Vraag: Wat gelooft de CGG betreffende cosmetica, de lengte van kleding, de lengte van het haar, het dragen van oorringen door mannen, tatoeages?



Al deze onderwerpen vallen onder de categorie van kleding en verzorging, een zeer persoonlijk terrein. Onze kleding en verzorging spreken echter boekdelen over ons als individuen en christenen. Al oefenen de dienaren van de Church of the Great God in dit opzicht geen toezicht uit op de leden, toch wordt van hen een ingetogen kledingstijl en verzorging verwacht.

Al verwacht God van ons dat we ons fatsoenlijk verzorgen, waarin we een goed voorbeeld voor anderen geven, kan het gebruik van cosmetica toch een probleem van ijdelheid en trots tot uiting brengen (zie Jesaja 3:16-23; 1 Petrus 3:1-4). Het gebruik van oorringen door mannen of tatoeages en andere versieringen van de tegencultuur kan een uiting van opstandigheid zijn. Veel hangt af van iemands houding. Tijdens onze groei in genade en kennis van God - waardoor we nederiger, ingetogener en heiliger worden - zou onze betrokkenheid bij zulke dubieuze praktijken moeten verminderen en verdwijnen.

Schenk aandacht aan Ezechiƫl 16:9-13. Christus versierde Zijn eigen vrouw met sieraden. De verzen 14 en 15 laten zien dat zolang zij ze gebruikte tot eer van haar Man, ze prachtig waren, maar zodra zij zich er persoonlijk op voor liet staan en ze voor zelfzuchtige redenen gebruikte, werden ze een vloek voor haar. Jesaja 3:16-24 laat zien dat haar dezelfde sieraden wegens ijdelheid en zelfverheerlijking ontnomen worden. Geld, voedsel, seks, alcohol, kleding of juwelen zijn niet van zichzelf verkeerd. Als ze op de verkeerde manier worden gebruikt, misbruikt of men zich er teveel aan tegoed doet, dan worden ze een struikelblok voor een echte christen.

Daarnaast doet de Bijbel duidelijke uitspraken over haarlengte (1 Corinthiƫrs 11:2-16) en tatoeages (Leviticus 19:28). In principe heeft Petrus het in 1 Petrus 3:1-4 zowel over cosmetica als lengte van kleding, waarbij hij ingetogenheid benadrukt. Het dragen van oorringen door mannen, traditioneel een vrouwelijke versiering, valt onder het principe van het dragen van kleding van de andere sekse, wat God in Deuteronomium 22:5 een "gruwel" noemt.



Terug naar de Index

















 
Email deze pagina
E-mail aan:
Uw e-mailadres:
Commentaar:  (naar keuze)