|
|
Onderwerp:
Samenvatting:
John Ritenbaugh richt zich op de processen waarbij geloof en hoop worden ontwikkeld, en geeft daarbij aan dat de regels om een kalender op te stellen, een heel complexe bezigheid, niet in de bijbel staan. Inspanningen in zo'n project steken (in het bijzonder met beperkte of elementaire kennis van astronomie en wiskunde) is een dwaze en verkeerd gerichte ijver. Door gebruik te maken van foutgevoelige, menselijke veronderstellingen hebben sommigen binnen het grotere geheel van de kerk van God niet minder dan negen verschillende met elkaar in strijd zijnde kalenders in elkaar gedraaid. Het bewaren van de woorden (inclusief het bewaren van de kalender) is niet aan de kerk toevertrouwd, maar aan de stam Juda (Romeinen 3:2). Iets van het anti-joodse vooroordeel van de zogenaamde kalendersamenstellers riekt naar anti-semitisme. We moeten geloof hebben in Gods vermogen een werkende kalender te bewaren en Hem evenals Abraham onvoorwaardelijk geloven.
|