Geloof en genezing (Deel 2)

Door John W. Ritenbaugh
29 januari 2005

Samenvatting: (toon)

John Ritenbaugh benadrukt de noodzaak van werk (ons leven, onze gezondheid, ons bezit, onze roeping, enzovoort, te bewerken en te bewaren). God heeft ons geroepen tot een leven van productief werk. We kunnen Satan niet toestaan te veroorzaken dat we een hekel aan werk krijgen of ons slachtoffer voelen, gekleineerd, bitter, of lui en het door God voor ons vastgestelde doel verwerpen. Zijn doel is gehoorzame kinderen te scheppen die werken evenals Hij werkt. Het vereist hard werken om aan de deugden van God te voldoen; het gebeurt niet automatisch. Leven uit geloof vereist geduld, maar beslist geen passiviteit; het vereist dat we in de richting van een door God vastgesteld doel werken (waarvan we momenteel niet het volledig eindresultaat zien). Zowel geestelijke als fysieke genezing vereist dat we intens werken, God vragen om een barmhartig tussenbeide komen, terwijl we actief werken aan een oplossing, waarbij we wijsheid en gezond verstand toepassen als we het grote scala aan mogelijk te bewandelen wegen in ogenschouw nemen.


Vandaag gaan we verder met de serie die ik vier weken geleden begon. Deze serie is erop gericht om een beter begrip te krijgen van een beperkte toepassing van de eerste opdrachten die God aan de mensheid gaf. Hun belang voor ons binnen Gods doel kan niet worden onderschat zonder dat onze groei en ons overwinnen worden beschadigd. Het principe brengt "werken" met zich mee. Als men eenmaal het belang van de toepassing van deze opdrachten begrijpt, kan men beter begrijpen waarom Satan zo vasthoudend is om het belang van werken te verkleinen.

Gods eerste opdracht aan de mensheid heeft betrekking op het vervullen van de aarde. Vervullen draagt in zich de betekenis van groei en uitbreiding. Daarna komt "bewerken", wat duidt op zorgen voor en cultiveren. Tenslotte komt "bewaren", wat betekent dat we wat in ons bezit komt, moeten bewaken en beschermen, of dat nu het leven zelf is, of kennis, eigendom of onze roeping.

Dit zijn zeker allemaal algemene gebieden van verantwoordelijkheid, maar als Satan ons zo zelfgericht kan maken dat we lui worden, ons bezit niet meer verzorgen, onverantwoordelijk, bitter, depressief, of onszelf als slachtoffer beschouwen, of wat dan maar ook dat ons lusteloos maakt, waardoor we de dingen op zijn beloop laten, geen visie hebben en in principe richtingloos zijn, kan hij Gods doel met ons vernietigen.

Begrijpen we dat de eerste opdrachten die God gaf, op werken betrekking hebben? Voordat er enige wet aangaande gedrag werd gegeven, enige uitleg van doel, enig begrip van zonde, genade, verlossing, Verlosser, rechtvaardiging, heiliging of verheerlijking werd gegeven, wordt de regel van werken al als eerste tot uitdrukking gebracht.

Behoort u tot hen die, al is het maar voor enige ogenblikken, geloven dat Jezus alles voor ons deed, omdat Hij "God met ons" was? Gelooft u dat, omdat Hij een volmaakt leven leidde en daarom Zijn offer kwalificeerde voor de vergeving van onze zonden, dit ons ontheft van de verantwoordelijkheid om er voor te zorgen Gods wetten te houden?

Laat me u een voorbeeld geven wat mogelijk een situatie is die elke dag kan voorkomen. Dit kan in feite als een grap worden beschouwd, omdat het zo duidelijk en eenvoudig is. John Reid gaf me dit door en hij kreeg het op zijn beurt van Robert Barrons moeder terwijl hij daar in de omstreken van Phoenix op bezoek was.

Er was eens een stel dat bij een autodealer een nieuwe auto probeerde te kopen. De dealer had zoveel verlokkelijke keuzes dat het stel niet tot een keus kon komen. Ze konden niet tot een beslissing komen. Op dat moment kwam Jezus de showroom binnenlopen. Hij begreep onmiddellijk dat ze een moeilijkheid hadden. Hij vroeg hen dus of Hij hen kon helpen door met één van de auto's die zij in overweging namen, een proefrit te maken, waarna Hij hun Zijn advies zou geven. Zij stemden daarmee in. Hij sprong dus in de auto en weg was Hij.

Tijdens zijn proefrit hield Hij zich aan iedere verkeersregel en toonde Hij elke beleefdheid die men geacht wordt in het verkeer te tonen. Hij overschreed de snelheidslimiet geen enkele keer. Hij zat niemand te dicht op de achterbumper. Hij gaf bij iedere kruising richting aan. Hij reed door geen enkel oranje licht, laat staan door rood. Als het licht groen werd, scheurde Hij nooit met rokende banden weg.

Eindelijk kwam Hij weer terug bij de dealer. Hij benaderde het stel en de verkoper met wie ze nog steeds over de koop stonden te praten. Jezus zei tegen het stel: "Ik geloof dat u deze zou moeten kopen. Deze is precies geschikt voor u." Het stel was opgetogen en ze bedankten Hem overvloedig. Maar toen Hij zich al omdraaide om weg te gaan, zei Hij nog: "Tussen twee haakjes, als u met uw nieuwe auto eenmaal onderweg bent, behoeft u zich geen zorgen te maken over het houden van de verkeersregels, omdat Ik dat allemaal al voor u heb gedaan."

Dit eenvoudige verhaal vat de essentie samen van wat de mensen die van "geen wet" willen weten, leren. Deze mensen leren dat als men eenmaal aan zijn nieuwe leven in Christus begint, men zich geen zorgen behoeft te maken over het houden van Gods wet. Maar dat concept zit zo ver naast het doel dat het ongelooflijk is! De bijbel leert ons dat het leven een doel heeft, en dat doel geeft een visie waardoor we onze energie erop richten dat doel te bereiken.

God schept kinderen naar Zijn beeld en dit betekent dat als Hij gereed is met Zijn scheppingshandeling, in samenwerking met ons, we zeer zeker niet dezelfde mate van autoriteit als Hij zullen hebben, maar we zullen zijn als Hij, hetzelfde zicht hebben op de wereld, hetzelfde morele besef hebben en het leven leiden zoals Hij het doet.

De geschiedenis en onze eigen ervaring leren ons dat dit nu niet gebeurt. De bijbel laat de behoefte zien aan een Verlosser-Zaligmaker, een roeping, een duidelijke openbaring van God aan hen die tot dit doel worden geroepen. Daar is berouw voor nodig en een verandering van richting in het leven door hen die tot Gods weg worden geroepen.

Hoe wordt dit scheppen van ons naar Zijn beeld gedaan?

Deuteronomium 8:1-3 Heel het gebod, dat ik u heden opleg, zult gij naarstig onderhouden, opdat gij moogt leven en talrijk worden en het land binnengaan en in bezit nemen, dat de HERE uw vaderen onder ede beloofd heeft. 2 Gedenk dan heel de weg, waarop de HERE, uw God, u deze veertig jaar in de woestijn heeft geleid, om u te verootmoedigen en u op de proef te stellen ten einde te weten, wat er in uw hart was: of gij al dan niet zijn geboden zoudt onderhouden. 3 Ja, Hij verootmoedigde u, deed u honger lijden en gaf u het manna te eten, dat gij niet kendet en dat ook uw vaderen niet gekend hadden, om u te doen weten, dat de mens niet alleen van brood leeft, maar dat de mens leeft van alles wat uit de mond des HEREN uitgaat.

Begrijpen we de essentie van de instructie die Mozes hier geeft? In algemene zin zegt hij dat van het moment dat God ons uit deze wereld roept en onze voorbereiding op de vervulling van Gods doel in het leven van de geroepenen echt van start gaat, dat God dan als Schepper met opzet enige moeilijke gebeurtenissen tot stand brengt om ons voor te bereiden te gaan leven om te worden zoals Hij en te leven als Hij. De boeken Spreuken en Hebreeёn laten zien dat Hij iedere zoon die Hij liefheeft, kastijdt. In Filippenzen 2 voegt Paulus eraan toe dat we ons eigen behoud moeten bewerken met vreze en beven.

Het Koninkrijk van God is geen socialistische staat waarin de regering van de wieg tot het graf zorgt voor alles waarover we ons in het leven zorgen kunnen maken. Het voorziet echter wel in elke behoefte in samenhang met Gods doel. Dit creёert heel wat interessante mogelijkheden, omdat Gods doel vaak ingaat tegen wat onze menselijke natuur van nature wil. Gods doel is ons naar de ware vrijheid te brengen. Deze vrijheid is er een binnen de wet, niet zonder wet. Het is een vrijheid die het eigen ik en de maatschappij beschermt tegen de vernietigende invloed van zonde.

De geschiedenis verschaft ons daarentegen een overweldigende stortvloed aan bewijs van misbruik van de menselijke vrijheid door het socialisme, al was het alleen al op basis van de recente geschiedenis van Duitsland en Rusland. Maar wat zo ontnuchterend en angstaanjagend is, is dat ondanks al dit gemakkelijk beschikbare bewijs van de mislukkingen van het socialisme, al de Israëlitische volkeren zich in hetzelfde tot slaaf makende systeem hebben gestort, waarbij de Verenigde Staten de laatste is om te vallen voor de belachelijke, inderdaad dodelijke, initiatief dodende greep ervan.

Aan de andere kant, tegengesteld daaraan, is theocratie een vorm van regeren gebaseerd op de principes van deugden in zowel de regering als in hen die geregeerd worden, en de standaards voor deze deugden zijn vastgelegd in de wetten van God, die het toppunt is van deugden en regeren. Jacobus noemt het "de wet der vrijheid".

Dit patroon werd door de stichters van de Verenigde Staten gevolgd toen zij de Constitutie van de Verenigde Staten schreven. Zij deden dit, omdat zij hierin — in hoeverre zij de bijbel ook geloofden — die vorm van regering zagen, een democratische republiek, die het meeste en beste zou voortbrengen voor het leven, de vrijheid en de welvaart van de individuele mens en de natie. Maar (en dit is een heel groot maar) als dit wil werken, is het absoluut noodzakelijk dat de deugden gebaseerd op de wetten van God zoals geopenbaard in de bijbel, door deze wet erop nagehouden en voortgebracht, aanwezig zijn in zowel de regering als hen die geregeerd worden. Maar dit creёert op zijn beurt de mogelijkheid van een groot probleem voor de Verenigde Staten en daarom zeI John Adams dat de Amerikaanse Constitutie alleen zal werken met een christelijk volk.

Als de burgers, of ze nu deel uitmaken van de regering of van hen die geregeerd worden, hun geloof in God en de bijbel laten vernietigen, zal de natie verbrokkelen totdat ze niet meer verschilt van alle andere naties in deze wereld, omdat met het verlies van geloof de mensen er niet langer aan zullen werken om te leven in overeenstemming met de deugden die door de almachtige God en de Constitutie van de Verenigde Staten werden vastgesteld. En dat, gemeente, is nu precies wat er gebeurt. Er is werk nodig om te voldoen aan de deugden van onze God. Dat gebeurt niet bij toverslag. Dat gebeurt niet automatisch.

Eén van de dingen die Deuteronomium 8:1-3 ons onderwijst is, dat u er zeker van kunt zijn dat God zich ervan zal overtuigen dat Zijn kinderen Hem geloven en in hun leven hun geloof voortdurend tot uiting zullen laten komen door het overwinnen van hun natuur en het uitkomen uit de zonde. God zal ons testen en ons op de proef stellen.

De Constitutie van de Verenigde Staten garandeert voor niemand succes, maar het garandeert de kans op succes. Tussen die twee ligt een groot verschil. Het is geen belofte van immuniteit voor de omstandigheden waaronder iemand geboren wordt, of de slechte omstandigheden die door de verkeerde keuzes van anderen worden voortgebracht, maar het biedt wel de gelegenheid deze te overwinnen. Christenen moeten dit begrijpen, omdat het omgaan met God in heel veel opzichten soortgelijk is voor diegenen onder ons die er volledig naar streven bij Christus' wederkomst het Koninkrijk van God binnen te gaan.

Maar anders dan wat de socialisten als een van hun hoofddoelen neigen te verkondigen, zoekt God niet de gelijkheid van iedereen in dit leven. God behandelt al Zijn kinderen op een eerlijke manier, maar Hij behandelt ze niet noodzakelijk op dezelfde manier. Neem dit eens in overweging: Is iedereen zo rijk als Abraham of David? Is iedereen even begaafd als Jozef, Daniёl of Paulus? God geeft gaven naar het Hem behaagt en iedereen wordt niet op dezelfde manier behandeld, maar wel eerlijk ten opzichte van het doel dat God met hem voor heeft. Heeft iedereen dezelfde mate van wijsheid als Salomo? (Soms wens ik er heel wat meer van te hebben.) Heeft iedereen dezelfde wonderlijke ervaringen om drieёenhalf jaar te wandelen, te spreken en om te gaan met Jezus? Slechts twaalf mannen hadden die ervaring.

"O, God is niet eerlijk!" Ja, dat is Hij wel, maar Hij behandelt iedereen niet op dezelfde manier. We zullen hiermee moeten omgaan. Ik breng dit naar voren, omdat de menselijke natuur heel gemakkelijk geёrgerd kan worden, jaloers, depressief en zelfs agressief defensief kan worden door te denken dat ze tekort is gedaan, gekleineerd, slachtoffer is gemaakt van de omstandigheden en bitter door het lot in het leven. Uiteindelijk verliest iemand, onder invloed van dat soort negatief denken, geleidelijk geloof en geduld, en wat eens beschouwd zou kunnen zijn als onuitsprekelijk, wordt werkelijkheid. God krijgt de schuld en de menselijke natuur gebruikt dit als een rechtvaardiging om niet te voldoen aan de deugden die in Gods woord zijn vastgelegd.

Gods kinderen die bij geloof leven, zullen de omstandigheden aanvaarden, maar die aanvaarding zal niet passief zijn. Er zal gewerkt worden. Geduldig? Ja! Passief? Nee! Gods kinderen zullen de omstandigheden het hoofd bieden en geduldig en ijverig werken om ze te boven te komen, omdat ze weten en geloven dat er in hun leven naar een doel wordt toegewerkt. Ze weten en geloven dat God een gezin aan het scheppen is waarover Hij volledig regeert, en dat ieder lid van dat gezin over dezelfde deugden zal beschikken als die Hij en onze Zaligmaker Jezus Christus reeds bezitten.

Deze omstandigheden die overwonnen moeten worden, zijn ontworpen om Gods kinderen voor te bereiden op het vervullen van posities in Gods Koninkrijk, die door Jezus Christus zijn voorbereid. Bedenk dat Jezus tot Zijn discipelen zei: "Ik ga heen om u een plaats te bereiden." Daar vallen ook wij onder. En om een plaats voor te bereiden, moeten ook wij voorbereid worden, maar daar is onze medewerking voor nodig. Daarvoor zal het nodig zijn dat we naar een doel toewerken dat we — terwijl we ernaar toewerken — niet altijd duidelijk voor ogen zullen hebben.

Zij die in Gods Koninkrijk zullen zijn, zullen door hun handelen als mensen van vlees en bloed hun verantwoordelijkheid hebben bewezen zich altijd aan Hem te onderwerpen, lang voordat ze volledig van Zijn Koninkrijk deel zullen uitmaken. We kijken hier naar een belangrijk aspect van Gods deugden.

Johannes 5:17 Maar Hij antwoordde hun: Mijn Vader werkt tot nu toe en Ik werk ook.

Als u een moderne vertaling hebt, staat er waarschijnlijk: "Mijn Vader werkt en Ik werk." De woorden "tot nu toe" wekken de indruk van verleden, heden en toekomst. Ze wekken de indruk van iets dat continu doorgaat. Met andere woorden God begon in het verleden te werken. Hij werkte in de tijd van Jezus en Hij werkt nu nog steeds. Het is een continu doorgaande handeling.

Laat me hier iets van een conclusie trekken en dat is, onder andere, dat God kinderen schept die evenals Hij werken. Er is werk nodig om de moeilijkheden die Hij in ons leven toestaat of opzettelijk teweegbrengt, te overwinnen. Herinnert u zich nog wat er in Deuteronomium 8:1-3 werd gezegd, dat God hen honger deed lijden? Dat was een voorbeeld van een moeilijkheid. Hij wilde zien hoe ze daarmee zouden omgaan. Als Hij hun dat aandeed, hoeveel te meer zal Hij met u en mij werken, omdat de inzet heel wat hoger is?

God staat moeilijkheden in ons leven toe of brengt deze opzettelijk teweeg. We zouden ze opgaven of taken kunnen noemen — dingen die we op school krijgen, dingen die we in onze baan krijgen. Deze dingen bevatten moeilijkheden waarvoor we jegens Hem verantwoordelijk zijn naar een overwinning toe te werken. Ziet u, dat is nu precies het doel waar God naar toewerkt en waar Gods regering in zal voorzien.

Laten we niet vergeten wat Richard in zijn serie preken over "werken" uitlegde, dat "werken" alles omvat dat met een christelijk leven vandoen heeft. De wereld beperkt dit "werken" van iemand tot het onderhouden van de geboden, maar dat is het niet alleen. Het omvat ook het werk van studeren, het werk van gebed, het werk van vasten, het werk van een zacht antwoord geven, het werk van boosheid beheersen, het werk van geduldig, vriendelijk, hulpvaardig, edelmoedig zijn, enzovoort, enzovoort. Alles dat deel uitmaakt van christelijke deugd is in dat woord "werk" inbegrepen en al doende wordt er van ons verlangd dat we ons deze deugden eigen maken.

Laten we Spreuken opslaan, want ik wil u herinneren aan dat vers dat het begin was van deze serie.

Spreuken 18:9 Hij, die traag is in zijn arbeid, is reeds een broeder van de verderver.

We leerden in de eerste preek van deze serie dat alles in de schepping vervalt. Het degenereert. Er is werk nodig om het te onderhouden en op te bouwen. Herinnert u zich die zin nog, die in de Septuaginta werd toegevoegd en die ook in de Amplified Bible voorkomt? Die laatste zin zegt: "Hij die geen pogingen in het werk stelt om zichzelf te genezen is een broeder van hem die zelfmoord begaat."

Welke indruk geeft dat woord "pogingen" u? Actie? Handeling? Werk? "Hij die er niet aan werkt om zichzelf te genezen is een broeder van hem die zelfmoord begaat." Hierin heb ik gewoon een woord vervangen, maar ik denk dat ik de uitdrukking daardoor niet verander. Ik zei in de vorige preek dat of deze zin nu wel of niet in het oorspronkelijk geїnspireerde Hebreeuws voorkomt in zekere zin niet belangrijk is, omdat het de essentie samenvat van wat er in de eerste zin staat.

De instructie in dit vers zegt in principe dat God geen kinderen wil die gewoon zitten te niksen. Als Christus werkelijk alles voor ons deed, dan zou een geweldig groot percentage van de verzen in de bijbel die Hij inspireerde absoluut geen praktische toepassing hebben voor het Koninkrijk van God. Waarom zouden die er dan in moeten staan, als alles reeds gedaan is? Waarom hebben we dat onderwijs nodig? Waarom moeten we aan die dingen herinnerd worden? Dat is omdat we ze moeten doen en dat is werk: christelijk werk.

God wil dat Zijn kinderen actief betrokken zijn bij de oplossing van hun problemen en zorgdragen voor datgene wat in hun bezit is gekomen. Zorgdragen voor is gewoon een andere manier van zeggen van "bewerken en bewaren". Die vorige preek gebruikte het zorgen voor het fysieke lichaam als het voorbeeld waarin dit principe in een gewone situatie tot uiting komt. Het is zo gewoon dat God het van ieder menselijk wezen verlangt, bekeerd of onbekeerd. Voor de zonen van God is het echter een vereiste van bijzonder belang, omdat ons lichaam de tempel is van Zijn Geest.

We gaan nog een stap verder met dit onderwijs en ik vind dat dit een natuurlijke stap is. Wat heeft de bijbel te zeggen over onze verantwoordelijkheid betreffende gezondheid?

Jesaja 53:1-6 Wie gelooft, wat wij gehoord hebben, en aan wie is de arm des HEREN geopenbaard? 2 Want als een loot schoot hij op voor zijn aangezicht, en als een wortel uit dorre aarde; hij had gestalte noch luister, dat wij hem zouden hebben aangezien, noch gedaante, dat wij hem zouden hebben begeerd. 3 Hij was veracht en van mensen verlaten, een man van smarten en vertrouwd met ziekte, ja, als iemand, voor wie men het gelaat verbergt; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht. 4 Nochtans, onze ziekten heeft hij op zich genomen, en onze smarten gedragen; wij echter hielden hem voor een geplaagde, een door God geslagene en verdrukte. 5 Maar om onze overtredingen werd hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt, was op hem, en door zijn striemen is ons genezing geworden. 6 Wij allen dwaalden als schapen, wij wendden ons ieder naar zijn eigen weg, maar de HERE heeft ons aller ongerechtigheid op hem doen neerkomen.

Dit is natuurlijk een heel beroemde profetie over en een beschrijving van de onrechtvaardige straf en dood van Christus voor ons, en wat daaruit voortkomt. Waar ik op dit moment het meest in geїnteresseerd ben, is wat u gelooft dat er in de uitspraak in vers 5 besloten ligt, waar staat: "en door zijn striemen is ons genezing geworden"? Verwijst dat alleen naar geestelijke genezing of alleen naar fysieke genezing? Of is het op beide van toepassing? Het komt op mij over dat we het in de Worldwide Church of God bijna uitsluitend op fysieke genezing toepasten.

Is genezing iets waar we aan moeten werken? Vereist geestelijke genezing een bepaalde mate van werk van onze kant, maar voor fysieke genezing hoeven we niets te doen? Het antwoord op deze vragen wordt in feite gemakkelijk gevonden door eenvoudig Strong's Exhaustive Concordance te gebruiken en het Hebreeuwse en Griekse woord na te gaan dat in diverse vormen van het woord "genezen" is vertaald.

Het Oude Testament gebruikt uitsluitend één Hebreeuws woord. Het Nieuwe Testament gebruikt minstens vier verschillende Griekse woorden, die allemaal met "genezen" of "genezing" worden vertaald. Deze woorden worden in een grote verscheidenheid van omstandigheden gebruikt en als ze zorgvuldig in het modernere woordgebruik zouden worden vertaald in plaats van het heel algemene "genezen", zouden ze wat gevarieerder worden vertaald in onder andere: gezond maken, in orde maken, verhelpen, herstellen, verzorgen, terugwinnen, remedie, repareren en hulp geven. Er zijn nog meer mogelijkheden, maar dit geeft u een vrij goed idee dat die woorden in het Hebreeuws en Grieks een ruime toepassing hebben. Deze woorden worden zeer zeker niet uitsluitend gebruikt voor de genezing van het zieke en tekort schietende menselijke lichaam.

We gaan eerst in het Nieuwe Testament kijken, in Mattheüs 13, waar we een aantal gelijkenissen vinden.

Mattheüs 13:15 want het hart van dit volk is vet geworden, en hun oren zijn hardhorend geworden, en hun ogen hebben zij toegesloten, opdat zij niet zien met hun ogen, en met hun oren niet horen, en met hun hart niet verstaan en zich bekeren, en Ik hen zou genezen.

Dit verwijst zeer stellig naar geestelijke genezing.

Lucas 4:23 En Hij zeide tot hen: Gij zult ongetwijfeld deze spreuk tot Mij zeggen: Geneesheer, genees Uzelf! Doe alle dingen, waarvan wij gehoord hebben, dat zij te Kafarnaüm geschied zijn, ook hier, in uw vaderstad.

Hier is het woord "genezen" precies hetzelfde woord dat in Mattheüs 13:15 wordt gebruikt; hier kan het voor beide gevallen worden opgevat — geestelijk of fysiek — maar de context schijnt er sterker op te duiden dat Hij het over geestelijke genezing heeft.

Johannes 4:47 Toen deze hoorde, dat Jezus uit Judea naar Galilea gekomen was, ging hij tot Hem en verzocht Hem te komen en zijn zoon te genezen; want deze lag op sterven.

Dit is hetzelfde Griekse woord als gebruikt in Mattheüs 13:15 en Lucas 4:23, maar deze keer wordt het rechtstreeks gebruikt voor de fysieke genezing van een kind. Zoals u ziet zeggen de woorden op zichzelf niets. Het is de context die ons zegt wat er gaande is.

Laten we nu het Oude Testament opslaan, Jeremia 17. Ik geloof dat dit vers nogal interessant is. Jeremia zegt:

Jeremia 17:14 Genees mij, HERE, dan zal ik genezen zijn; help mij, dan zal ik geholpen zijn, want Gij zijt mijn lof.

Jeremia bidt hier en wat zo interessant is aan de context, is dat het de context is van Jeremia 17:9: "Arglistig is het hart boven alles, ja, verderfelijk is het; wie kan het kennen?" Als uw bijbel in de kantlijn verwijzingen heeft staan, dan zult u daar vinden dat "verderfelijk" betekent dat het "ongeneeslijk ziek" is. Het hart is ziek. Vers 9 is in feite een voorbereiding om de bedoeling van Jeremia's gebed duidelijk te maken. Als u dit binnen de gehele context bekijkt, ziet u dat Jeremia een moeilijke beproeving onderging en zijn verzoek om genezing kan gemakkelijk worden opgevat als een pleidooi voor redding uit en herstel na de beproeving en dat zijn hart genezen zou worden zodat hij daar niet aan ten slachtoffer zou vallen zoals anderen. Deze context is er beslist één van geestelijke genezing. Er is geen enkele aanwijzing dat Jeremia fysiek ziek is.

Nu slaan we nog een bekend schriftgedeelte op in Numeri 12.

Numeri 12:13 En Mozes riep tot de HERE: O God, genees haar toch.

Het kan interessant voor u zijn te weten dat dit precies hetzelfde woord is (hier vertaald met "genees haar") dat in Jeremia 17:14 werd gebruikt, maar de context hier laat duidelijk zien dat Mozes wenste dat Mirjam fysiek zou genezen van de melaatsheid. We zien dus dat God hetzelfde woord gebruikt om geestelijke genezing of de genezing van het lichaam aan te geven.

We moeten niet vergeten dat we het er allemaal over eens zijn dat er bij geestelijk genezing werk van ons verlangd wordt als ons aandeel in het proces. En doen we dan voor fysieke genezing niets behalve ons verlangen tot genezing kenbaar maken? Ik stel me hier heel extreem op, zodat we kunnen zien wat er hiermee samengaat. Als we niets zouden doen, nadat God ons riep en ons berouw verleende en wij Gods Geest ontvingen, als we dan niets deden, zouden we dan verwachten van onze geestelijke gebreken genezen te worden? Dat denk ik niet. Waarom hebben we dan de neiging om allerlei fases of niveaus, of wat dan ook, te gaan definiёren in samenhang met fysieke genezing?

Laten we een andere interessante tekst opslaan, één in de Psalmen, voorzover ik weet geschreven door David.

Psalm 60:3-5 O God, Gij hebt ons verstoten, Gij hebt ons verbroken, Gij zijt verbolgen geweest; herstel ons! 4 Gij hebt het land doen beven en barsten; heel zijn scheuren, want het wankelt. 5 Gij hebt uw volk harde dingen doen zien, Gij hebt ons bedwelmende wijn doen drinken. 6 Gij hebt hun die U vrezen, een banier gegeven, om zich bijeen te scharen vanwege de boogschutters, sela 7 opdat uw geliefden ten strijde toegerust zijn. Geef overwinning door uw rechterhand en antwoord ons.

Het woord "helen" in vers 4 is hetzelfde woord dat in Numeri 12 en ook in Jeremia 17 wordt gebruikt. David gebruikt een aardbeving in figuurlijke zin om te illustreren wat er in de wereld is gebeurd. Maar interessant genoeg vroeg hij God deze metaforische aardbeving te helen [genezen]. Misschien viel de familie op een of andere manier uit elkaar. Misschien werd de regering aangevallen. Het opschrift van de Psalm schijnt erop te duiden dat David op de vlucht was voor zijn leven of zoiets. Het zou kunnen zijn dat er een echte aardbeving bij betrokken was, maar de betekenis is dat dit een aardbeving van sociale proporties was.

Ik geloof dat de conclusie betreffende Jesaja 53:5 moet zijn dat we er niet op kunnen vertrouwen dat als een Hebreeuws of Grieks woord is vertaald met "genezen", dat het uitsluitend van toepassing is op de genezing van een geestelijke of een fysieke kwaal. We moeten de context goed bestuderen. Voor een juist begrip moeten we ons richten op de context; dus "genezen" zoals gebruikt in Jesaja 53 duidt erop dat Christus' striemen op beide betrekking hebben.

Ons is ook gezegd dat er bij iedere genezing een bepaalde mate van geloof is betrokken, maar de implicatie van het voorbeeld gegeven om dit onderwijs te onderbouwen, leidt bijna altijd tot de conclusie dat als iemand niet genezen wordt, de fout ligt bij degene die gezalfd werd en voor wie gebeden werd. Die conclusie is niet juist. Het is waar dat bij iedere genezing een bepaalde mate van geloof tot uiting komt, maar dat geloof hoeft niet noodzakelijkerwijs bezeten te worden door degene die genezen werd. We gaan daar een duidelijk voorbeeld van zien in Handelingen 3:1-9.

Handelingen 3:1-9 Petrus nu en Johannes gingen op naar de tempel tegen het uur des gebeds, dat is het negende. 2 En een man, die verlamd was van de schoot zijner moeder aan, zodat hij gedragen moest worden, zetten zij dagelijks bij de poort van de tempel, genaamd de Schone, om een aalmoes te vragen van de tempelgangers. 3 Toen deze zag, dat Petrus en Johannes de tempel zouden binnengaan, verzocht hij om een aalmoes. 4 En Petrus zag hem scherp aan, met Johannes, en zeide: Zie naar ons. 5 En hij hield zijn blik op hen gevestigd in de verwachting iets van hen te ontvangen. 6 Maar Petrus zeide: Zilver en goud bezit ik niet, maar wat ik heb geef ik u; in de naam van Jezus Christus, de Nazoreeër: Wandel! 7 En hij greep hem bij de rechterhand en richtte hem op, en terstond werden zijn voeten en enkels stevig, 8 en hij sprong op en stond en liep heen en weer en hij ging met hen de tempel binnen, lopende en springende en God lovende. 9 En al het volk zag hem lopen en God loven.

Hier hebben we een uitzonderlijk duidelijk voorbeeld dat de genezen man niet eens naar genezing uitzag, en de context duidt erop dat hij geen flauw idee had wie Petrus en Johannes waren. Wie had er geloof? In dit geval waren dat Petrus en Johannes. Er werd geloof tot uitdrukking gebracht, maar niet door de persoon die genezen werd.

Laten we Johannes 11:39-44 opslaan. Hier hebben we te maken met toch wel het toppunt van genezing.

Johannes 11:39-44 Jezus zeide: Neemt de steen weg! Marta, de zuster van de gestorvene, zeide tot Hem: Here, er is reeds een lijklucht, want het is al de vierde dag. 40 Jezus zeide tot haar: Heb Ik u niet gezegd, dat gij, indien gij gelooft, de heerlijkheid Gods zien zult? [Let op de twijfel die we hier tegenkomen.] 41 Zij namen dan de steen weg. En Jezus sloeg de ogen opwaarts en zeide: Vader Ik dank U, dat Gij Mij verhoord hebt. 42 Zelf wist Ik, dat Gij Mij altijd verhoort, maar ter wille van de schare, die rondom Mij staat, heb Ik gesproken, opdat zij geloven, dat Gij Mij gezonden hebt. [Ik denk dat Hij heel wat twijfel waarnam, "opdat zij geloven".] 43 En na dit gezegd te hebben, riep Hij met luider stem: Lazarus, kom naar buiten! 44 De gestorvene kwam naar buiten, de voeten en de handen gebonden met grafdoeken, en er was een zweetdoek om zijn gelaat gebonden. Jezus zeide tot hen: Maakt hem los en laat hem heengaan.

Lazarus was dood. We hoeven dus geen rekening te houden met zijn geloof. We hebben reeds twee voorbeelden van genezing gezien, waarbij de genezen mensen op dat moment totaal geen geloof hadden. Als we naar de gehele context zouden kijken, zouden we zien dat niemand die erbij betrokken was, geloof toonde in wat Jezus met hem deed, omdat ze Zijn bedoeling niet begrepen. Zij stonden voor een raadsel. Wie had er geloof? Jezus! Er was geloof aanwezig, maar niet in de persoon die werd genezen.

Aan de andere kant staat dat alle gelovige helden uit de bijbel stierven. Abraham, Izaak, Jakob, de apostelen en anderen die u kunt noemen, stierven allemaal. Komen we dan tot de conclusie dat deze mannen die groot waren in geloof, en vele anderen met hen, onvoldoende geloof hadden om aan het einde van hun leven genezen te worden?

Ik zeg dat er overal geloof kan zijn. Er kan geloof zijn in de persoon die de zalving uitvoert en geloof in de persoon die wordt gezalfd en om genezing vraagt. Ze kunnen allebei een heel goed, uiterst sterk geloof hebben zonder dat er genezing plaatsvindt. Om de fout bij deze mensen te leggen, omdat ze stierven — de fout dat ze misschien geen geloof hadden — is geen juist oordeel. De juiste conclusie moet zijn dat zelfs al speelt geloof een rol bij elke genezing, de waarheid is dat elke genezing in de hand van God ligt. Als soeverein Heerser over Zijn schepping beslist Hij wie genezen wordt, en Hij beslist wanneer, in overeenstemming met Zijn doel. Onze verantwoordelijkheid is Hem te vertrouwen, ongeacht of het herstel dat we verlangen plaatsvindt.

Ik zag iets dat wordt toegeschreven aan Moeder Theresa, de katholieke dame uit Calcutta, die zoveel grote werken deed. Ze zei iets waarin volgens mij heel wat wijsheid besloten ligt. Ze zei: "Als ik in problemen verkeer, bid ik niet tot God om me uit die problemen te verlossen, maar om mij trouw te doen blijven." Snapt u het punt waar het om gaat? Zij begreep. Het is onze verantwoordelijkheid om God te vertrouwen.

Johannes 9:1-5 En voorbijgaande zag Hij een man, die sedert zijn geboorte blind was. 2 En zijn discipelen vroegen Hem en zeiden: Rabbi, wie heeft gezondigd, deze of zijn ouders, dat hij blind geboren is? 3 Jezus antwoordde: Noch deze heeft gezondigd noch zijn ouders, maar de werken Gods moesten in hem openbaar worden. 4 Wij moeten werken de werken desgenen, die Mij gezonden heeft, zolang het dag is; er komt een nacht, waarin niemand werken kan. 5 Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het licht der wereld.

Nog een punt betreffende geloof en genezing is, dat vaak wordt gedacht dat de oorzaak van de kwaal zonde is. Dit hoeft niet verkeerd te zijn. In feite geloof ik persoonlijk dat dit in de overweldigende meerderheid van de gevallen de juiste conclusie is; zoals we echter hier in Johannes 9 kunnen zien, is dit niet altijd waar. Eén van de duidelijker voorbeelden hiervan zou Job in het Oude Testament kunnen zijn. Die verschrikkelijke beproevingen, inclusief een of andere soort zweren of steenpuisten of wat dan ook, die over zijn gehele lichaam zaten, overkwamen hem niet door zonde. Dat moet vreselijk pijnlijk zijn geweest, die moeten een afschuwelijke pijn hebben veroorzaakt, en toch luidde Gods eigen oordeel van wat er gaande was, dat Job oprecht was. Sommige bijbels vertalen dat met "onberispelijk".

Job was het slachtoffer, als ik het zo kan zeggen, van Gods verlangen iets in hem te scheppen en een boek te scheppen waaruit we heel wat wijsheid kunnen halen hoe we door onze beproevingen heen kunnen komen. Dat is het waar we het hier over hebben. Job kon niet meer doen dan gewoon zitten, maar zijn gedachten bleven werken. Hij en zijn drie vrienden hadden een aantal vrij heftige discussies over de dingen, waarbij Job zichzelf voortdurend verdedigde met de woorden: "Ik heb niet gezondigd. Als er iets is waar ik schuldig aan ben, dan is het aan het doen van heel wat goede werken." (Ik vat het heel beknopt samen.)

Wat we hierin moeten zien, is een voorbeeld van iemand die niet schuldig was aan het veroorzaken van zijn fysieke conditie. Maar Job was niet passief. Hij dacht, dacht, dacht gedurende heel de tijd dat dit gaande was.

Er is nog iets heel belangrijks dat we hier kunnen leren. Al verduidelijkten de woordenwisselingen die Job met zijn vrienden had, ongetwijfeld sommige zaken in zijn denken betreffende het leven en zijn gedrag, toch begreep Job pas duidelijk waar het om ging toen God tussenbeide kwam en in bijna vier hoofdstukken lang, te beginnen in hoofdstuk 38, de waarheid in deze zaak aan het licht bracht. Daarna staat er dat hij berouw had. Waar had hij berouw over? Hij had zich niet aan zonde schuldig gemaakt, maar hij was schuldig aan een gebrek aan begrip, zijn gebrek aan kennis. Wat we hieruit moeten leren is, dat al duurde die beproeving een flinke tijd, Job trouw was, en ten tweede dat God tussenbeide kwam om de situatie te verduidelijken. Hij gaf Job geen volledig antwoord, maar het was genoeg voor Gods doel op dat moment.

Ik breng dit naar voren, omdat als we ons door de fysieke ziekten en de geestelijke ziekte, die we allemaal hebben, heen worstelen, we niet altijd de antwoorden zullen hebben. We zullen niet weten waarom dit gaande is, maar als we trouw zijn zoals Job, zal God tussenbeide komen en de dingen duidelijk maken. En niet alleen dat, Hij zal ons staande houden totdat Zijn doel met die beproeving is bereikt, evenals Hij dat deed met Job.

Gelet op wat de bijbel op dit punt duidelijk laat zien, geloof ik dat één van de meest positieve en praktische punten van begrip die we hieruit kunnen krijgen is, dat we heel voorzichtig moeten zijn met het geven van een kritisch oordeel over waarom mensen wel of niet worden genezen. Dit betekent niet dat we niet kunnen analyseren, geen vragen kunnen stellen over wat we waarnemen, maar dat moet altijd worden gedaan met het overkoepelende begrip dat de soevereine God wel of geen genezing geeft naar wat Hij volgens Zijn doel voor die persoon passend vindt.

Gemeente, niemand kan genezing van God eisen. God is ons niets verschuldigd. Niemand kan God dwingen. Niemand kan pressie op God uitoefenen om hem te genezen door te beweren geloof te hebben gehad en gehoorzaam te zijn geweest. Genezing is niet iets als een restaurant binnengaan en het bestellen omdat het op het menu staat. God is inderdaad barmhartig, maar een verzoek om genezing zet heel wat meer in beweging dan op het eerste gezicht zichtbaar is. De arme Job wist niet eens dat Satan aan de basis van zijn beproeving stond. Hij zag dat niet met zijn ogen, evenmin als wij Satan met onze ogen kunnen waarnemen. Maar zien wij God? Geloven we dat Hij ons nooit zal begeven, ons nooit zal verlaten, dat Hij de God is die er is, en dat wij er niet echt alleen voor staan?

Niemand kan God dwingen. God is inderdaad barmhartig, maar een verzoek om genezing zet heel wat complexe dingen in beweging. Dit wordt, geloof ik, duidelijker naarmate we ouder worden en in Gods weg volwassener worden, omdat mijn waarnemingen zijn dat de meest indrukwekkende genezingen plaatsvinden als iemand nog nieuw is in het geloof. Hebt u ooit in de bijbel opgemerkt dat met het ouder worden van de apostelen genezing geheel van het toneel verdween?

Wat doet men dus als men gezalfd is en God blijkt geen genezing te geven? Moet men dan gewoon blijven liggen en sterven, afwachten in geloof? Dat is uiteraard een mogelijkheid, maar ik geloof niet dat dat de juiste is, gelet op wat Spreuken 18:9 zegt. Neem het volgende in overweging. Is genezing geheel anders in onze relatie met God dan een ander probleem? Het antwoord daarop is in principe: "Niet veel." Het is gewoon een probleem.

God beloofde Israël in het beloofde land te brengen, maar ze moesten er wel heen lopen. Het feit dat God een belofte deed, sloot niet de sterke mogelijkheid uit dat ze ondanks de belofte zelf iets moesten doen. God scheidde de Schelfzee, maar de Israëlieten moesten lopen door iets wat een ontzagwekkende leerervaring moet zijn geweest.

Hebt u ooit gedacht aan het lopen door een kloof tussen watermuren die misschien vele tientallen meters hoog waren, die continu in beweging waren en waaruit misschien wel vissen floepten, en ondertussen zou u zich almaar afvragen: "Zal dat water verpletterend op ons neerstorten?" Zij moesten door die ontzagwekkende kloof lopen, met aan beide zijden water — het dal van diepe duisternis (Psalm 23).

God belooft in al onze behoeften te voorzien, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid in Jezus Christus, maar sluit niet uit dat wij iets moeten doen, omdat de brief aan de Filippenzen zegt dat we onze behoudenis met vreze en beven moeten bewerken.

Als we onze baan kwijt raken en we vragen God in een nieuwe te voorzien, gaan we dan gewoon zitten wachten tot er een werkgever aan de deur klopt en ons uitnodigt bij hem te komen werken? Zo gaat dat niet. Gemeente, met genezing is dat niet anders. Het wordt beloofd, maar het vertegenwoordigt schitterende gelegenheden om echt te leren. Kijk eens naar het begrip over God in onze relatie met Hem dat we uit Jobs ervaring kunnen krijgen.

Als ons lichaam ziek is, moeten we Hem zoeken. Hij beveelt ons naar de oudsten te gaan en ons te laten zalven. Als ons lichaam ziek is, moeten we Gods barmhartigheid zoeken, met Hem samenwerken en stappen ondernemen de ziekte te doen herstellen. Met andere woorden omdat het probleem er gewoon één is waar geloof en genezing bij betrokken is, wordt onze verantwoordelijkheid om te bewerken en te bewaren niet geёlimineerd, evenmin als bij de belofte van behoud. Er hangt werk mee samen, maar met genezing is de kern van het probleem verschoven naar een heel persoonlijk en misschien wel heel pijnlijk en angstaanjagend, spanning veroorzakend probleem. Maar genezing verloopt volgens hetzelfde algemene proces dat we met elk ander probleem zouden volgen. Het kan echter fysiek en geestelijk heel wat complexer zijn, evenals dat bij Job het geval was.

Degenen onder ons die al heel lang in de kerk zijn, zullen zich nog wel herinneren dat we zekere geestelijke criteria vaststelden betreffende wat wel en wat niet toegestaan was in onze behandeling. Velen geloofden bijvoorbeeld dat het innemen van een natuurlijk kruid om zichzelf te helpen goed was, maar een gefabriceerd farmaceutisch middel was niet goed. De redenering daarachter was dat dat middel niet van God was. Naar een natuurgenezer of chiropractor gaan was goed, maar naar een reguliere arts gaan was niet goed. Deze dingen werden geloofd en in alle oprechtheid toegepast, maar de basis voor die benadering werd in de Schriften gelezen, waar niets in die zin stond te lezen.

Ik kan me herinneren verontschuldigingen te hebben gehoord over het in de bijbel voorkomen van "Lucas, de geliefde geneesheer." Gemeente, denk eens over het volgende na. Waarom staat er niet "Lucas, onze geliefde broeder" in plaats van "Lucas, de geliefde geneesheer"? Dat werd zo opgeschreven omdat hij na zijn roeping en bekering zijn beroep nog steeds binnen de kerk uitoefende, evenzeer als de apostelen precies datgene deden wat in hun titel "apostel" tot uiting kwam. Hij oefende zijn beroep uit. Ik heb er geen idee van in welke mate hij dat deed.

Een andere opvatting die sommigen erop nahielden, was dat verwondingen en kwalen aan de buitenkant van het lichaam onze verantwoordelijkheid waren, maar als er iets inwendigs aan de hand was, waarvoor een operatie nodig was, was het Gods verantwoordelijkheid en betraden we heilige grond waarop een gebrek aan geloof duidelijk zou worden als we voor een operatieve ingreep kozen.

Weer een ander geloof was dat men iets aan het lichaam kon laten herstellen, maar het was verboden een inwendig lichaamsdeel te laten verwijderen. Bijvoorbeeld een hernia-operatie om een beschadigde spierwand te herstellen was geoorloofd, maar een operatieve verwijdering van een slecht functionerende of niet meer functionerende galblaas was niet geestelijk.

Begrijp alstublieft dat ik deze opvattingen niet belachelijk wil maken. Ik zeg dat ze niet op iets geestelijks zijn gebaseerd, en als het persoonlijke geloofsopvattingen zijn, dan zij dat zo. Iemand zal moeten leven met de gevolgen van zo'n geloof, omdat de Schrift zegt: "U geschiede naar uw geloof." Maar de Schrift verlangt geen verzameling van geloofspunten als voorwaarde om genezen te worden, omdat op lange termijn genezing een demonstratie is van Gods barmhartigheid. Wat Hij verkiest te doen, dat is van belang voor ons.

Al deze praktijken kunnen wisselende fysieke waarde hebben. Begrijp dit alstublieft. Ze hebben wisselende fysieke waarde, maar hun een geestelijke waarde toekennen gaat uit boven wat de Schrift laat zien. Is een chiropractor van grotere geestelijke waarde dan een reguliere arts? Heeft een galblaas meer aangeboren geestelijke waarde omdat hij binnen het lichaam zit, dan een vinger of een arm omdat die aan de buitenkant van het lichaam zit?

Is een kruid geestelijker dan een farmaceutisch medicijn en zijn wijn en olie geestelijker dan jodium en zeep? Het verschil tussen een natuurgenezer en een reguliere arts ligt in hun benadering om tot een oplossing van het probleem te komen. Het is een fysiek verschil en dat kan alle verschil in de wereld voor u uitmaken, dat zij dan zo. Ik denk dat we kunnen begrijpen dat een kruid fysiek vriendelijker is en langzamer werkt dan farmaceutische brouwsels. Wijn en olie en jodium en zeep hebben dezelfde functie, maar ze kunnen een verschillende fysieke waarde hebben. Deze dingen moeten in beschouwing worden genomen, maar ken ze alstublieft geen geestelijke waarde toe.

Amerikaanse artsen hebben de neiging in hun analyse van de problemen en hun behandeling ervan radicaler te zijn dan artsen uit andere delen van de wereld. Ik denk dat dit gedeeltelijk komt omdat Amerikanen zo ongeduldig zijn. Zij willen het "nu direct". Dat moet in beschouwing worden genomen, omdat die artsen dingen met u willen doen die ronduit gevaarlijk zijn, maar dat is uw beslissing.

We moeten in samenhang met genezing zien, dat onze benadering in geestelijk opzicht weinig verschilt van de benadering van een ander probleem in het leven. Eerst zoeken we God, vragen we om Zijn barmhartige tussenkomst, Zijn leiding en voorzienigheid. Ten tweede — en ik kan dat niet genoeg benadrukken — moeten we aan een oplossing gaan werken. Waarom dat nodig is moet het onderwerp zijn van een volgende preek. Ik denk dat u sommige schriftgedeelten die ik ter voorbereiding van deze serie heb opgeslagen, heel interessant zult vinden met betrekking tot Gods benadering van het gebruik van medicijnen en het raadplegen van artsen. Het staat allemaal in het boek.


Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)