Geloof en genezing (Deel 3)

Door John W. Ritenbaugh
19 februari 2005

Samenvatting: (toon)

John Ritenbaugh beweert met klem dat Gods belofte om te genezen (geestelijk of fysiek) onlosmakelijk verbonden is aan de verplichting verantwoordelijkheid toe te passen door het laten zien van fysieke en geestelijke werken in overeenstemming met bestaande wetten, terwijl we door het gehele genezingsproces heen op God blijven vertrouwen. In de bijbel komen veel personen voor die fysieke geneesmiddelen toepassen (balsem, kompressen, evenals het advies inwinnen van bekwame artsen) samengaand met een vertrouwen op God. We kunnen God niet (zoals Asa en Achazja) uit enig proces in ons leven weglaten. Als we uit zijn op genezing moeten we 1) eerst God zoeken, 2) aan de oplossing gaan werken door wijze raad te zoeken, 3) ons bekeren van de zonde die het probleem heeft veroorzaakt, en 4) ijverig Gods wetten gehoorzamen; dat vereist allemaal werk. Als we ons aan deze voorwaarden houden, zullen allen die op God vertrouwen op Zijn tijd en op Zijn manier genezen worden. Het toepassen van geloof inzake genezing is in geen enkel opzicht passief. God is bezig om probleemoplossers te scheppen – geen wezens die in de problemen blijven hangen.


In de eerste preek van deze serie hebben we het gehad over een algemene verantwoordelijkheid betreffende de zorg voor het lichaam. Om kort te gaan, God gaf ons leven. Dat is niet iets waar we recht op hebben. Het is niet iets dat we in onszelf hebben, en we zijn jegens Hem verantwoordelijk ervoor te zorgen. Evenals we de aarde die onze algemene omgeving is, moeten bewerken en bewaren, moeten we dat ook met onszelf.

We zagen in die preek ook dat de gehele schepping in een onverbiddelijke toestand van achteruitgang verkeert; dat geldt ook voor ons allemaal en daarom eindigt de verantwoordelijkheid om te bewerken en te bewaren nooit. In onze jeugd is die achteruitgang amper merkbaar, maar we moeten er wel rekening mee houden, omdat die desondanks plaatsvindt. Bij sommigen gebeurt dat sneller dan bij anderen. Pas op middelbare leeftijd wordt de geleidelijke achteruitgang een meer constante bron van zorg en op de oude dag is die zo duidelijk dat we hem niet meer kunnen ontkennen. De christen heeft echter, ongeacht zijn leeftijd, een speciale aansprakelijkheid jegens God, omdat zijn lichaam de extra zegen heeft een tempel van Gods Geest te zijn.

In de tweede preek begonnen we de volgende natuurlijke stap te onderzoeken: Wat is iemands verantwoordelijkheid als het lichaam door ziekte problemen gaat geven. Aan deze verantwoordelijkheid van bewerken en bewaren zit in het bijzonder een extra aspect vanwege Gods belofte te genezen. We zagen tevens dat Gods belofte te genezen ook geestelijke genezing omvat.

Is in het licht van die belofte voor wat betreft verantwoordelijkheid en werken de genezing van het lichaam iets geheel anders dan andere problemen die we in ons leven kunnen tegenkomen? Met andere woorden ontheft de belofte tot genezing ons van de verantwoordelijkheid iets te doen om de oorzaak van de ziekte op te heffen en onszelf beter te maken? Laten we deze vraag beantwoorden door het stellen van een parallelvraag. Ontheft Gods belofte ons geestelijk te genezen ons van de verantwoordelijkheid om eraan te werken de oorzaak van geestelijke ziekten die we zouden kunnen hebben, te verwijderen, of om het op een andere manier te zeggen, te overwinnen en te groeien?

Het antwoord ligt voor de hand en maakt het juiste antwoord op de belofte betreffende het genezen van het lichaam duidelijk. Wij zijn verantwoordelijk om stappen te nemen het lichaam te genezen, maar hoe ver reikt onze verantwoordelijkheid? Het antwoord: Hoe ver gaat onze verantwoordelijkheid om onszelf geestelijk te genezen? Gemeente, we moeten doen wat we kunnen.

We zagen in Deuteronomium 8 dat er tijden zijn dat God opzettelijk moeilijke omstandigheden bedenkt en tot stand laat komen, waarmee we moeten omgaan, en dat deze situaties taken zijn die ons gegeven worden om te leren dat de mens niet alleen door fysieke dingen leeft, maar door ieder woord van God. Met andere woorden deze taken zijn onder andere bedoeld om ons door ervaring te leren op Hem te vertrouwen.

Deze taken vereisen geestelijk en fysiek werk om met de problemen om te gaan, maar altijd met vertrouwen. God beloofde bijvoorbeeld Israël in het beloofde land te brengen, maar zij moesten het fysieke werk van lopen uitvoeren om er te komen. Wat zou er gebeurd zijn als ze gewoon waren gaan liggen en hadden gezegd: "God, breng me erheen!" Zouden ze er zijn gekomen? Nee! Dat was geen gemakkelijke verantwoordelijkheid. Dat was een dagelijkse last. Het is interessant dat God het op sommige plaatsen in de bijbel heeft over "de last van het woord des Heren".

God scheidde de Schelfzee zodat Israël kon ontkomen aan het leger van Egypte, maar de Israëlieten moesten Mozes volgen door die door God gemaakte kloof in het water. Zij deden dat, maar ongetwijfeld met heel wat angst en spanning dat die watermuren misschien op hen zouden neerstorten. Het fysieke werk van lopen dient dus als vergelijking voor al het geestelijke werk dat nodig is om ons op het Koninkrijk van God voor te bereiden.

Die preek leidde tot de onvermijdelijke conclusie dat genezing, al is die door God beloofd, niet verschilt van andere problemen in het leven. God is bij ons betrokken, evenals Hij iedere stap op weg naar het beloofde land bij het oude Israël betrokken was. Hij hield Zijn belofte, maar dat ontheft ons niet van de verplichting te werken aan het herstel van ons lichaam vanuit wat voor zieke toestand het ook maar in kan verkeren, terwijl we tegelijkertijd al doende op God blijven vertrouwen.

Precies op dit punt raakten velen van ons in onze vorige associatie het spoor bijster door geestelijke waarde toe te kennen aan fysieke elementen. Zo werden kruidengeneesmiddelen geestelijk beter beoordeeld dan farmaceutische geneesmiddelen. Natuurgenezers en chiropractors waren geestelijk beter dan reguliere artsen.

Aan de buitenkant van het lichaam konden bepaalde operaties worden uitgevoerd, maar om in het lichaam te snijden was geestelijk verboden gebied. Zo ontstond er een hele verzameling van geestelijke waarden en was men geestelijk of ongeestelijk afhankelijk van hoe men voldeed aan deze niet bijbelse tabel van waarden.

Ik ben er persoonlijk getuige van geweest dat iemand last had van wat we gewoonlijk "vocht in de knie" noemen. Hij ging naar een ziekenhuis en het vocht werd afgevoerd om de pijnlijke druk te verlichten. Toen de dienaar ervan hoorde, werd de man door hem onmiddellijk "gedisfellowshipped" (buiten de geloofsgemeenschap geplaatst) vanwege zijn gebrek aan geloof. Neem dit in overweging: Wijn en olie zijn niet geestelijker dan jodium, zeep en water. Sommige mensen zullen praktisch niets doen om verbetering aan te brengen in hun zieke of gewonde lichaam uit vrees hun geloof te beschadigen.

Ik wil dat u begrijpt dat ik niet de spot drijf met dit alles, omdat het in alle oprechtheid werd gedaan, maar wat werd geloofd en werd gedaan was iets dat aan de Schrift werd toegevoegd — een praktijk die niet op de bijbel is gebaseerd, zoals ik u in deze preek zal laten zien. God wil niet dat wij Hem en Zijn doel in enig aspect van het leven buitensluiten. Dit geldt zowel voor goede als voor slechte tijden.

In de tweede preek zagen we dat Jezus duidelijk zei dat Hij en de Vader werkten. Gods werk bestaat uit het scheppen van kinderen die dezelfde deugden bezitten als Hij, die op dezelfde manier werken als Hij en die de dingen op dezelfde manier bekijken als Hij. We werken niet op hetzelfde niveau als Hij, maar we moeten met Hem werken aan hetzelfde project waarbij Hij betrokken is en de patronen volgen die Hij in Zijn woord vaststelt. Dat project bestaat eruit dat wij naar Zijn beeld worden geschapen.

In Zijn wijsheid heeft God geoordeeld dat het voor dit project nodig is dat wij de processen van de werking van Zijn wet leren. Daarom moeten we niet alleen maar theoretisch, maar praktisch met wetten omgaan, in de feitelijke omstandigheden van het leven, inclusief de tijden dat we het hoofd moeten bieden aan de gevolgen van ongehoorzaamheid aan die wetten.

Herinnert u zich de spreuk die zegt: "Hij die niets doet om zichzelf (fysiek of geestelijk) te genezen, is een broeder van hem die zelfmoord pleegt"? Zelfmoord is een vorm van moord en dus het overtreden van het zesde gebod en dat willen we niet doen. We moeten iets aan onze gezondheid doen als die op enigerlei wijze is beschadigd.

In Gods woord zien we Gods methode van genezing en dit vereist dat we Hem vertrouwen binnen Zijn doel in onze behoeften te voorzien. Deze manier van genezing gaat de menselijke methoden die zonder Zijn betrokkenheid werken, zo ver te boven dat er geen enkele vorm van vergelijking mogelijk is.

In die preek zagen we dat er bij iedere genezing een bepaalde mate van geloof in God betrokken is, maar aan de andere kant behoeft zonde niet bij elke ziekte betrokken te zijn, zelfs al zal dit in de overgrote meerderheid van ziekte wel het geval zijn. Genezing kan niet van God worden geёist. God is soeverein en elke genezing — letterlijk elke genezing — wordt op Zijn tijd en volgens Zijn plan gegeven.

Johannes 4:46-54 Hij kwam dan weder te Kana in Galilea, waar Hij het water tot wijn gemaakt had. En er was te Kafarnaüm een hoveling, wiens zoon ziek was. 47 Toen deze hoorde, dat Jezus uit Judea naar Galilea gekomen was, ging hij tot Hem en verzocht Hem te komen en zijn zoon te genezen; want deze lag op sterven. 48 Jezus zeide dan tot hem: Indien gijlieden geen tekenen en wonderen ziet, zult gij niet geloven. 49 De hoveling zeide tot Hem: Heer, kom af, eer mijn kind sterft. 50 Jezus zeide tot hem: Ga heen, uw zoon leeft! De man geloofde het woord, dat Jezus tot hem sprak, en ging heen. 51 En reeds terwijl hij afdaalde, kwamen zijn slaven hem tegemoet en zeiden, dat zijn kind leefde. 52 Hij vroeg hun naar het uur, waarop de beterschap was ingetreden; zij zeiden tot hem: Gisteren op het zevende uur werd hij vrij van koorts. 53 De vader dan bemerkte, dat het dat uur was, waarop Jezus tot hem gezegd had: Uw zoon leeft, en hij werd zelf gelovig en zijn gehele huis. 54 En dit deed Jezus weder als tweede teken, toen Hij uit Judea naar Galilea gekomen was.

Sommige vertalingen zeggen hier in vers 54 dat dit een wonder was. Het was inderdaad een wonder, maar dat is niet het woord dat Johannes gebruikte. De vertaling met teken zoals hier in de NBG is een betere vertaling. Een teken verwijst, geeft richting aan, en God gebruikt soms een genezing om te laten zien waar en in wie Hij werkt. Tekenen verwijzen naar de Boodschapper en Zijn boodschap. Vers 54 was inderdaad een wonder dat verwees naar de plaats waar God aan het werk was. Het maakte Jezus bekend als degene door wie God in die tijd aan het werk was.

Laten we 2 Kronieken 16:9 opslaan. Dit is een welbekend schriftgedeelte.

2 Kronieken 16:9a Want des HEREN ogen gaan over de gehele aarde, om krachtig bij te staan hen, wier hart volkomen naar Hem uitgaat.

Let erop wat God zegt. Hij zegt dat Hij krachtig bijstaat door wonderbaarlijk tussenbeide te komen. Een genezing, wat in feite hier het onderwerp is, is een handeling van barmhartigheid die God gebruikt als een vorm van bekendmaken en tegelijkertijd van bemoediging. Er is meer dan één doel aan verbonden. Het is alsof Hij zegt: "Ik ben met u." Niet iedereen zal op die ogenblikkelijke manier worden genezen, maar allen die op Hem vertrouwen zullen op Zijn tijd en manier worden genezen. Dit is een principe dat we moeten accepteren. Hij verlangt dat we Hem vertrouwen en Hij verlangt dat we begrijpen dat Hij het zal doen op de tijd die Hem schikt en waarop het volgens Hem het beste is.

Niemand kan God dwingen. Niemand kan pressie op God uitoefenen om te genezen, omdat hij beweert in geloof te hebben geleefd en gehoorzaam te zijn geweest. Genezing is niet als het bezoeken van een restaurant, iets bestellen en het dan geserveerd krijgen. God is inderdaad barmhartig, maar een verzoek om genezing zet heel wat complexere dingen in beweging dan op het eerste gezicht zichtbaar is.

Zelfs al had Jezus ontzagwekkende macht, toch zei Hij in Johannes 14:10 tegen zijn discipelen dat Hij niet op eigen gezag sprak, maar dat de Vader die in Hem woonde, de werken deed. De werkelijke macht achter de genezingen van Jezus was de Vader in de hemel. Menselijk had Jezus niet meer macht dan enig ander mens. Vertrouwen op God sluit echter het zoeken en gebruik van de wijsheid en de vaardigheden die de mens heeft verworven, niet uit. Ik zal u nu een aantal schriftgedeelten geven die dit laten zien.

Laten we Genesis 37:25 opslaan. Dit speelt zich af omstreeks de tijd dat Jozef naar Egypte werd verkocht.

Genesis 37:25 Daarna zetten zij zich neer om te eten. Toen zij hun ogen opsloegen — daar zagen zij een karavaan van Ismaёlieten aankomen uit Gilead, wier kamelen gom, balsem en hars droegen, op weg om dat naar Egypte te brengen.

We gaan dat woord "balsem" wat nader bekijken. Volgens The Reader's Digest Encyclopedic Dictionary is "balsem" een aromatische, harsachtige afscheiding van diverse bomen en struiken en werd het als medicijn gebruikt. Dat zelfde woordenboek zegt dat "balsem van Gilead" een harsachtig, geurig sap is, dat van de balsemspar wordt verkregen. Dit is de eerste keer dat het woord "balsem" in de bijbel voorkomt.

We gaan nu naar Genesis 43. Tegen deze tijd zijn we grotendeels door de geschiedenis van Jozef heen en deze onderhandelingen vinden plaats tussen Jozef en zijn broers. Ze zijn vanuit Egypte teruggekeerd naar hun vader Jakob.

Genesis 43:11 Toen zeide hun vader Israël tot hen: Indien het zo gesteld is, doet dan dit: neemt van het fijnste des lands in uw zakken en brengt die man een geschenk: een weinig balsem en een weinig honig, gom en hars, terpentijnnoten en amandelen.

Let er eerst eens op wie suggereert om balsem als gift te geven aan een belangrijk persoon. Hij wist niet dat het zijn eigen zoon was. Hij keek naar die man als één van de belangrijkste heersers van de in die tijd grootste macht ter wereld. Jakob was tegen die tijd in zijn leven een godvrezend iemand en hij wist zeker een en ander over Gods belofte tot genezing. Als hij en andere Israëlieten geen balsem gebruikten vanwege Gods belofte tot genezing, waarom zou hij dan een gift geven van iets dat beschouwd werd tegen Gods wetten in te gaan?

Laten we dat actualiseren. Zou u iemand die een belangrijk persoon is, of iemand die u lief is, maar niet bekeerd, een maaltijd bestaande uit reuzengarnalen en kreeft aanbieden? Dat zou u niet doen, omdat dat tegen Gods wetten zou ingaan. Denken we niet dat Jakob misschien wel op dezelfde manier zou denken en dat het helemaal niet vreemd was om medicijnen aan Jozef te geven? Blijkbaar was deze balsem iets dat in het gehele Midden-Oosten bekend stond om zijn genezende werking.

Laten we Jeremia 8:18 opslaan. Jeremia is de spreker.

Jeremia 8:18-22 Niet te lenigen is mijn kommer, mijn hart is zo ziek! 19 Hoor! hulpgeroep van de dochter mijns volks uit het land, wijd en zijd: Is de HERE niet in Sion, of is haar Koning niet in haar? — Waarom hebben zij Mij gekrenkt met hun beelden, met nietigheden uit den vreemde? — 20 Voorbij is de oogst, ten einde de zomer, en wij zijn niet verlost! 21 Om de breuk [Israël heeft een breuk] van de dochter mijns volks ben ik gebroken, ik ga in rouw, ontzetting heeft mij aangegrepen. 22 Is er geen balsem in Gilead [is er geen medicijn in Gilead], of is daar geen heelmeester? Want waarom is de wond van de dochter mijns volks niet geheeld?

Als we hier in wat ruimer verband naar zouden kijken, zouden we helemaal aan het begin van hoofdstuk 7 moeten beginnen. We zouden dat doorlezen tot we in hoofdstuk 8 zouden aankomen. Hoofdstuk 8 is een voortzetting van een lange profetie die helemaal aan het begin van hoofdstuk 7 begint. Deze wordt gegeven vanwege de verziekte toestand van de natie Israël. Die profetie legt uit wat er zal gaan gebeuren, wat zal gebeuren en de oplossing ervoor, zodat het niet behoeft te gebeuren. Tegen de tijd dat we in hoofdstuk 8 aankomen, in de verzen 8 en 9, zegt God het volgende:

Jeremia 8:8-9 Hoe durft gij zeggen: Wij zijn wijs en de wet des HEREN is bij ons? Voorwaar, zie, bedrieglijk heeft de leugenpen der schrijvers die vervaardigd! 9 Te schande worden de wijzen, verslagen en verstrikt! Zie, het woord des HEREN hebben zij verworpen, wat voor wijsheid zouden zij dan hebben?

Dit is een beknopte uitspraak die laat zien, dat zelfs de wijze mannen hadden moeten weten waarom de gevaarlijke omstandigheden bestonden, maar zij verwierpen Gods woord.

Jeremia 8:10-12 Daarom zal Ik hun vrouwen aan anderen geven, hun akkers aan veroveraars. Want van klein tot groot zijn allen er op uit zich te bevoordelen; allen, van profeet tot priester, plegen zij bedrog. 11 Zij trachten de breuk van de dochter mijns volks op het lichtst te genezen door te zeggen: Vrede, vrede, terwijl er geen vrede is. 12 Zij worden te schande, omdat zij gruwel bedreven hebben; toch schamen zij zich in het minst niet, en van blozen weten zij niet; daarom zullen zij vallen onder de vallenden, ten tijde van hun bezoeking zullen zij struikelen, zegt de HERE.

In de verzen 8 tot 12 is het onderwerp bij de oplossing aangekomen. Het volk had er behoefte aan van zijn nationale problemen te worden genezen. De wijze mannen — de leiders van de natie — waren wijs in termen van wereldlijke oplossingen en ze pasten die toe; hun oplossingen brachten echter geen genezing van het werkelijke probleem tot stand, zelfs al brachten hun oplossingen een beperkte mate van vrede teweeg. Daarom staat er in vers 11: "Vrede, vrede." Er is een beperkte mate van vrede aanwezig, maar deze is niet echt. Hun oplossingen hebben enige van de symptomen bedekt, maar deze konden de ziekte niet genezen. Deze konden de ziekte niet genezen, omdat de ziekte geestelijk was en lag in hun huichelachtige relatie met God.

Bedenk dat er in vers 8 staat "de wet des HEREN is bij ons", en toch verwierpen ze Gods wet, waarmee een huichelachtige relatie met God ontstond. Het bewijs van hun huichelachtigheid is te zien in hun verwerping van Gods woord, zelfs al beweerden ze God te kennen. De oplossing — het medicijn — lag dus in het opnieuw opbouwen van hun relatie met God, maar hun oplossingen brachten nooit een zich afkeren van hun immoreel gedrag met zich mee. Het volk bekeerde zich nooit.

Laten we nu de verzen 21 en 22 opnieuw lezen.

Jeremia 8:21-22 Om de breuk van de dochter mijns volks ben ik gebroken, ik ga in rouw, ontzetting heeft mij aangegrepen. 22 Is er geen balsem in Gilead, of is daar geen heelmeester? Want waarom is de wond van de dochter mijns volks niet geheeld?

Gemeente, het antwoord is dat er natuurlijk balsem in Gilead was! Dat lag in bekering. Dat lag in een verandering van houding jegens God en Zijn woord, dat zou de verbroken relatie herstellen, maar noch de leiders noch het volk wilden daar deel aan hebben. Jeremia aanvaardde het feit dat het volk medicijnen nam voor fysieke ziekten, waarom zouden ze dan niet de geestelijke medicijn van bekering gebruiken om de geestelijke ziekte te genezen?

Deze parallelbenadering was iets dat het volk zou hebben moeten begrijpen, omdat ze in hun leven medicijnen voor hun fysieke ziekten gebruikten. De kracht van dit voorbeeld door Jeremia gebruikt in zijn vraag is, dat indien het gebruik van medicijnen juist is aan één kant van de parallel (de geestelijke), dan is dat ook juist aan de andere kant. Als het voorbeeld misleidend en verkeerd is, dan wordt het voorbeeld verkeerd toegepast en maakt Jeremia zich schuldig aan verkeerde instructie. Maar hij geeft geen verkeerde instructie, omdat het gebruik van medicijnen om een fysieke ziekte te genezen niet méér verkeerd is dan het gebruik van een geestelijke medicijn om een geestelijke ziekte te genezen. Dat is precies waarom Jeremia het voorbeeld gebruikte. We zullen straks zien dat Jezus hetzelfde deed in het Nieuwe Testament.

In Jeremia 46:11 adviseert hij alweer het gebruik van balsem. In dit geval adviseert hij binnen de context ook dat die niet zal werken, omdat hun probleem geestelijk van karakter was.

Jeremia 46:11 Trek op naar Gilead en haal balsem, o jonkvrouw, dochter van Egypte; tevergeefs neemt gij veel geneesmiddelen, voor u is er geen genezing.

Nu naar Jeremia 51. Het onderwerp is daar Babylon.

Jeremia 51:7-8 Babel was in de hand des HEREN een gouden beker die de gehele aarde dronken maakte; van zijn wijn dronken de volken, daardoor werden zij verdwaasd. 8 Plotseling is Babel gevallen en gebroken, jammert om hem! Haalt balsem voor zijn pijn, misschien is het te genezen.

Jeremia geeft ons aanwijzingen om te laten zien dat het gebruik van medicijnen op zichzelf niet zondig is.

Nu naar Ezechiёl 27:17. Dat is een profetie betreffende Tyrus. Tyrus was het New York uit zijn dagen en zijdelings wordt ook Juda hier genoemd.

Ezechiël 27:17 Juda en het land Israël dreven handel met u; tarwe van Minnit, mirre, honig, olie en balsem leverden zij voor uw koopwaar.

Om dit in een moderne context te plaatsen zouden het de Verenigde Staten en andere delen van de Israëlitische volkeren moeten zijn die handel drijven in medicijnen. Zoals ik eerder zei, lijkt het erop dat deze "balsem van Gilead" iets was dat in het gehele Midden-Oosten bekend was als een medicijn die goed was voor de genezing van zekere verwondingen van het lichaam, en zowel Juda als Israël exporteerden het overzee.

We gaan nu Jesaja 38 opslaan. Dit is een welbekende geschiedenis. Let hier op de volgorde van de gebeurtenissen.

Jesaja 38:1-2 In die dagen werd Hizkia ten dode toe ziek. Toen kwam de profeet Jesaja, de zoon van Amoz, tot hem en zeide tot hem: Zo zegt de HERE: tref beschikkingen voor uw huis, want gij zult sterven en niet herstellen. 2 Toen keerde Hizkia zijn gelaat naar de wand en bad tot de HERE

Jesaja 38:20-21 De HERE is gereed om mij te verlossen. Daarom doen wij het snarenspel klinken al de dagen van ons leven in het huis des HEREN. 21 Jesaja nu had gezegd: Men neme een vijgenkoek en legge die op de zweer, dan zal hij genezen.

Deze keer is het geen balsem. Het was blijkbaar een kompres gemaakt van vijgen die een bepaalde mate van trekkracht bezaten om een gifstof uit het lichaam van Hizkia te zuigen. Let hier op de volgorde van de gebeurtenissen. Hizkia zocht God en Jesaja, Gods profeet Jesaja, gebruikte op een bepaald moment een medicijn. Het was een medicijn uit die dagen en het schijnt alsof het iets was dat in die tijd heel gebruikelijk was. God laat op geen enkele manier blijken dat Hij ertegen is, behalve dan dat Hij laat zien dat fysieke dingen geen probleem dat geestelijk is, kunnen genezen. Het is iets fysieks, maar Hij liet zien dat Hij er niet tegen is dat mensen het gebruiken, zelfs al zoeken ze Hem eerst.

Laten we weer naar Jeremia 8 gaan, naar iets waar ik zojuist snel overheen ben gegaan, maar we gaan het deze keer benadrukken en daarna volgt een hele serie andere schriftgedeelten.

Jeremia 8:22a Is er geen balsem [geen medicijn] in Gilead, of is daar geen heelmeester?

Wat te denken van doktoren? Denk aan de omstandigheid. Jeremia, Gods profeet, denkt blijkbaar dat het niet verkeerd is een medicijn te gebruiken voor een fysieke ziekte. En nu vraagt hij: "Is er geen heelmeester waar ze naar toe kunnen gaan om wat advies en wat raad te krijgen? Is er niemand om hen te behandelen?"

Denk aan de parallellen waar we hier mee te maken hebben. Aan de ene kant hebben we het geestelijke en aan de andere kant hebben we het fysieke. De parallel die Jeremia gebruikt is, dat als het aan de ene kant juist is om te doen, dan is het ook aan de andere kant juist. Beide zijden kunnen niet van elkaar worden gescheiden. Als het aan de ene kant onjuist is, dan is het aan de andere kant ook onjuist. Maar hij benadert het niet op die manier. We moeten nu het volgende in overweging nemen: Is het onjuist naar een dokter te gaan om hem raad te vragen, en mogelijk ook door hem behandeld te worden?

We hebben vanuit de voorbeelden in Jeremia 8 gezien dat het probleem was, dat het volk niets deed om zichzelf te helpen. Dat is een belangrijk deel van wat we hier lazen. Ze deden niets om zichzelf te helpen en Jeremia moedigt hen aan iets te doen om zichzelf te helpen.

We gaan nu naar het Nieuwe Testament, naar Marcus 5.

Marcus 5:24-34 En Hij ging met hem mede en een grote schare volgde Hem en zij drongen tegen Hem op. 25 En een vrouw, die twaalf jaar aan bloedvloeiingen geleden had, 26 en veel doorstaan had van vele dokters en al het hare daaraan ten koste had gelegd en geen baat had gevonden, maar veeleer achteruit was gegaan, 27 had gehoord, wat er van Jezus verteld werd, en zij kwam tussen de schare en raakte van achter zijn kleed aan. 28 Want zij zeide: Indien ik slechts zijn klederen kan aanraken, zal ik behouden zijn. 29 En terstond droogde de bron van haar bloed op en zij bemerkte aan haar lichaam, dat zij van haar kwaal genezen was. 30 En Jezus bemerkte terstond bij Zichzelf de kracht, die van Hem uitgegaan was, en Hij keerde Zich om in de schare, en zeide: Wie heeft Mij aangeraakt? 31 En zijn discipelen zeiden tot Hem: Gij ziet, dat de schare tegen U opdringt en Gij zegt: Wie heeft Mij aangeraakt? 32 En Hij keek rond om te zien, wie dat gedaan had. 33 De vrouw nu, bevreesd en bevende, wetende wat met haar geschied was, kwam en wierp zich voor Hem neder en zeide Hem de volle waarheid. 34 En Hij zeide tot haar: Dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede en wees genezen van uw kwaal.

Jezus ontzegt niemand rechtstreeks het recht een dokter te raadplegen. Hij onderwijst niet dat het raadplegen van een dokter inbreuk maakt op iemands geloof in God. Hij zegt niet dat het in geloof op God vertrouwen en het raadplegen van een dokter elkaar uitsluiten. Met andere woorden Hij zegt niet dat we beide niet tegelijkertijd kunnen zoeken en raadplegen, en als we dat toch doen dat dat een garantie is dat we niet genezen zullen worden. Wat doet Hij? Hij laat zien dat het gebruik van geloof in God en het vertrouwen in God ver uitgaat boven de vaardigheden van de mens. Ziet u, tot op dit moment had deze vrouw God niet gezocht. Het is essentieel dat we de volgorde volgen die Hizkia volgde. God kwam op de eerste plaats en Hizkia vertrouwde op Hem.

Marcus 2:17a En Jezus hoorde het en zeide tot hen: Zij, die gezond zijn, hebben geen geneesheer nodig, maar zij, die ziek zijn.

Ziet u wat Hij hier zei? Hij zei dat zieke mensen een geneesheer nodig hebben. Daar kunnen we met geen mogelijkheid omheen.

Marcus 2:17b Ik ben niet gekomen rechtvaardigen te roepen, maar zondaars.

Jezus deed hier hetzelfde als Jeremia in Jeremia 8. Zij die geestelijk ziek zijn hebben net zo goed een dokter nodig als zij die fysiek ziek zijn. Dat Zijn voornaamste doel om dit te zeggen geestelijk is, staat vast. Hij had kunnen zeggen dat zij die geestelijk ziek zijn de grote geestelijke Dokter Zelf nodig hebben, maar Hij gebruikte de behoefte aan de vaardigheden en de kundigheden van een dokter van hen die fysiek ziek zijn, als voorbeeld voor Zijn geestelijk onderwijs. Er is hier een parallel en het is duidelijk dat Jezus die gebruikte.

Als de behoefte aan een dokter voor hen die fysiek ziek zijn niet parallel staat aan de behoefte aan een geestelijke dokter voor hen die geestelijk ziek zijn, dan is Zijn illustratie op zijn minst gezegd geweldig misleidend. Maar Hij vergiste Zich niet. Er is een parallel tussen de twee en Hij zegt duidelijk dat Hij verwacht dat zij die fysiek ziek zijn, hulp zoeken bij hen die meer van dat belangrijke gebied van het leven afweten dan zijzelf. Het gebruik van iemands geloof sluit het hulp zoeken bij een dokter niet uit.

We gaan weer naar 2 Kronieken 16. Let hier op de introductie. Was er vertrouwen in God?

2 Kronieken 16:7-8 In die tijd kwam de ziener Chanani tot Asa, de koning van Juda, en zeide tot hem: Omdat gij gesteund hebt op de koning van Aram en niet gesteund hebt op de HERE, uw God, daarom is het leger van de koning van Aram aan uw macht ontkomen. 8 Waren de Kusieten en de Libiёrs niet een groot leger met zeer veel wagens en ruiters? Toch heeft de HERE hen in uw macht gegeven, omdat gij [toen] op Hem gesteund hebt.

Hier zien we het begin van een andere parallel betrekking hebbend op geestelijke en fysieke dingen.

2 Kronieken 16:9-12 Want des HEREN ogen gaan over de gehele aarde, om krachtig bij te staan hen, wier hart volkomen naar Hem uitgaat. Gij hebt hierin dwaas gehandeld, want van nu af zult gij oorlogen hebben. 10 Toen werd Asa vertoornd op de ziener en hij zette hem in de gevangenis, want hij was hierover verbolgen op hem. Asa mishandelde in die tijd ook enigen uit het volk. 11 Zie, de geschiedenis van Asa, uit vroeger en later tijd, zij is beschreven in het boek der koningen van Juda en van Israël. 12 In het negenendertigste jaar van zijn regering werd Asa ziek aan zijn voeten en zijn ziekte werd hoogst ernstig. Doch zelfs in zijn ziekte zocht Asa geen hulp bij de HERE, maar bij de heelmeesters.

De les is heel duidelijk. Als we hier het gehele plaatje zouden zien, deze twee gehele hoofdstukken, dan zien we dat Asa als een goede koning begon, maar na verloop van tijd gebeurde er iets en keerde hij zich in belangrijke mate af van God waarbij hij uiteindelijk zelfs zover ging dat hij degenen die God zond, vervolgde. Hij vervolgde in deze verzen de ziener. Hij ging zelfs zover dat hij hulp bij doktoren zocht zonder God er ook maar enigszins bij te betrekken. Hier zien we dus een belangrijke onderstreping van een belangrijke sleutel. Sluit God uit geen enkel deel van je leven uit.

2 Koningen 1:1-4 Moab viel na Achabs dood van Israël af. 2 Achazja viel door het traliewerk van zijn bovenvertrek te Samaria, en hij werd ziek. Toen zond hij boden uit en beval hun: Gaat Baäl-Zebub, de god van Ekron, raadplegen, of ik van deze ziekte zal herstellen. [Waar is God? Waar zijn de Israëlitische doktoren?] 3 Maar de Engel des HEREN sprak tot de Tisbiet Elia: Sta op, ga de boden van de koning van Samaria tegemoet en zeg tot hen: Is er dan geen God in Israël dat gij Baäl-Zebub, de god van Ekron, gaat raadplegen? 4 Daarom, zo zegt de HERE: Van het bed waarop gij zijt komen te liggen, zult gij niet afkomen, maar gij zult voorzeker sterven. En Elia ging heen.

Dit is een ander voorbeeld. Achazja liet God helemaal buiten beeld. Er zou niets zondigs zijn aan het inwinnen van het advies van een dokter en misschien zelfs wel zijn behandeling, maar in Achazja 's leven speelde God in het geheel geen rol meer.

In Job 13:4 wordt op een interessante manier over doktoren gesproken. Job spreekt hier tot zijn drie vrienden die hem raad geven ten aanzien van zijn problemen, en Job zegt:

Job 13:4 Gij echter zijt lieden die met leugen pleisteren, kwakzalvers altemaal.

Dit opent een interessant gebied. In dit geval met Job — al had hij fysieke problemen omdat Satan hem had geslagen — was het werkelijke probleem iets dat geestelijk was. Job bekeerde zich daarvan, maar hier zien we dat hij hulp bij zijn vrienden zocht. Jobs vrienden verkeerden in de positie van een dokter die hem raad geeft ten aanzien van hoe en waarom het geestelijke probleem bestond, en hoe het kon worden aangepakt en genezen.

We zien in Jobs antwoord dat hij heel goed wist dat er doktoren waren die van geen enkel nut waren. We zullen hier later nog dieper op ingaan, maar ik wil hier de gedachte naar voren brengen dat het naar een dokter gaan nooit het volledige antwoord is. Wie zijn zij in vergelijking met God? Zelfs de allerbeste dokter is niets in vergelijking met God. Er zullen altijd doktoren zijn die van geen enkel nut zijn en daar moeten we ons van bewust zijn.

Laten we nu Lucas 8:43 opslaan. Dit is dezelfde gebeurtenis als die we zojuist in Marcus hebben gelezen.

Lucas 8:43 [Statenvertaling] En een vrouw, die twaalf jaren lang den vloed des bloeds gehad had, welke al haar leeftocht aan medicijnmeesters ten koste gelegd had; en van niemand had kunnen genezen worden.

Ergens anders wordt Lucas "de geliefde geneesheer" genoemd. Ik wil hier even bij stilstaan en vragen: "Waarom noemde hij hem in Gods geїnspireerde woord niet gewoon 'onze broeder Lucas'?" In plaats daarvan noemde hij hem "de geliefde geneesheer". Ik zal u zeggen waarom ik denk dat hij "de geliefde geneesheer" werd genoemd. Dat is omdat Lucas nadat hij zich had bekeerd en in de kerk was, nog steeds zijn beroep uitoefende. Hij was nog steeds geneesheer en God noemt hem bij die titel, omdat hij zijn verantwoordelijkheden uitoefende, evenzeer als het woord "apostel" de titel is die wordt toegepast op hen die God in die positie had aangesteld.

Dat, geїnspireerd door God, de woorden "de geliefde geneesheer" worden gebruikt, duidt erop dat de aandoening die deze vrouw had in termen van kennis die in die tijd beschikbaar was, medisch niet te genezen was. Ze was van dokter naar dokter gegaan om hulp te zoeken, maar die hulp was nergens verkrijgbaar behalve bij Christus. Dit is een waardevol stukje begrip, dat alweer duidt op de noodzaak om boven alles vurig God te zoeken, omdat de menselijke kennis van de werking van het menselijke lichaam beperkt is. Menselijke doktoren zijn geen God.

Menselijke doktoren zijn niet de Schepper die werkt aan een veel belangrijker geestelijk doel. Daarom zijn de woorden betreffende doktoren (inclusief natuurgenezers, chiropractors, homeopathen, enzovoort) en al de raad die ze geven in termen van diagnose, medicijnen en behandelingen, caveat emptor. "Caveat emptor" komt vanuit het Latijn en betekent: "Laat de koper op zijn hoede zijn." Met andere woorden, koop wat ze te verkopen hebben in de vorm van advies, in de vorm van medicijnen en behandeling op eigen risico.

Spreuken 15:22 Plannen mislukken bij gebrek aan overleg, maar door de veelheid van raadgevers komt iets tot stand.

Spreuken 11:14 Als beleid ontbreekt, komt het volk ten val; maar er is redding, als er vele raadgevers zijn.

Ik las eens, ik geloof dat het in Time magazine was, een artikel dat de benadering van artsen in een groot aantal westerse landen, met elkaar vergeleek. In die vergelijkingen kwam duidelijk tot uiting dat de benadering van het medische establishment in Amerika het meest radicaal en aggressief was. De Duitse benadering was het meest conservatief. De andere landen lagen tussen die twee in. Amerikaanse doktoren waren het meest geneigd de laatste wondermedicijnen, methoden en behandelingen voor te schrijven. De mogelijkheid tot een spoedig herstel wordt vaak heel zwaar in de afwegingen meegenomen.

De Duitsers daarentegen waren het meest geneigd kruidengeneesmiddelen voor te schrijven in plaats van farmaceutische medicijnen, en "bewezen, werkende" methoden en behandelingen die beter worden begrepen en minder riskant zijn, maar ook langzamer werken.

Het verschil tussen een natuurgenezer en een reguliere arts ligt in hun benadering van de oplossing van uw probleem. Het is een fysiek verschil. Dat moeten we begrijpen. Het is een fysiek verschil. Het kruidgeneesmiddel of het dieet dat een natuurgenezer kan voorschrijven is in het algemeen vriendelijker, werkt langzamer met veel minder bijwerkingen dan de krachtige, farmaceutische brouwsels die een reguliere arts voorschrijft. Wijn en olie, jodium en zeep doen in principe hetzelfde, maar zijn verschillend in hun fysieke waarde.

Sommige procedures die worden gevolgd om het slecht functioneren van een lichamelijke functie te corrigeren zijn radicaal en erg ingrijpend qua aanpak; andere zijn conservatiever en voorzichtiger. Maar nogmaals, de verschillen zijn fysiek en we moeten begrijpen dat ieder farmaceutisch geneesmiddel dat een dokter zal voorschrijven, de mogelijkheid in zich heeft van een ongunstige bijwerking. Daarom staat er in elke bijsluiter van zulke medicijnen een waarschuwing en is het zelfs mogelijk dat er in staat het advies van een dokter te zoeken alvorens het te gebruiken als men in een bepaalde conditie verkeert.

Wat ik wil zeggen is, dat al heeft men de vrijheid om advies in te winnen bij een dokter, of een natuurgenezer, of een chiropractor, of wat dan ook, dat dat niet betekent dat hij het bij het juiste eind heeft in zijn analyse, diagnose en behandelvoorschrift. Daarom is het goed een veelheid aan raad te zoeken. Dat is het principe "twee weten meer dan één".

Er zijn in veel gevallen fysieke verschillen tussen de acties, reacties en effectiviteit van een farmaceutisch geneesmiddel en een kruidengeneesmiddel. We moeten voorzichtig zijn om alles zo goed als mogelijk is te doordenken. Daarom is het goed u voor te bereiden op de tijd dat u ziek wordt door er zoveel mogelijk over te lezen, om te weten wat wel werkt, wat niet werkt, enzovoort. Begrijp alstublieft dat, omdat we de vrijheid hebben, God ons geen blanco volmacht geeft alles te gebruiken wat er beschikbaar is om behandeld te worden.

Het begrip van de mens van de werking van het lichaam, al neemt het toe, is nog steeds uiterst oppervlakkig in vergelijking met dat van onze Schepper. Dat is een waarheid, maar daarnaast werkt God ook aan een geestelijke schepping in ons en daar is Hij het meest mee bezig. Het fysieke is in vergelijking daarmee feitelijk van geen belang. Hij kan ons onmiddellijk genezen, maar Hij is uit op geestelijke groei, en dat is iets dat een dokter amper in beschouwing neemt en dat heeft zeer grote nadelen.

We zullen met onze keuzes moeten leven. We zullen de gevolgen van onze keuzes moeten accepteren. Dit is één van de redenen waarom de Schrift zegt: "U geschiede naar uw geloof [de verzameling van geloofspunten — datgene waarin u uw vertrouwen stelt]."

Wat ik wil dat we zien met betrekking tot genezing is, dat onze benadering in geestelijke principes weinig verschillend zal zijn van die ten opzichte van andere problemen in het leven. Ten eerste, zoek God, vraag om Zijn barmhartige tussenkomst, leiding en voorzienigheid. Ten tweede, wij [en ik kan het "wij" niet genoeg benadrukken] moeten aan de oplossing gaan werken. We zoeken wijze raad zowel vanuit Gods woord als bij mensen met ervaring. Ten derde, we zoeken in het bijzonder geestelijke en fysieke bekering en verandering om het probleem niet te verergeren. Of het nu een geestelijk of een fysiek probleem is, we moeten ons afwenden van wat verkeerd is, dat wat het probleem zou kunnen veroorzaken of verergeren.

Er is nog een facet hieraan verbonden dat belangrijk is om te begrijpen. We slaan nu Deuteronomium 28 op.

Deuteronomium 28:15 Maar indien gij niet luistert naar de stem van de HERE, uw God, en niet al zijn geboden en inzettingen, die ik u heden opleg, naarstig onderhoudt, dan zullen de volgende vervloekingen alle over u komen en u treffen:

Laten we na die waarschuwing in vers 21 verder lezen.

Deuteronomium 28:21-22 De HERE zal de pest aan u doen kleven, totdat zij u heeft weggevaagd uit het land, dat gij in bezit gaat nemen. 22 De HERE zal u slaan met tering, koorts, brand, ontstekingen, droogte, brandkoren en honigdauw: zij zullen u vervolgen, totdat gij te gronde gaat.

Laten we met die dingen in gedachten, dingen die niet erg gelukkig zijn, teruggaan naar vers 1.

Deuteronomium 28:1-3 Indien gij dan aandachtig luistert naar de stem van de HERE, uw God, en al zijn geboden, die ik u heden opleg, naarstig onderhoudt, dan zal de HERE, uw God, u verheffen boven alle volken der aarde. 2 De volgende zegeningen zullen alle over u komen en uw deel worden, indien gij luistert naar de stem van de HERE, uw God: 3 Gezegend zult gij zijn in de stad en gezegend op het veld.

We kijken nu nog naar een ander schriftgedeelte dat hiermee samengaat. Dit is de eerste keer dat genezing in de bijbel wordt genoemd. Laten we Exodus 15 opslaan. Let erop hoe dicht dit bij Deuteronomium 28:1 ligt.

Exodus 15:26 terwijl hij zeide: Indien gij aandachtig luistert naar de stem van de HERE, uw God, en doet wat recht is in zijn ogen, en uw oor neigt tot zijn geboden en al zijn inzettingen onderhoudt, zal Ik u geen enkele van de kwalen opleggen, die Ik de Egyptenaren opgelegd heb; want Ik, de HERE, ben uw Heelmeester.

Vanuit deze verzen kunnen we opmaken dat goede gezondheid en genezing, als men ziek wordt, rechtstreeks verbonden zijn met gehoorzaamheid. Gemeente, gehoorzamen vereist werk. We kunnen niet gehoorzamen zonder eraan te werken te gehoorzamen. De principes waar we het in deze drie preken over hebben gehad, zijn in algemene zin ongelooflijk eenvoudig. Ze beginnen met het feit dat God vanaf het allereerste begin verlangde dat de mens zou werken, vervullen, bewerken en bewaren, maar dat werk moet in een door God bevolen richting worden gestuurd en gericht zijn op een door God vastgesteld doel. Die opdrachten gehoorzamen vereist werk en het besteden van tijd, denken en energie om daaraan te voldoen.

Maar zonde vereist ook het werk van het besteden van tijd, gedachten en energie gericht op het bereiken van doeleinden die buiten Gods doel vallen. Beide gaan gepaard met werk. In welke richting gaan wij? Dat is onze keus.

De werken der gehoorzaamheid voorzien aan de ene kant in het bewijs dat men God gelooft, en tegelijkertijd wordt daardoor in ons hart gewerkt aan de vorming van de gewoonten en het karakter van God. De werken der zonde geven bewijs dat men God niet gelooft en vormen gewoonten en karakter die niet op dat van God lijken. De ene [de werken der gehoorzaamheid] brengen naar Gods doel zegeningen voort. De andere [zonde — de werken der ongehoorzaamheid] kunnen enkele materiёle zegeningen voortbrengen, maar die zijn ijdelheid. Die zijn waardeloos in termen van Gods doel.

God belooft ook dat de werken der ongehoorzaamheid een vloek zullen voortbrengen, waaronder ziekte. Zonde ligt in feite aan elke ziekte ten grondslag, of we die zonden nu wel of niet zelf hebben begaan. Als ons ziekten overkomen moeten we er in geloof mee omgaan, en met geduld.

Begrijp alstublieft dat het uitoefenen van geloof inzake genezing op geen enkele manier passief is. Geduld is niet passief. Het is pro-actief en vertrouwend op God en zeer zeker niet vervuld van een angst dat Hij ons in de steek zal laten. Jacobus zegt [geparafraseerd], dat men terecht kan zeggen dat echt geloof — levend geloof — naar de juiste afloop toewerkt.

Genezing is een proces dat zelfonderzoek vereist, gericht op het ontdekken van de werken der zonde die de ziekte over ons hebben gebracht. Het gaat gepaard met het werk van hulp zoeken die kan bijdragen om de oorzaken te ontdekken, en het gaat gepaard met een oprecht, diep doorvoeld berouw. In dit gehele proces is het vertrouwen en behagen van God ons voornaamste doel.

Wat ik u heb voorgelegd is, dat geloof en werken, zoals die samengaan met genezing, elkaar niet uitsluiten. Uitzoeken wat onze kwaal is en het ondernemen van stappen om het herstel te bevorderen door berouw en verandering is niet alleen heel zinnig, maar dat wordt absoluut door God verlangd. Het is een essentieel deel van de verantwoordelijkheid om "te bewerken en te bewaren". Het is een essentieel deel van het worden als God. God schept wezens die problemen oplossen, geen wezens die in de problemen blijven hangen. Hij kijkt uit naar hen die problemen benaderen zoals Hij dat zou doen als Hij mens zou zijn, en die de dingen regelen en organiseren.


Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)