het woord "very" heden ten dage één van de meest te pas en te onpas gebruikte woorden is. Het is ontleend aan het Latijn, waar het "echt" of "waar" betekent. In de Engelse grammatica is het een bijwoord dat gebruikt wordt om buitengewoon, in grote mate, absoluut, feitelijk, exclusief, ongekwalificeerd en vanzelfsprekend aan te duiden. Het woord "very" intensiveert het woord of de gedachte die erop volgt.

De eerste dag Ongezuurde Broden begon gisteravond toen we als onderdeel ervan "de nacht die op het vlijtigst moet worden gehouden" hielden, en deze dag gaat door tot aan zonsondergang de volgende avond. Ondanks mijn bedenkingen tegen het gebruik van het woord "very" verdient de eerste dag Ongezuurde Broden het om voor christenen vol [very] betekenis en heel [very] belangrijk te worden genoemd.

Zij die zich christenen noemen, maar die van de wereld zijn, hebben deze dag, samen met andere feestdagen van God, terzijde geschoven met het idee dat ze totaal niet belangrijk zijn. De relevantie van deze dag en zijn betekenis als symbool en herdenking van een belangrijke gebeurtenis duurt echter tot op de huidige dag voort.

De eerste dag Ongezuurde Broden herdenkt een aantal kenmerkende gebeurtenissen, inclusief profetieën, beloften en vervullingen die God in het verre verleden tot stand bracht. Die profetieёn en beloften worden door God tot op de huidige dag vervuld en dat gaat nog steeds door. Deze dingen zijn het die, gecombineerd met Gods trouw, deze dag zo veel betekenis geven.

Maar de aanvallen op het houden van de eerste dag Ongezuurde Broden en de andere feesten van God gaan door, zelfs die op de "nacht die op het vlijtigst moet worden gehouden". We kunnen verwachten dat er van buiten de Kerk van God aanvallen zullen komen, maar als de aanvallen van binnen de Kerk van God komen, is dat niet zo best, en u zult er versteld van staan om te weten hoe vaak dat gebeurt. Om kort te gaan ze worden opnieuw aangevallen en deze aanvallen vinden al ongeveer een jaar plaats. Ik geloof dus dat het goed is dat ik aan een verdediging ervan begin, omdat één van de mensen die deze aanvallen uitvoert, iemand is die de meesten van u goed kennen.

Het eerste dat we op dit moment moeten doen, is aantonen dat Abib 15 (of als u dat verkiest Nisan 15) de eerste dag Ongezuurde Broden IS, en de rest van deze preek zal daar over gaan. Momenteel is het mijn bedoeling dat mijn preek op de laatste Heilige Dag ook over dit onderwerp zal gaan. Dat is nodig, omdat deze man beweert dat de 14e — Pascha — de eerste dag Ongezuurde Broden is, en dat de dagen der Ongezuurde Broden eindigen met zonsondergang op Nisan 20.

Hier volgt de stelling van de man, rechtstreeks ontleend aan zijn artikel. "De Pascha-nacht IS de nacht die op het vlijtigst moet worden gehouden, en de veertiende IS een Heilige Dag, de eerste dag Ongezuurde Broden. Dit gaat in tegen al onze vroegere argumenten en ons vroegere begrip, maar het is waar."

Laat me dit herhalen, maar ik ga de bewoordingen iets aanpassen en vereenvoudigen. Hij duidt de 14e (Pascha) aan als een Heilige Dag sabbat en tegelijkertijd maakt hij van Pascha de eerste dag Ongezuurde Broden. In zijn model bestaat de gehele periode van Pascha en de dagen der Ongezuurde Broden uit zeven dagen en niet acht zoals de Kerk van God ze, zolang als ik me kan herinneren, heeft gehouden. Maar hier is de vraag die volgens mij reeds direct moet worden gesteld: Als de stelling van die man juist is, waarom zou God dan zelfs de 15e vermelden, behalve dan als de dag waarop ze Egypte verlieten?

Ik zou het op prijs stellen als u dit onderwerp allemaal persoonlijk gaat bestuderen. Bestudeer daarbij Exodus 15 en ik geloof dat u zult begrijpen, dat de volgorde der gebeurtenissen die aan het einde van hoofdstuk 11 van Exodus beginnen en zich vanaf daar verder ontwikkelen, de eerste feitelijke viering van Pascha en de dagen der Ongezuurde Broden bevatten. Maar tegen de tijd dat u in Exodus 15 aankomt is dat het einde van die volgorde en de Israëlieten vieren wat er zojuist is gebeurd. Wat denkt u dat ze in Exodus 15 vierden? Het Pascha? Nee. Dat gehele hoofdstuk is gewijd aan Nisan 15 — het komen uit Egypte.

Ook om een andere reden is het goed aandacht te schenken aan Exodus 15 en wel omdat het een van de liederen van Mozes is. Ook wij kijken uit naar de vreugde van de gebeurtenis die door die mensen werd gevierd, omdat op basis van alles dat ik op dit moment kan begrijpen, we datzelfde lied in de hemel zullen zingen als we na onze opstanding op de glazen zee voor Jezus Christus zullen staan. Zo belangrijk is dat.

Deze man beweert dat hij alle argumenten tegen zijn stelling kent, maar dat hij een bijzondere openbaring van God heeft ontvangen en dat hij iets tot stand brengt. Wat hij tot stand brengt is verwarring in het denken van anderen over twee met elkaar samenhangende, maar toch duidelijk aparte vormen van onderwijs.

De heer Herbert Armstrong onderwees dat alle valse leerstellingen beginnen met een vals uitgangspunt dat als waar wordt aangenomen, en waarop dan een schijnbaar plausibele vorm van onderwijs wordt gebaseerd. Maar als iemand kan bewijzen dat het uitgangspunt niet deugt, dan behoeft men dat artikel niet verder te bestuderen en kan men het aan de kant gooien, omdat alles verkeerd zal zijn. Wat op een leugen is gebaseerd kan alleen maar meer leugens voortbrengen, zoals schriftgedeelten die verdraaid worden om te passen bij het valse uitgangspunt dat het begin van het hele gedoe was.

Dat was ook het principe dat samenging met het onderwijs dat er in Jozua 5:10-11 een garfoffer werd gebracht, uitgaande van de verkeerde veronderstelling dat het feit dat de Israëlieten ongezuurd brood aten en geroost koren, het bewijs was dat er een garfoffer was gebracht. Daarna verdraaiden ze schriftgedeelten om hun zaak rondom die valse stelling op te bouwen, waarbij ze duidelijke schriftgedeelten niet in beschouwing namen die lieten zien dat er geen offer nodig was omdat Israël geen offer had dat aanvaardbaar was voor God; hun was zelfs geboden geen offer te brengen. Laten we Leviticus 23 opslaan.

Leviticus 23:4-7 Dit zijn de feesttijden des HEREN, heilige samenkomsten, die gij uitroepen zult op de daarvoor bepaalde tijd. 5 In de eerste maand, op de veertiende der maand, in de avondschemering, is het Pascha voor de HERE. 6 En op de vijftiende dag van deze maand is het feest der ongezuurde broden voor de HERE, zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten. 7 Op de eerste dag zult gij een heilige samenkomst hebben; dan zult gij generlei slaafse arbeid verrichten.

Ik geloof oprecht dat hiermee in feite een einde aan het argument zou moeten komen. We hebben duidelijk vandoen met twee aparte, maar pal op elkaar volgende feesten: Pascha op de 14e en Ongezuurde Broden dat op de 15e begint. Maar deze man beweert dat, omdat er niet staat "de eerste dag Ongezuurde Broden", dit de deur een heel klein beetje open zet voor nieuwe waarheid. Als dat zo is, waarom bracht God het dan onder woorden op de manier waarop Hij dat deed — één vers over één onderwerp, het tweede vers (vers 6) over een geheel ander onderwerp op een geheel andere dag?

Naast de bewering die die man doet over de eerste dag Ongezuurde Broden, beweert hij ook dat vers 7 in feite op het Pascha van toepassing is, waardoor het onderwerp alweer wordt gewijzigd en het Pascha een sabbat wordt waarop een samenkomst zoals op een Heilige Dag moet worden gehouden.

Er is nog iets wat ik wilde dat u zou doen als u dit later wat grondiger en rustiger in uw eigen huis bestudeert. Dit betreft Leviticus 23. Dit is gewoon nog een extra verschil.

Voor alle feesten van Leviticus 23, behalve het Pascha, stelt God duidelijk dat het sabbatten zijn, of dat er op die dag geen slaafse arbeid mag worden verricht, wat erop duidt dat het een sabbat is. Met andere woorden Hij zal of het een of het ander zeggen. Als Hij niet zegt dat het een sabbat is, maar Hij zegt dat er "geen slaafse arbeid mag worden verricht", dan weten we dat het toch een sabbat is. Er is nog een derde punt: God noemt de tweede keer de dag rechtstreeks "een feest". Voor het Pascha worden zulke woorden niet gebruikt. Het Pascha is gewoon een feesttijd, zelfs in vers 5 noemt Hij het geen feest. Dat is nu het punt waar die man zijn verkeerde veronderstelling maakt, waarop hij de rest van zijn beweringen laat steunen.

Maar gemeente, zowel vers 7 als vers 8 bouwt de gedachte van vers 6 over de 15e van Abib verder uit, niet over de 14e. Vers 5 staat in dit opzicht op zichzelf, waarna de verzen 6, 7 en 8 allemaal van toepassing zijn op wat wij de eerste dag Ongezuurde Broden noemen, of wat God daar eenvoudig "het feest van de Ongezuurde Broden" noemt.

Laten we nu Numeri 28 opslaan. Dit bevestigt wat we zojuist lazen. Ik wil gewoon laten zien dat God consequent is. Numeri 28 geeft ons een lijst van alle offeranden die tijdens de Heilige Dagen en op de sabbatten moesten worden gebracht.

Numeri 28:16-17 En in de eerste maand, op de veertiende dag der maand, zal het Pascha voor de HERE zijn. [Deze zin staat op zich!] 17 Op de vijftiende dag dier maand zal er een feest zijn [Ziet u de tegenstelling tussen deze twee?]; zeven dagen lang zullen ongezuurde broden worden gegeten.

Pas helemaal aan het eind worden de ongezuurde broden genoemd en wel specifiek met wat er op de 15e gebeurt. Nu vers 18. Hier hebben we het over de eerste dag.

Numeri 28:18a Op de eerste dag zal er een heilige samenkomst zijn, ...

Gemeente, hangt dat niet samen met wat er in vers 17 staat? Iedereen die logisch denkt zal zeggen: "Ja, dat klopt!"

Numeri 28:18 Op de eerste dag [duidend op de eerste dag Ongezuurde Broden] zal er een heilige samenkomst zijn, gij zult generlei slaafse arbeid verrichten.

De 15e van Abib (of Nisan) is een sabbat. Dat is heel duidelijk.

Numeri 28:25 En op de zevende dag [Ongezuurde Broden] zult gij een heilige samenkomst hebben, gij zult generlei slaafse arbeid verrichten.

Van deze drie verzen zegt vers 16 duidelijk dat het Pascha op de 14e is en vers 17 zegt duidelijk dat de 15e een dag van ongezuurde broden is. Er moet ongezuurd brood worden gegeten en dat moet zeven dagen lang gegeten worden. Ongezuurd brood wordt nergens ooit in samenhang met het Pascha genoemd, behalve dan voor de maaltijd zelf. Dat is de enige uitzondering. Het wordt nooit in samenhang met het Pascha genoemd, behalve voor de dienst of de maaltijd zelf. Dat is niet ongewoon, omdat geen enkel offer aan God zuurdesem mocht bevatten.

Om u dit te bewijzen en niet te vergeten dat het Pascha een offerande was, gaan we naar Leviticus 2:11.

Leviticus 2:11 Geen spijsoffer, dat gij de HERE brengt, zal gezuurd bereid worden, want van zuurdeeg noch honig zult gij iets als een vuuroffer voor de HERE in rook doen opgaan.

Er zijn geen uitzonderingen. Ook het Pascha was geen uitzondering. Het was een offerande. Het was een offerande aan God en daarom moest het samengaan met ongezuurd brood.

Exodus 23:18 Gij zult het bloed van mijn slachtoffer niet met iets gezuurds offeren, noch zal het vet van mijn feestoffer de nacht overblijven tot de morgen.

Dat bevestigt wat we zojuist in Leviticus 2 lazen. We gaan hierover nog een schriftgedeelte opslaan.

Exodus 34:25 Gij zult het bloed van mijn slachtoffer niet op iets gezuurds slachten, en het slachtoffer van het Paasfeest [Pascha] mag de nacht niet overblijven tot de morgen.

Laten we dit in beschouwing nemen met betrekking tot offeranden en zuurdesem. Binnen de context der offeranden staat zuurdesem gelijk aan zonde en wat er op het altaar werd verbrand werd gezien als, en wordt gezien als, een maaltijd voor God die werd opgediend door hen die dit als offerande brachten, en het verbranden ervan op het altaar beeldde uit dat God het at.

Laten we er nog één ding aan toevoegen. Als we eenmaal beseffen dat de offeranden van Leviticus (in de eerste vijf hoofdstukken) het niveau van toewijding van Jezus aan God en mens symboliseren, en dat Hij dat zonder zonde deed, dan kunnen we dat zien als de manier waarop wij in Zijn voetsporen levende offeranden moeten zijn; we moeten ernaar streven dat ons dienen van God en mens geen zonde bevat. Met andere woorden de offerande van ons leven moet niet in zonde worden gedaan.

Vergeet niet dat de Pascha-maaltijd een offerande was die de zondeloze Jezus Christus uitbeeldde en dat het lam de maaltijd was. De Pascha-offerande die in het huis van de Israëliet werd gebracht, was een type van het vredeoffer, waarbij God, de priester en de brenger van de offerande worden uitgebeeld als gezamenlijk in vrede een maaltijd etend. Dit is één reden waarom het lam voor het aanbreken van de morgen volledig moest worden verbrand, omdat dat het symbool was dat God Zijn deel van de maaltijd volledig consumeerde. Hij was volledig tevredengesteld.

Nergens staat er in de Schrift dat er geen werk op de 14e mag worden gedaan. Dit duidt erop dat het niet het niveau van een feest heeft dat op sabbatsniveau staat. Maar in samenhang met de 15e en de zevende dag op de 21e van Abib zegt de Schrift heel duidelijk dat het niet alleen heilige samenkomsten zijn, maar ook dat er geen slaafse arbeid mag worden verricht. Dit duidt er heel sterk op dat die beide dagen feesten zijn met het karakter van een sabbat.

We gaan verder met het stapsgewijs hier doorheen gaan, totdat het gehele pakket compleet is.

Wat moeten we zeggen van Pascha, de 14e, erop gelet dat het in Leviticus 23 wordt aangegeven als een heilige samenkomst (wat het zeer zeker is)? Laten we Leviticus 23 opslaan, want ik wil dat we dat nog eens zien.

Leviticus 23:4 Dit zijn de feesttijden des HEREN, heilige samenkomsten, die gij uitroepen zult op de daarvoor bepaalde tijd.

De eerste heilige samenkomst die genoemd wordt is de 14e dag van de eerste maand. Met andere woorden het Pascha. Het Pascha is dus zeer zeker een heilige samenkomst.

Laten we nu Exodus 12 opslaan. We zullen de meeste tijd in Exodus 12 doorbrengen. We voeren hier gewoon het grondwerk uit om sommige dingen die de buitenkant raken, uit de weg te ruimen.

Exodus 12:3-4 Spreekt tot de gehele vergadering van Israël als volgt: op de tiende van deze maand zal ieder voor zich een stuk kleinvee nemen, familiesgewijs, een stuk kleinvee per gezin. 4 Maar indien een gezin te klein is voor een stuk kleinvee, dan zullen hij en de naaste buurman van zijn gezin er een nemen, naar het aantal personen; gij zult bij het stuk kleinvee rekenen met ieders behoefte.

Daar hebben we het antwoord op het deel van de vraag dat betrekking heeft op de heilige samenkomst. Het Pascha moest strikt beperkt worden tot één gezin of tot twee gezinnen bij elkaar, zodat het gehele lam gegeten zou worden en er niets zou worden verspild. Het moest thuis worden gehouden. Exodus 12:3-4 beperkt de grootte van de vergadering die bijeenkwam, strikt tot één of twee gezinnen. Al de andere feesten werden met de gehele gemeenschap of in sommige gevallen met de gehele natie gevierd.

De drie grote feesten — Ongezuurde Broden, Pinksteren en het Loofhuttenfeest — werden allemaal bij de tabernakel of de tempel gehouden. Die werden met de gehele natie gevierd. Allen van het mannelijk geslacht hadden de opdracht tijdens die drie feesten van het jaar voor God te verschijnen. De andere twee — het Trompettenfeest en de Verzoendag — werden niet met de gehele natie gevierd. Die werden in de plaatselijk synagoge gehouden en daar gevierd. We kunnen de praktische kant daarvan inzien. Die mensen hadden niet de beschikking over Honda's en Fords en Chryslers, enzovoort, waar ze in konden stappen en op ieder moment naar Jeruzalem konden rijden. Zij moesten daarheen middels de benenwagen [letterlijk: schoenleer"expres"]. Misschien hadden ze de beschikking over een muildier of zoiets. Reizen ging langzaam. De meesten van hen waren boeren of schaapherders, of waren op de een of andere manier bij de landbouw betrokken, en ze konden niet vaak zolang van hun woonplaats weg. God verlangde van hen dus dat ze slechts drie keer [per jaar] naar Jeruzalem zouden gaan. De andere feesten werden in hun woongebied gehouden. Het Pascha was beperkt tot één of twee gezinnen. Het Pascha was inderdaad een heilige samenkomst, maar heel beperkt in de omvang van de vergadering.

We slaan nu Numeri 33 op om verder te gaan met het stukje voor stukje toevoegen, om te laten zien dat alle argumenten van deze man onjuist zijn.

Numeri 33:1-2 Dit zijn de pleisterplaatsen der Israëlieten, die uit het land Egypte uitgetrokken waren naar hun legerscharen onder leiding van Mozes en Aäron; 2 Mozes namelijk beschreef hun tochten van pleisterplaats tot pleisterplaats naar het bevel des HEREN; en dit zijn hun pleisterplaatsen op hun tochten.

In feite is wat we hier in Numeri 33 zien, een dagboek dat Mozes bijhield terwijl ze van het ene naar het andere feest gingen.

Numeri 33:3 Zij braken op van Rameses in de eerste maand, op de vijftiende dag der eerste maand; daags na het Pascha trokken de Israëlieten uit door een opgeheven hand, voor de ogen van alle Egyptenaren.

Dat kan niet duidelijker! Israël trok uit uit Egypte op de dag na het Pascha. Het Pascha valt op de 14e. Ze trokken uit op de 15e. In de Statenvertaling staat "des anderen daags van het pascha"; dit is duidelijk een andere dag dan het Pascha. De NBG zegt "daags na het Pascha" en sommigen lezen daarin dat dat dezelfde dag was, maar het daglichtdeel van die dag. Als u de film De Tien Geboden hebt gezien, is het nog waarschijnlijker dat u denkt aan het morgendeel, omdat ze lieten zien dat de Israëlieten bij helder daglicht uit Egypte trokken, wat beslist niet het geval was. Ze trokken uit op het moment dat de 15e aanbrak en het enige licht dat ze hadden was het maanlicht.

We zien hier dat ze de volgende dag, na het Pascha, uittrokken. Israël trok uit Egypte aan het begin van wat nu het Feest der Ongezuurde Broden is, op de 15e, niet op de Pascha-dag die op de 14e valt. Waarom benadruk ik dit? Omdat deze man beide gebeurtenissen combineert alsof ze beide op de 14e plaatsvinden. Hij gaat rechtstreeks in tegen Numeri 33:1-3. Het is ongelooflijk en de mensen geloven hem.

Luister nu naar Numeri 33:3 vanuit de New International Version en daarna vanuit The New American Standard Bible.

Numeri 33:3 [Vertaald naar de New International Version] De Israëlieten vertrokken op de vijftiende dag van de eerste maand uit Rameses. De dag na het Pascha trokken ze stoutmoedig uit in het volle zicht van alle Egyptenaren.

Het was de dag na het Pascha. Niet op de 14e (de Pascha-dag), maar op de dag na het Pascha. De vertaling van de New International Version laat heel duidelijk zien dat we met twee aparte gebeurtenissen hebben te maken, die elk als een feest werden gevierd — één op de 14e en één op de 15e. Daarom worden ze allebei in Leviticus 23 als een feest aangeduid. Het zijn inderdaad allebei feesten.

Numeri 33:3 [Vertaald naar The New American Standard Bible] En zij reisden in de eerste maand, op de vijftiende dag, van Rameses. Op de volgende dag na het Pascha vertrokken de zonen van Israël stoutmoedig voor de ogen van alle Egyptenaren.

Deze vertalingen zijn zo duidelijk dat ze niet kunnen worden weerlegd. We gaan echter verder kijken naar nog meer bewijs dat hij het bij het verkeerde eind heeft. Maar tot op dit moment zien we dat God onderscheid maakt tussen het Pascha en Ongezuurde Broden als twee aparte gebeurtenissen.

Deuteronomium 16:1 Neem de maand Abib in acht en vier het Pascha ter ere van de HERE, uw God, want in de maand Abib heeft de HERE, uw God, u in de nacht uit Egypte geleid.

Ze trokken uit op de 15e dag, maar ze deden dat in de nacht van de 15e dag. Dit feit wordt heel belangrijk om te laten zien dat we te maken hebben met twee aparte feesten. Als we verder gaan zal dit feit steeds belangrijker worden. Als we Deuteronomium 16:1 combineren met Numeri 33:1-3, dan betekent dit heel duidelijk dat hun vertrek in de nacht van de 15e plaatsvond.

Bedenk dat de dagen van de Israëlieten bij zonsondergang begonnen, op het moment dat de duisternis aanbrak. De vraag die hier dan opkomt is: Hoe kan men tegelijkertijd blijven en vertrekken? Dus hoe kan men het Pascha aan het begin van de 14e houden en naar Gods gebod tot de morgen van de 14e in huis blijven en toch op dezelfde dag als het nog duister is wegtrekken? Het is fysiek onmogelijk om dat te doen!

Als ze tot de morgen binnenshuis moesten blijven, zou dat betekenen dat het hun vrij stond naar buiten te gaan zodra het licht was. Ze verlieten Egypte niet voordat het weer donker was, maar de nacht van de 14e was voorbij. Hoe kan men het Pascha houden en Egypte op dezelfde dag verlaten? Dat is onmogelijk, tenminste als we de bijbel geloven. Men kan niet blijven en vertrekken. Iets zal dan moeten toegeven. Het is het een of het ander.

Het wordt duidelijk dat we te maken hebben met gebeurtenissen waarvan het begin 24 uur uit elkaar lag. We gaan de volgorde der gebeurtenissen in de instructies voor het houden van het eerste Pascha nog eens doornemen om te bewijzen dat men niet tegelijkertijd kan blijven en vertrekken. Als we door dit gedeelte heengaan, zullen we gaan zien dat Gods instructies voor de 14e zo duidelijk waren, dat de gehele periode (de volledige 24 uur van de 14e) werden gevuld voordat ze gereed waren om te vertrekken.

Exodus 12:5-6 Een gaaf, mannelijk, éénjarig stuk kleinvee moet gij nemen; gij kunt dit nemen van de schapen of van de geiten. 6 En gij zult het bewaren tot de veertiende dag van deze maand; dan zal de gehele vergadering der gemeente van Israël het slachten in de avondschemering.

Ze moesten het offerdier tot de 14e bewaren. Het woord "tot" betekent "tot aan een zeker moment, tot aan een tijdgrens of tot aan een plaats". De grens (zoals er in vers 6 staat) is het begin van de 14e. Bedenk dat de dagen der Israëlieten bij zonsondergang begonnen; de grens is dus het begin van de 14e. We weten dat dit de grens is wegens twee dingen: de hoeveelheid informatie over de Pascha-dag zelf (al die instructies samengenomen) en dat geheimzinnige woord ben ha arbayim aan het eind van vers 6, dat vertaald is met avondschemering [in de Statenvertaling met "tussen twee avonden"].

We slaan nu Numeri 9 op en gaan daar drie verzen bekijken.

Numeri 9:3 op de veertiende dag dezer maand, in de avondschemering, zult gij het vieren op de daarvoor bepaalde tijd, naar al de inzettingen en verordeningen, die daarop betrekking hebben, zult gij het vieren.

We hebben het hier over het houden van het Pascha.

Numeri 9:5 en zij vierden het Pascha in de eerste maand, op de veertiende dag der maand, in de avondschemering, in de woestijn Sinai; juist zoals de HERE Mozes geboden had, deden de Israëlieten.

Numeri 9:11 In de tweede maand, op de veertiende dag, in de avondschemering, zal men het vieren, met ongezuurde broden en bittere kruiden zal men het eten.

In die drie verzen komt het woord "avondschemering" diverse malen voor en in al die verzen is het de vertaling van hetzelfde woord als in Exodus 12:6. In elk van die verzen in Numeri 9 staat ben ha arbayim. De instructie hier in Numeri 9 komt dus overeen met die in Exodus 12.

Ben ha arbayim is een specifieke tijdsperiode die onmiddellijk op zonsondergang volgt; deze woorden duiden op die periode dat de zon onder is maar dat er toch nog enige vorm van licht is (schemering), totdat de duisternis aanbreekt. Ben ha arbayim is synoniem met het woord "avondschemering". Het betekent letterlijk "tussen twee avonden" alsof het tussen de avond hier en de avond daar ligt en precies in het midden daarvan ligt ben ha arbayim.

Ik ga nu een commentaar lezen uit de Expositor's Commentary, deel 2, pagina 624. Ze geven commentaar op Leviticus 23:5, waar de woorden ben ha arbayim ook voorkomen en vertaald worden met "avondschemering".

Voor 'avondschemering' gebruikt het Hebreeuws de woorden ben ha arbayim (tussen de avonden). Deze merkwaardige uitdrukking wordt echter in Deuteronomium 16:6 uitgelegd als 'tegen de avond, als de zon ondergaat'. Sommige Arabieren maken ook in deze tijd nog onderscheid tussen twee avonden: de ene als de zon ondergaat, de andere als het donker is.

Deuteronomium 16:6 Maar op de plaats die de HERE, uw God, verkiezen zal om zijn naam daar te doen wonen, zult gij het Pascha slachten, tegen de avond, als de zon ondergaat, op het tijdstip van uw uittocht uit Egypte.

Dat is heel duidelijk. Ben ha arbayim is een heel specifieke tijdsperiode vanaf het moment waarop de zon beneden de horizon verdwijnt tot het moment dat het volledig duister is. Het is in feite een periode waarin het stapje voor stapje donkerder wordt. Deze specifieke tijdsperiode komt eenmaal per dag voor, precies bij het begin van de dag. Met andere woorden het is het begin van een nieuwe dag.

Wanneer moesten ze het lam slachten? Precies aan het begin van de 24-urige periode van de Pascha-dag — de 14e. Ze moesten het Pascha-lam slachten in het licht dat overbleef toen de 13e bij zonsondergang eindigde en de 14e dag — het eerste Pascha — begon.

Voor we verder gaan moeten we nog een verschil duidelijk maken tussen ben ha arbayim en een ander Hebreeuws woord, ba erev. We gaan weer naar Exodus 12.

Exodus 12:18 In de eerste (maand), op de veertiende dag der maand, des avonds, zult gij ongezuurde broden eten, tot aan de eenentwintigste dag der maand, des avonds.

De laatste woorden in dit vers "des avonds" zijn niet de vertaling van ben ha arbayim, maar van ba erev (of ba ereb). Het hangt af van welke bron je raadpleegt. Ben ha arbayim is ontleend aan ba erev. In tegenstelling tot ben ha arbayim dat een precies deel van de dag is, is ba erev een algemene term die in het Hebreeuws gebruik op een groter deel van de dag betrekking heeft.

Ik heb de allerlaatste Strong's Concordance in bezit, waarin Vine's Dictionary opgenomen is. Ik citeer een aanhaling uit Strong's Concordance betreffende nummer 6153, het woord "avond".

ba erev (van nummer 6150): schemering, avond, nacht.

We hebben nooit gehoord dat het woord ben ha arbayim geassocieerd werd met "nacht" en we zullen dat ook nooit horen, omdat het dan nog licht is.

(Verder met de aanhaling):

Ba erev betekent avond of nacht. Dit woord vertegenwoordigt de tijd van de dag die onmiddellijk vooraf gaat aan en volgt op zonsondergang. Op de eerste plaats in de bijbel waar dit woord voorkomt, markeert het het begin van een dag.

Drong het tot u door wat Vine daar zei? Dit begint het dicht in de buurt te brengen van ben ha arbayim. Ik heb dit citaat aangehaald omdat ik wilde dat u inzag hoe algemeen de woorden ba erev zijn.

Laten we nu Genesis 1:5 opslaan. Dit is de eerste plaats in de bijbel waar ba erev wordt gebruikt.

Genesis 1:5 En God noemde het licht dag, en de duisternis noemde Hij nacht. Toen was het avond geweest en het was morgen geweest: de eerste dag.

Het woord "avond" hier is ba erev. Ba erev kan zoveel als twaalf uur van de dag betekenen, terwijl ben ha arbayim een hele specifieke tijdsperiode is, altijd aan het begin van een dag. Ba erev kan veel meer verspreid zijn.

Hier volgt Vine's definitie van ben ha arbayim: "De woorden in de avond (letterlijk tussen de avonden) duiden op de periode tussen zonsondergang en duisternis: schemering."

Ben ha arbayim is een specifiek deel van ba erev. Ba erev is een ruime tijdsperiode. Ben ha arbayim is een heel beperkte tijdsperiode. Ba erev betekent niet letterlijk zonsondergang. Zonsondergang vindt plaats tijdens ba erev.

Hier wordt het interessant en moeten we heel goed gaan nadenken. Daar ba erev gelijk kan zijn aan of gebruikt kan worden voor een tijdsduur van wel twaalf uur (en we zullen straks gaan zien dat het in het Hebreeuwse gebruik zelfs op een nog langere periode kan slaan) wordt het soms gebruikt om het begin van de dag aan te geven en soms ook om het eind van de dag aan te geven.

Hoe bepalen we nu of God in een vers duidt op het begin van de dag of het eind van de dag? Het antwoord is dat we dat meestal kunnen afleiden uit de context waarin het voorkomt. Soms gaat dat niet en dus zal informatie vanuit andere delen van de bijbel, die zichzelf nooit tegenspreekt, daarmee overeenkomen en ons beslist laten zien of het het begin of het eind is. We zullen zien dat we hier in Exodus 12 één van die gevallen hebben.

In het feitelijke taalgebruik door het Hebreeuwse volk wordt ba erev algemeen gebruikt voor iedere periode die na 1 uur 's middags ligt. Blijkbaar hadden ze geen woord voor middag, omdat ze niet de tijdsaanduiding van 12 uur tot 12 uur gebruikten die wij voor ons tijdsbegrip hanteren. Zij hadden dus blijkbaar geen apart woord voor middag en daarom gebruikten ze ba erev. We kunnen in allerlei naslagwerken vinden dat het Hebreeuwse volk algemeen ba erev gebruikte voor iedere periode die na 1 of 2 uur 's middags viel. Daarnaast valt er ook de periode van absolute duisternis onder die lang na zonsondergang valt en wordt het in de bijbel gebruikt voor de gehele periode van de nacht, of voor het begin van een nieuwe dag of voor het eind van een oude dag.

Wat is hier in Exodus 12:18 de toepassing? We hebben de zaak al min of meer van alle kanten bekeken, maar het is nodig om dat op een ordelijke manier te doen om dit vast te stellen. Ba erev (hier "avond") stelt het einde voor de dagen der Ongezuurde Broden vast als het einde van Abib 21. Niet het begin van de 21e, maar het einde van de 21e. Het eten van het ongezuurde brood begint als de 14e eindigt en de 15e begint, en eindigt als de 21e eindigt. Er wordt ongezuurd brood gegeten tot de avond op de 21e. Dat is de grens. Dat beslaat de volle zeven dagen, waaronder niet de 14e — Pascha — valt.

Ik ga dit nu lezen vanuit de Amplified Version. Laten we zien of dit het nog wat duidelijker maakt.

Exodus 12:18 [Vertaald naar de Amplified Version] In de eerste maand, op de veertiende van de maand des avonds [ba erev] zult u ongezuurd brood eten en daarmee doorgaan tot de eenentwintigste dag van de maand des avonds [ba erev].

Van het einde van de 14e tot het einde van de 21e — zeven dagen. Dat kan niet duidelijker. Ba erev wordt in beide gevallen gebruikt om het einde van de dag aan te duiden.

Er is nog een extra stukje bewijs in Exodus 12 te vinden. Omdat God in vers 6 ben ha arbayim gebruikte om specifiek het begin van de 14e aan te duiden en daarna in vers 18 omschakelde naar ba erev, geeft dit een sterk bewijs. Hij gebruikt ba erev om het einde van de dag aan te duiden. Met andere woorden Hij maakte een tegenstelling tussen beide, zodat we het zouden begrijpen. De dagen der Ongezuurde Broden beginnen dus als de 14e eindigt en de 15e begint en gaan door tot de 21e eindigt.

We weten zeker dat het Pascha aan het begin van de 14e begon. Hoe moest de resterende tijd op de 14e worden doorgebracht, totdat ze op de morgen van de 14e uit hun huizen te voorschijn kwamen?

Ik zal in Exodus 12 van hot naar haar springen en uw aandacht op één woord vestigen, of in het enkelvoud of in het meervoud.

Exodus 12:3b (Statenvertaling) ..., naar de huizen der vaderen, een lam voor een huis.

Exodus 12:4b (Statenvertaling) ..., zo neme hij het en zijn nabuur, de naaste aan zijn huis, naar het getal der zielen,

Exodus 12:7 Vervolgens zal men van het bloed nemen en dit strijken aan de beide deurposten en de bovendorpel, aan die huizen, waarin men het eet.

Exodus 12:13a En het bloed zal u dienen als een teken aan de huizen, waar gij zijt,

Exodus 12:22-23 Daarna zult gij een bundel hysop nemen en in het bloed in een schaal dopen, en van het bloed in die schaal strijken aan de bovendorpel en aan de beide deurposten; niemand van u zal de deur van zijn huis uitgaan tot de morgen. 23 En de HERE zal Egypte doortrekken om het te slaan; wanneer Hij dan het bloed aan de bovendorpel en aan de beide deurposten ziet, dan zal de HERE die deur voorbijgaan en de verderver niet toelaten in uw huizen te komen om te slaan.

Het woord "huis" komt in feite nog enkele keren voor, maar dit is genoeg voor ons doel. Het woord "huis" of "huizen" wordt in dit hoofdstuk gebruikt zowel in de betekenis van een structuur waarin de mensen wonen als het gezin waarvan men deel uitmaakt. Dat is een juist gebruik van het woord "huis". Het wordt gebruikt, of in de zin van de structuur waarin men leeft, of het gezin waar men deel van uitmaakt. Er kan worden gezegd dat iemand deel uitmaakt van het huis van David. U weet dan dat die persoon een jood is en afstamt van David, maar hij woont in een huis in deze omgeving. Het is hetzelfde woord, maar het wordt gebruikt in de zin van een structuur. Tussen twee haakjes, dit is geen onbelangrijk punt.

Daar er 70 mensen naar Egypte vertrokken en Israël een leger van 600.000 man was toen ze Egypte verlieten, hebben demografen (op basis van gemiddelde geboortecijfers, gemiddelde overlijdenscijfers en de tijd dat Israël in Egypte heeft doorgebracht) geschat dat Israël op het moment dat ze uit Egypte trokken, uit minstens 2½ miljoen mensen moet hebben bestaan.

Ik las onlangs een artikel van iemand vanuit de Kerk van God, die een vrij goed wetenschapper is, en hij heeft het over 4 miljoen mensen. Ik heb artikelen van mensen buiten de Kerk van God gelezen die zeggen dat het heel goed mogelijk is geweest dat Israël uit 6 miljoen mensen bestond toen ze uit Egypte trokken, en dat dat geheel niet buiten proporties is. De heer Armstrong neigde ertoe ons te zeggen hiermee aan de lage kant te blijven en dus te werken met 2½ miljoen mensen. Dat is ongeveer één miljoen mensen meer dan Mecklenburg County, inclusief Charlotte.

Als we naar de film De Tien Geboden kijken en die bonte verzameling mensen met al hun bezittingen Egypte zien verlaten, dan was dat slechts zo'n klein aantal mensen in vergelijking met de werkelijkheid waar Mozes mee te maken had, dat het geen vergelijking is. We hebben met een indrukwekkend aantal mensen te maken. Dit heeft zijn directe invloed op de vermelding van huizen in hoofdstuk 12, omdat Israël in het land Gosen in huizen woonde. Vanwaar vertrokken ze? Ze vertrokken van Raämses.

Er leefden 2½ miljoen mensen in Gosen. Ze werden verondersteld tot aan de morgen in hun huizen te blijven, tot aan het aanbreken van de dag. Toen de dag op de 14e aanbrak, waren de Israëlieten nog steeds in hun huizen en ze moesten met al hun bezittingen lopend naar Raämses. We zagen in de film dat ook eenden, schapen, geiten, katten, honden, vee en kinderen deel uitmaakten van hun bezittingen. Een vrouw beviel in die periode zelfs van een baby!

De film De Tien Geboden bracht hun uittocht redelijk goed tot uitbeelding, uitgezonderd één ding. De bijbel maakt het vrij duidelijk dat ze in goed georganiseerde groepen, zoals in een leger, uittrokken. Ze trokken uit in rijen. Ik heb het heimelijke idee dat al de joden zich zo ver mogelijk voorop verzamelden, pal achter de Levieten en de priesters. Iedereen trok uit in samenhang met zijn gezin en verdere familie. Daar was organisatie voor nodig. Of ze hier al in Gosen mee begonnen, weet ik niet zeker. Ik weet echter zeker dat ze het deden toen ze vanuit Raämses vertrokken.

Misschien hebt u wel naar een kaart achterin uw bijbel gekeken om te zien waar Gosen lag in relatie tot Raämses. De preciese locatie is niet geheel duidelijk, maar we weten één ding zeker dat het niet in Gosen lag. De Israëlieten waren in Gosen afgezonderd, omdat zij hoeders van dieren waren, in het bijzonder vee. Dit was voor de Egyptenaren een gruwel vanwege hun religieuze opvattingen. Daarom zonderden ze de Israëlieten in Gosen af, alwaar de Egyptenaren niet rechtstreeks met hen te maken hadden.

Toen de dag op de 14e aanbrak, waren de Israëlieten nog steeds in hun huizen (niet tenten, maar huizen, solide bouwsels) en ze moesten met al hun bezittingen lopend naar Raämses.

Ik weet niet precies hoe groot Gosen was, maar als Gosen net zo groot was als ik denk, dan zou u, als u in de noordwestelijke hoek van Gosen bij de Middellandse Zee woonde, op die dag zo'n 40 kilometer moeten lopen om in Raämses te komen. Ik vermoed dat ze zich waarschijnlijk zoveel als mogelijk was in de steden van Gosen verzamelden bij de huizen die dichter bij de grens lagen, zodat hun tocht op de Pascha-dag niet langer zou zijn dan nodig was. Ik denk dat ze waarschijnlijk nog steeds minstens 10 tot 25 kilometer moesten lopen om op de Pascha-dag in Raämses te komen.

Exodus 12:8 Het vlees zullen zij dezelfde nacht eten; zij zullen het eten op het vuur gebraden, met ongezuurde broden, benevens bittere kruiden.

Bedenk dat ze het lam tijdens ben ha arbayim (in die periode van licht) slachtten. Ze braadden het lam en dat moet diverse uren hebben gekost. Vers 10 zegt ons dat alle delen van het lam, inclusief de beenderen, volledig moesten zijn verbrand voordat de morgen aanbrak. Geen enkel deel van het gedode lam mocht vanuit hun huis naar buiten worden gebracht.

Exodus 12:11 En aldus zult gij het eten: uw lendenen omgord, uw schoenen aan uw voeten en uw staf in uw hand; overhaast zult gij het eten; het is een Pascha voor de HERE.

Dat woord "overhaast" is in zeker opzicht interessant, omdat als we wat onderzoek doen naar dit woord, en ik deed dat, het betekent "geschrokken zijn", "in angst verkeren", zoals iemand die gereed staat op de loop te gaan. Het zou zo'n soort houding kunnen zijn, alhoewel ik daar niet zeker van ben.

Als we nogmaals terugdenken aan de film De Tien Geboden, denk ik dat die mensen dat goed uitbeeldden. Terwijl de doodsengel, of de vernietigende engel, doortrok, waren zij heel rustig en baden zij en dachten ze aan de enorme aantallen doden buiten hun huizen. Die mensen hadden echt niet veel geloof. Mozes had het geloof. Aäron had het geloof en alle anderen liepen min of meer met hen mee. Hoe wisten zij dat het bloed de doodsengel van hun huizen vandaan zou houden? Ze maakten zich zorgen en waren zeer rustig.

In vers 29 wordt ons verteld dat de doodsengel om middernacht doortrok. In vers 22 werden zij gewaarschuwd niet voor de morgen hun huizen te verlaten. Dit is, alweer gelet op de tijd, belangrijk. Farao zond blijkbaar zijn boodschappers 's nachts om Mozes te zeggen dat ze vrij waren om te vertrekken. Ze vertrokken echter niet. Ze vertrokken niet totdat Mozes hun zei te vertrekken en dat was in de morgen.

Exodus 12:31 Toen ontbood hij [Farao] des nachts Mozes en Aäron en zeide: Maakt u gereed, gaat weg uit het midden van mijn volk, zowel gij als de Israëlieten; gaat, dient de HERE, zoals gij gezegd hebt.

Ze gingen niet weg. Ze bleven op hun plaats.

Exodus 12:28 En de Israëlieten gingen heen en deden dit; zoals de HERE Mozes en Aäron geboden had, zo deden zij.

Ze gingen niet weg voordat de morgen aanbrak.

Exodus 12:35 Voorts deden de Israëlieten naar het woord van Mozes [niet naar het woord van Farao] en vroegen van de Egyptenaren zilveren en gouden voorwerpen en klederen.

Exodus 12:50 Alle Israëlieten deden aldus; zoals de HERE Mozes en Aäron geboden had, zo deden zij.

Daar is een reden voor. Die mensen waren tegen die tijd doodsbang. Ze deden precies wat hun werd gezegd, uit angst.

Exodus 12:32 Neemt ook uw kleinvee en uw runderen mee, zoals gij gezegd hebt; maar gaat! En wilt ook mij zegenen.

Dit vers bevestigt dat zij hun kleinvee en runderen met zich mee moesten nemen. Toen ze in de morgen hun deuren openden, was deze geweldige vergadering nog steeds in Gosen. Zij moesten met al hun bezittingen naar Raämses lopen; dat was hun vertrekpunt.

De stad Raämses is al lang verdwenen, maar archeologisch onderzoek plaatst het in de nabijheid van een stad die in deze tijd Qantir wordt genoemd. Als dit waar is moest deze geweldige groep mensen en dieren, zelfs al waren ze goed georganiseerd omdat er van tevoren de nodige voorbereidingen waren getroffen, heel wat kilometers afleggen voordat ze in Raämses aankwamen. Natuurlijk beroofden de Israëlieten onderweg de Egyptenaren.

Exodus 13:18 Daarom liet God het volk zwenken, de woestijnweg op naar de Schelfzee. Ten strijde toegerust trokken de Israëlieten op uit het land Egypte.

Dit vers laat zien dat ze goed georganiseerd waren in wat ze deden. Toen ze in Raämses aankwamen werden ze op militaire manier in ordelijke groepen verdeeld. Dit alles bij elkaar genomen laat zien dat de Pascha-dag begon met een plechtige, angstaanjagende en tijdrovende ceremonie, en eindigde met een inspannende tijdrovende bezigheid om, nadat ze hun huizen verlieten, vele kilometers te lopen. De gehele dag werd gebruikt om op het vertrek voor te bereiden. Het Pascha is een voorbereidingsdag. Het is geen sabbat.

Al de plagen die Egypte verwoestten, uitmondend in het doden van de eerstgeborenen, waren iets waarin alleen God kon voorzien. De mensen die die zegeningen ontvingen, besteedden de gehele 14e dag met het voorbereiden om de wereld van zonde achter te laten en aan een nieuw leven te beginnen. Het Pascha is dus de laatste voorbereiding op het uit zonde komen, en het Pascha is inderdaad een dag vol betekenis. Het is de meest belangrijke voorbereidingsdag van het gehele jaar. Daarom wordt het niet als een sabbat waarop niet mag worden gewerkt, aangeduid. Het is een voorbereidingsdag. Het is de voorbereidingsdag die ons voorbereidt op het geestelijke werk dat gaat beginnen. Maar geestelijk werk gaat op de sabbat gewoon door.

Geloof het of geloof het niet, er is iemand anders binnen de Kerk van God, die de dagen der Ongezuurde Broden één dag langer heeft gemaakt. Hij heeft het Pascha deel doen uitmaken van de dagen der Ongezuurde Broden.

Weer terug naar Exodus 12. Ik wil dat u in de volgende verzen ziet, dat God ons laat zien dat zowel de 14e als de 15e dagen zijn die herdacht moeten worden. Het zijn dagen vol betekenis, maar elk om zijn eigen reden.

Exodus 12:24-27 Gij zult dit voorschrift houden als een altoosdurende inzetting voor u en uw zonen. 25 En wanneer gij komt in het land dat de HERE u geven zal, gelijk Hij gezegd heeft, zult gij deze dienst onderhouden. 26 En wanneer uw zonen tot u zeggen: Wat betekent deze dienst van u, 27 dan zult gij zeggen: Het is een Paasoffer [Pascha-offer] voor de HERE, die in Egypte aan de huizen der Israëlieten voorbijging, toen Hij de Egyptenaren sloeg, maar onze huizen spaarde. Toen knielde het volk en boog zich neer.

Welke dag wordt ons hier geїnstrueerd te herdenken? Het Pascha.

Exodus 13:3 Toen zeide Mozes tot het volk: Gedenkt deze dag, waarop gij uit Egypte, uit het diensthuis, gegaan zijt; want met een sterke hand heeft de HERE u daaruit geleid. Daarom mag niets gezuurds gegeten worden.

Welke dag wordt ons hier geїnstrueerd te herdenken? Dat is de 15e — de eerste dag Ongezuurde Broden. Dat is de dag waarop ze uit Egypte trokken. We hebben alweer vandoen met twee verschillende feesten; elk met hun eigen betekenis, die elk onderhouden moeten worden om het belang van de gebeurtenis die erop plaatsvond.

Let erop dat in Exodus 13:3 ongezuurd brood alweer specifiek genoemd wordt in verband met de 15e dag, niet het Pascha.

Exodus 13:7-9 Ongezuurde broden zullen gedurende de zeven dagen gegeten worden; er mag zelfs niets gezuurds bij u gezien worden, ja, in uw gehele gebied mag er geen zuurdeeg worden gezien. 8 En op die dag zult gij uw zoon uitleggen: Dit is ter wille van wat de HERE mij heeft gedaan bij mijn uittocht uit Egypte. 9 Het zal u zijn als een teken op uw hand en als een herinnering tussen uw ogen, opdat de wet des HEREN in uw mond zij; want met een sterke hand heeft de HERE u uit Egypte geleid.

Wat aan uw zoon uitleggen? Het uittrekken uit Egypte. De gebeurtenissen van deze dagen moeten worden herdacht, daarom wordt ons geboden beide te onderhouden en beide te herdenken. We moeten ze niet in elkaar doen opgaan. Elk van hen is een feest op zichzelf. Elk heeft zijn eigen betekenis.

We gaan nu naar het Nieuwe Testament, 1 Corinthiёrs 5. Het deed me echt goed dat Richard deze verzen uit de Phillips vertaling voorlas. Phillips maakte het zo duidelijk. We gaan deze verzen nu echter lezen uit de NBG.

1 Corinthiërs 5:6-8 Uw roem deugt niet. Weet gij niet, dat een weinig zuurdeeg het gehele deeg zuur maakt? 7 Doet het oude zuurdeeg weg, opdat gij een vers deeg moogt zijn; gij zijt immers ongezuurd. Want ook ons paaslam [Pascha-lam] is geslacht: Christus. 8 Laten wij derhalve feest vieren, niet met oud zuurdeeg, noch met zuurdeeg van slechtheid en boosheid, maar met het ongezuurde brood van reinheid en waarheid.

Over welk feest heeft hij het hier? Hij heeft het over de dagen der Ongezuurde Broden! Ja, het Pascha hangt ermee samen, maar toch zijn het twee aparte feesten.

Gemeente, deze verzen leren mij minstens dat we met twee aparte feesten vandoen hebben, en we hebben de opdracht ze beide te onderhouden. Het onderhouden van het Pascha wordt getoond in de samenkomst vermeld in 1 Corinthiёrs 11. En hier in 1 Corinthiërs 5 wordt het tweede feest — de dagen der Ongezuurde Broden — duidelijker onder de aandacht gebracht.

Ik lees nu een commentaat uit The Expositor's Commentary, deel 9, pagina 507: "Niet in staat geweest zijnde om voor het Pascha naar Jeruzalem te gaan, verbleef Paulus in Filippi om het te vieren en ook het een week lang durende feest der Ongezuurde Broden." Deze protestantse onderzoekers kunnen duidelijk zien wat deze man, met een langdurige achtergrond in de Kerk van God, niet kan zien.

Ik ga dat nogmaals lezen. "Niet in staat geweest zijnde om voor het Pascha naar Jeruzalem te gaan, verbleef Paulus in Filippi om het te vieren en ook het een week lang durende feest der Ongezuurde Broden. (Vergelijk dat met Josephus voor het met elkaar samenvallen van de twee feesten in de eerste eeuw.)"

Ik keek dus in Josephus en ik citeer uit Antiquities of the Jews, boek 3, hoofdstuk 10, paragraaf 5. Het is goed te bedenken dat Josephus in de eerste eeuw leefde en toen ook zijn boeken schreef, ongeveer in de tijd van de apostelen en kort daarna. De titel van dit specifieke hoofdstuk is tussen twee haakjes: Betreffende de Feesten; en hoe elke dag van zo'n Feest gehouden moet worden.

De wet stelde vast dat we elk jaar in de maand Xanthicus, die door ons Nisan wordt genoemd en het begin van ons jaar is, op de veertiende dag van de maanmaand, als de zon in het sterrenbeeld Ram staat (want het was in deze maand dat we vanuit de slavernij der Egyptenaren werden bevrijd), dat offer moeten brengen waarvan ik u eerder vertelde dat we dat brachten toen we uit Egypte trokken, het offer dat we Pascha noemden. Zodoende vieren we dit Pascha in groepen waarbij we niets van het offer overlaten tot de volgende dag. Het feest der Ongezuurde Broden volgt op dat van het Pascha en valt op de vijftiende van de maand en duurt zeven dagen lang waarin ze ongezuurd brood eten.

Ik weet niet of we het nog duidelijker kunnen krijgen door een jood uit de eerste eeuw. Er zijn nog veel en veel meer plaatsen in de boeken van Josephus waar staat dat het twee aparte feesten zijn. Ik zag echter ook dat hij op één plaats de volledige periode van acht dagen "Pascha" noemde en ergens anders zal hij de gehele periode van acht dagen "Ongezuurde Broden" noemen.

Laten we Johannes 13 opslaan.

Johannes 13:29 want sommigen meenden, dat Jezus, omdat Judas de kas hield, tot hem zeide: Koop wat wij nodig hebben voor het feest, of dat hij iets aan de armen moest geven.

We weten wat daar gebeurde. Dat was de Pascha-maaltijd, de voetwassing en de introductie door Jezus van het Nieuwe Verbond. Dit vond plaats aan het begin van de 14e. Is dat juist? Dat is juist. Let op wat de apostelen veronderstelden. Let op dat er staat dat de apostelen veronderstelden dat Judas eropuit ging om dingen te kopen die nodig waren voor het Feest. Als het Pascha een Heilige Dag is, zoals deze man beweert, zouden de discipelen van Jezus er dan op uitgaan om op de Heilige Dag dingen ter voorbereiding te gaan kopen? Pascha is geen Heilige Dag.

BOEM! Die leerstelling is dood.

Mattheüs 26:3-5 Toen kwamen de overpriesters en de oudsten des volks bijeen in het paleis van de hogepriester, genaamd Kajafas, 4 en zij beraamden een plan om Jezus door list in handen te krijgen en te doden. 5 Maar zij zeiden: Niet op het feest, opdat er geen opschudding ontsta onder het volk.

Wanneer spraken ze af om Jezus gevangen te nemen? Op de 14e. Zij geloofden niet dat de 14e een Heilige Dag was, omdat dat niet zo is! Het is niet de eerste dag Ongezuurde Broden. Het is een voorbereidingsdag. Het is geen sabbat. Ze waren bang Jezus op de dag daarna (de 15e) gevangen te nemen, omdat ze dachten dat het volk dan in opstand zou komen, omdat de priesters dan opdracht zouden geven iemand op een Heilige Dag ter dood te brengen. Dus zweerden ze samen om Hem op de dag van het Pascha gevangen te nemen.

BOEM! Dat was het tweede schot!

Johannes 19:31 De Joden dan, daar het Voorbereiding was en de lichamen niet op sabbat aan het kruis mochten blijven — want de dag van die sabbat was groot — vroegen Pilatus, dat hun benen gebroken en zij weggenomen zouden worden.

Dit vers zegt heel duidelijk dat het Pascha — de dag waarop Jezus ter dood werd gebracht — een voorbereidingsdag was, geen sabbat. Het maakte geen deel uit van de dagen der Ongezuurde Broden. BOEM! Alweer.

We moeten nu nog één schriftgedeelte bekijken.

Johannes 19:40-42 Zij namen dan het lichaam van Jezus en wikkelden het in linnen windsels met de specerijen, zoals het bij de Joden gebruikelijk is te begraven. 41 En er was ter plaatse, waar Hij gekruisigd was, een hof en in die hof een nieuw graf, waarin nog nooit iemand was bijgezet; 42 daar dan legden zij Jezus neder wegens de Voorbereiding der Joden, omdat het graf dichtbij was.

Hoe kan het duidelijker worden gezegd? BOEM! BOEM! BOEM! BOEM! Pascha is geen sabbat. Het is een voorbereidingsdag

Kunnen we dus zien dat toen het Pascha vervuld werd door de kruisiging van Jezus, alles betreffende Zijn dood tot een einde was gekomen voor de 14e eindigde? In feite werd Hij buiten het zicht begraven, wat te vergelijken valt met het volledig consumeren en uit het zicht doen verdwijnen van het Pascha-lam in de Pascha-nacht. Er was niets over. Er bleef niets van over.

Gemeente, er bestaat geen twijfel aan dat we vandoen hebben met twee nauw verwante, maar toch gescheiden Feesten, die op verschillende dagen worden gehouden en een verschillend geestelijk onderwijs hebben. Als we de twee samenvoegen, zoals deze man heeft gedaan, dan worden ze beide met elkaar verward, dan worden ze samengeperst in een tijdsframe waarin ze niet rechtmatig geplaatst kunnen worden en worden we afgeleid van de specifieke betekenis die elk van hen heeft.

Nu we dat achter ons hebben, zullen we, zo God het wil, de volgende sabbat verdergaan met de betekenis van de eerste dag Ongezuurde Broden.


Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)